Zoekresultaat: 15 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Case Law x
Annotatie

Annotatie bij de zaak Fundacion Lotto pa Deporte e.a./Land Aruba

Gerecht in Eerste Aanleg Aruba, 24 juli 2019, behorend bij AR AUA201800634

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2019
Auteurs Mr. K. Frielink
Auteursinformatie

Mr. K. Frielink
Mr. K. Frielink is werkzaam als advocaat in Curçao en tevens als gastdocent Verdiepend Ondernemingsrecht verbonden van de University of Curacao.
Annotatie

Wettelijke maximering van de vertrekvergoeding onder de Wbfo: géén verplichting voor de rechter tot ambtshalve toepassing

HR 1 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:818

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Wbfo, Vertrekvergoeding, ambtshalve toepassing, openbare orde
Auteurs Mr. drs. A.M. Helstone
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 juni 2018 (ECLI:NL:HR:2018:818) heeft de Hoge Raad zich voor het eerst uitgelaten over de procesrechtelijke status van het wettelijk maximum voor de vertrekvergoeding van bestuurders ex artikel 1:125 lid 2 Wft. Volgens de Hoge Raad is deze bepaling geen regel van openbare orde die ex artikel 25 Rv ambtshalve door de rechter zou moeten worden toegepast. In deze annotatie worden de relevante gezichtspunten voor de verplichting tot ambtshalve toepassing ex artikel 25 Rv geanalyseerd. Tevens wordt stilgestaan bij de oorsprong en de doelstellingen van de beloningsnormen van de Wft en de Europese regels. Hiermee wordt beoogd een bijdrage te leveren aan de bredere gedachtevorming over de duiding van wettelijke beloningsnormen als onderdeel van publiekrechtelijke regulering in het civiel procesrecht en de hiervoor geldende rechterlijke toetsing.


Mr. drs. A.M. Helstone
Mr. drs. A.M. Helstone is advocaat en partner bij Stibbe te Amsterdam. Zij behaalde naast haar doctoraal Nederlands recht ook een doctoraal Franse taal en letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam. Thans is zij gespecialiseerd in arbeidsrecht en pensioenrecht. Een bijzonder specialisme binnen haar praktijk richt zich op beloningsgerelateerde onderwerpen op het snijvlak van het arbeidsrecht, de Wft en de WNT. Hierover schrijft en publiceert zij regelmatig.
Jurisprudentie

De strafrechtelijke waardering van het derivatendebacle Vestia

Noot bij ECLI:NL:RBROT:2018:5752 en ECLI:NL:RBROT:2018:5753

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Vestia, Derivatenschandaal, Ambtelijke, Omkoping, Witwassen
Auteurs Mr. A. Verbruggen
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. A. Verbruggen
Mr. A. Verbruggen is advocaat bij Jones Day te Amsterdam.
Annotatie

Goldman Sachs/Europese Commissie. Private equity in het vizier van mededingingsautoriteiten

Gerecht 12 juli 2018, zaak T-419/14, ECLI:EU:T:2018:445

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2018
Trefwoorden private equity, investeerder, toerekening, aansprakelijkheid, bewijsvermoeden
Auteurs Robin Struijlaart en Mark Brabers
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 12 juli 2018 heeft het Gerecht een beroep van Goldman Sachs tegen een boetebesluit van de Commissie verworpen. Dit arrest maakt (nogmaals) duidelijk dat private equity-investeerders een reële kans lopen om aansprakelijk te worden gesteld voor kartelgedrag van hun portfolio-ondernemingen. De toets die de Commissie en het Gerecht uitvoeren, komt er in essentie op neer dat volstaat dat de moederonderneming zeggenschap heeft in de zin van het concentratietoezicht en dat er bewijs is dat zij die zeggenschap aantoonbaar heeft uitgeoefend. Veel investeerders zullen aan die beide criteria voldoen en bevinden zich dus in de gevarenzone.


Robin Struijlaart
Mr. R.A Struijlaart is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Mededinging en Overheid van Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.

Mark Brabers
Mr. drs. M.C. Brabers is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Mededinging en Overheid van Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.
Jurisprudentie

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2017

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2017
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, prof. dr. R.C.P. Haentjens e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. A. Verbruggen

mr. dr. drs. B. van der Vorm

mr. dr. J.S. Nan

Mr. M.W. Josephus Jitta
Mr. M.W. Josephus Jitta is werkzaam als advocaat bij ENSpigt.

