Zoekresultaat: 181 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Case Law x
Annotatie

Private handhaving en het weerbarstige leerstuk van verjaring

HvJ EU 28 maart 2019, zaak C-637/17, Cogeco Communications Inc./Sport TV Portugal, ECLI:EU:C:2019:263

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2019
Auteurs Berend Jan Drijber
Auteursinformatie

Berend Jan Drijber
Mr. B.J. Drijber is advocaat-generaal bij de Hoge Raad en redacteur van dit tijdschrift.
Annotatie

Van een kikker kan men geen veren plukken – het mededingingsrechtelijke ondernemingsbegrip in het kader van de civielrechtelijke handhaving

HvJ EU 14 maart 2019, zaak C-724/17, Skanska Industrial Solutions, ECLI:EU:C:2019:204

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2019
Auteurs Robbert Jaspers en Tom Binder
Auteursinformatie

Robbert Jaspers
Mr. R.M.T.M. Jaspers is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Europees en mededingingsrecht van AKD Benelux Lawyers te Brussel.

Tom Binder
Mr. T.J. Binder is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Europees en mededingingsrecht van AKD Benelux Lawyers te Brussel.
Jurisprudentie

Artikel 4:36 BW en werkzaamheden verricht voor een bv

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden artikel 4:36 BW, salaire différé, uitgesteld loon, andere wettelijke rechten, vennootschap
Auteurs Mr. drs. M.R. Beuker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage gaat de auteur in op een aantal aspecten van artikel 4:36 BW. Dit wordt gedaan aan de hand van een arrest van het Gerechtshof Amsterdam dat gewezen is op 12 februari 2019. Daarin kwam de vraag aan de orde of ook recht op een som ineens bestaat indien werkzaamheden zijn verricht voor een bv waarin de erflater gerechtigd was. De auteur analyseert de toepasselijkheid van artikel 4:36 BW bij werk dat verricht is voor kapitaalvennootschappen of personenvennootschappen. Ook wordt stilgestaan bij de rol van de verrichte werkzaamheden en de wenselijkheid van de huidige regeling. De conclusie luidt dat onvoldoende grond bestaat voor onderscheid tussen werkzaamheden die zijn verricht voor een kapitaalvennootschap dan wel voor de erflater zelf. Besloten wordt daarom met een oproep om de wet op dit punt aan te passen.


Mr. drs. M.R. Beuker
Mr. drs. M.R. Beuker is als NWO-promovendus verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Annotatie

Servier: een bittere pil voor de Commissie

Uitspraak van het Gerecht van 12 december 2018, zaak T- 691/14, ECLI:EU:T:2018:922 (Servier e.a./Commissie)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2019
Auteurs Pepijn van Ginneken en Gaëlle Béquet
Auteursinformatie

Pepijn van Ginneken
Mr. P.P.J. van Ginneken is advocaat bij Brinkhof N.V. in Amsterdam.

Gaëlle Béquet
Mr. G.D.G.M.G. Béquet is advocaat bij Brinkhof N.V. in Amsterdam.
Jurisprudentie

Dat de Hoge Raad in 2019 arrest moge wijzen

Hof Arnhem-Leeuwarden 27 november 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:10336

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2019
Trefwoorden aansprakelijkheid hulpverlener, ongeschikte hulpzaak, toerekening, objectieve onbekendheid, afweging factoren
Auteurs Mr. dr. R.P. Wijne
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. dr. R.P. Wijne
Mr. dr. R.P. Wijne is docent gezondheidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam, lid-jurist bij het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam, medewerker bij het wetenschappelijk bureau van Holla Advocaten (praktijkgroep gezondheidsrecht) en voorzitter van de Geschilleninstantie Verloskunde.
Jurisprudentie

Welke gevolgen kan deelfraude hebben voor de vordering van de claimant op de aansprakelijke partij en diens verzekeraar?

HR 6 juli 2018, ECLI:NL:HR:2018:1103

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2019
Trefwoorden sanctie, claimant, Deelfraude, fraude, Aansprakelijkheid
Auteurs Mr. J.G. Keizer
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad heeft duidelijk gemaakt dat de regel uit het verzekeringsrecht dat (deel)fraude tot algeheel verval van het recht op uitkering kan leiden (art. 7:941 lid 5 BW), niet analoog toegepast kan worden in de personenschadepraktijk als de claimant tegenover de verzekeraar van de aansprakelijke partij (deel)fraude pleegt. Is een aan artikel 7:491 lid 5 BW verwante wettelijke regel voor de personenschadepraktijk daarom nodig en wenselijk, of bestaan er al voldoende mogelijkheden om (deel)fraude effectief te sanctioneren?


