Zoekresultaat: 78 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Case x
Wetenschap

De concernenquête na SNS

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2020
Trefwoorden concernverhoudingen, rechtszekerheid, economische werkelijkheid, houders van (certificaten van) aandelen, Landis
Auteurs Mr. dr. R.P. Jager
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn Landis-beschikking uit 2005 heeft de Hoge Raad de concernenquête gesanctioneerd, zodat aandeel- of certificaathouders van een moedermaatschappij de Ondernemingskamer (mede) bevoegdelijk, ex art. 2:346 lid 1 onder b of c BW, kunnen verzoeken om een onderzoek bij een daaronder hangende dochtermaatschappij. Vijftien jaar later heeft hij opnieuw een beschikking gegeven over deze enquête, en wel in de SNS-zaak. Die beschikking wordt in dit artikel onder de loep genomen. Met de Landis-beschikking is onze cassatierechter weggedobberd van de rechtszekerheid. In zijn SNS-beschikking roeit de Hoge Raad daar weer naartoe. Niettemin heeft hij die bestemming, de rechtszekerheid, nog niet bereikt.


Mr. dr. R.P. Jager
Mr. dr. R.P. (Paul) Jager was als legal counsel verbonden aan Vereniging van Effectenbezitters (VEB). Hij is echter in die hoedanigheid niet op directe wijze betrokken geweest bij de procedure die heeft geleid tot de SNS-beschikking d.d. 3 april 2020. Thans is hij als senior beleidssecretaris ondernemingsrecht & corporate governance werkzaam bij VNO-NCW en MKB-Nederland.
Wetenschap

Related party transactions, de tegenstrijdigbelangregeling en het voorkomen van belangenverstrengeling in de Nederlandse Corporate Governance Code: waar zijn we nu aan toe?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2020
Trefwoorden belangenconflicten, tegenstrijdig belang, Herziene Europese Aandeelhoudersrichtlijn, transactiecommissie, corporate governance
Auteurs Mr. A.C. Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    In Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek (BW) is een nieuwe regeling voor related party transactions geïmplementeerd. De nieuwe regeling is een aanvulling op de bestaande tegenstrijdigbelangregeling in Boek 2 van het BW en hetgeen met betrekking tot belangenverstrengeling is geregeld in principe 2.7 van de Nederlandse Corporate Governance Code. Deze bijdrage bespreekt de onderlinge verhoudingen tussen deze regelingen en geeft het gebruik van een speciale overnamecommissie, zoals in de Verenigde Staten van toepassing, als mogelijke oplossing voor ook de Nederlandse praktijk om met belangenverstrengeling bij gevoelige transacties en deze drie regelingen om te kunnen gaan.


Mr. A.C. Jansen
Mr. A.C. (Alette) Jansen is als docent ondernemingsrecht verbonden aan de Universiteit Leiden.
Wetenschap

Het wetsvoorstel wettelijke bedenktijd beursvennootschappen onderzocht

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2020
Trefwoorden bedenktijd, openbaar bod, bestuurstaak, Aandeelhoudersrichtlijn, beursvennootschap
Auteurs Prof. mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    Eind 2019 is het wetsvoorstel over het inroepen van een bedenktijd door het bestuur van een beursvennootschap bij de Tweede Kamer ingediend. De voorgestelde wettelijke regeling behelst dat het bestuur op basis van het voorgestelde art. 2:114b BW de mogelijkheid heeft een bedenktijd van maximaal 250 dagen in te roepen. Hiermee krijgt het bestuur de tijd voor inventarisatie en weging van de belangen van de onderneming en de stakeholders als zich bepaalde omstandigheden voordoen. Daarnaast bevat het wetsvoorstel een codificerende aanvulling van de wettelijke omschrijving van de bestuurstaak in art. 2:129 lid 1 BW. In dit artikel onderzoekt de auteur dit voorstel.


Prof. mr. H. Koster
Prof. mr. H. (Harold) Koster is verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht (afdeling Ondernemingsrecht) van de Universiteit van Leiden als hoogleraar Ondernemingsrecht. Hij is tevens verbonden aan de Universiteit van Dubai.

