Zoekresultaat: 15 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2014 x Rubriek Case x
Casus

Enkele opmerkingen over instemmingsrechten

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2014
Trefwoorden Instemmingsrechten, Flex-bv, Wet tot vereenvoudiging en flexibilisering van het bv-recht, Verpanding, Aandelen
Auteurs Prof. mr. J.B. Huizink
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds de invoering van de Wet tot vereenvoudiging en flexibilisering van het bv-recht kennen we bij de bv zogenoemde instemmingsrechten. In deze bijdrage wordt het rechtskarakter van deze instemmingsrechten – vennootschapsrechtelijk zowel als vermogensrechtelijk – onderzocht. De conclusie is dat de aan de aandelen verbonden instemmingsrechten bij verpanding van het aandeel kunnen overgaan naar de pandhouder.


Prof. mr. J.B. Huizink
Prof. mr. J.B. Huizink is hoogleraar Ondernemingsrecht aan de Vrije Universiteit te Amsterdam en verbonden aan het Zuidas Instituut voor Financieel recht en Ondernemingsrecht (ZIFO).
Casus

Tegenstrijdig belang: statuten en reglementen van beursvennootschappen onderzocht

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2014
Trefwoorden Tegenstrijdig belang, Beursvennootschap, Statuten, Reglement, Stemverbod, Corporate Governance Code
Auteurs Prof. mr. A.F.M. Dorresteijn
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt verslag gedaan van een onderzoek naar de regeling van het tegenstrijdig belang van bestuurders en commissarissen in de statuten van beursvennootschappen. Aanleiding is de inwerkingtreding van de Wet bestuur en toezicht op 1 januari 2013 en de veronderstelling dat deze statuten intussen zijn aangepast. Dat blijkt maar ten dele het geval. In meer dan de helft van de onderzochte statuten figureren namelijk nog verouderde, op vertegenwoordiging betrekking hebbende bepalingen inzake het tegenstrijdig belang, soms zelfs in statuten die zijn gewijzigd na 1 januari 2013. De niet aangepaste statuten zijn misleidend als informatiebron over de te volgen handelwijze bij tegenstrijdig belang.
    Een andere bevinding is dat suggesties uit de vakliteratuur voor een adequate statutaire regeling van het tegenstrijdig belang nauwelijks zijn gevolgd.
    Ook de reglementen voor bestuurders en commissarissen van beursvennootschappen zijn onder de loep genomen. De reglementen blijken op het punt van tegenstrijdig belang doorgaans gemodelleerd te zijn naar de Corporate Governance Code. Niettemin bevat een zestal reglementen ook nog verouderde, misleidende bepalingen over het tegenstrijdig belang.


Prof. mr. A.F.M. Dorresteijn
Prof. mr. A.F.M. Dorresteijn is hoogleraar International Company Law aan de Universiteit en Utrecht en is verbonden aan AKD advocaten en notarissen
Casus

De Ontwerpregeling ter bescherming van derivatenbeleggers tegen faillissement van de tussenpersoon nader beschouwd

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2014
Trefwoorden Derivaten, Intermediary risk, Afgescheiden vermogen, Matched Principal, Lastgeving
Auteurs Mr. E.W. Kuijper
SamenvattingAuteursinformatie

    Het consultatiedocument Wijzigingswet financiële markten 2016 omvat een regeling ter bescherming van derivatenbeleggers tegen faillissement van de tussenpersoon. Voorgesteld wordt de regeling op te nemen in de Wge. De regeling beoogt het Nederlandse recht in lijn te brengen met de regels die de MiFID en de EMIR stellen inzake de bescherming van derivatenbeleggers. De auteur beschouwt de voorgestelde regeling nader en signaleert enkele aandachtspunten. Uit de bijdrage blijkt dat het opstellen van een regeling die past binnen het vermogensrecht en aansluit bij de praktijk geen eenvoudige opgave is.


