Zoekresultaat: 22 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2015 x Rubriek Practice x
Praktijk

Voorhangprocedures voor inwerkingtredingsbesluiten: een staatsrechtelijk gedrocht?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2015
Trefwoorden wetgeving, inwerkingtredingsbesluiten, voorhangprocedures, Aanwijzingen voor de regelgeving, amendementen
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds de eeuwwisseling lijkt een fenomeen in opkomst dat wat de juridische vormgeving betreft gelijkenis vertoont met parlementaire betrokkenheid bij gedelegeerde wetgeving, maar bij nadere beschouwing toch heel wat anders is: voorhangprocedures voor koninklijke besluiten waarmee een wet in werking wordt gesteld. Op het eerste gezicht lijkt dat vreemd: als de Tweede en Eerste Kamer een wet aannemen, mag toch worden verondersteld dat zij ook willen dat de wet in werking treedt. Maar zo simpel blijkt dat toch niet te zijn. De wet wordt dan weliswaar door de Tweede en Eerste Kamer aangenomen, maar zij behouden zich daarbij uitdrukkelijk het recht voor om te beslissen of en wanneer de wet (of een gedeelte) daarvan) daadwerkelijk effect krijgt. Dit is een nieuw fenomeen, dat staatsrechtelijk bijzonder is te noemen. Immers, de behandeling van een wet in de Tweede en Eerste Kamer kan daarmee eigenlijk nog een keer worden overgedaan. De aanvaarding in de Tweede en Eerste Kamer krijgt daarmee slechts het karakter van een voorwaardelijk groen licht. De inwerkingtreding van de wet is formeel gesproken niet langer een vanzelfsprekend sequeel van de totstandkoming ervan. Sinds 2001 zijn er op dertien wetsvoorstellen amendementen ingediend waarin een voorhangprocedure voor een inwerkingtredingsbesluit werd voorgesteld. Daarnaast zijn er twee gevallen waarin de regering het initiatief nam. Al deze gevallen worden in het artikel besproken en van enkele conclusies voorzien.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het ministerie van Veiligheid en Justitie.
Praktijk

Perikelen binnen vreemdelingenland

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2015
Auteurs Petra van Loosbroek
Auteursinformatie

Petra van Loosbroek
Petra van Loosbroek is piketmedewerker bij het grenskantoor Schiphol voor de Immigratie- en Naturalisatiedienst.
Praktijk

Migranten en minderheden in het vizier van staat en politie

Een langetermijnperspectief

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2015
Auteurs Prof. dr. Margo De Koster
Auteursinformatie

Prof. dr. Margo De Koster
Prof. dr. M. De Koster is universitair docent historische criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam en de Vrije Universiteit Brussel.
Praktijk

De bemiddelaar onbemiddeld?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Bemiddeling, Loon, Consumentenbescherming, Vernietiging
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Auteursinformatie

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Praktijk

Kroniek rechtspraak tuchtrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2015
Trefwoorden tuchtrecht, ontvankelijkheid, ouderlijk gezag, voorbehouden handelingen, tuchtmaatregel
Auteurs mr. E.J.C. de Jong en mr. W.R. Kastelein
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze zevende kroniek rechtspraak tuchtrecht die in TvGR wordt gepubliceerd, worden in grote lijnen dezelfde onderwerpen als in de vorige kroniek behandeld, namelijk opvallende uitspraken over ontvankelijkheid en aanverwante procesrechtelijke onderwerpen, vraagstukken rond ouderlijk gezag, voorbehouden handelingen, verantwoordelijkheidsverdeling, (de zwaarte van) de door de tuchtcolleges opgelegde tuchtmaatregelen, verwisselingen, rapporten en verklaringen, alsmede dossiervoering.


mr. E.J.C. de Jong
Ernst de Jong is advocaat bij KBS Advocaten N.V. te Utrecht.

mr. W.R. Kastelein
Willemien Kastelein is advocaat/compagnon bij Nysingh advocaten-notarissen N.V. te Zwolle en hoofdredacteur van dit tijdschrift.
Praktijk

