Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 213 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Jurisprudentie x

    1. Klaagster verzocht opheffing van zowel het conservatoir als het klassiek beslag op een woning. Door klaagster was eerder aan de officier van justitie verzocht om het beslag op te heffen zodat de woning kon worden verkocht. Met de notaris zou kunnen worden overeen gekomen dat de volledige koopsom van de woning naar het BOOM dient te worden overgemaakt, zodat er voor het OM geen risico zou zijn. Het OM wees dit verzoek echter van de hand.


mr. J.L. Baar
Jurisprudentie

Microsoft/Skype: Gerecht oordeelt over concentratie op een innovatieve markt

Arrest Gerecht 11 december 2013, zaak T-79/12, Cisco Systems en Messagenet/Commissie, n.n.g.

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2014
Trefwoorden concentratiecontrole, innovatieve markt, groot marktaandeel, conglomeraateffect
Auteurs Mr. Maarten de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest van 11 december 2013 in de zaak Microsoft/Skype laat het Gerecht de goedkeuring door de Europese Commissie van de overname van Skype door Microsoft in stand. De uitspraak is van belang omdat uitdrukkelijk wordt gesteld dat een hoog marktaandeel geen indicatie van marktmarkt hoeft te zijn in een dynamische, innovatieve markt. Daarbij wordt ook relevant geacht dat de diensten van Skype gratis worden aangeboden. Volgens het Gerecht zijn ondernemingen zeer beperkt in het uitoefenen van marktmacht als de gebruikers de verwachting hebben dat de dienst gratis beschikbaar blijft en zij eenvoudig kunnen overstappen naar andere aanbieders. Het arrest gaat ook in op de conglomeraateffecten van de overname. Het Gerecht bevestigt dat de bewijslast voor het aannemen van conglomeraateffecten hoog is, zeker in een dynamische markt waar de ontwikkelingen speculatief kunnen zijn.
    GvEA 11 december 2013, zaak T-79/12, Cisco Systems en Messagenet/Commissie, n.n.g.


Mr. Maarten de Jong
Mr. M.A. de Jong is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam.

    Aantal parkeerplaatsen bij verkoop- en winkelruimte. Aangepaste tekening waarop in totaal 37 parkeerplaatsen zijn ingetekend. Herstellen gebrek.

Jurisprudentie

Erfrechtelijke consequenties van een vaststelling van het vaderschap

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2014
Trefwoorden niet-erkend biologisch kind, legitieme portie, schenking, artikel 1:207 lid 5 BW
Auteurs Prof. mr. E.A.A. Luijten en Prof. mr. W.R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Een niet-erkend biologisch kind van een erflater stelt na de dood van de laatste een vordering in tot betaling van zijn legitieme portie jegens erflaters erfgenaam en jegens een derde, van wie het kind aanneemt dat deze bevoordeeld is door een schenking van erflater. De rechtbank wijst de vordering op beide wederpartijen toe ex artikel 1:207 lid 5 BW; de hoogte van hetgeen het kind toekomt, dient nader te worden bepaald.


Prof. mr. E.A.A. Luijten
Prof. mr. E.A.A. Luijten is emeritus hoogleraar aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Prof. mr. W.R. Meijer
Prof. mr. W.R. Meijer is emeritus hoogleraar aan de Open Universiteit Nederland te Heerlen.

