Zoekresultaat: 16 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Jurisprudentie x
Jurisprudentie

Derogerende werking van de redelijkheid en billijkheid in het arbeidsrecht

HR 22 juni 2012, JAR 2012/189, NJ 2012, 396 (ABN AMRO/werknemer)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2013
Trefwoorden beperkende werking, redelijkheid en billijkheid, vervaltermijn, BBA
Auteurs Prof. mr. C.J.H. Jansen en Mr. J.E. Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs gaan in op de betekenis van de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid voor het arbeidsrecht. Zij doen dit aan de hand van de uitspraak van de Hoge Raad in ABN AMRO/werknemer, waarin het college voor het eerst overweegt dat een beroep van de werkgever op de vervaltermijn van zes maanden in artikel 9 lid 3 BBA op grond van de specifieke omstandigheden van het geval naar redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. Tevens besteden zij aandacht aan het oordeel van de Hoge Raad dat de gezichtspunten uit de rechtspraak over verjaringstermijnen ex artikel 3:310 lid 1 en 2 BW niet van overeenkomstige toepassing zijn op een geval als het onderhavige. In navolging van de A-G zijn de auteurs kritisch ten aanzien van de afwegingen die de Hoge Raad hierover maakt. Ook anderszins hebben zij moeite met de onderbouwing van de uitspraak door de Hoge Raad.


Prof. mr. C.J.H. Jansen
Prof. mr. C.J.H. Jansen is hoogleraar rechtsgeschiedenis en burgerlijk recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen en verbonden aan het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht.

Mr. J.E. Jansen
Mr. J.E. Jansen is hoofddocent romeins recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen en verbonden aan het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht.
Jurisprudentie

Grenzeloze problemen bij grensoverschrijdende arbeid

De IPR-systematiek van het EVO-Verdrag en de Rome I-Verordening nader beschouwd, HR 3 februari 2012, LJN BS8791, JAR 2012/69 (Schlecker/Boedeker)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2012
Trefwoorden EVO-Verdrag, Rome I-Verordening, toepasselijk recht, vrij werknemersverkeer, VWEU
Auteurs F.G. Laagland
SamenvattingAuteursinformatie

    Indien een werknemer in een ander land werkzaamheden verricht dan waar hij zijn dienstverband heeft, bevindt de (reikwijdte van zijn) arbeidsovereenkomst zich niet langer onder de glazen stolp van één nationaal rechtsstelsel. De stap over de grens maakt dat de arbeidsovereenkomst raakvlakken vertoont met meer landen, die elk hun eigen normen, waarden en regels kennen inzake het arbeidsrecht. Die eigenheid van het nationale arbeidsrecht maakt de vraag naar het toepasselijke recht relevant. Dat het antwoord hierop niet altijd eenduidig is te geven, blijkt uit de zaak die heeft geleid tot het arrest van de Hoge Raad van 3 februari 2012. De Hoge Raad stelt in dit arrest twee prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie over de uitleg van het EVO-Verdrag indien sprake is van een permanente tewerkstelling in het ene land terwijl alle overige omstandigheden op een nauwe verbondenheid met een ander land wijzen. In deze bijdrage bespreekt de auteur de discussie tussen partijen over het toepasselijke recht in het licht van het EVO-Verdrag (en de Rome I-Verordening). Speciale aandacht gaat uit naar de betekenis van de fundamentele verdragsvrijheid inzake het vrije werknemersverkeer.


F.G. Laagland
Mw. mr. F.G. Laagland is docent/onderzoeker sociaal recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen en tevens als redactiesecretaris verbonden aan dit blad.
Jurisprudentie

De Hoge Raad en het wijzigingsontslag

HR 24 december 2010, JAR 2011/20 (Woonzorg) en HR 24 december 2010, LJN BO2420

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2011
Trefwoorden ontslagrecht, gesloten stelsel, sociaal rechtvaardig ontslag, wijzigingsontslag, Änderungskündigung
Auteurs mr. N. Gundt
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van twee uitspraken van de Hoge Raad van 24 december 2010 wordt in deze bijdrage het wijzigingsontslag nader onderzocht. In de eerste plaats wordt geconstateerd dat het wijzigingsontslag in Nederland op basis van de huidige regelgeving slechts in de vorm van het deeltijdontslag mogelijk is. Nu de Hoge Raad desondanks het wijzigingsontslag lijkt te hebben aanvaard, is de voornaamste vraag hoe deze ontslagvorm in goede banen kan worden geleid. Onderzocht wordt in hoeverre het Duitse recht hierbij van nut kan zijn, aangezien daar het wijzigingsontslag niet alleen gecodificeerd is, maar ook in rechtspraak en literatuur veelvuldig wordt verfijnd. Ten slotte worden eisen en voorwaarden geïdentificeerd die in de toekomst aan een wijzigingsontslag zouden moeten worden gesteld.


mr. N. Gundt
Mw. mr. N. Gundt is universitair docent Arbeidsrecht aan de Universiteit Maastricht.
Jurisprudentie

Arbeidsovereenkomst en privaatrechtelijke dienstbetrekking: dezelfde betekenis en uitlegcriteria?

