Zoekresultaat: 33 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Jurisprudentie x
Jurisprudentie

Mars/Nestlé

Rb. ’s-Hertogenbosch 29 juli 2011, zaaknr. 232032-KG ZA 11-414 (Nestlé Nederland B.V./Mars Nederland B.V.)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2013
Trefwoorden afscherming markt, civiele procedure, promotieprogramma, merkbaarheid
Auteurs Mr. P.D. van den Berg en Mr. W. Knibbeler
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2010 heeft Mars bij de onafhankelijke tankstations een Mars Ondernemersprogramma (het MOP) geïntroduceerd, om de verkoop van haar chocolade- en kauwgomproducten te vergroten. Het MOP voorziet o.a. in vergoedingen en bonussen voor tankstations die hun schapruimte invullen volgens de instructies van Mars en daarbij een prominente plaats reserveren voor Marsproducten. In 2011 voeren ruim 300 onafhankelijk opererende tankstationhouders een van de varianten van het MOP uit. Concurrent Nestlé start daarop een bodemprocedure en een kort geding, waarbij zij aanvoert dat Mars door middel van het MOP misbruik maakt van haar machtspositie op grond van artikel 24 Mw en het kartelverbod overtreedt zoals vervat in artikel 6 Mw. Nestlé vordert in kort geding dat het programma door Mars wordt gestaakt.Rb. ’s-Hertogenbosch 29 juli 2011, zaaknr. 232032-KG ZA 11-414 (Nestlé Nederland B.V./Mars Nederland B.V.)


Mr. P.D. van den Berg
Paul van den Berg is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP.

Mr. W. Knibbeler
Wilfred Knibbeler is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP.
Jurisprudentie

Een gemengde sla van ondernemingsbegrip, toerekenbaarheid, beboeting en landbouwbeleid

Besluit van de NMa van 15 mei 2012, zaak 7036 (Paprika)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2013
Auteurs Mr. P.V.F. Bos en Mr. M.J. Plomp
Auteursinformatie

Mr. P.V.F. Bos
Pierre Bos is advocaat bij BarentsKrans.

Mr. M.J. Plomp
Mariëtte Plomp is advocaat bij BarentsKrans.
Jurisprudentie

De toezeggingsbeschikking inzake e-books

Besluit van de Commissie van 12 december 2012, zaak COMP/39.847

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2013
Trefwoorden e/books, Apple, kartelverbod, agentuurovereenkomst, toezeggingsbeschikking
Auteurs Mr. P.P.J. van Ginneken en Mr. C.P.J. van Veen
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 12 december 2012 heeft de Europese Commissie een toezeggingsbeschikking op grond van artikel 101 VWEU genomen met betrekking tot de detailhandelsprijzen voor e-books. In deze annotatie plaatsen de auteurs enkele kanttekeningen bij deze toezeggingsbeschikking door deze te vergelijken met het Amerikaanse e-books-onderzoek. De auteurs vragen zich af of de beoordeling van de rol van Apple en de keuze van een toezeggingsbeschikking door de Commissie wel juist zijn.


Mr. P.P.J. van Ginneken
Mr. P.P.J. van Ginneken is werkzaam bij Brinkhof N.V.

Mr. C.P.J. van Veen
Mr. C.P.J. van Veen is werkzaam bij Brinkhof N.V.
Jurisprudentie