Mr. J.G. Keizer
Mr. J.G. Keizer is advocaat bij SAP Letselschade Advocaten te Amersfoort.

Jurisprudentie

De professionele voetballer en de beëindiging van zijn arbeidsovereenkomst

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Sporter, Ontslagrecht, Ontslagvergoeding, FIFA
Auteurs Mr. dr. Roberto Branco Martins
SamenvattingAuteursinformatie

    Contractstabiliteit in het internationale voetbal versus de vergoeding bij de eenzijdige beëindiging van de arbeidsovereenkomst door de voetballer. De auteur gaat in op de eigenaardigheden van dit onderwerp en concludeert dat een intro van een objectieve rekenmethode de gelijkheid tussen werkgever en werknemer meer in balans brengt.


Mr. dr. Roberto Branco Martins
Roberto Branco Martins is advocaat bij BMDW Advocaten en als docent verbonden aan de Universiteit van Amsterdam.
Jurisprudentie

De pro rato transitievergoeding bij gedeeltelijk ontslag: de Hoge Raad gaat ‘off-road’

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Transitievergoeding, Partiële opzegging, Partiële ontbinding, Arbeidstijdvermindering, Wijziging
Auteurs Mr.dr. Vivian Bij de Vaate en Mr. Daniëlle Pinedo
SamenvattingAuteursinformatie

    In de baanbrekende Kolom-beschikking van 14 september 2018 heeft de Hoge Raad de vraag of bij een gedeeltelijk ontslag of arbeidstijdvermindering aanspraak bestaat op een (gedeeltelijke) transitievergoeding bevestigend beantwoord. De nieuwe kaders die de Hoge Raad schept, roepen evenwel veel nieuwe vragen op. In deze bijdrage bespreken de auteurs het juridisch kader omtrent het vraagstuk van de partiële opzegging of ontbinding van de arbeidsovereenkomst en de pro rato transitievergoeding. Ook stellen zij de reikwijdte van de Kolom-beschikking ter discussie en gaan zij in op een aantal vragen die in dat verband rijzen. Ten slotte plaatsen zij de beschikking in Europees perspectief.


Mr.dr. Vivian Bij de Vaate
Vivian Bij de Vaate is als universitair docent arbeidsrecht verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. Daniëlle Pinedo
Daniëlle Pinedo is advocaat bij Baker McKenzie Amsterdam N.V.
Annotatie

Wettelijke maximering van de vertrekvergoeding onder de Wbfo: géén verplichting voor de rechter tot ambtshalve toepassing

HR 1 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:818

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Wbfo, Vertrekvergoeding, ambtshalve toepassing, openbare orde
Auteurs Mr. drs. A.M. Helstone
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 juni 2018 (ECLI:NL:HR:2018:818) heeft de Hoge Raad zich voor het eerst uitgelaten over de procesrechtelijke status van het wettelijk maximum voor de vertrekvergoeding van bestuurders ex artikel 1:125 lid 2 Wft. Volgens de Hoge Raad is deze bepaling geen regel van openbare orde die ex artikel 25 Rv ambtshalve door de rechter zou moeten worden toegepast. In deze annotatie worden de relevante gezichtspunten voor de verplichting tot ambtshalve toepassing ex artikel 25 Rv geanalyseerd. Tevens wordt stilgestaan bij de oorsprong en de doelstellingen van de beloningsnormen van de Wft en de Europese regels. Hiermee wordt beoogd een bijdrage te leveren aan de bredere gedachtevorming over de duiding van wettelijke beloningsnormen als onderdeel van publiekrechtelijke regulering in het civiel procesrecht en de hiervoor geldende rechterlijke toetsing.


