Zoekresultaat: 23 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2009 x Rubriek Artikel x

J.W. van de Gronden

E. Plomp

A. Wilken

M.C. Ploem

J.L. Smeehuijze
Artikel

Eenieder wordt geacht het recht te kennen. Of zijn schade?

Annotatie bij HR 9 oktober 2009, LJN BJ4850

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2009
Trefwoorden schadevergoeding, verjaring, aanvangsmoment verjaringstermijn, subjectieve bekendheid, ontstaan schade
Auteurs Mr. G.J.S. ter Kuile
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze annotatie wordt de jurisprudentie van de Hoge Raad inzake artikel 3:310 lid 1 BW op een rij gezet. Het arrest van 9 oktober 2009 past in de lijn van eerdere jurisprudentie. Het daadwerkelijk in staat zijn een vordering in te stellen lijkt bepaald te worden door welhaast absolute zekerheid over het lijden van schade. De subjectieve kennis van de benadeelde wordt zo bepaald aan de hand van een objectief vast te stellen moment.


Mr. G.J.S. ter Kuile
Mr. G.J.S. ter Kuile is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn.
Artikel

Vergoeding van medische schade in België: het nieuwe tweesporensysteem

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2009
Trefwoorden tweesporensysteem, medische schade, foutaansprakelijkheidsrecht, no fault-systeem
Auteurs Mevrouw mr. E. de Kezel
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage worden kort de ontwikkelingen geschetst die het medisch aansprakelijkheidsrecht in België heeft ondergaan en wellicht nog zal ondergaan. In België ligt het foutaansprakelijkheidsrecht als systeem tot vergoeding van medische schade reeds lang onder vuur. Door de Wet van 15 mei 2007 werd het klassieke foutaansprakelijkheidsrecht als vergoedingssysteem voor medische schade afgeschaft en werd er een nieuw vergoedingssysteem ingevoerd, waarbij de fout als grondvoorwaarde tot de vergoeding wordt geschrapt (het zogenoemde ‘no fault’-systeem). Hoewel de inwerkingtreding voorzien was voor 1 januari 2008, is dit systeem nooit in werking getreden. Op 23 oktober 2008 besliste de federale ministerraad om de nieuwe ingevoerde no fault-regeling te herzien en te vervangen door een foutloze aansprakelijkheidsregeling, geïnspireerd door het Franse systeem (tweesporensysteem). Tegelijkertijd werd beslist om het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg, het KCE, te belasten met een studieopdracht om de kostprijs te ramen van een dergelijk systeem in België. De inwerkingtreding van de no fault-Wet van 15 mei 2007 werd, in afwachting daarvan, voor de tweede maal uitgesteld voor onbepaalde tijd, via een bepaling in de Wet houdende diverse bepalingen (I) van 22 december 2008. De zet die de procedure inzake de geschillen over het toepassingsgebied van de no fault-Wet regelde (Wet inzake de regeling van geschillen van 15 mei 2007) werd eveneens voor de tweede maal uitgesteld, via een bepaling opgenomen in de Wet houdende diverse bepalingen (II) van 22 december 2008. Op dit moment speelt dus nog steeds het ‘klassieke’ foutaansprakelijkheidsrecht.


Mevrouw mr. E. de Kezel
Mw. mr. E. de Kezel is docent aan het Molengraaff Instituut van de Universiteit Utrecht, Vrij Wetenschappelijk Medewerker aan het Centrum voor Verbintenissenrecht van de Universiteit Gent, en advocaat bij Stibbe aan de Balie te Brussel.
Artikel

De vraagstelling voor expertises in medische aansprakelijkheidszaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2009
Trefwoorden medische aansprakelijkheid, IWMD-vraagstelling, rechtsontwikkeling, Richtlijn Medisch Specialistische Rapportage
Auteurs Prof. mr. A.J. Akkermans, mevrouw mr. L.G.J. Hendrix en mr. A.J. Van
SamenvattingAuteursinformatie