HvJ EU Expedia en de mededingingsrechtelijke merkbaarheid

Gevolgen voor de Nederlandse praktijk

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2013
Trefwoorden Expedia, de minimis, strekkingsbeding, merkbaarheidstoets
Auteurs Mr. E.F. van Hasselt, Mr. H.E. Urlus en A. Baars
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Expedia-arrest leert dat een strekkingsbeding met interstatelijk effect niet op merkbaarheid wordt getoetst, en dat de ‘de minimis’ bekendmaking de nationale autoriteiten niet bindt.
    Deze bijdrage bespreekt dat deze benadering niet eenvoudig past in de nationale praktijk. Er blijft ook behoefte aan een nadere uitleg wanneer er sprake is van een strekkingsbeding. Expedia lijkt ruimte te laten voor een merkbaarheidstoets. De Nederlandse jurisprudentie over de merkbaarheidstoets verdient mogelijk wel bijstelling. Auteurs concluderen dat merkbaarheid, in ieder geval bij de toepassing van artikel 6 Mw, nog een relevant toetscriterium is. De eerste Nederlandse uitspraken post Expedia lijken dit te bevestigen.
    HvJ EU 13 december 2012, zaak C-226/11, Expedia Inc./Autorité de la concurrence e.a., n.n.g.


Mr. E.F. van Hasselt
Mr. E.F. van Hasselt is als advocaat verbonden aan het advocatenkantoor Greenberg Traurig, LLP te Amsterdam.

Mr. H.E. Urlus
H.E. Urlus is als advocaat verbonden aan het advocatenkantoor Greenberg Traurig, LLP te Amsterdam.

A. Baars
Anoek Baars is als juridisch medewerker aan Greenberg Traurig, LLP verbonden.
Jurisprudentie

De (on)toelaatbaarheid van het passing on-verweer: TenneT c.s./ABB c.s.

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2013
Trefwoorden schadevergoeding, artikel 101 lid 1 VWEU, passing on, doorberekeningsverweer
Auteurs Mr. drs. R.W.E. van Leuken
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij vonnis van 16 januari jl. heeft de Rechtbank Oost-Nederland (zittingsplaats Arnhem) ABB Ltd. en dochtermaatschappij ABB B.V. veroordeeld tot betaling van schadevergoeding aan TenneT TSO B.V. en Saranne B.V. wegens schending van artikel 101 lid 1 VWEU. De vaststelling van de schade geschiedt ex artikel 6:97 BW op abstracte wijze; het beroep door gedaagden op het passing on-verweer (of doorberekeningsverweer) wordt expliciet verworpen. In het hiernavolgende bespreek ik dit onderdeel van het vonnis, en vergelijk het met een recente uitspraak van het Duitse Bundesgerichtshof.
    Rb. Oost-Nederland 16 januari 2013, ECLI:NL:RBONE:2013:BZ0403.(TenneT TSO B.V. en Saranne B.V./ABB B.V., ABB Holdings B.V. en ABB Ltd.)


Mr. drs. R.W.E. van Leuken
Mr. drs. R.W.E. van Leuken is als onderzoeker verbonden aan het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Jurisprudentie

E.ON en GDF tegen de Europese Commissie

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2013
Trefwoorden Potentiële concurrentie, Counterfactual, Volledige rechtsmacht, Nevenrestrictie, Duur van overtreding
Auteurs Mr. B.H.J. Braeken
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel bespreekt een tweetal arresten van het Gerecht van 29 juni 2012 (zaak T-360/09, E.ON/Europese Commissie en zaak T-370/09, GDF Suez SA/Europese Commissie). Beide arresten behandelen de beroepen tegen een beschikking van de Commissie van 8 juli 2009 waarin E.ON en GDF waren beboet voor marktverdelingsafspraken. In zijn arresten onderzoekt het Gerecht minutieus of E.ON en GDF überhaupt voor de volledige duur van de overtreding wel als (potentiële) concurrenten konden worden aangemerkt. Daarnaast is het arrest van belang omdat het Gerecht gebruikmaakt van de volledige rechtsmacht op grond van Verordening 2003/1/EG en de boete vaststelt op een hoger niveau dan zou voortvloeien uit de boeterichtsnoeren van de Commissie.