Mr. E.F. Groot
Mr. E.F. Groot is universitair docent aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Jurisprudentie

Perikelen rondom de invoering van het (verzwakte) structuurregime

Ondernemingskamer 1 juli 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:2766, JAR 2016/210 (OR/Thomas Cook Nederland)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Structuurregime, adviesrecht ondernemingsraad, samenstelling RvC
Auteurs Mr. dr. Joost Van Mierlo
SamenvattingAuteursinformatie

    Vlak voordat Thomas Cook Nederland verplicht is het structuurregime in te voeren, besluit zij dat uitsluitend concernfunctionarissen voor benoeming tot commissaris in aanmerking komen. Hiermee komt niet alleen een onafhankelijke opstelling van de raad van commissarissen in het gedrang, ook vormt dat een ernstige aantasting van het wettelijk aanbevelingsrecht van de ondernemingsraad. Voor de Ondernemingskamer is dit voldoende om te spreken van een voorgenomen besluit tot een belangrijke wijziging van de verdeling van de bevoegdheden (artikel 25 lid 1 en onder e WOR).


Mr. dr. Joost Van Mierlo
Mr. dr. J.J.M. van Mierlo is als partner verbonden aan de sectie Medezeggenschapsrecht van De voort Advocaten / Mediators in Tilburg.

mr. dr. Ageeth Klaassen
Mr. dr. A.G.H. Klaassen is universitair docent ondernemingsrecht en zij geeft het vak Organisatie en bestuur van de zorg in de master Recht van de gezondheidszorg aan de Erasmus Universiteit Rotterdam; zij is lid van een raad van toezicht van een stichting in de eerstelijnsgezondheidszorg.
Jurisprudentie

Noot bij Rb Rotterdam, sector bestuur, 31 juli 2015, ECLI:NL:RBROT:2015:5635

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2016
Trefwoorden integriteitsvragen financieel management, bestuurlijke afdoening, voorgenomen publicatie van uitspraak, procedurele tekortkoming, vergelijking bestuursrechtelijke en strafrechtelijke afdoening
Auteurs Prof. dr. R.C.P. Haentjens
SamenvattingAuteursinformatie

    De hierboven afgedrukte uitspraak in een van de rechterlijk procedures van DNB tegen de Delta Lloyd c.a. is uitdrukking van de lange tijd geheerst hebbende onmin tussen DNB als toezichthouder en Delta Lloyd (die overigens naar het schijnt, na de komst van een nieuw ma­nagement, enigszins lijkt te verdwijnen, al bemoeide DNB zich onlangs nog met de op stapel staande, maar lange tijd betwiste emissie door Delta Lloyd).
    Aanleiding was van een vermoeden bij de AFM van handelen met voorkennis door leden van het financiële management van Delta Lloyd, afgedekt, naar de rechtbank Rotterdam vaststelde, door de top van Delta Lloyd. Dit vermoeden van aangetaste integriteit van de bestuurders was voor de DNB aanleiding Delta Lloyd op de korrel te nemen. De bestuursrechtelijke procedure eindigde met de boven vermelde uitspraak van de rechtbank Rotterdam met een ferme negatieve uitspraak jegens door Delta Lloyd ingeroepen hulp van deskundigen. Zij verklaarde het beroep van de natuurlijke personen gegrond, stelde de bestuurlijke boete naar beneden bij wegens een, in mijn ogen, overigens niet geringe procedurele tekortkoming en vernietigde het publicatiebesluit.
    In het onderstaande commentaar wordt ingegaan op het verschil tussen een bestuursrechterlijke of een strafrechtelijke afdoening in dit soort zaken. De conclusie is dat Delta Lloyd door de ‘vlucht naar voren’ slechts als verliezer uit deze strijd komt, ook al wint zij op punten. Zij lijdt ernstig imagoverlies mede door zelf de publiciteit te kiezen. Ook DNB komt niet geheel ongeschonden uit de strijd: zij verliest op punten en of zij haar blazoen nu geheel heeft opgepoetst na het aanhoudende verwijt uit financiële kringen dat zij een ferme daad wilde stellen na haar, naar men stelt, zwakke optreden tijdens de financiële crises sedert 2008, blijft de vraag.


Prof. dr. R.C.P. Haentjens
Prof. dr. R.C.P. Haentjens is Bijzonder hoogleraar financieel strafrecht aan de Universiteit van Amsterdam en raadsheer-plaatsvervanger bij het gerechtshof Amsterdam.
Jurisprudentie

Overzicht rechtspraak Raad van Appel

Tuchtrechtspraak in hoger beroep ten aanzien van advocaten in de periode 2007-2015

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2015
Auteurs Dr. G.C.C. Lewin

Dr. G.C.C. Lewin
Jurisprudentie

Meelzaak – beperking aansprakelijkheid investeringsmaatschappijen door ACM?

