Zoekresultaat: 22 artikelen

De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2010 x Rubriek Artikel x

Omstreden gelijkheid

Over de constructie van (on)gelijkheid van vrouwen en mannen in partnergeweld

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 8 2010
Auteurs R. Römkens

    Intimate partner violence (IPV) changed from a private problem to a public concern over the last decades. It has become subject of various discourses in different domains. In the social sciences the gender-based discriminatory nature of IPV is contested by some researchers who claim a gender equality in IPV. They call for a gender-neutral approach to IPV as a family problem, de-contextualized from gender-based inequalities. In the Netherlands this degendering is reflected in current policy discourse. However, in the international legal human rights domain, IPV is unequivocally considered to be an issue that affects women disproportionately as a form of women's discrimination that is the result of unequal power relations. Both international binding human rights law and recent ruling of the ECHR impose binding duties to acknowledge this. This article addresses the paradox that is reflected in these two positions and how to get beyond it.

R. Römkens
Prof. dr. Renée Römkens is als hoogleraar Huiselijk geweld verbonden aan het International Victimology Institute (Intervict) van de Universiteit van Tilburg.

    Many public prosecutors see a link between domestic violence and violence in the public sphere. In the beginning of this century the fight against domestic violence was integrated into the national security policy of The Netherlands. The growing attention for domestic violence combined with better registration has led to an enormous grow of criminal justice cases of domestic violence. The article analyses the public prosecution policy towards domestic violence. Nowadays even without a report suspects can be brought to trial if the charges can be proved. On the one hand the public prosecution aims to lay down a standard, on the other hand perpetrators are confronted with a set of conditions forcing them to accept professional help in order to bring about a change in their behaviour and prevent recidivism. In this way an effective use of criminal justice could contribute to a reduction of domestic violence and crime in general.

P. van der Valk
Mr. drs. Patricia van der Valk is officier van justitie bij het parket Almelo.

Herstelrecht en de maatschappelijke (re)integratie van de dader

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden restorative justice, social work, reintegration, structural problems
Auteurs Maria Bouverne-De Bie en Rudi Roose

    Social (re-)integration is such a complex phenomenon that it is not possible to make a direct link between restorative justice and social reintegration of offenders. If one considers restorative justice, not in its utility for maintaining the law but as a praxis of social work, one could get the impression that restorative justice runs the risk of individualizing the social problem of crime by making offenders responsible and of losing sight of the structural dimensions causing or contributing to criminality. The same structural dimensions may appear to be a blockade for effective emancipation of offenders from their often marginal and powerless positions. Considered as a praxis of social work, restorative justice should be able to promote (the awareness of) accountability and the mutual exploration of the many roads that can lead to effective emancipation and reintegration.

Maria Bouverne-De Bie
Maria Bouverne-De Bie is als hoofddocent verbonden aan de vakgroep Sociale, Culturele en Vrijetijdsagogiek van de Universiteit van Gent.

Rudi Roose
Rudi Roose is als wetenschappelijk assistent verbonden aan de vakgroep Sociale, Culturele en Vrijetijdsagogiek van de Universiteit van Gent.

‘Uitgediende hetaeren, verjaagde concubines en in den steek gelatenen’

De opsluiting van vrouwelijke bedelaars eind negentiende eeuw

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2010
Trefwoorden Gender, Geschiedenis, Vrouwelijke bedelaars, Rijkswerkinrichting
Auteurs Drs. Marian Weevers en Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld

    The backgrounds of the female vagabonds and beggars at the end of the 19th century show that contrary to their male counterparts, these females originated almost exclusively from the lower echelons of society. Their professions and those of their parents and husbands were low and ill-paid. Disease was prevalent, mortality was high and many of them had physical or psychological problems. Most of them were single and 25 percent had children out of wedlock. 20 Percent was convicted for mostly minor crimes. Because of their behaviour it is likely that they were not accepted by their family and received no support from the church or other institutions for relief of the poor. To beg and get convicted to RWI-placement may have been their only remaining survival strategy once they were old and ill.