Herman Verbist
Herman Verbist is advocaat bij de balie te Gent en te Brussel (Everest Advocaten), erkend bemiddelaar in burgerlijke en handelszaken bij de Federale Bemiddelingscommissie in België, en redacteur van dit tijdschrift. Hij volgt sedert verschillende jaren als waarnemer de vergaderingen van de werkgroep arbitrage en conciliatie van UNCITRAL en was lid van de werkgroep arbitrage en ADR van de NOAB die het Reglement Bindende derdenbeslissing uitwerkte.
Objets trouvés

De rechtsstaat in discussie

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Primaat wetgever, trias, dikastocratie, verticaal machtsevenwicht, COVID-19
Auteurs Prof. dr. R.A.J. van Gestel
SamenvattingAuteursinformatie

    Volgens de Raad van State zou de rechtsstaat in Nederland niet wezenlijk in gevaar zijn, zou de balans tussen de instituties die invulling moeten geven aan de rechtsstaat (wetgever, bestuur en rechter) tot nu toe verzekerd zijn en zou er voldoende draagvlak onder de bevolking bestaan. Daarom zou er ook geen reden zijn voor een ‘alarmerende toon’. Deze stellingen worden nauwelijks onderbouwd, staan maatschappelijk ter discussie en miskennen dat Nederland geen eiland is, maar onderdeel uitmaakt van een meergelaagde internationale rechtsorde. Het beeld dat de Raad daarbij heeft van de scheiding der machten behoeft dringend bijstelling.


Prof. dr. R.A.J. van Gestel
Prof. dr. R.A.J. (Rob) van Gestel is hoogleraar Regulering aan Tilburg Law School en hoogleraar methodologie van de rechtswetenschap aan de KU Leuven.
Objets trouvés

De wetgever als oorzaak van een dikastocratie?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Wetgever-plaatsvervanger, Trias politica, Rechter, Samenwerking
Auteurs Mr. dr. P.J.P.M. van Lochem
SamenvattingAuteursinformatie

    Is het juist dat in het opgelaaide dikastocratiedebat de verantwoordelijkheid primair bij de wetgever wordt gelegd? Ook al biedt de wetgever de rechter de nodige ruimte, is de rechterlijke beslissingsmacht vooral gevolg van de door de rechtsleer gedragen wijzen van interpretatie en toepassing van de wet. Dat de wetgever zou stilzitten en lastige beslissingen aan de rechter (als plaatsvervanger) zou overlaten, lijkt een onjuist beeld, evenals het beeld dat de wetgever een onwenselijke uitspraak van de rechter altijd nog kan corrigeren. Typerend voor de verhouding wetgever – rechter is (rechtsvormende) samenwerking. Obsolete kaders als de triasleer en de Wet AB brengen de werkelijkheid niet dichterbij.


Mr. dr. P.J.P.M. van Lochem
Mr. dr. P.J.P.M. (Peter) van Lochem is Fellow van het Meijers Instituut (Universiteit Leiden).
Wetenschap

Enkele opmerkingen over beëindiging van de arbeidsovereenkomst met een bestuurder van een rechtspersoon na ontslag: opzeggen of ontbinden?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2020
Trefwoorden bestuurder en rechtspositie, ontslag van bestuurder, arbeidsovereenkomst, beëindiging arbeidsovereenkomst
Auteurs Mr. C. de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    Een rechtspersoon die een bestuurder heeft ontslagen zal in veel gevallen ook de resterende arbeidsovereenkomst met die bestuurder willen beëindigen. Bij een vereniging, een naamloze vennootschap en een besloten vennootschap kan dat op grond van Boek 2 BW eenvoudig door de arbeidsovereenkomst op te zeggen. Bij een stichting ligt dat anders: een stichting moet de arbeidsovereenkomst beëindigen met inachtneming van de regels van het arbeidsovereenkomstenrecht. Dat betekent door opzegging van de arbeidsovereenkomst na daarvoor toestemming te hebben gekregen van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, of door de kantonrechter te verzoeken de arbeidsovereenkomst te ontbinden. De voorgestelde Wet bestuur en toezicht rechtspersonen zal aan deze uitzonderingsituatie een einde maken.