    MediRisk; MaatPolis verzekering zorginstellingen; doorlopende verzekering; faillissement; onderhandelen dekking uitlooprisico’s

Jurisprudentie

De zoektocht naar de juiste interpretatie van opvolgend werkgeverschap na Van Tuinen/Wolters

HR 11 mei 2012, JAR 2012, 150 (Van Tuinen/Wolters) en het voorstel Wet werk en zekerheid (Kamerstukken II 2013/14, 33818)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2014
Trefwoorden opvolgend werkgever(schap), zodanige banden, voorgezette arbeidsovereenkomst, ketenregeling, proeftijd, transitievergoeding
Auteurs S. Palm
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel beantwoordt de vraag waarom de Hoge Raad bij de uitleg van artikel 7:668a lid 2 Burgerlijk Wetboek heeft gekozen voor aansluiting bij zijn maatstaf uit de proeftijdjurisprudentie en daarnaast of de regering in het voorstel Wet werk en zekerheid op terechte gronden heeft besloten de koers van de Hoge Raad niet te volgen. De auteur stelt vast dat aansluiting bij de proeftijdjurisprudentie tot op zekere hoogte een compromis is en niet in alle gevallen goed toepasbaar is. De door de regering voorgestelde koerswijziging maakt de toepassing van het leerstuk opvolgend werkgeverschap echter nog complexer. Daarom volgt een suggestie voor een andere interpretatie van het leerstuk opvolgend werkgeverschap.


S. Palm
Steven Palm is advocaat bij Ploum Lodder Princen en promovendus aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Jurisprudentie

Betekeningsproblemen bij onbekende erfgenamen

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden onbekende erfgenamen, betekening, vereffenaar, beheerder
Auteurs Mr. S.W. Autar-Matawlie en Mr. C.A.J.M. van Waes
SamenvattingAuteursinformatie

    Huurrechtadvocaten krijgen in de praktijk regelmatig van woningcorporaties de vraag voorgelegd wat zij kunnen doen wanneer een huurder is overleden en de erfgenamen en hun woonplaatsen onbekend zijn. De verhuurder heeft een economisch en maatschappelijk belang bij het zo spoedig mogelijk weer kunnen verhuren van de woning en zal rechtsmaatregelen tot ontruiming willen treffen. De erfgenamen hebben belang bij een zorgvuldige afwikkeling van de nalatenschap.De Hoge Raad heeft in april 2013 betekening op de voet van artikel 53 of 54 lid 2 Rv afgewezen en voorgesteld in dergelijke gevallen de rechter te verzoeken een vereffenaar te benoemen. Deze oplossing is tijdrovend en is verderstrekkend dan nodig is. Een alternatief zou kunnen worden gevonden in artikel 4:191 lid 2 BW.


Mr. S.W. Autar-Matawlie
Mr. S.W. Autar-Matawlie is als erfrechtadvocaat en estateplanner verbonden aan GMW Advocaten te Den Haag.

Mr. C.A.J.M. van Waes
Mr. C.A.J.M. van Waes is als nalatenschapsmediator en erfrechtadvocaat verbonden aan Van Waes mediation en advocatuur te Den Haag.
Jurisprudentie

Jurisprudentieoverzicht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2014
Auteurs Mr. E.M.A. van Amersfoort en Mr. dr. I. Visser

Mr. E.M.A. van Amersfoort

Mr. dr. I. Visser
Jurisprudentie

De Hoge Raad in civiele zaken uit het Caribische deel van het Koninkrijk

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2013
Auteurs Dr. H.J. van Kooten en dr. G.C.C. Lewin

Dr. H.J. van Kooten

dr. G.C.C. Lewin

Mr. M. Zilinsky
Mr. M. Zilinsky is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Hij is tevens verbonden aan Houthoff Buruma.
Jurisprudentie

