Zoekresultaat: 17 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Discussie x
Discussie

NDA’s, process letters, engagement letters, release letters en biedbrieven

Over geheimhoudingsovereenkomsten en ander spul

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2013
Auteurs Mr. J.G.A. Struycken
Auteursinformatie

Mr. J.G.A. Struycken
J.G.A. Struycken is advocaat bij Certa Legal Advocaten te Amsterdam en heeft, als advocaat en als voormalig bedrijfsjurist, meer dan vijftien jaar ervaring met financiële en overnametransacties in binnen- en buitenland.

    Against the background of a discussion of classical and modern concepts of punishment, the first implying the imposition of suffering as essence and the second encompassing all varieties of sanctions implying restrictions but not necessarily some form of suffering the author rejects the suggestion of the second concept, that punishment should be defined without any reference to imposing suffering. There are conceptual advantages to sticking to the classical definition of punishment, such as the fact that it is clearly differentiated from the concept of measurements, which are sanctions imposed without any demand of ‘guilt’ on the side of a perpetrator. Also there are good reasons to maintain the element of (imposition of ) ‘intended pain’ in the concept of punishment, but it is this element – the intentional imposition of pain and suffering – that makes the author reject the activity of punishing as unethical. Non-violent sanctions are conceivable and feasible and should on ethical grounds be preferred. This is explored with reference to the work of Tähtinen. In close connection with this idea the author argues that we should redefine criminal justice (in the Dutch language: ‘strafrecht’ meaning the right to punish and laws regarding punishment) to mean that it is the discipline that responds to crimes and offences, without any defining reference to punishment (‘misdaadrecht’, meaning the laws regarding ((responding to)) crime).


Jacques Claessen
Jacques Claessen is universitair docent straf(proces)recht aan de Universiteit Maastricht en redacteur van dit tijdschrift. Hij is tevens medeoprichter van de stichting Mens en Strafrecht (www.mens.nl).
Discussie

Rawls en de toetsende rechter

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2012
Trefwoorden constitutionele toetsing, proportionaliteit, sociaal contract, constitutionele dialoog
Auteurs Prof. dr. W.J. Witteveen
SamenvattingAuteursinformatie

    In het debat over de invoering van constitutionele toetsing door de rechter in Nederland wordt onvoldoende aandacht besteed aan de toetsbaarheid van de grondwettelijke teksten, iets wat ook de veronderstelde constitutionele toetsing door de wetgevende organen parten speelt. Een geschiktere tekst zal gebruik moeten maken van open normen en rechters daarbij interpretatievrijheid bieden. De vrees voor deze politieke macht voor rechters verlamt het debat. Dat zou anders kunnen als we de redenering van Rawls volgen, die laat zien hoe een constitutionele dialoog mogelijk is die tot een overlappende consensus leidt tussen verschillende posities in het publieke debat.


Prof. dr. W.J. Witteveen
Prof. dr. W.J. Witteveen is hoogleraar rechtstheorie en retorica aan de Universiteit van Tilburg. w.j.witteveen@uvt.nl
Discussie

Besluit Veolia/CDC-Transdev sluit als een bus

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2011
Trefwoorden Nma, Veolia/CDC-Transdev, openbaar vervoer, aanbesteding, vergunning
Auteurs Mr. M. Offerman, Mr. M. Rijke MA en M.S. Van Scheijen Msc. MA
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. M. Offerman
Mr. M. Offerman is werkzaam als zaakbehandelaar bij de NMa.

Mr. M. Rijke MA
Mr. M. Rijke MA is werkzaam als programmamanager transport bij de NMa.

M.S. Van Scheijen Msc. MA
M.S. van Scheijen MSc. MA is werkzaam als zaakbehandelaar bij de NMa.
Discussie

Naar een beter instrument voor Europees contractenrecht

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2011
Trefwoorden europeanisering, contractenrecht, Groenboek, optioneel instrument, consultatie, Klankbordgroep Internationaal Contracteren
Auteurs Prof. mr. A.L.M. Keirse, Mr. dr. M.-J. van der Heijden en F. Merab Samii
SamenvattingAuteursinformatie