Kroniek rechtspraak rechten van de mens

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2015
Trefwoorden EVRM, EHRM, rechten van de mens, schending
Auteurs Prof. mr. A.C. Hendriks
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM of Hof) heeft in het verslagjaar 2014-2015 een groot aantal voor het gezondheidsrecht interessante uitspraken gedaan. Een selectie van ruim 50 verkort weergegeven zaken leert dat het Hof zich onder andere heeft uitgesproken over gebrekkige samenwerking in de zorg, de kwaliteit van de lijkschouw, de toegang tot informatie in een deskundigenrapport, de omgang met restembryo’s en het staken van een zinloze behandeling. Deze en andere hieronder te bespreken onderwerpen zijn ook voor Nederland relevant.


Prof. mr. A.C. Hendriks
Aart Hendriks is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Leiden en redacteur van dit tijdschrift.

Dr. C. Bollen
Dr. C. Bollen is wetenschappelijk hoofdmedewerker Privaatrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Aruba en tevens decaan van deze faculteit.
Praktijk

Hof van Justitie oordeelt over mandaat van ECB inzake monetair beleid

Onafhankelijkheid van de ECB gewaarborgd?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2015
Trefwoorden ECB, mandaat, monetair beleid, onafhankelijkheid, kwantitatieve verruiming (QE)
Auteurs Mr. M.L. Louisse
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 16 juni 2015 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie prejudiciële vragen beantwoord van het Bundesverfassungsgericht over de verenigbaarheid van het Outright Monetary Transactions-programma (OMT-programma) met het Europese recht, en meer in het bijzonder met het mandaat van de Europese Centrale Bank (ECB). Dit OMT-programma is vergelijkbaar met het programma van kwantitatieve verruiming (QE), waarmee de ECB in maart 2015 is gestart. Dit artikel gaat in op het arrest van het Hof van Justitie, de mogelijke aanknopingspunten die dit arrest biedt voor de beantwoording van de vraag of de ECB met het QE-programma binnen haar mandaat blijft, en de mogelijke gevolgen die dit arrest heeft voor de onafhankelijkheid van de ECB.


Mr. M.L. Louisse
Mr. M.L. Louisse is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Bart Weekers
Bart Weekers is sedert 2010 en nog tot 2016 de Vlaamse ombudsman. Het Vlaams Parlement heeft hem dit tijdelijk mandaat verleend, met instemming van de Belgische Raad van State, waar hij Eerste Auditeur is.
Praktijk

Kroniek rechtspraak civiel recht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2015
Trefwoorden aansprakelijkheid, schending zorgplicht, schending toezichthoudende taken, integriteitsschade, smartengeld
Auteurs Mr. drs. M.J.J. de Ridder
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek worden in het kort de belangrijkste ontwikkelingen in de jurisprudentie besproken in de periode van 1 juni 2013 tot en met 1 juni 2015. Daarbij wordt eerst ingegaan op de diverse gronden waarop de aansprakelijkheid kan worden gebaseerd: schenden van de zorgplicht, ontoelaatbare gevaarzetting, onbevoegde uitoefening, schenden toezichthoudende taak/bijzondere zorgplicht, gebruik maken van een gebrekkige hulpzaak, niet nakomen protocol, het ontbreken van informed consent en bijzondere vormen van aansprakelijkheid. Voorts wordt ingegaan op het causaal verband en toerekening, in welk kader ook de ontwikkelingen op het gebied van de kansschade aan bod komen. Andere onderwerpen die in de kroniek worden besproken zijn: de omvang van de schadevergoedingen, onrechtmatige uitlatingen over de hulpverlener en het beroepsgeheim.


Mr. drs. M.J.J. de Ridder
Michel de Ridder is werkzaam als advocaat bij KBS Advocaten te Utrecht.

    In deze kroniek worden de belangrijkste uitspraken behandeld die met betrekking tot de Zorgverzekeringswet en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten zijn gedaan in de periode van 1 april 2013 t/m 1 januari 2015. Met betrekking tot de Zorgverzekeringswet worden in hoofdzaak de inhoud van de zorgverzekering en de zorgverzekeraars besproken. Wat betreft de AWBZ komen de kring der verzekerden en de aanspraken aan bod. Daarnaast wordt aandacht besteed aan uitspraken over de zorginkoop en over de afbakening tussen de Zorgverzekeringwet en de AWBZ.