    Zoals bekend heeft de Projectgroep medische deskundigen in de rechtspleging van de Vrije Universiteit in samenwerking met de Interdisciplinaire Werkgroep Medische Deskundigen (IWMD) een studiemodel ontwikkeld voor de vraagstelling bij medische expertises over het causaal verband bij ongevallen. Dit model is bekend geworden als ‘de IWMD-vraagstelling’ en heeft ruime navolging gekregen in de praktijk. Daardoor levert de vraagstelling aan de deskundige veel minder problemen op dan voorheen. Onlangs zag het concept van een nieuwe versie (maart 2009) het licht. Ook dit concept heeft al zijn weg naar de praktijk gevonden. Zoals haar benaming aangeeft, ziet deze vraagstelling op de situatie waarin vaststaat dat de benadeelde een ongeval is overkomen, maar waar ter discussie staat wat daarvan de gevolgen zijn.


Prof. mr. A.J. Akkermans
Prof. mr. A.J. Akkermans is hoogleraar privaatrecht en is verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VU medisch centrum en lid van de Projectgroep medische deskundigen in de rechtspleging.

mevrouw mr. L.G.J. Hendrix
Mevrouw mr. L.G.J. Hendrix is docent/onderzoeker en is verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VU medisch centrum en lid van de Projectgroep medische deskundigen in de rechtspleging.

mr. A.J. Van
Mr. A.J. Van is onderzoeker bij de afdeling privaatrecht van de Vrije Universiteit Amsterdam en is verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VU medisch centrum en lid van de Projectgroep medische deskundigen in de rechtspleging.
Artikel

Schadebeperking en de verplichting om passende arbeid te verrichten

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2009
Trefwoorden schadebeperkingsplicht, passende arbeid, re-integratieverplichtingen, arbeidsrechtelijke verplichting
Auteurs Mevrouw mr. M. Opdam
SamenvattingAuteursinformatie

    Steeds wanneer een letselschadeslachtoffer ook werknemer is, krijgt hij tegelijkertijd te maken met de schadebeperkingsplicht uit het aansprakelijkheidsrecht en de re-integratieverplichtingen uit het arbeidsrecht. Inhoudelijk komen deze verplichtingen echter niet overeen. De verschillende verplichtingen kennen een eigen context. In deze bijdrage wordt besproken wat de betekenis is van de re-integratieverplichtingen voor de schadebeperkingsplicht, en omgekeerd. Hierbij ligt de focus op de arbeidsrechtelijke verplichting om ‘passende arbeid’ te verrichten.


Mevrouw mr. M. Opdam
Mevrouw mr. M. Opdam is promovendus aan de Vrije Universiteit Amsterdam en verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VUmc.
Artikel

Arbeid en ICMS: opbrengsten, weerstanden en intenties

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 3 2009
Trefwoorden ICMS, Integrated Conflict Management System, arbeidsconflicten
Auteurs Mr. dr. Rob Jagtenberg en Mr. dr. Annie de Roo
SamenvattingAuteursinformatie

    In their contribution ‘Employment and ICMS’, Rob Jagtenberg and Annie de Roo discuss the yields that an integrated conflict management system may bring to individual workers, to the company or organisation, and to society as a whole. Few organisations have adopted ICMS as yet. Therefore, the authors analyse the resistance against introduction of ICMS in some detail, especially resistance on the part of management, which likely will be decisive.Recent developments in the world economy and in politics however, may change the leverage in favour of introducing ICMS still, in the years to come.


Mr. dr. Rob Jagtenberg
Rob Jagtenberg verricht vergelijkend onderzoek naar mediation en conflictmanagement in Europa en was rapporteur-generaal bij de Raad van Europa over het onderwerp mediation.