Drs. Marian Weevers
Drs. M.H.A.C. Weevers is historica, mhac.weevers@planet.nl.

Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld
Prof. dr. mr. C.C.J.H. Bijleveld is senior onderzoeker aan het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving en hoogleraar aan de Vrije Universiteit te Amsterdam, cbijleveld@nscr.nl.

Sneeuwwitje en de machoman

Sekse en gender in de (Nederlandstalige) criminologie

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2010
Trefwoorden gender, Feminisme, criminologische theorie
Auteurs Prof. dr. Dirk J. Korf, Dr. Martina Althoff en Prof. Els Enhus

    This special issue focuses on the role of sex/gender in Dutch and Belgian criminological and penological research and theory. This introductory article draws the history of thought and research within Dutch-language criminology and explores international developments, in particular the influence of feminist critique on theory and research.This framework serves the positioning of the other contributions, on the one hand research exploring the differences in crime between men and women and on the other hand empirical and theoretical articles focusing on (the social construction of) gender. Finally some innovative methodological findings will be discussed, also with regard to future criminological research.

Prof. dr. Dirk J. Korf
Prof. dr. D.J. Korf is bijzonder hoogleraar criminologie en directeur van het Bonger Instituut, faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit van Amsterdam, d.j.korf@uva.nl.

Dr. Martina Althoff
Dr. M. Althoff is universitair docent criminologie, vakgroep Strafrecht en Criminologie, Rijksuniversiteit Groningen, m.althoff@rug.nl.

Prof. Els Enhus
Prof. E. Enhus is als hoogleraar verbonden aan de vakgroep Criminologie, Interuniversitaire Onderzoeksgroep Sociale Veiligheidsanalyse (SVA), faculteit Recht en Criminologie, Vrije Universiteit Brussel, els.enhus@vub.ac.be.

Een upgrade van het zorgbeleid van de NMa: de derde versie van de Richtsnoeren voor de zorgsector

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2010
Trefwoorden zorg en mededinging, publieke belangen en mededinging, diensten van algemeen economisch belang, begrip onderneming
Auteurs Prof. mr. J.W. van de Gronden

    Op 9 maart 2010 stelde de NMa haar Richtsnoeren voor de zorgsector vast. Dit is alweer de derde versie van deze richtsnoeren die de NMa publiceert. De NMa wil graag tegemoet komen aan de onzekerheden die in de zorgsector over toelaatbaarheid van bepaalde afspraken en andere praktijken bestaan. Een belangrijke kwestie in dit verband is welke rol publieke belangen spelen. In de onderhavige bijdrage staat daarom de vraag centraal of de NMa in de Richtsnoeren de verhouding tussen het mededingingsrecht en de publieke zorgbelangen heeft verduidelijkt.

Prof. mr. J.W. van de Gronden
Prof. mr. J.W. van de Gronden is hoogleraar Europees recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Professor Wolf Sauter wordt hartelijk dank gezegd voor zijn commentaar op een conceptversie van dit artikel.

Ik en mijn medepatiënt

Juridisering in de gezondheidszorg

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2010
Trefwoorden market of health care, legalization, patients rights
Auteurs Margo Trappenburg

    Two types of legalization can be distinguished. In type 1 legal relations between parties are changed, without consequences for others. In legalization type 2 a change in legal positions does have consequences for third parties. The gradual change in the legal position of patients, managerial measures and the transition to ‘demand driven care’ have changed the relations between patients and doctors, nurses etc. But they had also profound external effects. They have influenced especially other interests than the quality of medical care, like equal treatment of patients and professional discretion. Decision making about the granting of rights should incorporate these external effects.

Margo Trappenburg
Margo Trappenburg is universitair hoofddocent bij de Utrechtse School voor Bestuurs- en Organisatiewetenschappen en bijzonder hoogleraar sociaal-politieke aspecten van de verzorgingsstaat aan de Universiteit van Amsterdam. Zij schrijft over gezondheidszorgbeleid, ethische kwesties in de zorg en over rechtvaardigheidsvraagstukken. In 2008 verscheen van haar hand Genoeg is genoeg. Over gezondheidszorg en democratie. Meer informatie op www.margotrappenburg.nl.