Mr. C. de Groot
Mr. C. (Cees) de Groot is werkzaam bij de afdeling Ondernemingsrecht van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Wetenschap

Human Rights Provisions in General Corporate Lending

How banks could implement their responsibility to respect human rights by including human rights provisions in corporate lending documentation

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Banks, Human rights, Corporate lending, Sustainability linked loans, LMA
Auteurs Mr. W.B. de Boer en Prof. M. Scheltema
SamenvattingAuteursinformatie

    This article focusses on the role of banks in the area of human rights and corporate lending. By including contractual provisions on human rights in loan documentation, banks can manage human rights risks. Banks could hereby build on the emerging practice of the ‘sustainability linked loans’ by including predetermined sustainability targets focused on human rights. The international loan market currently lacks a level playing field on including human rights provisions. This article concludes with providing guidance for human rights provisions in loan agreements, based on standard loan market (LMA) documentation.


Mr. W.B. de Boer
Mr. W.B. (Wilke) de Boer is momenteel werkzaam als bedrijfsjurist duurzame financiering bij de NWB Bank en was op het moment van schrijven werkzaam voor de Sociaal-Economische Raad.

Prof. M. Scheltema
Prof. M. (Martijn) Scheltema is verbonden aan de Erasmus Universiteit. Daarnaast is hij nog partner en voorzitter van de praktijkgroep mensenrechten van Pels Reijcken en voorzitter van het bindende geschillenbeslechtingsmechanisme van de Nederlandse Internationaal Responsible Business Conduct Agreement in de textielsector.
Wetenschap

Verschuivend paradigma in corporate governance bij vijandige overnames

Reflecties van rechters, bestuurders en commissarissen, een lid van de Monitoring Commissie en een institutionele belegger tegen de achtergrond van ontwikkelingen op de kapitaalmarkt en in de jurisprudentie

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2019
Trefwoorden langetermijnwaardecreatie, corporate governance, shareholder- en stakeholdermodel, vijandige overnames, vennootschappelijk belang
Auteurs Mr. dr. J. Nijland, Dr. T.L.M. Verdoes, Dr. M.P. Lycklama à Nijeholt e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    De recente ontwikkelingen in de Nederlandse jurisprudentie en de herziening van de Corporate Governance Code zouden kunnen dienen als een belangrijke katalysator voor meer ‘duurzame’ overnamebesluiten door het benadrukken van het belang van langetermijnwaardecreatie. De auteurs interviewden belangrijke actoren in overnameconflicten om hun visie te geven op de kansen en bedreigingen van langetermijnwaardecreatie. De reflecties zijn in lijn met de ontwikkelingen en aldus doorgedrongen in het maatschappelijke speelveld. Concrete invulling geven aan langetermijnwaardecreatie is complex vanwege de uiteenlopende visies op het vennootschappelijke belang: de shareholders, stakeholders en de entiteit. Dit schept echter ook de ruimte om autonoom invulling te geven aan langetermijnwaardecreatie.


Mr. dr. J. Nijland
Mr. dr. J. (Jelle) Nijland is als universitair docent verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Faculteit Rechtsgeleerdheid, afdeling Ondernemingsrecht, van de Universiteit Leiden.

Dr. T.L.M. Verdoes
Dr. T.L.M. (Tim) Verdoes is als universitair docent verbonden aan het Instituut Fiscale en Economische vakken van de Faculteit Rechtsgeleerdheid, afdeling Bedrijfswetenschappen, van de Universiteit Leiden.

Dr. M.P. Lycklama à Nijeholt
Dr. M.P. (Maaike) Lycklama à Nijeholt is als universitair docent verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Faculteit Rechtsgeleerdheid, afdeling Ondernemingsrecht, van de Universiteit Leiden.

Mr. dr. N.T. Pham
Mr. dr. N.T. (Thy) Pham is als universitair docent verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Faculteit Rechtsgeleerdheid, afdeling Ondernemingsrecht, van de Universiteit Leiden.
Wetenschap

Een blik op de toekomst van de accountancysector

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2019
Trefwoorden accountant, wettelijke controle, Commissie Toekomst Accountancysector, Autoriteit Financiële Markten
Auteurs Mr. dr. J.E. Brink-van der Meer
SamenvattingAuteursinformatie

    De accountancysector zit midden in een verandertraject dat moet leiden tot een duurzame gedrags- en cultuurverandering. Uit verschillende onderzoeken zou echter blijken dat de sector onvoldoende voortgang boekt. Dit baart de Minister van Financiën zorgen en daarom heeft hij de Commissie Toekomst Accountancysector (CTA) ingesteld. In deze bijdrage staat de auteur stil bij een drietal onderwerpen, die relevant zijn voor het onderzoek van de CTA naar de toekomst van de accountancysector. Dit betreft de taak en het plan van aanpak van de CTA, het rapport ‘Kwetsbaarheden in de structuur van de accountancysector’ van de AFM en de reacties bij de consultatie. Tot slot worden de voorlopige bevindingen van de CTA besproken.


