Zoekresultaat: 29 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving x Rubriek Case Law x
Jurisprudentie

Oprichter van cryptotelefoonaanbieder Ennetcom veroordeeld

Annotatie bij Rb. Rotterdam 21 september 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:9085

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2022
Trefwoorden Ennetcom, cryptotelefoon, PGP, détournement de pouvoir, privacy
Auteurs Prof. mr. dr. J.J. Oerlemans
SamenvattingAuteursinformatie

    De uitspraak richt zich op de oprichter van Ennetcom en de leverancier van cryptotelefoons. In deze annotatie worden de volgende drie elementen uit de uitspraak besproken en becommentarieerd: (1) de rechtmatigheid van het veiligstellen van de berichten; (2) de vraag is of er sprake is van misbruik van bevoegdheden (détournement de pouvoir); en (3) de vraag of het aanbieden van de cryptotelefoons een illegale activiteit is.


Prof. mr. dr. J.J. Oerlemans
Prof. mr. dr. J.J. Oerlemans is bijzonder hoogleraar inlichtingen en recht bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht
Jurisprudentie

De reikwijdte van artikel 74 AWR na een witwasveroordeling

Noot bij HR 23 november 2021, ECLI:NL:HR:2021:1703

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2022
Trefwoorden ontneming, 74 AWR, fiscaliteit, fiscaal, witwassen
Auteurs Mr. D.J.M. Dammers
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van artikel 36e Sr kan ieder strafbaar feit als grondslag dienen voor een op te leggen ontnemingsmaatregel. Voor fiscale delicten is hierop in artikel 74 AWR een uitzondering gemaakt. De wetgever heeft het belastingnadeel uitgesloten van de strafrechtelijke ontnemingsroute nu de fiscus dit bedrag binnen zijn mogelijkheden kan incasseren. Indien artikel 74 AWR wordt toegepast, resulteert dit in niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie. Sinds de Hoge Raad heeft bepaald dat fiscale misdrijven kwalificeren als gronddelict voor witwassen, worden fiscaal gerelateerde kwesties steeds vaker vervolgd via de witwasbepalingen. Het voordeel kan echter wel geheel of gedeeltelijk bestaan uit het fiscale nadeel van de fiscus. Hierdoor rijst de vraag hoe het in artikel 74 AWR neergelegde voorschrift dient te worden uitgelegd.


Mr. D.J.M. Dammers
Mr. D.J.M. Dammers is advocaat bij Cleerdin & Hamer Advocaten te Amsterdam.
Jurisprudentie

Access_open Kroniek ondernemingsstrafrecht

Tweede helft 2021

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2022
Auteurs Mr. J. Boonstra, Mr. dr. S.S. Buisman, Mr. A.A. Feenstra e.a.

Mr. J. Boonstra

Mr. dr. S.S. Buisman

Mr. A.A. Feenstra

Mr. dr. I. Koopmans

Mr. V.S.Y. Liem

Prof. mr. M. Nelemans

Mr. dr. J.S. Nan

Mr. dr. E. Sikkema

Mr. dr. drs. B. van der Vorm

Mr. dr. W.S de Zanger
Jurisprudentie

De valkuil van het witwassen van uit valsheid in geschrift afkomstig vermogen

Annotatie bij Hoge Raad 12 oktober 2021, ECLI:NL:HR:2021:1491

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 6 2021
Trefwoorden Witwassen
Auteurs Mr. dr. W.S. de Zanger
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt het arrest van de Hoge Raad van 12 oktober 2021 (ECLI:NL:HR:2021:1491) geannoteerd. In dit arrest heeft de Hoge Raad geoordeeld dat het gerechtshof de ruime mogelijkheden van de witwasbepalingen niet goed heeft toegepast. Dat betekent nog niet dat het ruime bereik van die bepalingen met dit arrest ook worden ingeperkt.