Mr. drs. A.M. Helstone
Mr. drs. A.M. Helstone is advocaat en partner bij Stibbe te Amsterdam. Zij behaalde naast haar doctoraal Nederlands recht ook een doctoraal Franse taal en letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam. Thans is zij gespecialiseerd in arbeidsrecht en pensioenrecht. Een bijzonder specialisme binnen haar praktijk richt zich op beloningsgerelateerde onderwerpen op het snijvlak van het arbeidsrecht, de Wft en de WNT. Hierover schrijft en publiceert zij regelmatig.
Jurisprudentie

Access_open Kroniek ondernemingsstrafrecht

Tweede helft 2018

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, prof. dr. R.C.P. Haentjens e.a.
Samenvatting


Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Jurisprudentie

Hoe achtergehouden informatie door feitelijk leidinggevers Imtech mede noodlottig werd

Enige opmerkingen bij ECLI:NL:CBB:2018:400 (ECLI:NL:RBROT:2017:3061) en ECLI:NL:CBB:2018:401 (ECLI:NL:RBROT:2017:3062)

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Voorwetenschap, hoger beroep CBb, Informatieverplichtingen, Marktmanipulatie, Imtech
Auteurs Prof. dr. R.C.P. Haentjens
SamenvattingAuteursinformatie

    De AFM legt de CEO en CFO van Imtech relatief hoge boetes op ter zake van achterhouden van (financiële) informatie omtrent een project in Polen. Doordat I.’s contractpartij over dit project een persbericht naar buiten brengt, moest Imtech dit ook doen. Pas dan weten beleggers over de financiële situatie iets meer, maar nog niet alles; het negatieve nieuws wordt achtergehouden. Die schijn wordt opgehouden door de volgende kwartaalverslagen en persberichten. Daardoor blijft de koers niet de financiële werkelijkheid weerspiegelen, waardoor sprake is van koersmanipulatie. De Rechtbank Rotterdam vernietigt de boetebesluiten van de AFM. In hoger beroep worden de beslissingen van de rechtbank vernietigd en de boetes van de AFM grotendeels gehandhaafd. De juridische vraag is: wanneer is de informatie zodanig concreet en precies dat zij moet worden geopenbaard?


Prof. dr. R.C.P. Haentjens
Prof. dr. R.C.P. Haentjens is bijzonder hoogleraar financieel strafrecht, Universiteit van Amsterdam en raadsheer-plaatsvervanger, Gerechtshof Amsterdam.
Jurisprudentie

De strafrechtelijke waardering van het derivatendebacle Vestia

Noot bij ECLI:NL:RBROT:2018:5752 en ECLI:NL:RBROT:2018:5753

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Vestia, Derivatenschandaal, Ambtelijke, Omkoping, Witwassen
Auteurs Mr. A. Verbruggen
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. A. Verbruggen
Mr. A. Verbruggen is advocaat bij Jones Day te Amsterdam.
Annotatie

Het Hof van Justitie oordeelt over de reikwijdte van de Europese standstillverplichting

HvJ EU 31 mei 2018, zaak C-633/16, ECLI:EU:C:2018:371 (Ernst & Young P/S)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2018
Trefwoorden standstill, concentratiecontrole, concentratie, gun-jumping, Hof van Justitie
Auteurs Stijn de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie oordeelt in de zaak Ernst & Young P/S over de reikwijdte van de Europese standstillverplichting. Stijn de Jong annoteert dit arrest en geeft enkele praktische handvatten.


Stijn de Jong
Mr. S. de Jong is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Jurisprudentie

Jurisprudentieoverzicht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2018
Auteurs Mr. E.M.A. van Amersfoort
Auteursinformatie

Mr. E.M.A. van Amersfoort
Mw. mr. E.M.A. van Amersfoort is als docent/promovenda verbonden aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen en werkzaam als kandidaat-notaris bij Blankhart & Bronkhorst Netwerk Notarissen, aangesloten bij Netwerk Notarissen.
Annotatie

Overgang van onderneming in de publieke sector en de positie van de ‘geschorste’ werknemer

HvJ EU 20 juli 2017, ECLI:EU:C:2017:574, AR 2017-0929 (Piscarreta Ricardo/Emarp; Portugal)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Overgang van onderneming, Economische activiteit, Publieke dienst, Identiteit, Geschorste werknemer
Auteurs Mr. L.C.J. Sprengers
SamenvattingAuteursinformatie

    Het HvJ EU heeft op 20 juli 2017, ECLI:EU:C:2017:574, inzake Piscarreta Ricardo geoordeeld over de vraag of de Richtlijn 2001/23 inzake overgang van onderneming ook van toepassing is op een (eenzijdig) overheidsbesluit om een onderneming waar een gemeente enig aandeelhouder van is te ontbinden en de activiteiten over te hevelen deels naar de gemeente en deels naar een andere onderneming. Ingegaan wordt op de betekenis van deze uitspraak voor de Nederlandse praktijk tegen de achtergrond van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (WNRA), die met ingang van 1 januari 2020 van kracht gaat. Een andere vraag die door het HvJ EU is behandeld, is of een persoon die wegens de schorsing van zijn arbeidsovereenkomst niet in actieve dienst is, valt onder het begrip ‘werknemer’ in de zin van artikel 2 lid 1 onderdeel d van de richtlijn. Op de betekenis van dit arrest voor de Nederlandse rechtspraak hierover wordt eveneens ingegaan.