Mr. E.W. Kuijper
Mr. E.W. Kuijper is als promovenda verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht (Universiteit Utrecht). Daarvoor was zij werkzaam als bedrijfsjurist bij KAS BANK te Amsterdam.
Casus

Naar een beschaafder delictenrecht

Een impressie van het seminar ‘Civilising Criminal Justice’, 14 oktober 2014, Rotterdam, Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2014
Auteurs Suzanne Jansen
Auteursinformatie

Suzanne Jansen
Suzanne Jansen is jurist bij het Schadefonds geweldmisdrijven en medeauteur van het boek Mediation in strafzaken.

Thabiso van den Bosch
Thabiso van den Bosch is advocaat bij Conway & Partners in Rotterdam en is lid van de redactie van TMD.
Casus

‘We’d better take a lawyer for that!’

On what companies expect of their external lawyers in conflict management

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 4 2014
Auteurs Dr. Jo B. Aschenbrenner, LL.M.
Auteursinformatie

Dr. Jo B. Aschenbrenner, LL.M.
Dr. Jo B. Aschenbrenner, LL.M. is mediator and lawyer in Hamburg, vice director at the Bucerius Center on the Legal Profession (www.bucerius-clp.de) and Of Counsel at Hanefeld Rechtsanwälte (www.hanefeld-legal.com).
Casus

Nakoming van een vrijwaring in een overnameovereenkomst – show me the money?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2014
Trefwoorden vrijwaring, overnameovereenkomst, uitleg, garantie, nakoming
Auteurs J. Leedekerken
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel gaat over vrijwaringen in een overnameovereenkomst. Stil wordt gestaan bij een aantal elementen van een vrijwaring. Wat houdt vrijwaren in? Wie kan de vrijwaring inroepen? Wanneer is een vrijwaringsvordering opeisbaar? Hoe verhoudt de vrijwaring zich tot andere contractsbepalingen? Door beter rekening te houden met dit soort elementen kunnen uitlegdiscussies voorkomen worden.


J. Leedekerken
J. Leedekerken is advocaat te Amsterdam en verbonden aan Van Doorne N.V.
Casus

Governance en bescherming van banken

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2014
Trefwoorden banken, publiek belang, publiek aandeelhouderschap, privatisering, Interventiewet, overheidsinvloed, vijandige overnames, beschermingsconstructies, certificering
Auteurs Prof. mr. D.F.M.M. Zaman, Mr. G.M. Portier en Mr. dr. J. Nijland
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs de vraag welke publiek- en privaatrechtelijke mogelijkheden er bestaan om op permanente wijze een bank (of andere financiële instelling) te beschermen tegen beleid dat niet gericht is op het publieke belang. Daarbij worden mogelijke publiek- en privaatrechtelijke instrumenten vergeleken en geplaatst in een nationaal- en Europeesrechtelijk kader. Aangezien publiekrechtelijke instrumenten uit hoofde van de Interventiewet slechts onder bepaalde voorwaarden inzetbaar zijn (dreigende insolventie van de onderneming of instabiliteit van het financieel stelsel) en traditionele beschermingsconstructies slechts kunnen worden ingezet ter voorkoming van vijandige overnames, zien de auteurs mogelijkheden voor het gebruik van aanvullende privaatrechtelijke instrumenten ter stimulering van beleid van banken gericht op het publieke belang.


Prof. mr. D.F.M.M. Zaman
Prof. mr. D.F.M.M. Zaman is notaris te Rotterdam, (bijzonder) hoogleraar Notarieel ondernemingsrecht aan de Universiteit Utrecht en (gewoon) hoogleraar Notarieel ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.

Mr. G.M. Portier
Mr. G.M. Portier is notaris te Amsterdam.