Mr. dr. Annie de Roo
Annie de Roo is hoofdredacteur van TMD.
Artikel

Private normstelling: criteria voor toepassing van private regelgeving in de rechtszaal

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2009
Trefwoorden Private normstelling, private regelgeving, rechtsstaat, juridische binding, rechterlijke toetsing
Auteurs mr. A. Kristic, mr. F.A. van Tilburg en mr. P.W.J. Verbruggen
SamenvattingAuteursinformatie

    Private regelgeving geeft blijk van een bepaalde maatschappelijke behoefte aan normstelling door private, niet-statelijke actoren. De regels die uit deze private normstelling voortvloeien, vallen in beginsel buiten ‘het recht’ in de zin van artikel 79 Wet RO. Als gevolg blijft ook de toepassing van private regelgeving door de rechter beperkt. In deze bijdrage wordt via een analyse van de rechtsstaat een aanzet gedaan tot het formuleren van criteria aan de hand waarvan de rechter een gemotiveerd oordeel kan vormen betreffende de juridische binding van private regelgeving in een concreet geschil.


mr. A. Kristic
Mr. A. Kristic is promovenda bij de vakgroep Staats- en Bestuursrecht aan de Universiteit van Tilburg. a.kristic@uvt.nl

mr. F.A. van Tilburg
Mr. F.A. van Tilburg is promovenda bij de vakgroep Privaatrecht aan de Universiteit van Tilburg. f.a.vantilburg@uvt.nl

mr. P.W.J. Verbruggen
Mr. P.W.J. Verbruggen is promovendus aan het Europees Universitair Instituut te Florence. paul.verbruggen@eui.eu
Artikel

De Maritieme Arbeidsconventie van de IAO van 2006 en de Conventie nr. 188 over de arbeid in de visserij

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2009
Trefwoorden Internationaal arbeidsrecht, maritiem arbeidsrecht, arbeid in de visserij
Auteurs Dr. A. Charbonneau, Mr. G. Proutiere-Maulion en Prof. P. Chaumette
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de ontstaansgeschiedenis en de inhoud van de IAO Maritieme Arbeidsconventie (2006) en de IAO-Conventie nr. 188 over de arbeid in de visserij in kaart gebracht. Beide conventies worden geduid als de vierde pijler van het internationaal maritiem transportrecht. Historisch volgde de arbeidsrechtelijke pijler op de veiligheidspijler, de ecologische pijler en op een pijler die gericht was op de certificering van competenties en op de organisatie van de wachtdienst. De interactie tussen de Internationale Maritieme Organisatie en de Internationale Arbeidsorganisatie wordt onderzocht. De bijdrage gaat in op de eigenheid van de arbeidsverhoudingen in de maritieme sector. Ze illustreert de dilemma’s waarmee de IAO worstelt in haar streven naar een zo ruim mogelijke toepassingssfeer en een zo optimaal mogelijk niveau van bescherming in een economische sector waarin diversiteit troef is.


Dr. A. Charbonneau
Dr. A. Charbonneau is Docteur en droit, Droit et Changement social, UMR CNRS nr. 3168.

Mr. G. Proutiere-Maulion
Mr. G. Proutiere-Maulion is Maître de Conférences, HDR, en Directrice du Centre de Droit Maritime et Océanique EA nr. 1165.

Prof. P. Chaumette
Prof. P. Chaumette is Professeur, CDMO, Maison des Sciences de l’Homme Ange Guépin aan de Universiteit te Nantes.
Artikel

Nieuwe versie IWMD-vraagstelling: causaal verband bij ongeval

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2009
Trefwoorden Projectgroep medische deskundigen, civiele rechtspleging, causaal verband
Auteurs Mr. A.J. Van, prof. mr. A.J. Akkermans en mevrouw. mr. A. Wilken
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2002 zag op de Vrije Universiteit Amsterdam de Projectgroep medische deskundigen in de civiele rechtspleging het licht. Een van de eerste projecten van deze onderzoekgroep betrof de vraagstelling bij medische expertises naar het causaal verband bij ongevallen.


