Zoekresultaat: 35 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving x Rubriek Case Law x
Jurisprudentie

Gebleken onschuld tijdens de civiele schadevergoedingsprocedure

Noot bij HR 25 september 2020, ECLI:NL:HR:2020:1526

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2021
Trefwoorden onrechtmatige daad, gebleken onschuld, strafproces, vrijspraak, onschuldpresumptie
Auteurs Mr. dr. J.S. Nan
SamenvattingAuteursinformatie

    Schadevergoeding voor schade door het strafproces De gewezen verdachte kan na een goede afloop van de tsrafzaak om vergoeding van bepaalde kosten en schade verzoeken binnen het strafproces. Die mogelijkheden worden aangevuld door de civiele actie uit onrechtmatige overheidsdaad. De civiele rechter moet behoorlijk strenge eisen stellen eerdat een vordering kan worden toegewezen. Bij de zogeheten ‘gebleken onschuld’ moet vanuit de strafzaak komen vast te staan dat eiser inderdaad onschuldig is. Hoewel dit kan knellen met de onschuldpresumptie van art. 6 lid 2 EVRM, houdt de civiele kamer vast aan deze grondslag voor schadevergoeding.


Mr. dr. J.S. Nan
Mr. dr. J.S. Nan is universitair hoofddocent straf(process)recht (EUR) en cassatieadvocaat (Wladimiroff Advocaten).
Jurisprudentie

De gedwongen biometrische ontgrendeling van een elektronische gegevensdrager: rechtsbescherming gezocht?!

Noot bij HR 9 februari 2021, ECLI:NL:HR:2021:202

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2021
Trefwoorden biometrische ontgrendeling, nemo-teneturbeginsel, onderzoek aan de smartphone, rechtsbescherming, inbeslagname
Auteurs Mr. T. Beekhuis en D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
SamenvattingAuteursinformatie

    Annotatie bij HR 9 februari 2021, ECLI:NL:HR:2021:202. In deze annotatie wordt ingegaan op de gedwongen biometrische ontgrendeling van een smartphone en het daaropvolgende onderzoek aan de gegevens op de smartphone. Kanttekeningen worden geplaatst bij de mate van rechtsbescherming die een verdachte toekomt.


Mr. T. Beekhuis
Mr. T. Beekhuis is verbonden als promovenda aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall) van de Universiteit Utrecht.

D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
D.A.G. van Toor PhD LLM BSc is verbonden als universitair docent straf(proces)recht aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Montaigne Centrum voor Rechtstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht.
Jurisprudentie

De keuze tussen bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving en de Aanwijzing sociale zekerheidsfraude

Noot bij HR 6 oktober 2020, ECLI:NL:HR:2020:1496

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2021
Trefwoorden art. 227b Sr, Aanwijzing sociale zekerheidsfraude, niet-ontvankelijkheid Openbaar Ministerie, keuzecriteria, vervolgingsbeslissing, Strafrecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    De keuze tussen bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving speelt niet uitsluitend op academisch niveau, maar is ook van belang voor de praktijk van de rechtshandhaving. In de onderhavige zaak is de verdachte veroordeeld wegens medeplegen van uitkeringsfraude, hetgeen strafbaar is gesteld in artikel 227b Sr. Volgens de verdediging dient het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk te worden verklaard in de vervolging, omdat het de Aanwijzing sociale zekerheidsfraude niet heeft nageleefd. In plaats van een strafrechtelijke vervolging zou de zaak bestuursrechtelijk moeten zijn afgedaan. De Hoge Raad verwerpt de klacht van de verdediging. Volgens de Hoge Raad heeft het gerechtshof vastgesteld dat ten tijde van de vervolgingsbeslissing, in december 2016, op basis van de toen bekend zijnde gegevens over het benadelingsbedrag, was voldaan aan de criteria van de Aanwijzing.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en is verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht. Hij is tevens redacteur van dit tijdschrift.
Jurisprudentie

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Tweede helft 2020

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2021
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. J. Boonstra, mr. dr. S.S. Buisman e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. J. Boonstra

mr. dr. S.S. Buisman

mr. A.A. Feenstra

mr. K.M.T. Helwegen

mr. A.C.M. Klaasse

mr. dr. I. Koopmans

mr. V.S.Y. Liem

prof. mr. M. Nelemans

mr. dr. J.S. Nan

mr. dr. E. Sikkema

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. W.S. de Zanger
Jurisprudentie

Schadelijk in de zin van artikel 174 Sr, maar niet opzettelijk

Noot bij ECLI:NL:RBROT:2020:7093

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 6 2020
Trefwoorden Voedselfraude, voorwaardelijk opzet, schadelijkheid, aflatoxine, pinda’s
Auteurs Mr. L. Dallau
SamenvattingAuteursinformatie

