Zoekresultaat: 64 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Artikel x
Artikel

Apple’s APPA

Nieuwe wijn in oude zakken of oude wijn in nieuwe zakken? Een economisch commentaar

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2014
Trefwoorden online verticale restricties, netwerkeffecten, most favoured nation clauses, across-platforms parities agreement, transactiekosten
Auteurs Drs. Matthijs Visser en Dr. Jan Kees Winters
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij online transacties is vaak sprake van platforms die transactiekosten tussen aanbieders en vragers van producten verlagen. Om investeringen in platforms tegen free riding te beschermen, kunnen platforms met de aanbieders die actief zijn op het platform een across-platforms parities agreement (APPA) afspreken: aanbieders beloven hun producten of diensten niet voor een lagere prijs aan te bieden via een ander platform/distributiekanaal. Mededingingsautoriteiten zien APPAs’ nogal eens als mededingingsbelemmerend. De Apple-casus illustreert juist hoe toetreding mogelijk kan worden door middel van een APPA. Onze conclusie is dat (verticale) afspraken een beoordeling van een concrete casusspecifieke theory of harm vereisen.


Drs. Matthijs Visser
Drs. M. Visser is partner bij RBB Economics.

Dr. Jan Kees Winters
Dr. J.K. Winters is principal bij RBB Economics.
Artikel

Hugo Sinzheimer en de collectieve arbeidsovereenkomst

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Labour relations, collective agreement, Sinzheimer
Auteurs Robert Knegt
SamenvattingAuteursinformatie

    The German lawyer / labour law professor Hugo Sinzheimer (1875-1945) has, in the first two decades of the twentieth century, contributed significantly to the legal recognition of the ‘collective labour agreement’. The imperative character of CLA provisions, now widely accepted all over the world, required a paradigmatic turn in the dominant private law perspective on labour relations. The paper tries to specify what made him able and prone to do this, both by reconstructing the legal and political discussion in Germany and the Netherlands and by relating elements of the process to social-scientific theories of institutional and intellectual innovation. I argue that his combination of commitments in various fields (legal practice, science, politics) allowed him to span the gap between the fields of labour relations and state law and to contribute to the constitutionalisation of labour relations.


Robert Knegt
Robert Knegt is als directeur onderzoek verbonden aan het Hugo Sinzheimer Instituut, centrum voor onderzoek van ‘arbeid en recht’ aan de Universiteit van Amsterdam. Hij doet daar onderzoek naar de praktijk van arbeidsrechtelijke regelingen (ontslagrecht, flexwerk, arbeidstijden) en werkt aan een bij uitstek interdisciplinair project over ‘langetermijnontwikkelingen in de regulering van arbeid’. In 2008 verscheen The employment contract as an exclusionary device (Antwerp-Oxford-Portland: Intersentia).
Artikel

Ruimte voor strategie

De relatie tussen toezicht en media nader bezien

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Media, Medialogica, Percepties
Auteurs Dr. Martijn van der Steen, Prof. dr. Erik-Hans Klijn, Prof. dr. Mark van Twist e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel behandelt de relatie tussen toezicht en de media. De auteurs zetten in dit artikel rond dit thema twee stappen. De eerste stap is dat ze de relatie tussen media en toezicht bezien voorbij het vaak gevestigde beeld van de problematische medialogica, die het toezicht – en het beleid – vooral in de weg zit. In de tweede stap betogen ze hetzelfde, maar dan meer empirisch. Hun onderzoek geeft inzicht in de percepties van professionals uit het toezicht over media.


Dr. Martijn van der Steen
Dr. M. (Martijn) van der Steen is co-decaan en adjunct-directeur van de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur (NSOB) in Den Haag.

Prof. dr. Erik-Hans Klijn
Prof. dr. E.H. (Erik-Hans) Klijn is als Hoogleraar Bestuurskunde verbonden aan de Faculteit Sociale Wetenschappen van de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR).