Mars/Nestlé

Rb. ’s-Hertogenbosch 29 juli 2011, zaaknr. 232032-KG ZA 11-414 (Nestlé Nederland B.V./Mars Nederland B.V.)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2013
Trefwoorden afscherming markt, civiele procedure, promotieprogramma, merkbaarheid
Auteurs Mr. P.D. van den Berg en Mr. W. Knibbeler
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2010 heeft Mars bij de onafhankelijke tankstations een Mars Ondernemersprogramma (het MOP) geïntroduceerd, om de verkoop van haar chocolade- en kauwgomproducten te vergroten. Het MOP voorziet o.a. in vergoedingen en bonussen voor tankstations die hun schapruimte invullen volgens de instructies van Mars en daarbij een prominente plaats reserveren voor Marsproducten. In 2011 voeren ruim 300 onafhankelijk opererende tankstationhouders een van de varianten van het MOP uit. Concurrent Nestlé start daarop een bodemprocedure en een kort geding, waarbij zij aanvoert dat Mars door middel van het MOP misbruik maakt van haar machtspositie op grond van artikel 24 Mw en het kartelverbod overtreedt zoals vervat in artikel 6 Mw. Nestlé vordert in kort geding dat het programma door Mars wordt gestaakt.Rb. ’s-Hertogenbosch 29 juli 2011, zaaknr. 232032-KG ZA 11-414 (Nestlé Nederland B.V./Mars Nederland B.V.)


Mr. P.D. van den Berg
Paul van den Berg is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP.

Mr. W. Knibbeler
Wilfred Knibbeler is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP.
Jurisprudentie

Een gemengde sla van ondernemingsbegrip, toerekenbaarheid, beboeting en landbouwbeleid

Besluit van de NMa van 15 mei 2012, zaak 7036 (Paprika)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2013
Auteurs Mr. P.V.F. Bos en Mr. M.J. Plomp
Auteursinformatie

Mr. P.V.F. Bos
Pierre Bos is advocaat bij BarentsKrans.

Mr. M.J. Plomp
Mariëtte Plomp is advocaat bij BarentsKrans.
Jurisprudentie

Jurisprudentieoverzicht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2013
Auteurs Mr. E.M. van Amersfoort

Mr. E.M. van Amersfoort
Jurisprudentie

De toezeggingsbeschikking inzake e-books

Besluit van de Commissie van 12 december 2012, zaak COMP/39.847

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2013
Trefwoorden e/books, Apple, kartelverbod, agentuurovereenkomst, toezeggingsbeschikking
Auteurs Mr. P.P.J. van Ginneken en Mr. C.P.J. van Veen
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 12 december 2012 heeft de Europese Commissie een toezeggingsbeschikking op grond van artikel 101 VWEU genomen met betrekking tot de detailhandelsprijzen voor e-books. In deze annotatie plaatsen de auteurs enkele kanttekeningen bij deze toezeggingsbeschikking door deze te vergelijken met het Amerikaanse e-books-onderzoek. De auteurs vragen zich af of de beoordeling van de rol van Apple en de keuze van een toezeggingsbeschikking door de Commissie wel juist zijn.


Mr. P.P.J. van Ginneken
Mr. P.P.J. van Ginneken is werkzaam bij Brinkhof N.V.

Mr. C.P.J. van Veen
Mr. C.P.J. van Veen is werkzaam bij Brinkhof N.V.
Jurisprudentie

HvJ EU Expedia en de mededingingsrechtelijke merkbaarheid

Gevolgen voor de Nederlandse praktijk

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2013
Trefwoorden Expedia, de minimis, strekkingsbeding, merkbaarheidstoets
Auteurs Mr. E.F. van Hasselt, Mr. H.E. Urlus en A. Baars
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Expedia-arrest leert dat een strekkingsbeding met interstatelijk effect niet op merkbaarheid wordt getoetst, en dat de ‘de minimis’ bekendmaking de nationale autoriteiten niet bindt.
    Deze bijdrage bespreekt dat deze benadering niet eenvoudig past in de nationale praktijk. Er blijft ook behoefte aan een nadere uitleg wanneer er sprake is van een strekkingsbeding. Expedia lijkt ruimte te laten voor een merkbaarheidstoets. De Nederlandse jurisprudentie over de merkbaarheidstoets verdient mogelijk wel bijstelling. Auteurs concluderen dat merkbaarheid, in ieder geval bij de toepassing van artikel 6 Mw, nog een relevant toetscriterium is. De eerste Nederlandse uitspraken post Expedia lijken dit te bevestigen.
    HvJ EU 13 december 2012, zaak C-226/11, Expedia Inc./Autorité de la concurrence e.a., n.n.g.