    In een uitspraak van de rechtbank Rotterdam is de verdachte een groothandel in noten die partijen met aflatoxine verhandeld heeft. Aflatoxine vormt een gevaar voor de gezondheid als bedoeld in artikel 174 Sr. Er volgt echter een vrijspraak op grond van twee contra-indicaties voor opzet. In deze annotatie zal uiteen worden gezet waarom de rechtbank opzet niet heeft aangenomen en daarmee voorbij is gegaan aan jurisprudentie ten aanzien van opzet op het bestanddeel ‘wetende dat’ uit artikel 174 Sr en mee had moeten wegen dat de verdachte een professional is die bekend had moeten zijn met de risico’s van aflatoxine.


Mr. L. Dallau
Mr. L. Dallau is Senior Inspecteur, jurist, bij de Inlichtingen- en Opsporingsdienst van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.
Jurisprudentie

De doorwerking van de strafrechtelijke onschuldpresumptie in de civiele schadevergoedingsprocedure

Noot bij EHRM 28 mei 2020, appl.nr. 29620/07 (Farzaliyev t. Azerbeidzjan)

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 5 2020
Trefwoorden schadevergoedingsprocedure, onschuldpresumptie, wederzijdse relatie strafrecht privaatrecht, onrechtmatige daad, recht op een eerlijke behandeling
Auteurs Mr. dr. S.S. Buisman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze annotatie staat de wederzijdse relatie tussen het strafrecht en het privaatrecht centraal. In het bijzonder gaat het om de vraag in hoeverre strafrechtelijke waarborgen, zoals de onschuldpresumptie, kunnen doorwerken in niet-strafrechtelijke procedures, zoals de civiele schadevergoedingsprocedure.


Mr. dr. S.S. Buisman
Mr. dr. S.S. Buisman is universitair docent straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Jurisprudentie

Het strekkingsvereiste: even vaak voorkomend als een zwarte zwaan

Noot bij HR 17 maart 2020, ECLI:NL:HR:2020:374

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 5 2020
Trefwoorden strekkingsvereiste, pleitbaar standpunt, objectieve invulling, intracommunautair ‘nultarief’, btw-fraude
Auteurs Mr. drs. W. de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    Annotatie bij ECLI:NL:HR:2020:374. Bevestiging objectieve invulling van het strekkingsvereiste, interessante annotatie over objectieve invulling pleitbaar standpunt, onnodig bestanddeel tenlastelegging ‘te lage bedragen’.


Mr. drs. W. de Vries
Mr. drs. W. de Vries is advocaat (partner) bij Jaeger Advocaten-belastingkundigen.
Jurisprudentie

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2020

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2020
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), Mr. J. Boonstra-Verhaert, Mr. dr. S.S. Buisman e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

Mr. J. Boonstra-Verhaert

Mr. dr. S.S. Buisman

Mr. A.A. Feenstra

Mr. K.M.T. Helwegen

Mr. dr. I. Koopmans

Mr. V.S.Y. Liem

Prof. mr. M. Nelemans

Mr. dr. J.S. Nan

Mr. dr. E. Sikkema

Mr. dr. drs. B. van de Vorm

Mr. dr. W.S. de Zanger
Jurisprudentie

Het verschoningsrecht van de rechtspersoon

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Verschoningsrecht, Interne onderzoeken, Waiver doctrine, Advocaten, Enquêterecht
Auteurs Mr. J. Boonstra-Verhaert
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan wie het verschoningsrecht toekomt, welke informatie in beginsel onder het verschoningsrecht valt en wie zich op het verschoningsrecht kan beroepen, is recent door de Hoge Raad in civilibus verduidelijkt in het kader van het onderzoek van de Ondernemingskamer inzake SNS Reaal c.s. De Hoge Raad heeft bepaald dat aan de rechtspersoon die zich tot een advocaat of notaris heeft gewend geen afgeleid verschoningsrecht toekomt. De rechtspersoon kan wel een gerechtvaardigd belang hebben om te weigeren mee te werken aan een onderzoek. In dat geval kan ‘de rechtspersoon zich ook op de vertrouwelijkheid van de met de advocaat of notaris uitgewisselde informatie beroepen, indien de advocaat of notaris zich ter zake van deze informatie niet op het verschoningsrecht beroept’. Ook notulen en bestuursbesluiten kunnen informatie bevatten die onder het verschoningsrecht valt. Dit geldt eveneens voor informatie die door de rechtspersoon met derden, zoals in dit geval DNB en het ministerie van Financiën, is uitgewisseld.