Mr. B.H.J. Braeken
Mr. B.H.J. Braeken is advocaat bij Stibbe in Amsterdam.
Jurisprudentie

Verhaal van kartelschade door de Europese Commissie

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2013
Trefwoorden Kartelschade, Private handhaving, Boetebeschikking, Gebondenheid beschikking
Auteurs Mr. R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit arrest heeft het Hof van Justitie zich uitgesproken over de vraag of de Europese Commissie bevoegd is om namens de Unie-instellingen een vordering tot schadevergoeding in te stellen bij een nationale rechter wegens kartelschade. Daarbij komt ook de vraag aan de orde in hoeverre dit in strijd is met artikel 6 EVRM en artikel 47 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Het Hof van Justitie oordeelt dat de Commissie bevoegd is tot het instellen van een schadevergoedingsactie namens de Unie en dat van schending van artikel 6 EVRM of artikel 47 Handvest geen sprake is.


Mr. R. Meijer
Mr. R. Meijer is advocaat bij Allen & Overy LLP.
Jurisprudentie

CBb-trilogie: Apotheek Van Dalen - NZa (en Menzis)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2012
Trefwoorden NZa, aanmerkelijke marktmacht, artikel 48 Wet marktordening gezondheidszorg (WMG), toetsing AMM-bevoegdheden, apotheek
Auteurs Mr. M.Ph.M. Wiggers en mr. dr. J.J.M. Sluijs
SamenvattingAuteursinformatie

    De uitspraak van het CBb van 7 juni 2012 markeert het einde van de eerste AMM-zaak van de NZa. De zaak-Van Dalen heeft aangetoond dat de inzet van de AMM-bevoegdheden door de NZa kwetsbaar is. In de voorlopige voorzieningen heeft Van Dalen grosso modo de procedures gewonnen en de NZa verloren, maar in beroep bij het CBb heeft de NZa haar AMM-besluit overeind weten te houden.


Mr. M.Ph.M. Wiggers
Mr. M.Ph.M. Wiggers is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam en verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen als buitenpromovendus.

mr. dr. J.J.M. Sluijs
Mr. dr. J.J.M. Sluijs is advocaat bij Legaltree te Den Haag.
Jurisprudentie

Auto 24 SARL tegen Jaguar Land Rover France SAS (Auto24/JLR)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2012
Trefwoorden artikel 101 VWEU, selectieve distributie, kwantitatieve criteria, groepsvrijstelling motorvoertuigen
Auteurs Mr. M. Knapen
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit arrest geeft het Hof van Justitie antwoord op de vraag of kwantitatieve selectieve distributiecriteria enkel onder de groepsvrijstelling motorvoertuigen vallen indien zij berusten op objectief gerechtvaardigde criteria die eenvormig en zonder onderscheid worden toegepast op eenieder die om erkenning verzoekt. Het arrest behandelt een aantal fundamentele vraagstukken die relevant zijn bij het opstellen en handhaven van een selectief distributiestelsel en verduidelijkt de voorwaarden die gelden ten aanzien van het rechtvaardigen, toepassen en openbaar maken van selectiecriteria. Opvallend is daarbij dat het Hof van Justitie een minder strikte benadering lijkt te volgen ten aanzien van kwantitatieve selectieve distributiecriteria dan de Nederlandse rechter in de recente Auping- en Batavus-arresten.


Mr. M. Knapen
Mr. M. Knapen is advocaat in dienstbetrekking bij Philips.
Jurisprudentie

The Greenery/Oussoren

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2012
Trefwoorden coöperatie, exclusieve leveringsplicht (oud-)leden, verticale beperkingen en cumulatief effect, afweging concurrentiebeperkende tegen concurrentiebevorderende effecten, rule of reason?
Auteurs Mr. P.J. Kreijger
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze zaak oordeelt het Gerechtshof Den Haag over een door landbouwcoöperatie The Greenery met een van haar voormalige leden gemaakte afspraak tot exclusieve levering. Anders dan de rechtbank in eerste aanleg ziet het gerechtshof geen strijd met artikel 101 VWEU en/of artikel 6 Mw. Daartoe maakt het gerechtshof onder meer een afweging tussen de concurrentiebeperkende gevolgen en de concurrentiebevorderende effecten van de leveringsverplichting, zonder deze afweging binnen het kader van artikel 6 lid 1 Mw/artikel 101 lid 1 VWEU te plaatsen. Aanvaardt het gerechtshof hier in feite een, door de Luxemburgse rechtspraak categorisch afgewezen, rule of reason?