Hoge Raad 25 maart 2011, nr. 10/02146, LJN BP3887, JAR 2011/109, m.nt. C.J. Loonstra, NJ 2007, 449

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2011
Trefwoorden privaatrechtelijke dienstbetrekking, arbeidsovereenkomst, gezagsverhouding, partijbedoeling, feitelijke uitvoering
Auteurs Prof. mr. C.J. Loonstra
SamenvattingAuteursinformatie

    De civiele rechter neemt sinds het arrest Groen/Schoevers (JAR 1997/263) bij de beantwoording van de vraag of partijen een arbeidsovereenkomst ex artikel 7:610 BW hebben gesloten, zowel in ogenschouw hetgeen partijen bij het sluiten van de overeenkomst voor ogen heeft gestaan, als de wijze waarop zij feitelijk uitvoering aan de overeenkomst hebben gegeven. Of de fiscale rechter en de socialeverzekeringsrechter deze twee aspecten eveneens in hun beoordelingen of van een (privaatrechtelijke) dienstbetrekking kan worden gesproken, moeten betrekken, is lange tijd niet duidelijk geweest. Uit de rechtspraak van deze twee rechters kan in ieder geval worden afgeleid dat zij de partijbedoeling een uiterst bescheiden rol hebben toebedeeld. In het arrest De Gouden Kooi van de (fiscale kamer van de) Hoge Raad is (voor het eerst) expliciet overwogen dat ook de socialeverzekeringsrechter zowel partijbedoeling als feitelijke uitvoering in zijn beschouwing moet betrekken (de fiscale rechter heeft dit gedaan). Betoogd wordt dat dit desondanks geen (ingrijpende) gevolgen zal hebben voor de eigen accenten die de CRvB en de Hoge Raad (fiscale kamer) tot nu toe altijd hebben gelegd bij hun uitleg van de (privaatrechtelijke) dienstbetrekking.


Prof. mr. C.J. Loonstra
Prof. mr. C.J. Loonstra is hoogleraar arbeidsrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Jurisprudentie

Het Hof van Justitie en zijn benigna interpretatio van werkgever en werknemer

HvJ EG 21 oktober 2010, C-242/09, JAR 2010/298 (Albron Catering BV/FNV Bondgenoten & John Roest)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2011
Trefwoorden overgang van onderneming, rechtspositie permanent gedetacheerde werknemer binnen concern
Auteurs Dr. R.M. Beltzer en Mr. I.A. Haanappel
SamenvattingAuteursinformatie

    In de zaak Albron/Roest heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie een belangwekkende uitspraak gedaan die grote gevolgen heeft voor de Nederlandse rechtspraktijk. De binnen een concern permanent gedetacheerde werknemer wordt beschermd door Richtlijn 2001/23 (overgang van onderneming) en wel door een welwillende interpretatie van de begrippen werkgever en werknemer door het Hof. Het arrest zal naar het oordeel van de auteurs moeten leiden tot een aanpassing van de Nederlandse wetgeving.


Dr. R.M. Beltzer
Dr. R.M. Beltzer is universitair hoofddocent arbeidsrecht en socialezekerheidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam.

Mr. I.A. Haanappel
Mw. mr. I.A. Haanappel is promovenda aan de Universiteit van Amsterdam.
Jurisprudentie

Kennelijk onredelijk ontslag vanuit historisch perspectief verklaard

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2010
Trefwoorden kennelijk onredelijk ontslag, schadevergoeding, vergoeding naar billijkheid, begroten, ex tunc, ontbinding, kantonrechtersformule, leeftijdsdiscriminatie
Auteurs Mr. D.J. Buijs
SamenvattingAuteursinformatie

    De arresten Van de Grijp/Stam en Rutten/Breed met betrekking tot kennelijk onredelijk ontslag hebben geleid tot commotie. Dat is begrijpelijk in het kader van de rechtsontwikkeling van het afgelopen decennium, maar wanneer de problematiek wordt geplaatst in het kader van de rechtsontwikkeling van de afgelopen eeuw, wordt het nieuwe onder de zon gevormd door de invoering van het nieuwe BW en de onbedoelde gevolgen daarvan voor de als bijzondere overeenkomst aangemerkte arbeidsovereenkomst. De arbeidsovereenkomst is minder bijzonder dan sommigen menen en de leer van de Hoge Raad met betrekking tot kennelijk onredelijk ontslag vergt weliswaar vaardigheden, maar de praktijk leert dat de rechter door de Hoge Raad niet voor een onmogelijke opgave wordt gesteld.


