Zoekresultaat: 93 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Jurisprudentie x
Jurisprudentie

Advocatuur

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2014
Auteurs Mr. dr. R. Verkijk
Auteursinformatie

Mr. dr. R. Verkijk
Mr. dr. R. Verkijk is advocaat bij Helgers Advocaten en universitair hoofddocent aan de Open Universiteit.

Mr. dr. P. Smits
Mr. dr. P. Smits is advocaat bij ING Bank.

    Gedragscode Verwerking persoonsgegevens Zorgverzekeraars; goedkeuringsbesluit van het CBP vernietigd; privacy; beroepsgeheim; art. 16 en 25 Wbp; art. 8 EVRM

    Van belang zijnde omstandigheden ter bepaling of schade als gevolg van een planologische ontwikkeling als bedoeld in artikel 6.1, tweede lid, van de Wro tot het normale maatschappelijke risico behoort


Berthy van den Broek

    Van belang zijnde omstandigheden ter bepaling of schade als gevolg van een planologische ontwikkeling als bedoeld in artikel 6.1, tweede lid, van de Wro tot het normale maatschappelijke risico behoort


Berthy van den Broek

    Ernstig incident zorgverlener, uitzendingsverbod, geheimhoudingsplicht, privacy, vrijheid van meningsuiting, art. 7:457 BW, 8 en 10 EVRM

    Wob-verzoek; openbaarmaking documenten IGZ; calamiteit; vrees terughoudendheid informatieverstrekking gerechtvaardigd

    Naar het oordeel van de Afdeling mogen de mogelijkheden van de uit te werken bestemming bij de planvergelijking niet buiten beschouwing worden gelaten

    Het niet-bestemd zijn van de woonboerderij staat niet in de weg aan de toekenning van een tegemoetkoming in planschade. De woonboerderij vertegenwoordigt een vermogensrechtelijke waarde, ook zonder dat hieraan in het bestemmingsplan een zogenoemde positieve bestemming is gegeven

    Waardebepaling bij niet-positieve bestemming


Peter Willems

    Neurochirurg; echtgenote verweerder; uitlatingen in de pers; schending geheimhoudingsplicht

    Een bestemming kan op zichzelf geen beletsel vormen voor de uitvoering van werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden, welke daarmee niet in overeenstemming zijn

Jurisprudentie

Inzage in medische informatie in personenschadezaken: de betekenis van het arrest van het EHRM van 18 april 2012 (Eternit/Frankrijk)

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2013
Trefwoorden inzage in medische informatie, botsing artikel 6 EVRM (recht op eerlijk proces) en artikel 8 EVRM (recht op bescherming persoonlijke levenssfeer)
Auteurs Mr. A. Wilken
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit arrest heeft het EHRM zich in het kader van inzage in medische informatie van een werknemer voor het eerst uitgelaten over de verhouding tussen artikel 6 EVRM (het recht van de werkgever op een eerlijk proces) en artikel 8 EVRM (het recht van de werknemer op bescherming van zijn persoonlijke levenssfeer). In deze bijdrage wordt aandacht besteed aan een aantal in het oog springende verschillen tussen deze zaak en letselschadezaken, die van belang zijn bij de uitleg van de (mogelijke) betekenis van dit arrest in het letselschadeproces.


Mr. A. Wilken
Mevrouw mr. A. Wilken is onderzoeker aan de Vrije Universiteit Amsterdam en is verbonden aan het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van VU en VU medisch centrum.

    Dat een uitwerkingsplan thans, anders dan onder het oude recht, oorzaak van planschade kan zijn, dient tot gevolg te hebben dat bij een vergelijking tussen een bestemmingsplan en het nieuwe planologische regime niet wordt uitgegaan van de maximale mogelijkheden van de uitwerkingsregels van dat bestemmingsplan


Berthy van den Broek

    Dat in artikel 6.2, tweede lid, van de Wro, waarin de forfaitaire drempel van 2% is opgenomen, niet van toepassing is, staat er niet aan in de weg dat bij de beoordeling of de schade binnen het normale maatschappelijke risico valt een forfaitaire drempel of een kortingspercentage kan worden toegepast

    Psychotherapeut; toestemming patiënt; terugkoppeling naar huisarts

    Exhibitieplicht; 843aRv: vrijheid intern vormen van gedachten

Jurisprudentie

Rb. Almelo 21 december 2011, LJN BV0428

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2012
Trefwoorden googelende verzekeraar, internetonderzoek, privacy, bescherming persoonsgegevens, proportionaliteit
Auteurs Mr. H.H. de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    Een ‘googelende verzekeraar’ betrapt een slachtoffer van schade op het geven van een te negatief beeld van zijn arbeidsvermogen. De rechtbank oordeelt op basis van uitdraaien van websites dat het slachtoffer een aanzienlijk bedrag als onverschuldigd betaald aan de verzekeraar moet terugbetalen. Het bewijsmateriaal wordt niet ontkend. De vraag is of het slachtoffer de rechtmatigheid van het verzamelen van bewijs door middel van internetonderzoek kan betwisten. De verzekeraar is immers gehouden tot naleving van regels ter bescherming van persoonsgegevens, op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens en voor verzekeraars geldende gedragscodes.


Mr. H.H. de Vries
Mr. H.H. de Vries is advocaat bij Kennedy Van der Laan en medewerker van de afdeling Transnational Legal Studies aan de Vrije Universiteit.

    Ontvankelijkheid. Wel zienswijze mogelijk bij een ontwerpbestemmingsplan dat zijn grondslag vindt in projectbesluiten die nog niet onherroepelijk zijn. Woningen op bedrijventerrein

Toont 1 - 20 van 93 gevonden teksten
« 1 3 4 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.