De Wcz en kwaliteit van zorg

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2010
Auteurs Prof. mr. J. Legemaate

Prof. mr. J. Legemaate

Mr. E.B. van Veen

Access_open Over het verbod op het dragen van een gezichtssluier en van andere gelaatsbedekkende kleding

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2010
Trefwoorden gelaatsbedekkende kleding, boerka, godsdienstvrijheid, wetgeving
Auteurs Paul van Sasse van Ysselt

    The last decade the wearing of face hiding clothes has come up as a rather new phenomenon in the Netherlands and surrounding countries. Although not that many people wear them, a rather wide aversion exists against this phenomenon and is directed especially against the Islamic burqa. A rather intensive public and political debat is going on concerning the allowance of those clothes. In different countries, among which the Netherlands, France and Belgium, the legislator is drafting laws which aim to forbid the wearing of these clothes. This article gives an overview of the debate on this issue in especially the aforementioned countries and reflects upon it, with a special focus on the freedom of belief and religion.

Paul van Sasse van Ysselt
Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt is werkzaam bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en tevens verbonden aan de afdeling Staats- en bestuursrecht van de VU Amsterdam.

De gezondheid van de zorgverzekering

Een evaluatie van de Zorgverzekeringswet

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2010
Auteurs Mr. J.M. van der Most

Mr. J.M. van der Most

GOMA: Gedragscode Openheid medische incidenten; betere afwikkeling Medische Aansprakelijkheid

Van theorie naar praktijk?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2010
Trefwoorden GOMA, medische aansprakelijkheid, aanbevelingen zorgaanbieders, afwikkeling schadeclaims
Auteurs Mr. Chr.H. van Dijk en Mr. ir. J.P.M. Simons

    In zijn hoedanigheid van voorzitter van De Letselschade Raad heeft Aleid Wolfsen op 16 juni 2010 het eerste exemplaar van de nieuwe ‘Gedragscode Openheid medische incidenten; betere afwikkeling Medische Aansprakelijkheid’ (kortweg: GOMA) aangeboden aan demissionair minister van Justitie Ernst Hirsch Ballin. Naast de al bestaande Gedragscode Behandeling Letselschades voor de afwikkeling van schades ten gevolge van – met name – verkeersletsels (kortweg: GBL) bestaat er daarmee nu ook een breed gedragen code voor de wijze van handelen bij incidenten, klachten en schadeclaims in het kader van een medische behandeling.

Mr. Chr.H. van Dijk
Mr. Chr.H. van Dijk is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.

Mr. ir. J.P.M. Simons
Mr. ir. J.P.M. Simons is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.

De opbouw van de rechtsstaat in Afghanistan

Een bezinning op tien jaar buitenlandse hulp

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2010
Auteurs V.L. Taylor

    In this essay the author looks back at ten years of rule of law foreign assistance in Afghanistan. She first surveys the elements that make Afghanistan particularly challenging as a development. This is followed by a brief outline of foreign donor-assisted efforts at rule of law reform in the last decade. The features of law and legal systems in Afghanistan that are salient for would-be foreign reformers are analyzed. The concept of judicial independence serves as example of well-intentioned rule of law interventions that have not fared well in this complex environment. The author argues that better prepared international advisors with a better grasp of legal history and comparative law may have produced stronger outcomes. Ultimately, however, a pre-post-conflict setting constrains conventional rule of law programs in important ways and calls for more realism about what can be achieved, within what time frame and with what degree of sustainability.

V.L. Taylor
Prof. Veronica Taylor is als hoogleraar en directeur verbonden aan de School of Regulation, Justice and Diplomacy van de Australian National University. Dit artikel is gebaseerd op de Van Vollenhoven Lezing die zij op 20 mei 2010 uitsprak ter gelegenheid van haar benoeming als The Hague Visiting Professor of Rule of Law aan de Universiteit Leiden.