    Recentelijk heeft de Europese Commissie het proces van europeanisering van het nationale en internationale contractenrecht opgezweept. In een Groenboek over Europees contractenrecht heeft zij zeven beleidsopties voor de ontwikkeling van een nieuw instrument van Europees contractenrecht gepresenteerd waarbij alle belanghebbenden werden uitgenodigd om daarop te reageren. De Klankbordgroep Internationaal Contracteren heeft daaraan gehoor gegeven door haar reactie begin dit jaar in te sturen. Deze bijdrage is een Nederlandstalige weergave van die Engelstalige reactie. In deze impressie worden allereerst de achtergrond en de doelstelling van het Groenboek belicht. Vervolgens worden voor- en tegenargumenten per beleidsoptie naar voren gebracht en worden de opties getoetst aan de door de Europese Commissie (in het Groenboek) geformuleerde doelstellingen. Daarna volgt een bespreking van vragen van inbedding van de voorgestane keuzemogelijkheden. Tot slot geeft dit artikel een korte weergave van de resultaten van de Europese raadpleging en kondigt het een volgende consultatieronde aan.


Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is als hoogleraar burgerlijk recht verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.

Mr. dr. M.-J. van der Heijden
Mr. dr. M.-J. van der Heijden is als universitair docent verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.

F. Merab Samii
F. Merab Samii is als student-assistent verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht. De auteurs zijn lid van de Klankbordgroep Internationaal Contracteren en vormen de werkgroep die de reactie van de Klankbordgroep op het Groenboek voorbereidde en instuurde.
Discussie

Technologische en juridische normativiteit: het tekort van het reguleringsparadigma

Een respons op Leenes’ ‘Technoregulering’

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2011
Trefwoorden regulation by technology, code as law, legitimacy, rule of law, regulation
Auteurs Mireille Hildebrandt
SamenvattingAuteursinformatie

    Mireille Hildebrandt responds to the article of Ronald Leenes. She largely agrees with Leenes’ objection that technoregulation threatens to conflate rule-making (a task of the legislator) with administration (a task of the executive). In her reply she rejects the external perspective that is inherent in regulation as behaviour-modification, arguing that legal subjects are not to be seen as mere objects of regulation. At the same time she calls for a reflection on the normative implications of technological infrastructures for existing legal rights, e.g., on privacy, even if these implications were not intended by a regulator.


Mireille Hildebrandt
Mireille Hildebrandt is hoogleraar ICT en rechtsstaat aan de Radboud Universiteit Nijmegen, hoofddocent rechtstheorie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en senior onderzoeker aan Law Science Technology and Society Studies (LSTS) aan de Vrije Universiteit Brussel. Haar onderzoek richt zich in het bijzonder op de implicaties van slimme (proactieve) omgevingen voor rechtsstaat en democratie. Zij was deelprojectleider van het Europese KP6-project the Future of Identity in Information Society (FIDIS) en is momenteel betrokken bij het Europese KP7-project Security Impact Assessment Measurement (SIAM). Zij is naar Brussel gedetacheerd op het fundamenteel onderzoeksproject Law and Autonomic Computing. Mutual Transformations, redigeerde samen met Serge Gutwirth Profiling the European citizen. Cross-disciplinary perspectives (Springer: Dordrecht 2008) en samen met Antoinette Rouvory Law, human agency and autonomic computing. The philosophy of law meets the philosophy of technology (Routledge: New York 2011).
Discussie

Hoe meer keus, hoe beter?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2011
Trefwoorden Europees contractenrecht, groenboek, consumentenrecht, consumentenbescherming
Auteurs Dr. V. Mak M.Jur
SamenvattingAuteursinformatie

    De Europese Commissie heeft met haar recente Groenboek voor het Europees contractenrecht een aanzet gegeven tot nieuwe regelgeving. Uit dit proces zal in de loop van 2011 een concreet voorstel voor nieuwe Europese wetgeving voortvloeien, naar verwachting in de vorm van een ‘optioneel instrument’. Daarmee wordt bedoeld een nieuwe, uniforme regeling die contractspartijen in Europa als toepasselijk recht kunnen kiezen. De vraag die in deze Impressie centraal staat, is of, en welke, toegevoegde waarde deze regeling kan hebben voor het consumentenrecht. Geldt met betrekking tot rechtskeuze in de EU-consumentenmarkt ‘hoe meer keus, hoe beter’?