Mr. J. Boonstra-Verhaert
Mr. J. Boonstra-Verhaert is initiator van BijzonderStrafrecht.nl, aan TBS&H verbonden als eindredacteur en als Senior Legal Advisor werkzaam bij De Brauw op de praktijkgroep Corporate Crime & Investigations.
Jurisprudentie

De reikwijdte van de term ‘opzettelijk’ in artikel 2 lid 1 Wet op de economische delicten

Noot bij ECLI:NL:GHARL:2019:7797

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Opzettelijk, subjectieve bestanddelen, artikel 2 lid 1 WED, Arbeidsomstandighedenwet, wist of redelijkerwijs had moeten weten
Auteurs Mr. dr. I.M. Koopmans MSHE
SamenvattingAuteursinformatie

    In een arrest van september 2019 koppelt het Hof Arnhem de ‘wist-variant’ van de ten laste gelegde gevaarzetting aan de vraag of sprake is van opzettelijke overtreding van artikel 32 Arbeidsomstandighedenwet. Het hof spreekt vrij van die wetenschap en tegelijk daarmee ook van opzettelijke overtreding van artikel 32 Arbeidsomstandighedenwet. Vervolgens wordt slechts de overtredingsvariant bewezen geacht. In deze bijdrage zal worden uiteengezet waarom het hof hiermee de systematiek die ten grondslag ligt aan de Wet op de economische delicten (WED) miskent.


Mr. dr. I.M. Koopmans MSHE
Mr dr. I.M. Koopmans MSHE is officier van justitie bij het Functioneel Parket.
Jurisprudentie

Het gebruik van een onderzoeksprotocol en de rol van de advocaat bij intern onderzoek nader bezien

Noot bij ECLI:NL:TAHVD:2019:181

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2020
Trefwoorden onderzoeksprotocol, intern onderzoek, feitenonderzoek, hoor, wederhoor
Auteurs Mr. J.C.G.T. Starmans en Mr. V.S.Y. Liem
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze noot bij de uitspraak van het Hof van Discipline ’s-Hertogenbosch van 4 november 2019 wordt ingegaan op de normering die de tuchtrechter hanteert bij het oordelen over het handelen van een advocaat die feitenonderzoek verricht en werkzaam is voor een kantoor dat een onderzoeksprotocol heeft opgesteld.


Mr. J.C.G.T. Starmans
Mr. J.C.G.T. Starmans is werkzaam als advocaat bij Van Doorne N.V. in Amsterdam.

Mr. V.S.Y. Liem
Mr. V.S.Y. Liem is werkzaam als advocaat bij Van Doorne N.V. in Amsterdam.
Jurisprudentie

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Tweede helft 2019

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2020
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, mr. A.C.M. Klaasse e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

mr. A.C.M. Klaasse

prof. mr. M. Nelemans

mr. dr. I. Koopmans

mr. K.M.T. Helwegen

mr. A. Verbruggen

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Jurisprudentie

Access_open Kroniek Ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2019

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2019
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, mr. A.C.M. Klaasse e.a.
Samenvatting


Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

mr. A.C.M. Klaasse

prof. mr. M. Nelemans

mr. K.M.T. Helwegen

mr. dr. E. Sikkema

mr. dr. drs. B. van der Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Jurisprudentie

De evenredigheidstoetsing van de Wet Bibob: wie het meerdere mag, mag ook het mindere?

Noot bij ECLI:NL:RVS:2019:350

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Wet Bibob, Evenredigheidstoetsing, Omgevingsvergunning, Bestuursstrafrecht, Bestuurlijk sanctierecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Door het college van gedeputeerde staten van Groningen is een advies aangevraagd bij het Landelijk Bureau Bibob. Op grond hiervan wordt de omgevingsvergunning verleend voor de duur van vijf jaren. De Afdeling overweegt dat deze vergunningverlening voor de duur van vijf jaren in strijd is met de voorgeschreven evenredigheidstoetsing van artikel 3, vijfde lid, Wet Bibob.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en is verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht. Hij is tevens redacteur van dit tijdschrift.
Jurisprudentie

De predispositie van de verdachte bij het stelen van een lokfiets: creëert de gelegenheid de dief?

Noot bij HR 12 februari 2019 ECLI:NL:HR:2019:149

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Tallon-criterium, Lokmiddelen, Lokfiets, Uitlokverbod, 6 EVRM
Auteurs Mr. W. Albers
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit de bestendige rechtspraak van de Hoge Raad blijkt dat opsporingsambtenaren op basis van de algemene taakstellende bevoegdheden in beginsel bevoegd zijn tot het inzetten van bepaalde lokmiddelen, mits deze inzet binnen de grenzen van het Tallon-criterium blijft. De verdachte mag zodoende niet door het optreden van de opsporingsambtenaar worden gebracht tot andere handelingen dan die waarop zijn opzet reeds van tevoren was gericht. De vraag die naar aanleiding van de onderhavige uitspraak echter kan worden gesteld, is of de verdachte nog wel een voldoende toereikend beroep kan doen op de rechtsbeschermende waarde die het Tallon-criterium – in het kader van de inzet van niet-menselijke lokmiddelen – beoogt te bieden.