Mr. dr. M.C. Ploem

Voor wie of wat is systeemtoezicht zinvol?

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 2 2010
Trefwoorden systeemtoezicht, interne borging, zelfregulerend vermogen, risicoanalyse
Auteurs Dr. M.E. Honingh en Dr J.K. Helderman

    In de zoektocht naar meer doeltreffende en doelmatige arrangementen van overheidstoezicht, gooit ‘systeemtoezicht’ de laatste jaren hoge ogen. Binnen de rijksoverheid en Inspectieraad heeft zich in de afgelopen jaren in korte tijd een generieke beleidstheorie van systeemtoezicht ontwikkeld. Systeemtoezicht is gepresenteerd als ware het de Haarlemmerolie waarmee kwalen behorend bij overheidstoezicht zouden kunnen worden verholpen. Maar is het dat ook? In dit artikel betogen wij aan de hand van empirisch onderzoek in een zestal sectoren dat de beleidstheorie van systeemtoezicht zoals die zich ontwikkeld heeft vooral is gestoeld op verwachtingen in plaats van op empirie.

Dr. M.E. Honingh
Dr. M.E. Honingh is universitair docent bij de opleiding Bestuurskunde van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Dr J.K. Helderman
Dr. J.K. Helderman is universitair docent bij de opleiding Bestuurskunde van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Voorstellen tot aanpassing van het Europees farmaceutisch wetboek

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2010
Trefwoorden vervalste geneesmiddelen, publieksvoorlichting, geneesmiddelenbewaking
Auteurs Mr. M. de Bruin en Prof. mr. M. Schutjens

    Het Europees farmaceutisch recht is in 45 jaar uitgegroeid tot een indrukwekkende verzameling van regels over onderwerpen die te maken hebben met de diverse aspecten van geneesmiddelen en de geneesmiddelenvoorziening. Ontwikkelingen op het gebied van vervalste geneesmiddelen, de behoefte aan structurele verzameling van gegevens over nadelige effecten van geneesmiddelengebruik en de behoefte aan publieksvoorlichting over geneesmiddelen hebben in december 2008 geleid tot een drietal voorstellen van de Europese Commissie tot wijziging van de bestaande regelgeving, die als één Pharmaceutical package zijn gepresenteerd.In het eerste gedeelte van dit artikel wordt in algemene zin een korte achtergrondschets gegeven van het Europees farmaceutisch recht en worden de belangrijkste pijlers aangestipt. In deel twee volgt een bespreking van de drie nieuwe voorstellen, waarbij de achtergrond en inhoud van deze voorstellen en de eerste conceptrapporten voor de behandeling in het Europees parlement aan de orde komen. In het laatste gedeelte wordt een aantal kanttekeningen bij de voorstellen geplaatst.

Mr. M. de Bruin
Mr. M. de Bruin is als juridisch adviseur op het gebied van het gezondheidszorg werkzaam bij Schutjens De Bruin.

Prof. mr. M. Schutjens
Prof. mr. M. Schutjens is als juridisch adviseur op het gebied van het gezondheidszorg werkzaam bij Schutjens De Bruin en is tevens bijzonder hoogleraar farmaceutisch recht aan de UU.

Maatschappelijk ondernemen en toezicht op publieke belangen in de zorg?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2010
Trefwoorden toezicht NZA, maatschappelijke onderneming, herdefiniëren publiek belang
Auteurs prof. mr. J.G. Sijmons

    In de zorg ligt bij de NZa het toezicht op de publieke belangen. Deze toezichtfunctie staat ten onrechte onder druk. Evenmin als op de zorgverzekeringsmarkt – de ‘countervailing power’ van de zorgverleningmarkt – is voor het bewaken van publieke belangen de rechtsvorm van de ‘maatschappelijke onderneming’ nodig. In recente evaluaties van de Zorgverzekeringswet en de Wet marktordening gezondheidszorg kwam naar voren dat beide wetten nog niet de verwachtingen waarmaken, o.a. vanwege een beperkte regierol van de zorgverzekeraar, respectievelijk te weinig sturing en toezicht door de NZa richting marktwerking. Een gewijzigde, maar reeds in de wet besloten liggende taakopvatting voor minister van VWS en NZa zou de transitie over dit gevaarlijke dode punt kunnen heen tillen.