ACM-besluiten inzake Bencis en CVC d.d. 30 november 2014

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2015
Trefwoorden Meel, Toerekening, Ne bis in idem, Investeringsmaatschappij, Boeteberekening
Auteurs Paul van den Berg en Jeannette ten Cate
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op de ACM-besluiten inzake Bencis en CVC van 30 november 2014. Met deze besluiten heeft ACM, in navolging van de praktijk van de Europese Commissie, voor het eerst investeringsmaatschappijen beboet voor een inbreuk begaan door een dochtervennootschap. In eerste instantie is alleen de dochtervennootschap, Meneba, aansprakelijk gehouden voor een gestelde kartelinbreuk. In twee nieuwe besluiten zijn Bencis en CVC, beide investeerders, alsnog beboet als gevolg van de inbreuk begaan door hun dochtervennootschap Meneba. De besluiten roepen een aantal interessante vragen op, waaronder met betrekking tot (1) de – in lijn met Europese jurisprudentie – lage standaard die ACM toepast voor toerekening van de inbreuk aan moedervennootschappen, in lijn met recente Europese jurisprudentie; (2) het nemen van een nieuw besluit ten aanzien van de moedervennootschappen; en (3) de wijze van omzetberekening voor de boete.


Paul van den Berg
Mr. P.D. van den Berg is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP.

Jeannette ten Cate
Mr. drs. J.J. ten Cate is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP.
Jurisprudentie

Landelijke Huisartsen Vereniging

Annotatie van zaak 6888_1/510, LHV. Beslissing op bezwaar van de Autoriteit Consument & Markt d.d. 3 februari 2014

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2014
Trefwoorden gezondheidszorg, besluit ondernemingsvereniging, doelbeperking, uitzondering artikel 6 lid 3 Mw, feitelijk leidinggevenden
Auteurs mr. dr. Marc Wiggers, mr. Robin Struijlaart en mr. Joris Ruigewaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze annotatie van het besluit op bezwaar van ACM in de zaak LHV biedt een samenvatting van het besluit, alsmede een kritische analyse van de belangrijkste overwegingen van ACM. In het besluit op bezwaar blijft ACM van oordeel dat de LHV het kartelverbod heeft overtreden door haar leden te adviseren de toetreding van nieuwe huisartsen periodiek te evalueren en om toetreders te selecteren op basis van een sollicitatieprocedure. De auteurs komen tot de conclusie dat er kanttekeningen te plaatsen zijn bij het besluit op bezwaar van ACM. Volgens de auteurs komt ACM te gemakkelijk tot de conclusie dat sprake is van naleving door de leden van de LHV van de aanbevelingen, dat de aanbevelingen een doelbeperking vormen en dat de aanbevelingen niet uitgezonderd zijn van het kartelverbod op grond van artikel 6 lid 3 Mw.


mr. dr. Marc Wiggers
Mr. dr. M.Ph.M. Wiggers is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.

mr. Robin Struijlaart
Mr. R.A. Struijlaart is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.

mr. Joris Ruigewaard
Mr. J. Ruigewaard is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.
Jurisprudentie

Civiele jurisprudentie van GEA en GHvJ

Arbeidsrecht

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2014
Auteurs Mr. Jan de Boer
Auteursinformatie

Mr. Jan de Boer
Mr. Jan Boer is lid van het Gemeenschappelijk Hof
Jurisprudentie

Landelijke Huisartsen Vereniging

Annotatie van zaak 6888_1/510, LHV. Beslissing op bezwaar van de Autoriteit Consument & Markt d.d. 3 februari 2014

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2014
Trefwoorden gezondheidszorg, besluit ondernemingsvereniging, doelbeperking, uitzondering artikel 6 lid 3 Mw, feitelijk leidinggevenden
Auteurs mr. dr. Marc Wiggers, mr. Robin Struijlaart en mr. Joris Ruigewaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze annotatie van het besluit op bezwaar van ACM in de zaak LHV biedt een samenvatting van het besluit, alsmede een kritische analyse van de belangrijkste overwegingen van ACM. In het besluit op bezwaar blijft ACM van oordeel dat de LHV het kartelverbod heeft overtreden door haar leden te adviseren de toetreding van nieuwe huisartsen periodiek te evalueren en om toetreders te selecteren op basis van een sollicitatieprocedure. De auteurs komen tot de conclusie dat er kanttekeningen te plaatsen zijn bij het besluit op bezwaar van ACM. Volgens de auteurs komt ACM te gemakkelijk tot de conclusie dat sprake is van naleving door de leden van de LHV van de aanbevelingen, dat de aanbevelingen een doelbeperking vormen en dat de aanbevelingen niet uitgezonderd zijn van het kartelverbod op grond van artikel 6 lid 3 Mw.


mr. dr. Marc Wiggers
Mr. dr. M.Ph.M. Wiggers is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.

mr. Robin Struijlaart
Mr. R.A. Struijlaart is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.

mr. Joris Ruigewaard
Mr. J. Ruigewaard is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.