Mr. W. Albers
Mr. W. (Willemijn) Albers is docent Straf(proces)recht bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen aan de Universiteit Utrecht.
Jurisprudentie

Access_open Kroniek ondernemingsstrafrecht

Tweede helft 2018

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, prof. dr. R.C.P. Haentjens e.a.
Samenvatting


Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Jurisprudentie

Hoe achtergehouden informatie door feitelijk leidinggevers Imtech mede noodlottig werd

Enige opmerkingen bij ECLI:NL:CBB:2018:400 (ECLI:NL:RBROT:2017:3061) en ECLI:NL:CBB:2018:401 (ECLI:NL:RBROT:2017:3062)

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Voorwetenschap, hoger beroep CBb, Informatieverplichtingen, Marktmanipulatie, Imtech
Auteurs Prof. dr. R.C.P. Haentjens
SamenvattingAuteursinformatie

    De AFM legt de CEO en CFO van Imtech relatief hoge boetes op ter zake van achterhouden van (financiële) informatie omtrent een project in Polen. Doordat I.’s contractpartij over dit project een persbericht naar buiten brengt, moest Imtech dit ook doen. Pas dan weten beleggers over de financiële situatie iets meer, maar nog niet alles; het negatieve nieuws wordt achtergehouden. Die schijn wordt opgehouden door de volgende kwartaalverslagen en persberichten. Daardoor blijft de koers niet de financiële werkelijkheid weerspiegelen, waardoor sprake is van koersmanipulatie. De Rechtbank Rotterdam vernietigt de boetebesluiten van de AFM. In hoger beroep worden de beslissingen van de rechtbank vernietigd en de boetes van de AFM grotendeels gehandhaafd. De juridische vraag is: wanneer is de informatie zodanig concreet en precies dat zij moet worden geopenbaard?


Prof. dr. R.C.P. Haentjens
Prof. dr. R.C.P. Haentjens is bijzonder hoogleraar financieel strafrecht, Universiteit van Amsterdam en raadsheer-plaatsvervanger, Gerechtshof Amsterdam.
Jurisprudentie

De strafrechtelijke waardering van het derivatendebacle Vestia

Noot bij ECLI:NL:RBROT:2018:5752 en ECLI:NL:RBROT:2018:5753

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Vestia, Derivatenschandaal, Ambtelijke, Omkoping, Witwassen
Auteurs Mr. A. Verbruggen
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. A. Verbruggen
Mr. A. Verbruggen is advocaat bij Jones Day te Amsterdam.
Jurisprudentie

Vallen camerabeelden van de wachtruimte en de toegangswegen tot het ziekenhuis binnen de reikwijdte van het (afgeleide) verschoningsrecht?

Annotatie HR 10 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:553

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Trefwoorden (Afgeleid) verschoningsrecht ziekenhuis, Inbeslagname, Gegevensdrager, (Versnelde) beklagprocedure, Camerabeelden
Auteurs Mr. L.J. Bergsma
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest van de Hoge Raad van 10 april 2018 staat de vraag centraal of camerabeelden die zich op een in beslag genomen gegevensdrager bevinden binnen de reikwijdte van het verschoningsrecht (kunnen) vallen. Volgens de Hoge Raad kán dit inderdaad het geval zijn.


Mr. L.J. Bergsma
Mr. L.J. Bergsma is advocaat bij Dirkzwager advocaten & notarissen, sectie gezondheidszorg.
Jurisprudentie

Strafvervolging van belastingdelicten in de Caribische delen van het Koninkrijk: nieuwe ontwikkelingen

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Belastingfraude, Strafvervolging, Niet-ontvankelijkheid, Emerald, Gerecht in eerste aanleg
Auteurs Mr. K.M.G. Demandt en Mr. P.C. Janssen
SamenvattingAuteursinformatie

    In het voorjaar 2018 heeft het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten een aantal belangwekkende uitspraken gedaan op het gebied van het fiscale strafrecht. Dit is de eerste keer dat in het Caribisch deel van het Koninkrijk een strafvervolging wordt ingesteld voor zuivere belastingfraude (zonder combinatie met een commuun delict). In de jurisprudentie wordt een nieuw uitgangspunt geformuleerd. In deze annotatie gaan wij in op de meest in het oog springende punten uit de acht uitspraken.


Mr. K.M.G. Demandt
Mr. K.M.G. Demandt is advocaat bij Hertoghs advocaten.

Mr. P.C. Janssen
Mr. P.C. Janssen is juridisch medewerker bij Hertoghs advocaten.
Toont 1 - 20 van 35 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.