Mr. dr. W.S. de Zanger
Mr. dr. W.S. de Zanger is advocaat te Amsterdam.
Jurisprudentie

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2021

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2021
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. J.S. Boeser, mr. J. Boonstra e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. J.S. Boeser

mr. J. Boonstra

mr. dr. S.S. Buisman

mr. A.A. Feenstra

mr. K.M.T. Helwegen

mr. A.C.M. Klaasse

mr. dr. I. Koopmans

mr. V.S.Y. Liem

prof. mr. M. Nelemans

mr. dr. J.S. Nan

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. W.S. de Zanger
Jurisprudentie

De keuze tussen bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving en de Aanwijzing sociale zekerheidsfraude

Noot bij HR 6 oktober 2020, ECLI:NL:HR:2020:1496

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2021
Trefwoorden art. 227b Sr, Aanwijzing sociale zekerheidsfraude, niet-ontvankelijkheid Openbaar Ministerie, keuzecriteria, vervolgingsbeslissing, Strafrecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    De keuze tussen bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving speelt niet uitsluitend op academisch niveau, maar is ook van belang voor de praktijk van de rechtshandhaving. In de onderhavige zaak is de verdachte veroordeeld wegens medeplegen van uitkeringsfraude, hetgeen strafbaar is gesteld in artikel 227b Sr. Volgens de verdediging dient het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk te worden verklaard in de vervolging, omdat het de Aanwijzing sociale zekerheidsfraude niet heeft nageleefd. In plaats van een strafrechtelijke vervolging zou de zaak bestuursrechtelijk moeten zijn afgedaan. De Hoge Raad verwerpt de klacht van de verdediging. Volgens de Hoge Raad heeft het gerechtshof vastgesteld dat ten tijde van de vervolgingsbeslissing, in december 2016, op basis van de toen bekend zijnde gegevens over het benadelingsbedrag, was voldaan aan de criteria van de Aanwijzing.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en is verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht. Hij is tevens redacteur van dit tijdschrift.
Jurisprudentie

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Tweede helft 2020

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2021
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. J. Boonstra, mr. dr. S.S. Buisman e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. J. Boonstra

mr. dr. S.S. Buisman

mr. A.A. Feenstra

mr. K.M.T. Helwegen

mr. A.C.M. Klaasse

mr. dr. I. Koopmans

mr. V.S.Y. Liem

prof. mr. M. Nelemans

mr. dr. J.S. Nan

mr. dr. E. Sikkema

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. W.S. de Zanger
Jurisprudentie

De doorwerking van de strafrechtelijke onschuldpresumptie in de civiele schadevergoedingsprocedure

Noot bij EHRM 28 mei 2020, appl.nr. 29620/07 (Farzaliyev t. Azerbeidzjan)

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 5 2020
Trefwoorden schadevergoedingsprocedure, onschuldpresumptie, wederzijdse relatie strafrecht privaatrecht, onrechtmatige daad, recht op een eerlijke behandeling
Auteurs Mr. dr. S.S. Buisman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze annotatie staat de wederzijdse relatie tussen het strafrecht en het privaatrecht centraal. In het bijzonder gaat het om de vraag in hoeverre strafrechtelijke waarborgen, zoals de onschuldpresumptie, kunnen doorwerken in niet-strafrechtelijke procedures, zoals de civiele schadevergoedingsprocedure.


Mr. dr. S.S. Buisman
Mr. dr. S.S. Buisman is universitair docent straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Jurisprudentie

Een observatie van de verplichtingen van handelaren in tweedehands goederen

Noot bij ECLI:NL:RBAMS:2020:4137, 4138 en 4139

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 5 2020
Trefwoorden heling, tweedehands goederen, handelaar, pandjeshuis, feitelijk leidinggevenden
Auteurs Mr. J.C. van der Pijll
SamenvattingAuteursinformatie

    Augustus jl. heeft de rechtbank vonnis gewezen in de strafzaak tegen een pandjeshuis en de twee feitelijk leidinggevenden van dat pandjeshuis. In de noot bij deze vonnissen wordt ingegaan op de bewijs- en vrijspraakconstructie die de rechtbank heeft gebruikt voor de twee ten laste gelegde feiten. In het bijzonder komt artikel 437 Sr ter sprake en de strafrechtelijke aansprakelijkheid die daaruit voortvloeit voor de handelaar in de zin van dat wetsartikel.