Mr. P.J. Kreijger
Mr. P.J. Kreijger is advocaat bij Linklaters LLP in Amsterdam.
Jurisprudentie

Terug naar de vorm? Een blik op Tomra

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2012
Trefwoorden Hof van Justitie, Tomra, Misbruik, Getrouwheidskortingen, Richtsnoeren
Auteurs Mr. P.J.H.M. van Osch LL.M
SamenvattingAuteursinformatie

    Bespreking van de uitspraak van het Hof van Justitie in de Tomra-zaak. Het Hof van Justitie bevestigt het eerdere oordeel van het Gerecht dat Tomra misbruik heeft gemaakt van haar machtspositie op de markt voor emballage innameautomaten. Het misbruik bestond uit het uitvoeren van een mededingingsbeperkende strategie door het aangaan van exclusiviteitsafspraken, afnamedoelstellingen en kortingsregelingen met terugwerkende kracht. Auteur bespreekt het arrest tegen de achtergrond van de richtsnoeren van de Europese Commissie inzake artikel 102 Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) met specifieke aandacht voor de mogelijkheid van een de minimis regel en het belang van de effects-based benadering in misbruikzaken.


Mr. P.J.H.M. van Osch LL.M
Mr. P.J.H.M. van Osch LL.M. is advocaat en projectjurist bij Oxcon.
Jurisprudentie

Horizontale betrekkingen in franchiserelaties

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2012
Trefwoorden Franchise, Rayonnering, Horizontaal, Verticaal, Kartelverbod
Auteurs Mr. X.A. Reintjes
SamenvattingAuteursinformatie

    Schakelt de NMa franchising uit als middel voor regionale ondernemingen om landelijk hun diensten te kunnen aanbieden? Deze vraag staat centraal in deze annotatie. Daarbij wordt ingegaan op de concrete geschiktheid van afspraken over rayonnering om de intrabrand mededinging te beperken en het daaruit volgende effect op de interbrand mededinging in de markt. De groepsvrijstelling verticale overeenkomsten kan vervolgens van toepassing zijn, ook op franchiseconstructies waarbij franchisegever en franchisenemers mede in een horizontale relatie staan. De relatie tussen de franchisenemers met beslissende zeggenschap over de franchisegever kan echter worden getoetst aan het kartelverbod en mogelijk onderhevig zijn aan concentratietoezicht.


Mr. X.A. Reintjes
Mr. X.A. Reintjes is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek in Brussel.
Jurisprudentie

Bespreking arresten van het Gerecht van 2 februari 2012 in de zaken T-76/08, DuPont/Commissie en T-77/08, Dow/Commissie

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2012
Trefwoorden Dow, DuPont, Europese Commissie, chloropeenrubberkartel, joint venture
Auteurs Mr. E.H. Pijnacker Hordijk
SamenvattingAuteursinformatie

    In de arresten van het Gerecht van 2 februari 2012 in de zaken T-76/08, DuPont/Commissie en T-77/08, Dow/Commissie, gericht tegen de beschikking van de Commissie van 5 december 2007 inzake het Chloropreenrubberkartel, is met name de vraag aan de orde of een overtreding gepleegd door een concentratieve (full-function) joint venture kan worden toegerekend aan de beide ouders. Deze vraag is niet nieuw, maar was nog niet eerder aan de Unierechter voorgelegd.