Mr. A.J. Van
Mr. A.J. Van is verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VUmc en hij maakt deel uit van de Projectgroep medische deskundigen in de rechtspleging.

prof. mr. A.J. Akkermans
Prof. mr. A.J. Akkermans is verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VUmc en hij maakt deel uit van de Projectgroep medische deskundigen in de rechtspleging.

mevrouw. mr. A. Wilken
Mevrouw mr. A. Wilken is verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VUmc en hij maakt deel uit van de Projectgroep medische deskundigen in de rechtspleging.
Artikel

Pandora: een nieuwe aanpak in de behandeling van whiplashschade

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2009
Trefwoorden Pandora, whiplashschade, nieuwe aanpak
Auteurs Mevrouw mr. F.Th. Peters
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage beschrijft de hoofdlijnen van een geheel nieuwe aanpak in de behandeling van whiplashschade. Deze aanpak is ontwikkeld in het project Pandora, waarvoor het initiatief van CED Mens is uitgegaan.


Mevrouw mr. F.Th. Peters
Mevrouw mr. F.Th. Peters, directeur van CED Mens in Capelle aan den IJssel.
Artikel

De patiëntenkaart en de beschikkingen van de Hoge Raad van 22 februari 2008

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2009
Trefwoorden patiëntenkaart, letselschadeclaim, medische gegevens
Auteurs Mevrouw mr. E.M. Deen
SamenvattingAuteursinformatie

    In de praktijk is veel discussie over de vraag in hoeverre een benadeelde in het kader van de afwikkeling van een letselschadeclaim gehouden kan zijn zijn medische gegevens ter inzage te geven aan de wederpartij. De vraag staat centraal of de benadeelde zijn patiëntenkaart moet overleggen.


Mevrouw mr. E.M. Deen
Mevrouw mr. E.M. Deen, docent en onderzoeker afdeling privaatrecht Vrije Universiteit Amsterdam, is verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER).
Artikel

Werkgeversaansprakelijkheid: ligt de oplossing in Amerika?

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2009
Trefwoorden werkgeversaansprakelijkheid, risicoaansprakelijkheid, Workers’ Compensation
Auteurs L.B. de Graaf
SamenvattingAuteursinformatie

    Na vijf arresten van de Hoge Raad uit 2008 is de discussie over het aannemen van een risicoaansprakelijkheid voor werkgerelateerde schade voor werkgevers losgekomen. De auteur bespreekt aan de hand van het Amerikaanse systeem van Workers’ Compensation de positieve en negatieve kanten van een systeem van risicoaansprakelijkheid. Hij onderzoekt of een dergelijk systeem de problemen kan oplossen die momenteel aan de orde zijn in de Nederlandse werkgeversaansprakelijkheid. De auteur concludeert aan de hand van de Amerikaanse ervaringen dat een risicoaansprakelijkheid de meeste problemen kan oplossen. Hij waarschuwt echter dat de wetgever vóór het aannemen van risicoaansprakelijkheid duidelijk moet vaststellen wat het speelveld is voor werkgevers en werknemers om de onduidelijkheden te voorkomen die het Nederlandse systeem van werkgeversaansprakelijkheid momenteel parten spelen.


L.B. de Graaf
Laurens de Graaf is advocaat bij BarentsKrans N.V.
Artikel

‘Back to basics’

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2009
Trefwoorden materiële normering letselschade, tegenargumenten normering letselschade
Auteurs Mr. P.B. Bodamèr en Mr. C.E. Jeekel
SamenvattingAuteursinformatie

    Materiële normering doet (onder omstandigheden) af aan het beginsel van volledige schadevergoeding, wat leidt tot minder individuele rechtvaardigheid. Bovendien bestaat de vrees dat aan de normen een te absoluut gewicht wordt toegekend, waardoor het slachtoffer meer dan krachtens de normale stelplicht en bewijslast moet onderbouwen waarom daarvan afgeweken zou moeten worden. De genoemde alternatieven voor normering zijn tijdrovend en kostbaarder, maar desondanks weegt dit argument niet op tegen de consequenties van een praktijk waarin als regel geldt dat gebruik wordt gemaakt van genormeerde bedragen.