Dr. V. Mak M.Jur
Dr. V. Mak M.Jur is werkzaam als universitair docent aan de Universiteit van Tilburg.
Discussie

Waldron over de wet als archetype en de onzekere status van het folterverbod

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2011
Trefwoorden folterverbod, wet als archetype, scherpe normen
Auteurs Prof. dr. W.J. Witteveen
SamenvattingAuteursinformatie

    Hoe kan een fundamentele rechtsnorm, zoals de norm die foltering en onmenselijke en vernederende behandeling verbiedt, zo worden geformuleerd dat ook folteraars zich eraan houden? Deze bijdrage bespreekt de kritiek van filosoof Waldron op drie Amerikaanse topjuristen die hun vernuft bij het interpreteren van het folterverbod in dienst stelden van de wens van de Amerikaanse regering om vrijheid van handelen te hebben ten opzichte van terreurverdachten. Waldron laat zien dat de wetgevingsstrategie van het preciseren van het folterverbod tot een scherpe norm het gevaar in zich bergt van een beperkte uitleg die de norm ondermijnt. Daartegenover bepleit hij het folterverbod op te vatten als een zowel scherpe als open norm die als een juridisch archetype niet alleen een dworkiniaanse achtergrondbetekenis heeft die interpretaties stuurt, maar ook direct op de voorgrond staat als een dwingende bepaling met een zware morele lading.


Prof. dr. W.J. Witteveen
Prof. dr. W.J. Witteveen is hoogleraar rechtstheorie en retorica aan de Universiteit van Tilburg. W.J.Witteveen@uvt.nl
Discussie

Duurzaamheidseisen in de bestaande bouw

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden duurzaamheid, bestaande bouw, Bouwbesluit, Woningwet, convenanten
Auteurs Mr. G. Aarts
SamenvattingAuteursinformatie

    De bestaande bouwsector kent een aanzienlijk besparingspotentieel. Reden genoeg dus om bestaande bouw (verder) te verduurzamen. Anders dan in de nieuwbouwsector, heerst in de bestaande bouw evenwel de opvatting dat het ontbreekt aan kansen en verplichtingen om bestaande bouw (verder) te verduurzamen. Veel gehoorde bezwaren zijn dat duurzaamheidseisen bij bestaande bouw (vaak) niet afdwingbaar zijn en aanwezige (financiële) instrumenten onvoldoende prikkels bieden. Mogelijkheden om bestaande bouw (verder) te verduurzamen zijn niettemin wel degelijk aanwezig. Een voorbeeld hiervan is de aanschrijvingsbevoegdheid van burgemeester en wethouders op grond van artikel 13 Woningwet. Toch schiet de huidige wet- en regelgeving naar de mening van de auteur op dit moment tekort. Wijziging, c.q. uitbreiding van het huidige juridische instrumentarium verdient daarom aanbeveling. Daarnaast zou (nog) meer de nadruk op het nut en de noodzaak van de toepassing van convenanten kunnen worden gelegd.


Mr. G. Aarts
Mr. G. (Godelieve) Aarts is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.
Discussie

Duurzaamheidseisen bij (projectontwikkel)overeenkomsten

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden artikel 122 Woningwet, EPC, excellente gebieden, Crisis- en herstelwet, exploitatieplan
Auteurs Mr. M.Y.C.L. de Wit
SamenvattingAuteursinformatie

    Artikel 122 Woningwet blijkt voor gemeenten een belangrijke belemmering te vormen voor het stellen van privaatrechtelijke duurzaamheidseisen aan nieuwbouw. Dit wetsartikel staat eraan in de weg dat een gemeente bij het aangaan van een privaatrechtelijke overeenkomst afspraken maakt over de energiezuinigheid, zoals de EPC, nu over dit onderwerp al publiekrechtelijke normen zijn neergelegd in het Bouwbesluit. De Woningwet en de Crisis- en herstelwet kennen weliswaar mogelijkheden om voor bepaalde projecten af te wijken van deze publiekrechtelijke normen, maar alleen in experimentele en bijzondere gevallen. Voor meer reguliere nieuwbouwprojecten kunnen derhalve geen privaatrechtelijke afspraken worden gemaakt over de energiezuinigheid ervan. Voorgesteld wordt om artikel 122 Woningwet buiten toepassing te verklaren voor de hoofdstukken 5 en 6 van het Bouwbesluit (de hoofdstukken over energiezuinigheid en milieu), zodat voor gemeenten en marktpartijen ruimte ontstaat om over de mate van duurzaamheid te onderhandelen en afspraken te maken, ook over de kosten en opbrengsten daarvan, in (anterieure of posterieure) overeenkomsten. De publiekrechtelijke pendant hiervan zou zijn dat het mogelijk wordt om in een exploitatieplan duurzaamheidseisen voor bebouwing vast te leggen die afwijken van de hoofdstukken 5 en 6 van het Bouwbesluit.