Mr. D.J. Buijs
Mr. D.J. Buijs is kantonrechter.
Jurisprudentie

Aansprakelijkheid van bestuurders jegens werknemers wegens misbruik van faillissement

HR 28 mei 2004, JOL 2004, 281 (De Boek/Van Gorp)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 02 2004
Trefwoorden misbruik van faillissement, persoonlijke aansprakelijkheid bestuurder, schadevergoeding werknemer
Auteurs M.L. Lennarts en S.N. de Valk

M.L. Lennarts

S.N. de Valk
Jurisprudentie

Het sociaal plan: de mist is nog lang niet opgetrokken

HR 14 juni 2002, JAR 2002, 165

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 03 2002
Trefwoorden sociaal plan, kennelijk onredelijk ontslag, Aanbeveling 3.6 Kring van Kantonrechters, redelijkheid sociaal plan, CAO-recht
Auteurs C.J. Loonstra

C.J. Loonstra
Jurisprudentie

Ontslagvergunning onder ontbindende voorwaarde

HR 16 november 2001, JAR 2001, 258 (Architectenbureau/Jan Smith)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 01 2002
Trefwoorden ontslagvergunning, juridische status van de ontbindende voorwaarde, juridische status van een premisse, deeltijdontslag, wijzigingsontslag, RDA en vergoeding
Auteurs P.S. van Minnen en W.A. Zondag

P.S. van Minnen

W.A. Zondag
Jurisprudentie

Over het bereik van artikel 25 WOR

Ondernemingskamer Gerechtshof Amsterdam 19 oktober 2001, JAR 2001, 235 (Ondernemingsraad NV Brabantse Buurtspoorwegen en Autodiensten BBA/NV Brabantse Buurtspoorwegen en Autodiensten BBA)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 01 2002
Trefwoorden Adviesrecht bij bieding op openbaarvervoerconcessie, tijdsduur adviesprocedure, geheimhouding
Auteurs L.C.J. Sprengers

L.C.J. Sprengers
Jurisprudentie

De zaak Juuri: over ontslag en de wil van sociale partners

HvJ EG 27 november 2008, JAR 2009/20 (Mirja Juuri /Fazer Amica Oy)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2010
Trefwoorden overgang van onderneming, bescherming bij achteruitgang door overgang, einde cao op datum van overgang
Auteurs Mr. R.M. Beltzer
SamenvattingAuteursinformatie

    Een werknemer kan er door de overgang van onderneming aanmerkelijk op achteruitgaan. Wordt de arbeidsovereenkomst dientengevolge verbroken, dan komt een dergelijk ontslag voor rekening van de werkgever, aldus artikel 4 lid 2 van Richtlijn 2001/23 (overgang van ondernemingen). In het arrest Juuri zet het Hof van Justitie van de EG uiteen wat de reikwijdte van deze bepaling is. Voorts beoordeelt het Hof de geldigheid van een afspraak tussen sociale partners, erop neerkomende dat de cao op de datum van overgang afloopt.


Mr. R.M. Beltzer
Mr. R.M. Beltzer is universitair hoofddocent arbeidsrecht aan de UvA.
Jurisprudentie

Arbeidsprocesrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 01 2006
Trefwoorden Werknemer, Werkgever, Ontbindingsvergoeding, Ontbinding, Ontslag, Beëindiging arbeidsovereenkomst, Nietigheid, Vergoeding, Contract, Ontslag op staande voet
Auteurs Bock, E.S. de

Bock, E.S. de
Jurisprudentie

Hadden Osinga en Spaan maar eerder geleefd: over 'zwaarder drukken' en de werking van het concurrentiebeding

HR 5 januari 2007, JAR 2007/37 en 38; RAR 2007/37; JIN 2007/92 en 93, m.nt. Loonstra en Zondag

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 03 2007
Trefwoorden concurrentiebeding, functiewijziging, Brabant/Van Uffelen, belangenafweging, artikel 7:653 BW
Auteurs C.J. Loonstra

C.J. Loonstra
Jurisprudentie

Schemerlicht in de duisternis

vennootschapsrechtelijk ontslag/ontslagname impliceert in beginsel beëindiging van de arbeidsovereenkomst van de bestuurder HR 15 april 2005, RvdW 2005, 57, JAR 2005/117, C04/044 HR/C04/045 HR; HR 15 april 2005

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 01 2006
Trefwoorden arbeidsrechtelijke aspecten, statutair bestuurder, vennootschapsrecht, arbeidsrechtelijke aspecten, ontslagverboden, ontslagverboden
Auteurs E.S. de Bock

E.S. de Bock
Jurisprudentie

De bevoegdheid tot schorsing en het recht op doorbetaling van loon

HR 21 maart 2003, RvdW 2003, 55 en JAR 2003/91 (Van der Gulik/Vissers & Partners)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 02 2003
Trefwoorden schorsing, op non-actiefstelling, bevoegdheid, loondoorbetalingsverplichting, redelijkheid en billijkheid
Auteurs W.A. Zondag

W.A. Zondag
Jurisprudentie

Driekwart-dwingend recht en de niet rechtstreeks toepasselijke CAO

HR 20 december 2002, JAR 2003/19 en NJ 2003, 153, m.nt. TK (Bollemeijer/TPG Post BV)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 02 2003
Trefwoorden CAO, driekwart-dwingend recht, gebondenheid, wet CAO, rol sociale partners, algemeenverbindendverklaring
Auteurs W.H.A.C.M. Bouwens

W.H.A.C.M. Bouwens
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.