Mr. E.F. van Hasselt
Mr. E.F. van Hasselt is als advocaat verbonden aan het advocatenkantoor Greenberg Traurig, LLP te Amsterdam.

Mr. H.E. Urlus
H.E. Urlus is als advocaat verbonden aan het advocatenkantoor Greenberg Traurig, LLP te Amsterdam.

A. Baars
Anoek Baars is als juridisch medewerker aan Greenberg Traurig, LLP verbonden.
Jurisprudentie

De (on)toelaatbaarheid van het passing on-verweer: TenneT c.s./ABB c.s.

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2013
Trefwoorden schadevergoeding, artikel 101 lid 1 VWEU, passing on, doorberekeningsverweer
Auteurs Mr. drs. R.W.E. van Leuken
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij vonnis van 16 januari jl. heeft de Rechtbank Oost-Nederland (zittingsplaats Arnhem) ABB Ltd. en dochtermaatschappij ABB B.V. veroordeeld tot betaling van schadevergoeding aan TenneT TSO B.V. en Saranne B.V. wegens schending van artikel 101 lid 1 VWEU. De vaststelling van de schade geschiedt ex artikel 6:97 BW op abstracte wijze; het beroep door gedaagden op het passing on-verweer (of doorberekeningsverweer) wordt expliciet verworpen. In het hiernavolgende bespreek ik dit onderdeel van het vonnis, en vergelijk het met een recente uitspraak van het Duitse Bundesgerichtshof.
    Rb. Oost-Nederland 16 januari 2013, ECLI:NL:RBONE:2013:BZ0403.(TenneT TSO B.V. en Saranne B.V./ABB B.V., ABB Holdings B.V. en ABB Ltd.)


Mr. drs. R.W.E. van Leuken
Mr. drs. R.W.E. van Leuken is als onderzoeker verbonden aan het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Jurisprudentie

Kroniek Beslag- en executierecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2013
Trefwoorden Hoge Raad
Auteurs Mr. D.M. de Knijff
Samenvatting


Mr. D.M. de Knijff
Jurisprudentie

2013/13 Scheidsgerecht Gezondheidszorg 16 januari 2013 (kenmerk 12/24)

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden opzegging toelatingsovereenkomst, praktijkoverdracht, goodwill, zorgplicht ziekenhuis, redelijkheid en billijkheid
Jurisprudentie

Lagardère-zaak: comeback van de parkeerconstructie?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2013
Trefwoorden Parkeerconstructie, Warehousing, Financiële instelling, Artikel 3 lid 5 covo
Auteurs Mr. M.A. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    In de zaak Lagardère hebben het Gerecht en het Hof van Justitie voor het eerst een beoordeling gegeven van een constructie waarbij de over te nemen onderneming tijdelijk bij een bank wordt ‘geparkeerd’. Zo’n parkeerconstructie maakt het mogelijk dat de verkoper niet het concentratiecontroleonderzoek door de Europese Commissie hoeft af te wachten. In de Lagardère-zaak is het gebruik van de parkeerconstructie goedgekeurd. Enkele essentiële vragen blijven echter onbeantwoord. Het is daardoor de vraag of de arresten voldoende grond bieden om de parkeerconstructie – die inmiddels door de Commissie in de Geconsolideerde Mededeling inzake Bevoegdheidskwesties in de ban was gedaan – weer te gebruiken.


Mr. M.A. de Jong
Mr. M.A. de Jong is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam.
Jurisprudentie

De Hoge Raad in civiele zaken uit het Caribische deel van het Koninkrijk

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2013
Auteurs Dr. H.J. van Kooten en Dr. G.C.C. Lewin

Dr. H.J. van Kooten

Dr. G.C.C. Lewin
Toont 1 - 20 van 213 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 10 11
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.