Zoekresultaat: 5 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Artikelen x

    In deze bijdrage staat de vraag centraal of Bureau Integriteit Nederlandse Gemeenten (BING) gelegitimeerd is om te adviseren over de mate van gevaar, zoals bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Wet Bibob en zo ja, welke zorgvuldigheidseisen op dit advies van toepassing zijn. Om deze vraag te beantwoorden wordt allereerst de algemene werkwijze van BING besproken. Ten tweede wordt het eigen Bibob-onderzoek van het bestuursorgaan aan een analyse onderworpen. Ten derde wordt een analyse verricht naar de toepasselijkheid van de zorgvuldigheidseisen, die voortvloeien uit artikel 3:9 Awb, op het onderzoek en het advies van BING. Er wordt geëindigd met een conclusie.


mr. drs. B. van der Vorm

    Er zijn maar weinig bestuursrechtelijke wetten zo controversieel als de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (hierna: Wet Bibob). Op grond van deze wet is het mogelijk dat het bestuursorgaan een beschikking weigert of intrekt, indien sprake is van een ernstig gevaar van misbruik van de beschikking. Gezien de huidige stand van zaken in de jurisprudentie kan de Wet Bibob bezwaarlijk worden aangemerkt als een vorm van ‘bestuursstrafrecht’. Dit betekent echter geenszins dat de invloed van strafrechtelijke dogmatiek en jurisprudentie op de toepassing van de Wet Bibob te verwaarlozen is. Dit laat zich treffend illustreren aan de hand van de zogenoemde ‘achterdeurproblematiek’. Deze ‘achterdeurproblematiek’ hangt samen met het gedoogbeleid.


mr. drs. B. van der Vorm

    Deze bijdrage gaat over de eisen die op grond van artikel 21 van het Besluit risico’s zware ongevallen 1999 (hierna: Brzo) aan ‘Brzo-bedrijven’ worden gesteld. Artikel 21 Brzo bepaalt dat een bijgewerkte lijst van de aanwezige gevaarlijke stoffen moet worden bijgehouden en dat die lijst door één ieder moet kunnen worden geraadpleegd. De voorschriften van het Brzo zijn van toepassing op bedrijven die door de (toegestane) aanwezigheid of mogelijke vorming van bepaalde hoeveelheden gevaarlijke stoffen grote risico’s met zich brengen voor mens en milieu.


mr. B. d'Hooghe

mr. I.P. de Groot

    Bestuursorganen kunnen zonder tussenkomst van de rechter bestuurlijke sancties opleggen. De zwaarte van deze sancties is in enkele decennia fors toegenomen. Dat geldt in de eerste plaats voor de bestraffende maatregel van de bestuurlijke boete, maar ook veel herstelsancties zijn in kracht toegenomen. Naast de bestuurlijke boete zijn er ook sancties die door een leedtoevoegend element als punitief zijn te kenschetsen en daarmee niet of niet langer het karakter dragen van een niet bestraffende sanctie gericht op het herstel van een rechtmatige toestand. Is sprake van een punitieve sanctie, dan heeft het bestuursorgaan een reeks rechtswaarborgen te eerbiedigen.


mr. A. de Groot
Artikelen

De curator als civiele fraudebestrijder

Kanttekeningen bij het Voorontwerp versterking positie curator voor de bestrijding van faillissementsfraude

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2014
Auteurs mr. W.J.B. van Nielen en mr. C.M. Derijks
Samenvatting

    Op 25 februari 2014 is het Voorontwerp ‘Versterking positie curator’ in consultatie gegaan. Het Voorontwerp dient gezien te worden in het kader van het streven van de Minister van Veiligheid en Justitie de curator te betrekken bij de bestrijding van faillissementsfraude. Dit artikel plaatst enkele kanttekeningen bij het Voorontwerp voor de bestrijding van faillissementsfraude.


mr. W.J.B. van Nielen

mr. C.M. Derijks
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.