Zoekresultaat: 4 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2010 x Rubriek Jurisprudentie x
Jurisprudentie

Rechtsmiddel tegen voorschotbeslissing bij deskundigenonderzoek

HR 22 januari 2010, LJN BK1639 (man/vrouw)

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2010
Trefwoorden voorschotbeslissing, deskundigenonderzoek, tussentijds rechtsmiddel
Auteurs Mr. drs. G. de Groot
Samenvatting

    In deze verdelingszaak gaat het erom of met een rechtsmiddel kan worden opgekomen tegen de beslissing over de begroting van het voorschot voor een deskundigenonderzoek, een kwestie die ook relevant is voor de behandeling van letselschadezaken. Eerst een korte schets van de zaak. De vrouw dagvaardt de man in 1997 voor de Rechtbank Den Haag. Zij vordert onder meer dat de rechtbank een deskundige zal benoemen om de waarde vast te stellen van aandelen van de man in een besloten vennootschap en de man zal veroordelen tot betaling aan haar van de helft van de waarde van de aandelen. De rechtbank wijst de vorderingen af. Het Hof Den Haag bekrachtigt het vonnis van de rechtbank. De Hoge Raad vindt dat het oordeel van het hof over de uitleg van de huwelijkse voorwaarden van een onjuiste rechtsopvatting getuigt (HR 28 november 2003, LJN AK3697). Na verwijzing wijst het Hof Amsterdam twee tussenarresten en benoemt bij een volgend tussenarrest drie deskundigen, onder meer met het oog op de waardering van de aandelen. Het hof bepaalt dat de man een voorschot voor het deskundigenonderzoek van € 45.000 dient te deponeren. De man stelt tegen deze drie tussenarresten (het tweede) cassatieberoep in. De Hoge Raad oordeelt onder meer dat tegen de voorschotbeslissing niet met een tussentijds rechtsmiddel kan worden opgekomen en verklaart de man niet-ontvankelijk in het beroep.


Mr. drs. G. de Groot

    Verschillen assimilatie- en cyclische belichting. Bouwvoorschriften: volwaardigheids- en doelmatigheidscriterium. Diepgang archeologisch onderzoek en vergoeding van kosten.

Jurisprudentie

NMa-besluit kinderopvang Amsterdam

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2010
Trefwoorden Toezeggingsbesluit, formele convergentie EU en Nederlandse mededingingsrecht, clementiebeleid, marktverdelingsafspraak
Auteurs Mr. P.V.F. Bos
SamenvattingAuteursinformatie

    De vijf betrokken ondernemingen, alle actief in de kinderopvang, vormen vanaf juli 2005 een samenwerkingsverband. Het bezwaar van de NMa tegen dit samenwerkingsverband is dat de ondernemingen hadden afgesproken geen activiteiten te ontplooien in het werkgebied van een ander zonder instemming.De ondernemingen zeggen toe dat zij zich in de toekomst zullen onthouden van het aan elkaar verschaffen van inzicht in elkaars marktgedrag. De NMa verklaart vervolgens op 30 juni 2008 de toezegging bindend. Dit is tot heden het enige toezeggingsbesluit van de NMa ex artikel 49A Mw.Het instrument van het toezeggingsbesluit lijkt een aanzet tot verdere bestuursrechtelijke convergentie tussen Nederland en de EU.


Mr. P.V.F. Bos
Mr. P.V.F. Bos is advocaat te ’s-Gravenhage, BarentsKrans N.V.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.