Mr. dr. J. Nijland
Mr. dr. J. Nijland is universitair docent aan de Universiteit Leiden.
Casus

Bankenbelasting

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2014
Trefwoorden bankenbelasting, banken, resolutieheffing 2014, depositogarantiestelsel, bonuscultuur banken, Basel III
Auteurs Prof. dr. J.N. Bouwman
SamenvattingAuteursinformatie

    De kredietcrisis heeft in Nederland in 2012 geleid tot de invoering van een bankenbelasting. Deze belasting treft zogenoemde ongedekte schulden waarmee banken hun bedrijf financieren. Banken zijn bankenbelasting verschuldigd voor zover hun ongedekte schulden een doelmatigheidsvrijstelling overtreffen. De bankenbelasting wordt verhoogd indien aan het bestuur een bovenmatige bonus wordt toegekend. Andere landen hebben heffingen ingevoerd die vergelijkbaar zijn met de Nederlandse bankenbelasting. Om samenloop van deze heffingen tegen te gaan zijn maatregelen getroffen ter voorkoming van dubbele bankenbelasting. De techniek van de Nederlandse bankenbelasting en de voorkoming van dubbele bankenbelasting staan in deze bijdrage centraal.
    Aan de invoering van de bankenbelasting zijn in de parlementaire geschiedenis doelstellingen en randvoorwaarden verbonden. Deze worden ook in de bijdrage besproken. Betwijfeld kan worden of zij volledig zijn gerealiseerd met de invoering van de huidige bankenbelasting.


Prof. dr. J.N. Bouwman
Prof. dr. J.N. Bouwman is hoogleraar Belastingrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Casus

Financial Transaction Tax (FTT): de gevolgen van de extraterritoriale werking voor Nederlandse financiële instellingen

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Financial Transaction Tax, financiële instellingen, extraterritoriale werking, belastingheffing financiële transacties, voorstel FTT-richtlijn
Auteurs Mr. R.P.C. Adema
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 14 februari 2013 heeft de Europese Commissie een herziene versie gepubliceerd van het voorstel voor een gemeenschappelijk systeem voor de heffing van FTT. Nederland doet hier vooralsnog niet aan mee. Desalniettemin kunnen Nederlandse financiële instellingen – en de spaarproducten en oudedagsvoorzieningen van deze instellingen – wel worden getroffen door de FTT. Dit komt door de territoriale werking van het voorstel. In deze bijdrage worden de gevolgen hiervan uiteengezet.


Mr. R.P.C. Adema
Mr. R.P.C. Adema is als universitair docent verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen. Verder is hij als fiscalist werkzaam bij Deloitte en maakt deel uit van Deloitte’s FSI Tax Group in Amsterdam. Zijn onderzoek richt zich met name op het internationaal en Europees recht.
Casus

Mededingingsrechtelijke aspecten van technologieoverdrachtsovereenkomsten

Deus ex machina of terra incognita?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2014
Trefwoorden mededingingsrecht, technologieoverdracht, grant-back, betwisting van intellectuele eigendomsrechten, Beëindiging van overeenkomsten
Auteurs Mr. H.H.P. Lugard
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage gaat in op de gewijzigde groepsvrijstelling inzake technologieovereenkomsten, Verordening 316/2014. De verordening introduceert een aantal significante wijzigingen die van belang zijn bij het redigeren van nieuwe octrooilicentieovereenkomsten en andere overeenkomsten inzake technologieoverdracht en noodzaken tot aanpassingen van bestaande overeenkomsten. De wijzigingen zijn ingegeven door de toename van “patent thickets” en de zorg omtrent de zwakke onderhandelingspositie van kleinere marktpartijen en zien onder meer op “grant back” bepalingen, beëindiging in geval van betwisting van de in licentie gegeven technologie en technologie-pool licenties.


Mr. H.H.P. Lugard
Mr. H.H.P. Lugard is partner bij Baker Botts L.L.P. (Brussel) en gespecialiseerd in het Europese en Nederlandse mededingingsrecht.

Barbara Gayse
Barbara Gayse is attaché bij de Federale Bemiddelingscommissie en redactielid van TMD.
Casus

Bewogen dagen in Belfast

Impressies van het achtste congres van het European Forum for Restorative Justice

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 3 2014
Auteurs Annemieke Wolthuis
Auteursinformatie

Annemieke Wolthuis
Annemieke Wolthuis is werkzaam bij het Verwey-Jonker Instituut in Utrecht en is bestuurslid van het European Forum for Restorative Justice.

Steven Brouwers
Steven Brouwers is erkend advocaat-bemiddelaar en docent PAO Bemiddeling aan de Universiteit Antwerpen.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.