Mr. M.Y.C.L. de Wit
Mr. M.Y.C.L. (Maaike) de Wit is advocaat-partner bij nichekantoor Straatman Koster Advocaten en gespecialiseerd in projectontwikkeling en (ruimtelijk) bestuursrecht.
Discussie

De kracht van ecosysteemfuncties en het falen van het recht

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden ongerechtvaardigde verrijking, profijtbeginsel, voordeelaansprakelijkheid, ecosysteemdiensten, falen van het recht
Auteurs Dr. G.M.A. van der Heijden
SamenvattingAuteursinformatie

    Ecosysteemfuncties zijn functies die de fysieke leefomgeving biedt aan de samenleving, zoals het reinigen van grondwater en het leveren van biomassa voor voedsel en energie. Zij laten zien hoe de ene functie de andere kan bevoordelen als in een soort kringloop. Die bevoordeling is niet alleen ecologisch, maar ook economisch. Het recht moet op z’n minst een basis zijn voor deze kringloop. Dat wil zeggen zekerheid bieden aan partijen, zoals natuurbeheerders en waterbeheerders, dat zij functies elkaar kunnen laten bevoordelen. Het recht biedt deze basis, maar draagt daarnaast steeds het risico in zich tot verstoring van de kringloop. Versterking van voordeelaansprakelijkheid in het Nederlandse recht kan publieke en private partijen prikkelen om voordeel te creëren. Die oplossing wortelt al in het geldende recht, maar nieuw recht is wenselijk.


Dr. G.M.A. van der Heijden
Dr. G.M.A. (Jurgen) van der Heijden is werkzaam als adviseur bij AT Osborne en als gastonderzoeker bij het Amsterdam Center for Environmental Law and Sustainability (ACELS/UvA).

Dr. T. van der Valk
Discussie

WUBHV in de eindfase: waar bleef de vertrouwelijkheid?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2010
Auteurs Prof. mr. J.G. Sijmons en Prof. mr. T.M. Schalken

Prof. mr. J.G. Sijmons

Prof. mr. T.M. Schalken
Discussie

Herstelbemiddeling op zoek naar zichzelf

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 01 2007
Trefwoorden Slachtoffer, Bemiddeling, Herstel, Delinquent, Heling, Verzorging, Aansprakelijkheid, Bemiddelaar, Schuld, Model
Auteurs Mooren, J.H.

Mooren, J.H.
Discussie

Herstelrecht, eigenbelang en verantwoord burgerschap

Enkele reacties op het boek met dezelfde titel van Lode Walgrave

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 3 2009
Auteurs John Blad
Auteursinformatie

John Blad
John Blad is hoofddocent strafrechtswetenschappen aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en redactielid van dit tijdschrift.
Discussie

Kenneth Burke en de dramaconstitutie

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2009
Trefwoorden constitutionele toetsing, grondwetsinterpretatie, dramademocratie, Kenneth Burke
Auteurs Prof. dr. W.J. Witteveen
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de aanvaarding van het initiatief-wetsontwerp Halsema door de Eerste Kamer gaat de discussie over constitutionele toetsing een nieuwe fase in. Om oude patstellingen te doorbreken is een nieuw perspectief nodig. Uit de Amerikaanse ontwikkeling van het toetsingsrecht kunnen we leren dat de Grondwet een centralere plaats zal krijgen in het politieke debat, maar niet dat er hetzelfde type politieke strijd rond een gepolitiseerde rechtspraak door zal ontstaan. Uit de analyse die Kenneth Burke maakt van de interpretatiestrijd over de constitutie komt veeleer het beeld naar voren van een afstandelijk en rationeel type discussie dat een waardevolle aanvulling betekent op de intense, maar ook kortzichtige debatten van onze dramademocratie.


Prof. dr. W.J. Witteveen
Prof. dr. W.J. Witteveen is hoogleraar rechtstheorie en retorica aan de Universiteit van Tilburg.
Discussie

'Offers to Settle and Payments into Court'. Of een effectief alternatief om geschillen te beslechten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 01 2003
Trefwoorden risico, storting, geldvordering, arbitrage, betaling, looptijd, proceskostenveroordeling, rente, schikking, aanvaarding
Auteurs A.K.C. de Brauw

A.K.C. de Brauw
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.