Prof. dr. Mark van Twist
Prof. dr. M.J.W. (Mark) van Twist is als Hoogleraar Bestuurskunde verbonden aan de Faculteit Sociale Wetenschappen van de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR) en is decaan van de NSOB.

Arno van Wijk
A. (Arno) van Wijk (MSc) is als onderzoeker verbonden aan de NSOB.

Drs. Jorren Scherpenisse
Drs. J. (Jorren) Scherpenisse is als onderzoeker verbonden aan de NSOB.
Artikel

De Aanbestedingswet 2012, een terechte verdere begrenzing van de contractsvrijheid voor aanbestedende diensten?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7 2013
Trefwoorden Aanbestedingswet 2012, proportionaliteit, MKB, contractsvrijheid, beperking
Auteurs Mr. J.H. Hollenbeek Brouwer
SamenvattingAuteursinformatie

    De Aanbestedingswet 2012 bevat bepalingen die leiden tot een verdergaande beperking van de contractsvrijheid voor aanbestedende diensten dan voorheen het geval was onder het Bao en Bass. In deze bijdrage zal worden ingegaan op de vraag in hoeverre deze verdergaande beperking van de contractvrijheid gerechtvaardigd is in het licht van het uitgangspunt van contractsvrijheid tussen partijen.


Mr. J.H. Hollenbeek Brouwer
Mr. J.H. Hollenbeek Brouwer is werkzaam bij De Nederlandsche Bank
Artikel

Het proportionaliteitsbeginsel in het wetgevingsbeleid

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2013
Trefwoorden proportionaliteit, wetgevingsbeleid, rechtsbeginselen, afwegingskader, wetgevingskwaliteit
Auteurs Mr. M.Tj. Bouwes
SamenvattingAuteursinformatie

    Proportionaliteit van wetgeving omvat zowel de rechtvaardiging van overheidsinterventie als de keuze van het middel ter bereiking van het doel en de effectiviteit van de maatregel. De bijdrage plaatst de proportionaliteitsvraag in de sleutel van de rechtsstaat en de bescherming van burgerlijke vrijheden. Beperken van vrijheidsrechten en ingrijpen in wezenlijke elementen van de maatschappelijke ordening mogen niet verder gaan dan noodzakelijk ter bereiking van een legitiem doel. Het proportionaliteitsbeginsel als toetssteen voor wetgeving is evenwel problematisch omdat maatschappelijke en politieke oordelen over de wenselijkheid van wetgevend optreden evenzeer meespelen en legitiem zijn. In deze bijdrage wordt uiteengezet dat desondanks proportionaliteit en daarmee ook politieke afwegingen over noodzaak en inhoud van een wettelijke maatregel door de rechter kunnen worden getoetst.


Mr. M.Tj. Bouwes
Mr. M.Tj. Bouwes is hoofd van de sector wetgevingskwaliteitsbeleid van de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het ministerie van Veiligheid en Justitie. m.tj.bouwes@minvenj.nl
Artikel

Aandeelhouders: van ‘flitskapitaal’ naar ‘geduldig kapitaal’

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2013
Trefwoorden aandeelhouders, typologie, stewardship, dialoog, betrokken aandeelhouderschap
Auteurs drs. J. van der Ende en mr.dr. A. van der Krans
SamenvattingAuteursinformatie