Mr. dr. J.E. Brink-van der Meer
Mr. dr. J.E. (Annelies) Brink-van der Meer is op 23 januari 2019 aan de Vrije Universiteit te Amsterdam gepromoveerd op Accountantsaansprakelijkheid. Zij is werkzaam bij de Vrije Universiteit als docent ondernemingsrecht en is fellow van het Zuidas Instituut voor Financieel recht en Ondernemingsrecht (ZIFO).
Objets trouvés

Nieuwe en gedurfde rechtssociologie

Bruikbare kennis voor de wetgever?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2019
Trefwoorden Rechtssociologie, Seculiere benadering, Rechtsvervreemding, Bruikbare kennis, Hertogh
Auteurs Mr. dr. P.J.P.M. van Lochem
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn Nobody’s Law presenteert Hertogh een nieuwe rechtssociologische benadering en plaatst die tegenover de kritische benadering. Kern van deze nieuwe (‘seculiere’) benadering is het concept rechtsvervreemding. Of deze nieuwe benadering voor de wetgeving bruikbare kennis gaat opleveren, zoals andere rechtssociologische benaderingen doen, is twijfelachtig. Het is immers moeilijk om wetgeving af te stemmen op mensen die van het recht vervreemd zouden zijn. Daarnaast vergt het concept rechtsvervreemding verheldering, zonder – zoals nu is gedaan – de werkelijkheid (cases) op maat te snijden.


Mr. dr. P.J.P.M. van Lochem
Mr. dr. P.J.P.M. (Peter) van Lochem is Fellow van het Meijers Instituut (Universiteit Leiden).
Wetenschap

Van WCAM naar WAMCA: class actions in Nederland?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2019
Trefwoorden WAMCA, massaschade, collectief verhaal, collectieve actie, schadevergoedingsrecht
Auteurs Mr. dr. A. van der Krans
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 19 maart 2019 is de wet afwikkeling massaschade in collectieve actie (WAMCA) door de Eerste Kamer aangenomen. Inwerkingtreding wordt verwacht voor 1 oktober 2019. Na de inwerkingtreding van de WAMCA zal het collectief vorderen van schadevergoeding mogelijk zijn. De WAMCA is een belangrijke ontwikkeling op het gebied van het collectief schadevergoedingsrecht in Europa, maar is vatbaar voor verbetering, vooral op het terrein van finaliteit, governance-eisen, financiering en hoger beroep.


Mr. dr. A. van der Krans
Mr. dr. A. (Anatoli) van der Krans is advocaat bij Corona Legal te Amsterdam.
Wetenschap

Smallsteps: de uitspraak, de Nederlandse rechtspraak en voorgestelde regelgeving

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2019
Trefwoorden behoud van werknemersrechten, overgang van onderneming, pre-packaged deal, Smallsteps-uitspraak, Wet overgang van onderneming in faillissement
Auteurs Mr. C. de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn uitspraak van 22 juni 2017 in de Smallsteps-zaak besliste het Hof van Justitie van de Europese Unie dat de Europese richtlijn betreffende het behoud van de rechten van de werknemers bij overgang van ondernemingen ook van toepassing is wanneer de overgang van de onderneming plaatsvindt door middel van een zogenoemde pre-packaged deal. De latere Nederlandse rechtspraak beperkt de reikwijdte van de Smallsteps-uitspraak zo veel mogelijk. Op 29 mei 2019 is het voorontwerp Wet overgang van onderneming in faillissement gepubliceerd. Dit voorontwerp is mede een reactie op de Smallsteps-uitspraak, maar lijkt strijdig te zijn met de richtlijn.


