Zoekresultaat: 15 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2012 x Rubriek Artikel x
Artikel

De Omgevingswet in Europeesrechtelijk perspectief

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2012
Trefwoorden Omgevingswet, Wabo, Europees recht
Auteurs Mr. B.A. Beijen
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat de vraag centraal of de nieuwe Omgevingswet gemodelleerd kan en moet worden naar het Europese milieurecht en of dit de implementatie van nieuwe Europese richtlijnen in de toekomst eenvoudiger zal maken. Problematisch daarbij is met name dat het Europese milieurecht geen compleet en samenhangend systeem vormt. Bovendien laten sectorale richtlijnen zich niet altijd makkelijk in een integrale wet omzetten en stellen verplichtingen uit Europese richtlijnen grenzen aan de mogelijkheid om een integraal toetsingskader voor vergunningen te hanteren.


Mr. B.A. Beijen
Mr. B.A. Beijen is werkzaam als docent/onderzoeker bij de afdeling Staats- en bestuursrecht van de Universiteit Utrecht. b.a.beijen@uu.nl
Artikel

De Europese Erfrechtverordening: nieuwste loot aan de stam van het Europese IPR

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8/9 2012
Trefwoorden Europese Erfrechtverordening, IPR, erfrecht, verklaring van erfrecht, notaris
Auteurs Mr. J.G. Knot
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 4 juli 2012 is de Europese Erfrechtverordening vastgesteld. Deze verordening introduceert geharmoniseerde regels in de Europese Unie (met uitzondering van het Verenigd Koninkrijk, Ierland en Denemarken) ten aanzien van de bevoegdheid, het toepasselijke recht en de erkenning en tenuitvoerlegging op het terrein van het internationaal erfrecht. Niet het materiële erfrecht, maar het IPR-erfrecht vormt daarmee het onderwerp van de verordening. Bovendien wordt met de verordening het instrument van de Europese erfrechtverklaring ingevoerd. Daarmee is de Erfrechtverordening een volgende – en naar het zich laat aanzien zeker niet de laatste – stap in het proces van Europeanisering van het IPR.


Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en wetenschappelijk adviseur bij PlasBossinade te Groningen; j.g.knot@rug.nl.

    Eind november 2011 presenteerde de Europese Commissie twee voorstellen op het gebied van alternatieve geschillenbeslechting voor consumentengeschillen. In deze bijdrage worden enkele kanttekeningen geplaatst bij de voorstellen en bij de wenselijkheid van een nationale wettelijke regeling op dit terrein. De voorstellen bieden tamelijk gedetailleerde regelingen die, mochten zij in deze vorm blijven bestaan, ongewenste consequenties kunnen hebben voor de in ons land thans goedlopende vormen van geschillenbeslechting voor consumenten.


Mr. A.H. Santing-Wubs
Mr. A.H. Santing-Wubs is universitair docent privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is hoogleraar privaatrecht bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en raadsheer bij het Gerechtshof Amsterdam.

Dr. P.C.J. De Tavernier
Dr. P.C.J. De Tavernier is verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Leiden. Hij is tevens lid van het bijzonder academisch personeel van de Universiteit Antwerpen.

dr. T. Heremans
Dr. T. Heremans is Parlementair Assistente bij het Europees Parlement. De visie weergegeven in deze bijdrage is die van de auteur en weerspiegelt niet noodzakelijk de opinie van het Europees Parlement.
Artikel

Access_open De levensbeschouwelijke wortels van de publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2012
Trefwoorden Dutch Industrial Organisation, religious and philosophical roots
Auteurs René Guldenmund
SamenvattingAuteursinformatie

    The Dutch Industrial Organisation is a public-law system of product boards and industrial boards, which are authorized to lay down general rules and impose levies on the companies under their jurisdiction. It was established in 1950 on a firm theoretical ground, where three principles coincide: the socialist principle of ‘functional decentralisation’, the protestant concept of ‘sovereignty within the communal spheres’ and the Roman Catholic concept of ‘subsidiarity’. The papal encyclical Quadragesimo Anno (1931) added greatly to the philosophical basis of this system and to the ‘collective bargaining economy’, which is so characteristic for the political culture of the Netherlands.