    Aandeelhouders worden vaak over één kam geschoren als het gaat om de verantwoordelijkheid voor inzicht en toezicht bij (beursgenoteerde) ondernemingen. In dit artikel wordt een eenvoudige typologie van aandeelhouders ontwikkeld aan de hand van twee criteria. Uitgangspunt is verder dat een gezonde balans nodig is tussen de verschillende typen aandeelhouders. Een onderneming zal vooral behoefte hebben aan langetermijnaandeelhouders die betrokken zijn, de onderneming en haar management kennen en daardoor de monitoringrol adequaat kunnen invullen. Ook vanuit maatschappelijk oogpunt is een aanzienlijk percentage ‘loyaal-kritische aandeelhouders’ gewenst. Het gaat dan om aandeelhouders met geconcentreerde portefeuilles, een langetermijnhorizon en grote betrokkenheid bij de onderneming. Stimulering van deze vorm van aandeelhouderschap kan door financiële stimulering, regelgeving en samenwerking. De ‘Best practices voor betrokken aandeelhouderschap’ van Eumedion zijn een stap in de goede richting tot betere samenwerking tussen institutionele beleggers. Een aanzienlijk deel van de aandeelhouders van beursvennootschappen zal zich als loyale aandeelhouders moeten gedragen om het alternatief, inperking van aandeelhoudersrechten, te voorkomen. Dit zal inspanning vragen, maar dergelijk gedrag is essentieel voor een goede corporate democracy.


drs. J. van der Ende
Johan van der Ende is Senior Advisor bij KBR Finance.

mr.dr. A. van der Krans
Anatoli van der Krans is Senior Advisor Responsible Investment & Governance bij MN (voorheen bekend als Mn Services) te Den Haag.
Artikel

Over verwatering en politisering van het mededingingstoezicht

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2013
Trefwoorden mededinging, toezicht, publieke belangen, politisering, ACM
Auteurs Prof. dr. B.E. Baarsma
SamenvattingAuteursinformatie

    Het mededingingstoezicht is volop in beweging en daarin schuilen kansen, maar ook bedreigingen. De binnenlandse omgeving is het afgelopen decennium vijandig geweest ten aanzien van marktwerking en mededinging. Tegelijk ziet het ernaar uit dat de toezichthouder zich heeft aangepast aan de veranderende omgeving, en heeft hij aangegeven ook andere publieke belangen dan mededinging te willen meewegen in de beoordeling van concentraties, kartels en misbruikzaken. Hierin schuilt het gevaar van verwatering en verdere politisering van het mededingingstoezicht.


Prof. dr. B.E. Baarsma
Prof. dr. B.E. Baarsma is algemeen directeur van SEO Economisch Onderzoek en bijzonder hoogleraar Marktwerking- en mededingingseconomie aan de Faculteit Economie en Bedrijfskunde van de Universiteit van Amsterdam. b.baarsma@seo.nl
Artikel

Aansprakelijkheidsbeperking van (markt)toezichthouders: de weg naar beter toezicht?

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden aansprakelijkheid, gatekeepers, preventie, rechtseconomie, toezichthouders
Auteurs Mr. drs. R.J. Dijkstra en Mr. dr. L.T. Visscher
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel onderzoeken wij met behulp van inzichten uit de rechtseconomie of beperking van de aansprakelijkheid van toezichthouders wegens falend toezicht wenselijk is. Omdat er redenen zijn om te vrezen dat onbeperkte aansprakelijkheid tot excessief toezicht leidt, betogen wij dat de aansprakelijkheid inderdaad beperkt moet worden. Deze beperking moet niet bestaan in een maximumbedrag waarvoor de toezichthouder aansprakelijk kan zijn, maar in een soepeler gedragsstandaard, zoals ‘opzet of grove schuld’.


Mr. drs. R.J. Dijkstra
Mr. drs. R.J. Dijkstra is werkzaam als parttime promovendus bij de Universiteit van Tilburg.

Mr. dr. L.T. Visscher
Mr. dr. L.T. Visscher is werkzaam als universitair hoofddocent bij het Rotterdam Institute of Law and Economics (RILE) van de Erasmus School of Law.
Artikel

Juridische verkaveling van publieke taken: een historische vergelijking van dijkonderhoud en re-integratietaken

