Zoekresultaat: 5 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2014 x Rubriek Case Law x
Jurisprudentie

Overdracht van jaarlijkse vakantie bij ziekte: alle ambtenaren zijn gelijk, zelfs de EU-ambtenaren zijn niet langer (on)gelijker dan de ambtenaren van de lidstaten

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2014
Trefwoorden EU-ambtenaren, Sociaal grondrecht, Eenheid van rechtspraak in het Unierecht, Recht op jaarlijkse vakantie, Doorwerking Arbeidstijdenrichtlijn
Auteurs Alexander De Becker
SamenvattingAuteursinformatie

    Het grondrecht op jaarlijkse vakantie impliceerde, volgens eerdere rechtspraak van het Hof van Justitie, ook een grondrecht op overdracht van door ziekte niet-opgenomen vakantiedagen op basis van hetgeen was bepaald in de Arbeidstijdenrichtlijn 2003/88. Dit recht op overdracht van jaarlijkse vakantie werd niettemin nog steeds ingeperkt in het statuut van de EU-ambtenaren. De heer Strack – EU-ambtenaar – vond dat hij niettemin aanspraak kon maken op de volledige overdracht van zijn door ziekte niet-opgenomen vakantiedagen. De Europese Commissie volgde zijn redenering echter niet omdat EU-ambtenaren niet rechtstreeks onder het toepassingsgebied van de Arbeidstijdenrichtlijn 2003/88 vallen. Het Gerecht voor ambtenarenzaken stelde de Commissie in het ongelijk, maar het Gerecht van eerste aanleg beslist dat de Commissie het wel bij het rechte eind had. Uiteindelijk oordeelde het Hof van Justitie, in het belang van de eenheid van de rechtspraak, dat de EU-ambtenaren ook aanspraak dienden te kunnen maken op de overdracht van hun door ziekte niet-opgenomen vakantiedagen. Het arrest van het Hof van Justitie staat in deze bijdrage centraal.


Alexander De Becker
A. De Becker is bijzonder hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam ‘De overheid als arbeidsorganisatie’, en tevens hoofddocent aan de Universiteit van Hasselt.
Jurisprudentie

Prijsvorming onder de paraplu van het kartel: aansprakelijkheid van karteldeelnemers voor schade door ‘ umbrella pricing’?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2014
Trefwoorden Kartelschade, umbrella-effecten, umbrella pricing, schadevergoeding, private handhaving
Auteurs Mr. Rogier Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 5 juni 2014 heeft het Hof van Justitie zich uitgelaten over schadevergoeding in verband met umbrella-effecten. Het gaat daarbij om schade die wordt geleden door afnemers van producenten die niet hebben deelgenomen aan het kartel maar die hun prijzen als gevolg van het kartel op een hoger niveau hebben vastgesteld dan zonder dit kartel het geval zou zijn geweest. Naar Oostenrijks recht is verhaal van dit type schade niet mogelijk. Het Hof van Justitie overweegt dat deze categorische uitsluiting van de mogelijkheid tot schadevergoeding niet is toegestaan.


Mr. Rogier Meijer
Mr. R. Meijer is advocaat bij ZIPPRO & MEIJER advocaten en als universitair docent verbonden aan het Molengraaff Instituut van de Universiteit Utrecht.

    De IPPC-richtlijn is niet op juiste wijze omgezet in de Nederlandse wetgeving nu de in de Waterwet neergelegde coördinatieverplichting zich beperkt tot de activiteit lozen. Rechtstreekse werking van artikel 7 IPPC-richtlijn.

    Geen overtreding van Waterwet nu het storten van grote stenen in zee niet is aan te merken als het zich ontdoen van afvalstoffen, verontreinigde of schadelijke stoffen.

    Beschermingsmaatregelen die in een project worden opgenomen om de schadelijke gevolgen van dit project voor een Natura 2000-gebied te compenseren, kunnen bij de door artikel 6, derde lid, van de Habitatrichtlijn opgelegde beoordeling van de gevolgen van dit project niet in aanmerking worden genomen.

Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.