René Guldenmund
Mr. R.M.A. Guldenmund studeerde burgerlijk recht en internationaal recht, en was van 1984-1993 onderzoeker aan de Universiteit Utrecht. Sindsdien werkte hij als jurist aan verschillende ministeries. Hij publiceerde o.a. over de strafrechtelijke handhaving van het EU gemeenschapsrecht. Thans werkt hij aan een proefschrift God in de publieke ruimte. rene@guldenmund.eu
Artikel

Nationale koppen op EU-regelgeving; een relevante discussie?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden nationale koppen, implementatie, harmonisatie, regeldruk
Auteurs Mr. dr. J. Stoop
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel gaat over de vraag of het relevant is nationale koppen (op EU-regelgeving) te onderscheiden van ‘gewoon’ nationaal beleid. De conclusie luidt dat dit niet het geval is.


Mr. dr. J. Stoop
Mr. dr. J. Stoop is werkzaam bij de Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken van het ministerie van Infrastructuur en Milieu, Afdeling Risico en Milieukwaliteit, unit EU-milieurecht.
Artikel

(Uit)eindelijk een optioneel instrument voor Europees contractenrecht

De conceptverordening voor een gemeenschappelijk Europees kooprecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden Europees contractenrecht, optioneel instrument, consumentenrecht, kooprecht, wetgeving
Auteurs Dr. C. Jeloschek
SamenvattingAuteursinformatie

    Met haar voorstel voor een verordening voor een gemeenschappelijk Europees kooprecht presenteert de Commissie een autonoom regime van contracten(koop)recht. Dit is een volledig geharmoniseerde set aan regels die bij grensoverschrijdende transacties in plaats van nationale (contracten)rechten kan worden gekozen. Deze bijdrage schetst de reikwijdte van dit voorstel en onderzoekt de toegevoegde waarde ervan. Hoewel deze verordening als een mijlpaal in de ontwikkeling van het Europese consumentenrecht kan worden gezien, is niet zonder meer duidelijk dat de consument hier ook echt beter van wordt. Zo plaatst de auteur enkele kritische kanttekening wat betreft de toepassing en de effecten van dit instrument in de (rechts)praktijk.


Dr. C. Jeloschek
Dr. C. Jeloschek is werkzaam als advocaat bij Kennedy Van der Laan in Amsterdam.
Artikel

OPTA: klem tussen CBb en Commissie? Over regulering, onmacht en overmacht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden voorrang Unierecht, tariefregulering, CBb, OPTA, bevoegdheid Commissie
Auteurs Mr. J.F.A. Doeleman
SamenvattingAuteursinformatie

    Telecomtoezichthouder OPTA stelt elke drie jaar plafonds vast voor bepaalde groothandelstarieven. Voor de berekening van deze plafonds hanteert OPTA een door de Commissie aanbevolen methode. Het laatste besluit – voor de periode juli 2010 tot juli 2013 – werd in augustus 2011 door het CBb vernietigd. De rechter voorzag deels zelf in de zaak en droeg OPTA voor het overige op vóór 1 januari 2012 een herstelbesluit te nemen waarin de betrokken tariefplafonds volgens een andere dan de door de Commissie aanbevolen methode werden berekend. De Commissie verhindert dat nu met een ‘standstill’. OPTA moet van het CBb rechtsaf, maar de Commissie wil dat zij linksaf gaat. Een toezichthouder tussen Scylla en Charybdis.


Mr. J.F.A. Doeleman
Mr. J.F.A. Doeleman is advocaat te Amsterdam (Houthoff Buruma).
Artikel

Opsporingsbevoegdheden en privacy

Een internationale vergelijking

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2012
Auteurs J.B.J. van der Leij
SamenvattingAuteursinformatie

    The Dutch regulation of phone tapping has a great deal of safeguards built in to ensure that this investigation method isn't used flippantly. Despite this, it appears that phone tapping is far more commonly used in The Netherlands than in any other western nation, including England, Sweden and Germany. This study shows that, due to differences in registration of phone tapping statistics, it is difficult to compare various countries' practices. However, it does appear that the Dutch authorities don't perceive to have viable alternatives to phone tapping. The limited alternatives that they do (perceive themselves to) have, such as infiltration, pose even greater ethical considerations, making them less attractive. Authorities in England, Sweden and Germany appear to use alternative investigation methods much more frequently than those in The Netherlands. Some examples of the types of alternatives more often resorted to in other countries are the use of traffic data, (intrusive) surveillance and various forms of infiltration. A comparison of the regulations in all four countries showed differences in the degree to which phone tapping is perceived to pose ethical considerations (posing a threat to the privacy of citizens) as an investigatory method.