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2012
Trefwoorden allotment, legal continuity, work reintegration, collective action
Auteurs Robert Knegt
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands the task of reintegrating partially disabled workers into the labour market, that used to be accomplished by collective institutions, has been redistributed by the government to private actors: those who were the last to employ these workers. It is pointed out that this policy choice implies reusing a medieval legal technique and that its use regenerates typical legitimacy problems. Building on Ostrom’s theory of ‘institutions for collective action’, a historical comparison of the organization of dyke maintenance in the Dutch bog peat areas of the 11th-13th centuries and of these recent policies reveals that both are to be analysed in terms of a ‘double allotment’: duties as to collective tasks are allotted to individual participants in a collectivity by linking them up with a preceding allotment of usage rights, legally formalized in terms of ‘private law’. While neoliberal ideology may account for the direction that recent reintegration policies have taken, it is only in the Netherlands that this legal technique has to such an extent been mobilized. This observation raises questions as to long-term continuities in Dutch policies.


Robert Knegt
Robert Knegt is als directeur onderzoek verbonden aan het Hugo Sinzheimer Instituut, centrum voor onderzoek van ‘arbeid en recht’ aan de Universiteit van Amsterdam. Hij doet daar onderzoek naar de praktijk van arbeidsrechtelijke regelingen (ontslagrecht, flexwerk, arbeidstijden) en werkt aan een bij uitstek interdisciplinair project over ‘langetermijnontwikkelingen in de regulering van arbeid’. In 2008 verscheen The employment contract as an exclusionary device (Antwerp/Oxford/Portland: Intersentia).
Artikel

Access_open Hoe moet recht worden onderwezen?

Tijdschrift Law and Method, 2012
Trefwoorden curriculum rechtenstudie, aard van het recht, positief recht, (hulp)wetenschappen
Auteurs Jaap Hage
SamenvattingAuteursinformatie

    The central issue of this paper is to outline a scientifically oriented course in law. Most actual courses focus on positive law, and the main conclusion of this paper is that this is wrong. This conclusion is based on the premise that law is not by definition positive law, but the answer to the question which rules should be enforced by collective means. This premise is argued in the full paper.Positive law is law to the extent that it should be enforced by collective means, and not by definition. Therefore a scientific course in law should pay some attention to positive law, but should not assign it the dominant place in the curriculum which it presently tends to have.To make this abstract idea more concrete, some proposals are made for a law curriculum. The starting point is that the law bachelor should only address positive law where this is necessary for exercises in legal reasoning. Moreover it should address the viable fundamental visions on the nature of law, the main theories about normative reasoning (main currents in ethics), and the facts which are relevant in the light of these normative theories for the question which norms should be enforced by collective means. These facts include both positive law and the results of the different sciences (e.g. psychology, sociology, economy, and biology) which are relevant to answer the normative question. Because there are too many scientific results to take in during a bachelor course, the study of the sciences should be replaced by an introduction to scientific method, which allows lawyers to evaluate the outcomes of scientific research. Finally, the bachelor course should also address ‘generic positive law’, the main questions which must be answered by legal systems and the most viable answers to these questions.The master phase of the curriculum should, for those lawyers who want to practice the positive law of a particular jurisdiction, be filled with the detailed study of the relevant positive law.


Jaap Hage
Jaap Hage is hoogleraar Algemene rechtsleer aan Maastricht University.

Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is hoogleraar privaatrecht bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en raadsheer bij het Gerechtshof Amsterdam.

Dr. P.C.J. De Tavernier
Dr. P.C.J. De Tavernier is verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Leiden. Hij is tevens lid van het bijzonder academisch personeel van de Universiteit Antwerpen.

dr. T. Heremans
Dr. T. Heremans is Parlementair Assistente bij het Europees Parlement. De visie weergegeven in deze bijdrage is die van de auteur en weerspiegelt niet noodzakelijk de opinie van het Europees Parlement.
Artikel

Dichtung und Wahrheit in de thuiszorg

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2012
Trefwoorden thuiszorg, Wahrheit, Dichtung, Nma, contextonderzoek
Auteurs Mr. P.V.F. Bos
SamenvattingAuteursinformatie