Mr. L.C.J. Sprengers
Mr. L.C.J. Sprengers is advocaat in Utrecht en verbonden aan de sectie arbeidsrecht van de EUR. Hij heeft zich zowel in zijn proefschrift als in zijn universitaire werkzaamheden beziggehouden met de vergelijking van de ontwikkelingen in de ambtelijke arbeidsverhoudingen met de civielrechtelijke arbeidsverhoudingen. Hij is gespecialiseerd in individueel en collectief arbeidsrecht en ambtenarenrecht.
Annotatie

Over marktdefinitie en bewijslast in de moderne economie: het Amerikaanse Hooggerechtshof in Amex

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2018
Trefwoorden Amerikaans Hooggerechtshof, netwerkeffecten, tweezijdige markt, bewijslast, digitale economie
Auteurs Jotte Mulder
SamenvattingAuteursinformatie

    Onder leiding van de Amerikaanse Staat Ohio heeft een groep van staten American Express aangeklaagd voor een overtreding van de Amerikaanse antitrustregels. De zaak draait om de mededingingsrechtelijke beoordeling van verticale restricties die worden opgelegd aan een groep afnemers van Amex. Amex hanteert zogenoemde ‘anti-steering’ voorwaarden die winkeliers verbiedt op enigerlei wijze concurrerende creditcards aan te prijzen of te bevoordelen in de winkel. De uitspraak van het Hooggerechtshof van de Verenigde Staten geeft aanleiding tot een reflectie op de wijze waarop binnen een mededingingsrechtelijke analyse moet worden omgegaan met indirecte netwerkeffecten op tweezijdige platformmarkten, met name vanuit het perspectief van de rol van marktdefinitie en bewijslast.


Jotte Mulder
Mr. dr. J. Mulder is werkzaam bij de ACM en tevens universitair docent op de Universiteit van Utrecht. Deze annotatie is geschreven op persoonlijke titel. Dank gaat uit naar de redactie voor enkele zeer nuttige opmerkingen op een eerdere versie van dit stuk.
Annotatie

Goldman Sachs/Europese Commissie. Private equity in het vizier van mededingingsautoriteiten

Gerecht 12 juli 2018, zaak T-419/14, ECLI:EU:T:2018:445

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2018
Trefwoorden private equity, investeerder, toerekening, aansprakelijkheid, bewijsvermoeden
Auteurs Robin Struijlaart en Mark Brabers
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 12 juli 2018 heeft het Gerecht een beroep van Goldman Sachs tegen een boetebesluit van de Commissie verworpen. Dit arrest maakt (nogmaals) duidelijk dat private equity-investeerders een reële kans lopen om aansprakelijk te worden gesteld voor kartelgedrag van hun portfolio-ondernemingen. De toets die de Commissie en het Gerecht uitvoeren, komt er in essentie op neer dat volstaat dat de moederonderneming zeggenschap heeft in de zin van het concentratietoezicht en dat er bewijs is dat zij die zeggenschap aantoonbaar heeft uitgeoefend. Veel investeerders zullen aan die beide criteria voldoen en bevinden zich dus in de gevarenzone.


Robin Struijlaart
Mr. R.A Struijlaart is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Mededinging en Overheid van Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.

Mark Brabers
Mr. drs. M.C. Brabers is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Mededinging en Overheid van Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.
Annotatie

Het verlof tot tenuitvoerlegging (het exequatur) in interregionaal verband

Annotatie bij Hoge Raad 8 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3104 (Sonera/Çukurova)

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Exequatur, interregionaal verband
Auteurs Mr. dr. J. Israel
Auteursinformatie

Mr. dr. J. Israel
Mr. dr. J. Israel is wetenschappelijk hoofdmedewerker aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Aruba.
Toont 1 - 20 van 181 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 10
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.