Mr. P.B. Bodamèr
Mevrouw mr. P.B. Bodamèr is advocaat Zwolle bij Ace Letselschade Advocaten.en lid van de ASP.

Mr. C.E. Jeekel
Mevrouw mr. C.E. Jeekel is advocaat bij Ace Letselschade Advocaten in Zwolle en bestuurslid van de ASP.
Artikel

Het medisch beoordelingstraject bij letselschade

De Letselschade Raad neemt initiatief voor breed opgezet verbeteringsproject

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2009
Trefwoorden De Letselschade Raad, medisch traject letselschade, verbeterproject medisch traject letselschade
Auteurs Prof. mr. A.J. Akkermans, Prof. mr. J. Legemaate en Mr. A. Wilken
SamenvattingAuteursinformatie

    De Letselschade Raad is gestart met een verbeteringsproject van het medisch beoordelingstraject. Het doel van het project is om eerst vanuit een wetenschappelijke invalshoek een betere opzet van het medisch beoordelingstraject te vinden. Van daaruit wordt dan gezocht naar draagvlak en steun, en nadere uitwerking van de gevonden oplossingsrichtingen. De auteurs zijn de trekkers van de projectgroep en schetsen een beeld van de huidige stand van het onderzoek.


Prof. mr. A.J. Akkermans
Prof. mr. A.J. Akkermans is hoogleraar privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Hij is tevens verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VUmc.

Prof. mr. J. Legemaate
Prof. mr. J. Legemaate is verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VUmc.

Mr. A. Wilken
Mevrouw mr. A. Wilken is verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VUmc.
Artikel

NPP/De Letselschade Raad

Vanuit het verleden naar de toekomst

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2009
Trefwoorden De Letselschade Raad, Normering letselschade, NPP
Auteurs Drs. C.J. Blom-de Ruiter, Mr. I.L. Dijkstra en Mr. P.S. Procee
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt (kort) teruggeblikt op tien jaar NPP, waarin het doel was om het letselschadeproces te versoepelen en te bespoedigen. Aanvankelijk werd de verbetering vooral gezocht in de ontwikkeling van materiële normering, later kwam daar de procedurele normering van de Gedragscode Behandeling Letselschade (GBL) bij. De auteurs beschrijven de speerpunten van De Letselschade Raad voor de aankomende periode.


Drs. C.J. Blom-de Ruiter
Drs. C.J. Blom-de Ruiter is secretaris van het platformoverleg van De Letselschade Raad.

Mr. I.L. Dijkstra
Mr. I.L. Dijkstra is jurist bij het Bemiddelingsloket van De Letselschade Raad.

Mr. P.S. Procee
Mr. P.S. Procee is directeur van De Letselschade Raad.
Artikel

Over normering van personenschade

Volledige vergoeding van concreet geleden schade versus doorzichtig, snel en efficiënt

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2009
Trefwoorden materiële normering letselschade
Auteurs J.L.M. Misana
SamenvattingAuteursinformatie

    Materiële normering is wenselijk, omdat het als doel heeft eenvoud, doorzichtigheid en snelheid van de afwikkeling van een letselschadevordering te bewerkstelligen. Dit zou aantrekkelijker zijn dan een concrete schadebegroting in iedere situatie.


J.L.M. Misana
J.L.M. Misana is letselschadespecialist, lid van de Raad van advies van het PIV, docent bij de LSA-opleiding Personenschade en oud-directeur verzekeringstechniek Delta Lloyd Schadeverzekering.
Toont 1 - 20 van 23 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.