    De Rechtbank Rotterdam heeft in april 2012 in twee zaken over de thuiszorgsector in ’t Gooi en in Kennemerland besluiten van de NMa wegens onvoldoende onderzoek en onvoldoende motivering vernietigd. Kort gezegd heeft de bestuursrechter geoordeeld dat de NMa deze twee zaken beter moet onderzoeken: de ontwikkeling van mededingingstheorieën is te veel Dichtung; ze moeten ook getoetst worden aan de concrete situaties. De NMa moet dus extra huiswerk doen en niet te veel verzinnen. De vraag is of dit haar gaat lukken. Of zal zij een terugtrekkende beweging moeten maken en indachtig de psychologen-zaak eerdere sanctiebesluiten herroepen en afzien van het opleggen van een boete?


Mr. P.V.F. Bos
Mr. P.V.F. Bos is advocaat bij BarentsKrans en tevens redactielid van M&M.
Artikel

(Uit)eindelijk een optioneel instrument voor Europees contractenrecht

De conceptverordening voor een gemeenschappelijk Europees kooprecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden Europees contractenrecht, optioneel instrument, consumentenrecht, kooprecht, wetgeving
Auteurs Dr. C. Jeloschek
SamenvattingAuteursinformatie

    Met haar voorstel voor een verordening voor een gemeenschappelijk Europees kooprecht presenteert de Commissie een autonoom regime van contracten(koop)recht. Dit is een volledig geharmoniseerde set aan regels die bij grensoverschrijdende transacties in plaats van nationale (contracten)rechten kan worden gekozen. Deze bijdrage schetst de reikwijdte van dit voorstel en onderzoekt de toegevoegde waarde ervan. Hoewel deze verordening als een mijlpaal in de ontwikkeling van het Europese consumentenrecht kan worden gezien, is niet zonder meer duidelijk dat de consument hier ook echt beter van wordt. Zo plaatst de auteur enkele kritische kanttekening wat betreft de toepassing en de effecten van dit instrument in de (rechts)praktijk.


Dr. C. Jeloschek
Dr. C. Jeloschek is werkzaam als advocaat bij Kennedy Van der Laan in Amsterdam.
Artikel

Hoe passen overeenkomsten met het oog op duurzaamheid binnen de rechtstreeks werkende uitzondering van het karteltoezicht?

Interpretatie uitzonderingscriteria door NMa voor samenwerking in verband met duurzaamheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2012
Trefwoorden kartelverbod, duurzaam, uitzonderingscriteria, samenwerken, NMa
Auteurs N. Rosenboom
SamenvattingAuteursinformatie

    Er heerst onzekerheid bij Nederlandse ondernemingen die willen samenwerken met het oog op duurzaamheid. Zij stuiten bij de self-assessment van het kartelverbod van het mededingingstoezicht op onvoldoende duidelijkheid over de invulling van de uitzonderingscriteria van artikel 6 lid 3 Mw. De NMa houdt mededingingstoezicht op de naleving van bedrijven van onder andere het kartelverbod op de Nederlandse markt. Dit artikel bespreekt hoe de NMa criteria voor uitzondering van het kartelverbod interpreteert en hoe ondernemingen hun bewijslast voor de self-assessment economisch kunnen onderbouwen.


N. Rosenboom
N. Rosenboom is als onderzoeker werkzaam bij SEO Economisch Onderzoek, bij het cluster Mededinging & Regulering.
Artikel

Aquarius: een letselschaderegeling met duidelijke deadlines en een proactieve arts

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2012
Trefwoorden Gedragscode Behandeling Letselschade, Aquariusarts, harmonieus dualisme, escalatietraject, strikte deadlines
Auteurs Mevrouw mr. F.Th. Peters en J.M. Mossink
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage beschrijven de auteurs een nieuw schaderegelingsproces in de letselschadepraktijk. Zij hebben een mensgericht, rechtvaardig en transparant letselschadetraject voor ogen, dat vooral op wederzijds vertrouwen is gebaseerd. Kenmerken zijn: een helder plan van aanpak met strikte deadlines, een werkwijze met één arts in plaats van twee medisch adviseurs en een escalatietraject in het geval geen overeenstemming over een te volgen deeltraject kan worden gevonden. Het proces wordt beproefd in een pilot die in oktober 2011 is gestart en waarschijnlijk in mei 2013 zal worden beëindigd.