Mr. E.H. Pijnacker Hordijk
Mr. E.H. Pijnacker Hordijk is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek N.V. en tevens redactielid van M&M.
Jurisprudentie

‘De Nederlander betaalt teveel voor zijn biertje’

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2012
Trefwoorden Nederlandse biermarkt, bewijslast, clementie, redelijke termijn, algemene beginselen
Auteurs Mr. R. Ludding en Mr. F. Pasaribu
SamenvattingAuteursinformatie

    De hier te bespreken arresten van 16 juni 2011, zaken T-240/07 (Heineken N.V. en Heineken Nederland B.V.) en T-235/07 (Bavaria N.V.), alsmede het arrest van 15 september 2011, zaak T-234/07 (Koninklijke Grolsch N.V.), betreffen het Nederlandse ‘bierkartel’, dat volgens de Europese Commissie in haar boetebesluit in ieder geval in de periode 1996-1999 actief was.


Mr. R. Ludding
R. Ludding is advocaat bij DLA Piper Nederland N.V.

Mr. F. Pasaribu
F. Pasaribu is advocaat bij DLA Piper Nederland N.V.
Jurisprudentie

FA Premier League/Karen Murphy

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2011
Trefwoorden Uitzendrechten, territoriale exclusieve licenties, handel in decoders, absolute gebiedsbescherming bij content
Auteurs Mr. P.J. Kreijger
SamenvattingAuteursinformatie

    De tamelijk opgewonden berichtgeving over de uitspraak van het Hof van Justitie van 4 oktober jl. in de FA Premier League-zaak doet vermoeden dat de tijden van Bosman en het Luxemburgse activisme van de jaren zeventig herleven. Belangwekkend is het arrest zonder meer, maar goed beschouwd minder spectaculair voor het mededingingsrecht dan voor het recht van de intellectuele eigendom.


Mr. P.J. Kreijger
Mr. P.J. Kreijger is advocaat bij Linklaters LLP te Amsterdam.
Jurisprudentie

CBb stelt grenzen aan alles-in-één-hand stelsel

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2011
Trefwoorden functiescheiding, alles-in-één-hand stelsel, bouwfraude, onderzoek, uitsluiting van bewijs
Auteurs Mr. B.H.J. Braeken
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij uitspraak van 30 augustus 20111x LJN BR6737. bevestigt het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) de uitspraak van de Rechtbank Rotterdam van 28 april 20092x LJN BI3337. waarin de rechtbank oordeelde dat de NMa de verplichting tot functiescheiding zoals bedoeld in artikel 54a Mw had geschonden. Het CBb overweegt dat de verplichting tot functiescheiding ertoe strekt te verzekeren dat de beslissing om al dan niet een boete op te leggen objectief en onbevooroordeeld plaatsvindt. Volgens het CBb had de NMa zich in de onderhavige zaak niet van die verplichting gekweten. De Juridische Dienst van de NMa had namelijk voorafgaand aan het primaire besluit bij een derde partij feitelijke informatie opgevraagd. Het opvragen van dergelijke informatie kwalificeert als een onderzoekshandeling en is voorbehouden aan de daartoe aangewezen ambtenaren van de NMa. Het CBb overweegt dat binnen het in de Mededingingswet voorziene alles-in-één-hand stelsel de verplichting tot functiescheiding van fundamentele betekenis is. Het CBb verbindt daaraan vervolgens de conclusie dat niet alleen het procedureel incorrect verkregen bewijsmateriaal moet worden uitgesloten, maar dat de ‘smet’ van dit bewijsmateriaal ook kleeft aan de waardering van het reeds in de onderzoeksfase verkregen bewijsmateriaal.

Noten


Mr. B.H.J. Braeken
Mr. B.H.J. Braeken is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Jurisprudentie

Pfleiderer AG/Bundeskartellamt

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2011
Trefwoorden clementie, openbaarmaking, Wob, doeltreffendheid, schadevergoeding
Auteurs Mr. M. Kuijper
SamenvattingAuteursinformatie

    De bijdrage betreft een noot bij het arrest Pfleiderer aangaande de prejudiciële vraag of het Unierecht zich verzet tegen inzage in nationale clementiestukken door een derde. Het arrest stelt dat een vordering tot inzage dient te worden beoordeeld naar nationaal recht, waarbij per geval de uit het Unierecht voortvloeiende belangen dienen te worden afgewogen. Het commentaar gaat in op de mate van invulling die het Hof van Justitie had kunnen geven aan de reikwijdte van de bescherming van clementiestukken. Vervolgens wordt de door het Hof van Justitie voorgestane belangenafweging behandeld en wordt stilgestaan bij mogelijke gevolgen van dit arrest voor de Nederlandse rechtspraktijk.