prof. mr. J.G. Sijmons
Prof. mr. J.G. Sijmons is bijzonder hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Utrecht en advocaat te Zwolle. j.g.sijmons@nysingh.nl

Maatschappelijk verantwoord concurreren

Mededingingsrecht in een veranderende wereld

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2010
Trefwoorden maatschappelijk verantwoord concurreren, marktwerking, guidance, maatschappelijke belangen
Auteurs Mr. T.R. Ottervanger

    Een overgangsfase naar een nieuw tijdperk. Afscheid van een blind geloof in vrije marktwerking als enig heilzaam middel voor het scheppen van welvaart. De eenzijdige focus op efficiëntie en groei is onderworpen aan kritische herwaardering. Begrippen als duurzaamheid en welzijn winnen sterk aan betekenis als maatstaf voor beleid zowel van regeringen als van ondernemingen. Zo gaat de SER in zijn recente advies Overheid én Markt ervan uit dat het sociaal-economisch beleid gericht is op een breed welvaartsbegrip: naast materiële vooruitgang (welstand, productiviteitsgroei) ook sociale vooruitgang (welzijn, sociale cohesie), goede kwaliteit van de leefomgeving en een schoon milieu. Wat betekent deze ontwikkeling voor het mededingingsrecht?

Mr. T.R. Ottervanger
Mr. T.R. Ottervanger is advocaat bij Allen & Overy en hoogleraar Europees Recht, in het bijzonder het Mededingingsrecht, in Leiden.

    This article presents a short historical introduction of the Dutch radical movement in the 1840s. What kind of people were these radical-democrats? Where did they come from? And what did they want? Moreover, this case study shows how government framed these radicals, and what actions were taken against them. It becomes clear, that from a historical perspective the continuity and similarities between the 1840s and the present are at least as remarkable as the differences.

J.A. Moors
Drs. Hans Moors is hoofd van de afdeling veiligheid & criminaliteit, welzijn & zorg van IVA Beleidsonderzoek en Advies, een sociaalwetenschappelijk onderzoeksinstituut verbonden aan de Universiteit van Tilburg.

Draagt aansprakelijkheidsrecht bij aan de voedselveiligheid?

Over de preventieve werking van schadeclaims en aansprakelijkheidsverzekering

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2010
Trefwoorden voedselveiligheid, regulering, aansprakelijkheid, aansprakelijkheidsverzekering, preventie, schadeclaim, ‘moreel risico’, voedingsindustrie, productaansprakelijkheid, sociale werking
Auteurs Tetty Havinga

    Most research on food safety has focussed on direct forms of food safety regulation. This paper explores the opportunities for product liability law to encourage food safety measures within firms. It aims to contribute to the discussion on the role public and private actors could have in providing an effective food safety system. Liability law is assumed to promote food safety. The author distinguishes three ways in which liability law could act as an incentive for firms to implement enhanced food safety controls: liability claims, liability insurance and direct effects of liability law on management strategy. The paper concludes that the assumption that liability laws make firms sensitive to prevention of food safety risks is too optimistic. However, liability law could stimulate a culture within firms to take responsibility for food safety. Existing economic and legal analysis could gain from a sociological analysis of the actual impact of liability on company decisions.

Tetty Havinga
Tetty Havinga is universitair hoofddocent bij het Instituut voor Rechtssociologie van de Radboud Universiteit Nijmegen. Zij verricht rechtssociologisch onderzoek op diverse terreinen, waaronder de relaties tussen het bedrijfsleven en recht, regulering van voedsel, beleidsuitvoering, arbeidsrecht en gelijke behandeling. Ze is co-auteur van Specialisatie loont?! Ervaringen van ondernemingen met specialistische rechtspraakvoorzieningen (2010).
Toont 1 - 20 van 22 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.