Mevrouw mr. F.Th. Peters
Mevrouw mr. F.Th. Peters is directeur van CED Mens.

J.M. Mossink
De heer J.M. Mossink is directeur van Letselschadebureau Kloppenburg.
Artikel

Waarom het transparantiebeginsel maar niet transparant wil worden

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2011
Trefwoorden transparantiebeginsel, aanbestedingsrecht, rechtszekerheid, vrij verkeer
Auteurs Mr. A.W.G.J. Buijze
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europese transparantiebeginsel breidt zich uit als een olievlek over de zee van het Europese recht. Nu meer en meer rechtsgebieden onder de reikwijdte van het transparantiebeginsel vallen, wordt het steeds moeilijker het belang van het beginsel voor het Nederlandse recht te ontkennen. Toch blijft het moeilijk te preciseren wat het transparantiebeginsel precies vereist. In dit artikel wordt betoogd dat de sleutel ligt in het instrumentele karakter van het transparantiebeginsel: steeds is een mate van transparantie vereist die zo goed mogelijk bijdraagt aan het realiseren van de doelen die in een bepaalde context bij transparantie zijn gediend.


Mr. A.W.G.J. Buijze
Mr. A.W.G.J. Buijze is promovenda bij het Instituut voor Staats- en Bestuursrecht van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Kroniek ontwikkelingen Europees aanbestedingsrecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2011
Trefwoorden aanbesteding, concessie, rechtsbescherming, defensie, kroniek
Auteurs Mr. A. van der Linden en Mr. M.J.J.M. Essers
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek worden de ontwikkelingen in het Europese aanbestedingsrecht belicht die zich hebben voor gedaan in de periode 1 juli 2010 tot 1 juni 2011. De kroniek sluit aan op de vorige kroniek die in november 2010 in NTER is gepubliceerd. Allereerst wordt de jurisprudentie van het Hof van Justitie besproken. Het betreft arresten over de werkingsfeer, de toepassing van de fundamentele beginselen van aanbestedingsrecht, de uitvoering van aanbestedingsprocedures en de rechtsbescherming. Vervolgens komen activiteiten van de Europese Commissie inzake beleidsvorming en wetgeving aan bod. De kroniek sluit af met enkele voorbeelden van handhaving van het aanbestedingsrecht door de Commissie, meer specifiek ten aanzien van de Nederlandse aanbestedingspraktijk.


Mr. A. van der Linden
Mr. A. van der Linden is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. M.J.J.M. Essers
Mr. M.J.J.M. Essers is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Consumentenbescherming en het Optionele Instrument van contractenrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7/8 2011
Trefwoorden Optioneel Instrument, toepassingsgebied, consumentenbescherming
Auteurs Prof. dr. M.B.M. Loos
SamenvattingAuteursinformatie

    Vanuit consumentenrechtelijk perspectief wordt onderzocht wat het personele, materiële en territoriale toepassingsgebied van het toekomstige Optionele Instrument zou moeten zijn om effectief te kunnen zijn, waarna dit wordt vergeleken met de door de Europese Commissie gemaakte keuzes. Geconcludeerd wordt dat het materiële toepassingsgebied uitgebreid zal moeten worden om het Optionele Instrument aantrekkelijk te maken voor zowel ondernemers als consumenten.


Prof. dr. M.B.M. Loos
Prof. dr. M.B.M. Loos is hoogleraar privaatrecht, in het bijzonder het Europees consumentenrecht, aan de Universiteit van Amsterdam, en verbonden aan het Centre for the Study of European Contract Law van die universiteit.
Toont 1 - 20 van 64 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.