Mr. J.C. van der Pijll
Mr. J.C. van der Pijll is senior+ parketsecretaris bij het Landelijk Parket. Uit hoofde van een eerdere betrekking is hij betrokken geweest bij de invoering van het Digitaal Opkopersregister in Amsterdam.
Jurisprudentie

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2020

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2020
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), Mr. J. Boonstra-Verhaert, Mr. dr. S.S. Buisman e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

Mr. J. Boonstra-Verhaert

Mr. dr. S.S. Buisman

Mr. A.A. Feenstra

Mr. K.M.T. Helwegen

Mr. dr. I. Koopmans

Mr. V.S.Y. Liem

Prof. mr. M. Nelemans

Mr. dr. J.S. Nan

Mr. dr. E. Sikkema

Mr. dr. drs. B. van de Vorm

Mr. dr. W.S. de Zanger
Jurisprudentie

De reikwijdte van de term ‘opzettelijk’ in artikel 2 lid 1 Wet op de economische delicten

Noot bij ECLI:NL:GHARL:2019:7797

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Opzettelijk, subjectieve bestanddelen, artikel 2 lid 1 WED, Arbeidsomstandighedenwet, wist of redelijkerwijs had moeten weten
Auteurs Mr. dr. I.M. Koopmans MSHE
SamenvattingAuteursinformatie

    In een arrest van september 2019 koppelt het Hof Arnhem de ‘wist-variant’ van de ten laste gelegde gevaarzetting aan de vraag of sprake is van opzettelijke overtreding van artikel 32 Arbeidsomstandighedenwet. Het hof spreekt vrij van die wetenschap en tegelijk daarmee ook van opzettelijke overtreding van artikel 32 Arbeidsomstandighedenwet. Vervolgens wordt slechts de overtredingsvariant bewezen geacht. In deze bijdrage zal worden uiteengezet waarom het hof hiermee de systematiek die ten grondslag ligt aan de Wet op de economische delicten (WED) miskent.


Mr. dr. I.M. Koopmans MSHE
Mr dr. I.M. Koopmans MSHE is officier van justitie bij het Functioneel Parket.
Jurisprudentie

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Tweede helft 2019

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2020
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, mr. A.C.M. Klaasse e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

mr. A.C.M. Klaasse

prof. mr. M. Nelemans

mr. dr. I. Koopmans

mr. K.M.T. Helwegen

mr. A. Verbruggen

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Jurisprudentie

Access_open Kroniek Ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2019

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2019
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, mr. A.C.M. Klaasse e.a.
Samenvatting


Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

mr. A.C.M. Klaasse

prof. mr. M. Nelemans

mr. K.M.T. Helwegen

mr. dr. E. Sikkema

mr. dr. drs. B. van der Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Jurisprudentie

De evenredigheidstoetsing van de Wet Bibob: wie het meerdere mag, mag ook het mindere?

Noot bij ECLI:NL:RVS:2019:350

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Wet Bibob, Evenredigheidstoetsing, Omgevingsvergunning, Bestuursstrafrecht, Bestuurlijk sanctierecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Door het college van gedeputeerde staten van Groningen is een advies aangevraagd bij het Landelijk Bureau Bibob. Op grond hiervan wordt de omgevingsvergunning verleend voor de duur van vijf jaren. De Afdeling overweegt dat deze vergunningverlening voor de duur van vijf jaren in strijd is met de voorgeschreven evenredigheidstoetsing van artikel 3, vijfde lid, Wet Bibob.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en is verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht. Hij is tevens redacteur van dit tijdschrift.
Jurisprudentie

De predispositie van de verdachte bij het stelen van een lokfiets: creëert de gelegenheid de dief?

Noot bij HR 12 februari 2019 ECLI:NL:HR:2019:149

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Tallon-criterium, Lokmiddelen, Lokfiets, Uitlokverbod, 6 EVRM
Auteurs Mr. W. Albers
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit de bestendige rechtspraak van de Hoge Raad blijkt dat opsporingsambtenaren op basis van de algemene taakstellende bevoegdheden in beginsel bevoegd zijn tot het inzetten van bepaalde lokmiddelen, mits deze inzet binnen de grenzen van het Tallon-criterium blijft. De verdachte mag zodoende niet door het optreden van de opsporingsambtenaar worden gebracht tot andere handelingen dan die waarop zijn opzet reeds van tevoren was gericht. De vraag die naar aanleiding van de onderhavige uitspraak echter kan worden gesteld, is of de verdachte nog wel een voldoende toereikend beroep kan doen op de rechtsbeschermende waarde die het Tallon-criterium – in het kader van de inzet van niet-menselijke lokmiddelen – beoogt te bieden.