Mr. C. de Groot
Mr. C. (Cees) de Groot is werkzaam bij de afdeling Ondernemingsrecht van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Contracten maken

Access_open Leren exonereren: een aantal gezichtspunten ten aanzien van het contractueel reguleren van aansprakelijkheid

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Exoneratie, Schadeplichtigheid, Verzuim, Opzet of bewuste roekeloosheid, Beperkende werking redelijkheid en billijkheid
Auteurs Prof. mr. T.H.M. van Wechem
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de rol die exoneraties in b2b-verhoudingen spelen besproken en formuleert de auteur regels die bij het opstellen van een goede exoneratiebepaling van nut kunnen zijn. De auteur wijst op het belang van het juridisch (logistiek) kwalificeren van de overeenkomst, de vraag of de schadeplicht voortvloeit uit een temporeel of kwalitatief ten achter blijven en op de uitleg van exoneraties. Onderzocht wordt ook of toetsing van het beding aan de beperkende werking van de redelijkheid veel verschilt van de norm ‘onredelijk bezwarend’ uit artikel 6:233 sub a Burgerlijk Wetboek en de omstandigheden die in de rechtspraak een rol spelen bij de beantwoording van de vraag of een exoneratie terzijde moet worden gesteld.


Prof. mr. T.H.M. van Wechem
Prof. mr. T.H.M. van Wechem is hoogleraar Corporate Legal Counseling aan de Open Universiteit, raadsheer-plaatsvervanger in het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch en zelfstandig juridisch adviseur te Amsterdam.
Objets trouvés

Leidt terugtred van de wetgever tot een opmars van rechterlijke rechtsvorming en afbraak van democratische waarden?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Terugtred, Rechtsvorming, Tegendemocratie, Deparlementarisering, Primaat
Auteurs Prof. dr. R.A.J. van Gestel
SamenvattingAuteursinformatie

    Recentelijk heeft de Raad van State gewaarschuwd dat het primaat van de wetgever wordt uitgehold door het regeren bij akkoord, gebruik van kaderwetgeving, experimentwetgeving en private regelgeving. Dat zou leiden tot een opmars van rechtsvorming door de rechter waardoor het primaat van de wetgever nog verder wordt aangetast. In deze bijdrage wordt echter verdedigd dat herstel van het primaat van de wetgever waarschijnlijk onmogelijk is en dat een grotere nadruk op rechterlijke rechtsvorming in het licht van de democratietheorie van Rosanvallon evengoed kan worden gezien als een zegen voor de democratie.


Prof. dr. R.A.J. van Gestel
Prof. dr. R.A.J. (Rob) van Gestel is hoogleraar Regulering en Juridische methoden en technieken aan de Tilburg Law School.

Gert Jan Slump
Gert Jan Slump (1962) is criminoloog, sociaal-maatschappelijk ondernemer en consultant, adviseur en trainer. In 2010 was hij medeoprichter van de Stichting Restorative Justice Nederland en sindsdien ontwikkelt hij samen met organisaties en professionals binnen het netwerk rond herstelrecht en herstelgericht werken in Nederland allerlei projecten op dit terrein. Hij is een veelgevraagd spreker op dit terrein. Gert Jan is ook actief op het terrein van professionaliseringsvraagstukken, onder meer binnen de jeugdzorg.
Wetenschap

Vennootschappelijke medezeggenschap onder druk

Sluit de structuurregeling nog aan op de economische werkelijkheid?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2019
Trefwoorden structuurregeling, medezeggenschap, raad van commissarissen, werknemers
Auteurs Mr. H. van Roosmalen en Mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    Het adagium van medezeggenschap, dat ‘zij de zeggenschap volgt’, ligt ten grondslag aan de in 1971 ingevoerde structuurregeling. Het doel dat destijds met deze regeling werd nagestreefd, betrof het verschaffen van een stem aan werknemers op het hoogste niveau binnen de onderneming. De structuurregeling moest dus voorzien in de groeiende behoefte aan vennootschappelijke medezeggenschap. In dit artikel analyseren de auteurs de Nederlandse structuurregeling voor naamloze en besloten vennootschapen. Ook is er enige aandacht voor rechtsvergelijking met het Duitse recht. De kernvraag die de auteurs beantwoorden, is in hoeverre het vennootschappelijke medezeggenschapsrecht op basis van de structuurregeling in Nederland nog het beoogde effect heeft.