J.B.J. van der Leij
Mr. dr. Bas van der Leij is als wetenschappelijk medewerker verbonden aan het WODC.
Artikel

De Nederlandse pensioensector en de EU: Hannibal aan de poort?

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 4 2012
Trefwoorden pensioenfondsen, EU, IORP, Solvency II
Auteurs Mr. dr. H. van Meerten
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage biedt de lezer een actueel inzicht in de complexe wereld van Nederlandse en Europese pensioenfondsen.


Mr. dr. H. van Meerten
Mr. dr. H. van Meerten is werkzaam als advocaat bij Clifford Chance te Amsterdam.
Artikel

Tussen hoop en vrees

Toepassing van herstelrecht in het buitengerechtelijk spoor

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 1 2012
Trefwoorden restorative justice, criminal proceedings, diversion, subsidiarity, sanctions
Auteurs Renée Kool
SamenvattingAuteursinformatie

    Topical developments regarding the use of restorative justice in the Netherlands are discussed. Several initiatives have been taken, showing a genuine interest in the benefits of the use of restorative justice. However, there are underlying risks for a managerial use of restorative justice. Momentarily Dutch criminal justice policy features a shift towards settlement by the Public Prosecution, implying a use of restorative justice in the context of consensual settlement. However, there are no signs directing towards an intrinsic interest for the concept of restorative justice by the criminal justice authorities. Notwithstanding the legislator having started a fundamental revision of the Dutch Code of Penal Procedure, there are no intentions known to acknowledge restorative justice arrangements to be part of the regular penal procedures and sanctions. Nevertheless, incorporating the use of restorative justice arrangements requires a systematic implementation of restorative justice arrangements.


Renée Kool
Renée Kool is hoofddocent straf(proces)recht, verbonden aan het Willem Pompe Instituut van de juridische faculteit, Universiteit Utrecht.
Artikel

Vrijwilligers binnen een gematigde visie op herstelrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 1 2012
Trefwoorden restorative justice, volunteers, citizenship, participation, communicative justice
Auteurs Erik Claes en Emilie Van Daele
SamenvattingAuteursinformatie

    In restorative thinking it is often assumed that the involvement of volunteers, almost naturally, flows from its values and aims. But are there really convincing arguments that account for, justify or even necessitate an active policy on volunteering in restorative justice practices?This contribution focuses on the moderate view on restorative justice as developed in the Belgian context. It is argued that this approach offers a variety of reasons for developing a volunteers-programme. Two central issues in a moderate view on restorative justice are essential to understand the value of volunteering in restorative justice practices. Such a view sees 1) crime as a multi-layered phenomenon, and 2) takes participative and communicative justice as its central aim.


Erik Claes
Erik Claes is docent sociaal werk aan de HUB en onderzoeker op het Centrum Pragodi (HUB). Hij begeleidt een praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek rond vrijwilligers en herstelrecht.

Emilie Van Daele
Emilie Van Daele is onderzoekster op het Centrum Pragodi (HUB) en doet onderzoek rond vrijwilligers en herstelrecht.

    Met het juridisch bindend worden van het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie bestaat er in het recht van de Europese Unie een nieuwe verplichting om grondrechten te eerbiedigen. De duidelijkheid wanneer justitiabelen daadwerkelijk in rechte een beroep op het Handvest kunnen doen, laat echter nog te wensen over. Deze bijdrage bespreekt te maken keuzes en gaat in op daaraan ten grondslag liggende overwegingen en mogelijke consequenties.


Mr. T. Nauta
Mr. T. Nauta is werkzaam bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, Directie Juridische Zaken, afdeling Europees recht.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.