Mr. W. Albers
Mr. W. (Willemijn) Albers is docent Straf(proces)recht bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen aan de Universiteit Utrecht.
Jurisprudentie

Access_open Kroniek ondernemingsstrafrecht

Tweede helft 2018

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, prof. dr. R.C.P. Haentjens e.a.
Samenvatting


Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Jurisprudentie

Strafvervolging van belastingdelicten in de Caribische delen van het Koninkrijk: nieuwe ontwikkelingen

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Belastingfraude, Strafvervolging, Niet-ontvankelijkheid, Emerald, Gerecht in eerste aanleg
Auteurs Mr. K.M.G. Demandt en Mr. P.C. Janssen
SamenvattingAuteursinformatie

    In het voorjaar 2018 heeft het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten een aantal belangwekkende uitspraken gedaan op het gebied van het fiscale strafrecht. Dit is de eerste keer dat in het Caribisch deel van het Koninkrijk een strafvervolging wordt ingesteld voor zuivere belastingfraude (zonder combinatie met een commuun delict). In de jurisprudentie wordt een nieuw uitgangspunt geformuleerd. In deze annotatie gaan wij in op de meest in het oog springende punten uit de acht uitspraken.


Mr. K.M.G. Demandt
Mr. K.M.G. Demandt is advocaat bij Hertoghs advocaten.

Mr. P.C. Janssen
Mr. P.C. Janssen is juridisch medewerker bij Hertoghs advocaten.
Jurisprudentie

Van controle naar bestraffing; de cautie, het verzuim en hun gevolgen

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Trefwoorden cautie, controle, opsporing, verzuim, bewijsuitsluiting
Auteurs Mr. dr. J.S. Nan
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij het uitoefenen van controlebevoegdheden kan de controleur op zodanige onregelmatigheden stuiten, dat de verdenking ontstaat dat door de gecontroleerde een strafbaar feit is begaan. Veelal is de controleur ook (bijzonder) opsporingsambtenaar en aldus komen aan hem dan enerzijds verregaande bevoegdheden toe, maar anderzijds ook verantwoordelijkheden. De gecontroleerde moet er door zijn status van verdachte op worden gewezen dat deze niet tot antwoorden is verplicht. Dat geldt voor zowel het punitieve bestuursrecht als het strafrecht. Een verzuim dienaangaande leidt in beginsel tot bewijsuitsluiting van de afgelegde verklaring.


Mr. dr. J.S. Nan
Mr. dr. J.S. Nan is universitair hoofddocent straf(proces)recht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en cassatieadvocaat bij Wladimiroff Advcocaten, Den Haag.
Kroniek

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2018

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, mr. A.C.M. Klaasse e.a.
Samenvatting


Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

mr. A.C.M. Klaasse

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. A. Verbruggen

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Jurisprudentie

Over de voorlegplicht en de cautie

Noot bij CBb 26 oktober 2017, ECLI:NL:CBB:2017:343

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Voorlegplicht, Handhaving, Cautie, Toezichthouder, Financieel toezicht
Auteurs Mr. C. de Rond en Mr. M. Altena
SamenvattingAuteursinformatie

    Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft met deze (tussen)uitspraak een beroep van appellant op schending van de toepassing van de ‘voorlegplicht’ zoals neergelegd in artikel 5:44, tweede en derde lid van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) afgedaan op het relativiteitsbeginsel. De annotatoren gaan in op de betekenis van de voorlegplicht en meer in het bijzonder de wijze waarop financieel toezichthouders in de praktijk toepassing geven aan de voorlegplicht. Daarnaast heeft het CBb overwegingen gewijd aan de cautie en de toepassing van de cautie, zoals neergelegd in artikel 5:10a Awb.
    Daarnaast menen de annotatoren dat het CBb geen nieuwe lijn hanteert inzake het geven van de cautie.


Mr. C. de Rond
Mr. C. de Rond is advocaat te Den Haag.

Mr. M. Altena
Mr. M. Altena is werkzaam als jurist bij de divisie Juridische Zaken van De Nederlandsche Bank.
Toont 1 - 20 van 29 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.