Mr. H. van Roosmalen
Mr. H. (Hidde) van Roosmalen is momenteel bezig met het afronden van de master Internationale Betrekkingen aan de Universiteit Utrecht en heeft de master Onderneming en recht aan dezelfde universiteit in 2018 succesvol afgerond.

Mr. H. Koster
Mr. H. (Harold) Koster is verbonden aan de Erasmus School of Law en aan de Universiteit van Dubai.
Wetenschap

Access_open De processuele positie van de aansprakelijk gestelde bestuurder

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2019
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, bewijspositie, gezag van gewijsde
Auteurs Mr. H.J. Vetter
SamenvattingAuteursinformatie

    Recente rechtspraak roept de vraag op welke verweermogelijkheden een op grond van art. 2:11 BW aansprakelijk gestelde bestuurder heeft als de rechtspersoon-bestuurder onherroepelijk is veroordeeld. En hoe is de positie van een op grond van onrechtmatige daad aansprakelijk gestelde bestuurder die zich wil verweren tegen de omvang van de schade van een crediteur van de rechtspersoon, als de rechtspersoon zelf is veroordeeld bij in kracht van gewijsde gegaan vonnis? In deze bijdrage wordt met een beroep op het leerstuk van het gezag van gewijsde bepleit dat de bestuurder meer ruimte voor verweer heeft dan wel wordt aangenomen.


Mr. H.J. Vetter
Mr. H.J. (Hans) Vetter is rechter in de Rechtbank Den Haag.
Objets trouvés

Recht is niet alleen recht als er recht op staat

Over het (h)erkennen van de rechtskracht van private normen

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2018
Trefwoorden normalisatie, meetinstructie, prejudiciële vragen, status en rechtsgevolgen
Auteurs Prof. dr. R.A.J. van Gestel
SamenvattingAuteursinformatie

    Met het Achmea/Rijnberg-arrest van de Hoge Raad leek een doorbraak te zijn bereikt inzake de doorwerking van private regelgeving in het recht. Wanneer partijen het onderling eens zijn over de toepasselijkheid van bijvoorbeeld gedragscodes, toetst de Hoge Raad er ook aan zonder de juridische status ervan te beoordelen. De vraag wat te doen wanneer de relevantie van private regelgeving tussen partijen wordt betwist, blijkt echter een veel lastiger te nemen hobbel. Recente jurisprudentie over normalisatienormen toont aan dat het in zo’n geval buitengewoon complex is om te bepalen welke rechtsgevolgen aan private regels moeten worden verbonden. Wettelijke (h)erkenningsregels die de rechter behulpzaam kunnen zijn bij het kwalificeren en waarderen van private regels worden in die situatie node gemist. Hier ligt ook een taak voor wetgevingsjuristen. De vraag is alleen of één algemeen wettelijk kader voor uiteenlopende vormen van private regelgeving momenteel al haalbaar is. Werken met experimenteerbepalingen zou wel eens vruchtbaarder kunnen blijken te zijn. Dergelijke bepalingen zullen alleen werken wanneer wetgevingsjuristen, die ze moeten opstellen, zich eerst verdiepen in de schaduwwereld van private normen waarop deze bijdrage enig licht probeert te werpen.


Prof. dr. R.A.J. van Gestel
Prof. dr. R.A.J. (Rob) van Gestel is hoogleraar Regulering en Juridische methoden en technieken aan de Tilburg Law School.
Signalement

Van visie naar realiteit

De herstelrechtelijke praktijk en verbeelding vanuit Europees perspectief

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2018
Auteurs Marit de Haan
Auteursinformatie

Marit de Haan
Marit de Haan is criminoloog en als wetenschappelijk onderzoeker betrokken bij verschillende projecten op het gebied van herstelrecht, slachtoffers, meer humane aanpak van criminaliteit en hervorming van gevangenissen. Zij studeerde af in de Psychologie (Bsc) en Criminologie (MA) aan de universiteit Utrecht en woonde de afgelopen 1,5 jaar in Chili, waar zij ervaring opdeed binnen verschillende onderzoeksprojecten.
Toont 1 - 20 van 78 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.