Mr. M. Kuijper
Mr. M. Kuijper is advocaat bij Boekel De Nerée N.V. te Londen.
Jurisprudentie

Bewijswaarde clementieverklaringen – het arrest Aalberts

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2011
Trefwoorden bewijs(waarde), clementie(verklaring), aanvullend bewijs, Aalberts, JFE
Auteurs Mr. S.C.H. Molin
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest Aalberts heeft het Gerecht de beschikking van de Europese Commissie in de zaak Fittingen vernietigd voor zover daarbij aan Aalberts een boete was opgelegd voor kartelinbreuken van twee door haar verworven dochtermaatschappijen. De Commissie had zich bij de vaststelling van de inbreuk van een van deze dochtermaatschappijen te zeer verlaten op een clementieverklaring van een andere onderneming, zonder dat deze voldoende steun vond in aanvullend bewijsmateriaal. Daardoor was niet voldaan aan de voor vaststelling van een inbreuk op artikel 101 VWEU geldende bewijsstandaard.


Mr. S.C.H. Molin
Mr. S.C.H. Molin is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek.
Jurisprudentie

Sandd/Selekt Mail

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2011
Trefwoorden concentratie, causaliteit, failing firm, counterfactual, failing division
Auteurs Mr. B.J.H. Braeken
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij besluit van 8 april 2011 heeft de raad van bestuur van de NMa bepaald dat voor de totstandbrenging van de overname door Sandd B.V. van Deutsche Post Selekt Mail Nederland C.V. en Deutsche Post Mail Distribution (Netherlands) B.V. geen vergunning is vereist.De NMa komt tot dit besluit ondanks haar inschatting dat het verdwijnen van Selekt Mail van de Nederlandse markt kan leiden tot significante mededingingsbeperkende effecten. Doorslaggevend voor haar beslissing om toch geen vergunning te eisen, is de afwezigheid van causaliteit tussen de concentratie en de mededingingsbeperkende effecten. Uit een analyse van de counterfactual blijkt namelijk dat deze effecten zich vermoedelijk ook zullen voordoen in een scenario waarin Selekt Mail niet wordt overgenomen door Sandd.


Mr. B.J.H. Braeken
Mr. B.J.H. Braeken is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Jurisprudentie

De ene beslissing is de andere niet: de beperkingen voor nationale autoriteiten

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2011
Trefwoorden negatieve beslissingen, bevoegdheden nationale autoriteiten, procedurele autonomie, rechtstreekse werking Verordening (EG) nr. 1/2003
Auteurs Dr. L. Parret
SamenvattingAuteursinformatie

    De prejudiciële vragen stellen de bevoegdheidsverdeling tussen de Commissie en de nationale autoriteiten aan de orde. Door te bepalen dat nationale autoriteiten geen negatieve beslissingen mogen nemen (namelijk vaststellen dat er geen inbreuk is op de artikelen 101 of 102 VWEU) worden de krachtverhoudingen binnen het netwerk van handhavers op scherp gesteld. Verrassend is dat niet: dat het ECN-netwerk een samenwerking tussen gelijken zou zijn, is een illusie die nog door weinigen wordt verdedigd.


Dr. L. Parret
Dr. L. Parret is lid van de Belgische Raad voor de Mededinging, ere-advocaat aan de balie van Brussel, docent aan de Tilburg University en lid van TILEC (Tilburg Law and Economics Center).
Toont 1 - 20 van 33 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.