Mr. H.M. den Herder
Hedwig den Herder is als advocaat werkzaam bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn N.V. te Den Haag.

mr. C. van Balen
Chris van Balen is als advocaat werkzaam bij LEXSIGMA Healthcare te Amsterdam.

    Met de inwerkingtreding van de AIFMD in de Nederlandse regelgeving is het toezichtregime voor beheerders van beleggingsinstellingen ingrijpend veranderd. Nu het stof rond de eerste implementatieperikelen is neergedaald, kan een tussenbalans worden opgemaakt van de gevolgen van de AIFMD voor de Nederlandse fondsenpraktijk. Dit artikel behandelt ten eerste de vraag welke entiteiten onder de reikwijdte van de AIFMD vallen, en welke daarvan uitgezonderd zijn. Vervolgens wordt ingegaan op de regimes die voor Nederlandse beheerders gelden, met name het ‘lichte’ registratieregime van art. 2:66a Wft, het ‘volledige’ vergunningsregime van art. 2:65 Wft en het grandfathering-regime. Tot slot worden de regimes behandeld die gelden voor buitenlandse beheerders van beleggingsinstellingen die in Nederland actief (willen) zijn door Nederlandse beleggingsinstellingen te beheren of door beleggingsinstellingen aan Nederlandse beleggers aan te bieden.


R.J. Boogaard
Mr. R.J. Boogaard is advocaat bij Loyens & Loeff.
Praktijk

Kroniek rechtspraak Wet Bopz 2013-2014

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Wet Bopz, kroniek rechtspraak, gedwongen zorg, procedurele vereisten
Auteurs Mr. dr. V.E.T. Dörenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze kroniek bevat een selectie van rechtspraak die is gewezen in de periode van 1 januari 2013 tot en met 31 januari 2015. Er is aandacht voor uitspraken met betrekking tot de inhoudelijke vereisten voor gedwongen opneming, de procedurele vereisten, vereisten rondom bijzondere machtigingen en vereisten rondom gedwongen verblijf. Hierin is dit keer ook een aantal tuchtrechtelijke uitspraken betrokken.


Mr. dr. V.E.T. Dörenberg
Vivianne Dörenberg is wetenschappelijk docent gezondheidsrecht en onderzoeker bij het VU medisch centrum en de Vrije Universiteit te Amsterdam en verbonden aan het interfacultair onderzoeksinstituut EMGO+.
Praktijk

Kroniek rechtspraak EU

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2015
Trefwoorden gezondheidsrecht, Hof van Justitie van de EU, zorg in het buitenland, beroepen, aanbesteding
Auteurs Mr. M.T. de Gans en mr. H.M. Stergiou
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek wordt een overzicht gegeven van de jurisprudentie van het EU Hof op het terrein van het gezondheidsrecht in de periode van 1 september 2011 tot 1 januari 2015. De behandelde arresten hebben betrekking op de aanbesteding, organisatie en financiering van de gezondheidszorg, genees- en hulpmiddelen, discriminatie op grond van handicap, zorg in het buitenland en beroepen.


Mr. M.T. de Gans

mr. H.M. Stergiou
Tom de Gans en Hélène Stergiou zijn werkzaam bij de afdeling Europees recht van de directie Juridische Zaken van het Ministerie van Buitenlandse Zaken.
Praktijk

De begrotingswet: een wet als iedere andere?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2015
Trefwoorden Comptabiliteitswet 2001, begrotingswet, rijksbegroting, wetgeving, Grondwet
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    Jaarlijks worden er in Nederland circa tachtig begrotingswetten vastgesteld. Dat is een derde van het totale aantal wetten. Begrotingswetten volgen in beginsel dezelfde wetsprocedure als andere wetten, maar er zijn diverse wetstechnische en wetsprocedurele bijzonderheden. Een interessante vraag is of in begrotingswetten ook ‘gewone’ bepalingen kunnen worden opgenomen. Strikt formeel gesproken is dat mogelijk. Casuïstiek uit de afgelopen decennia laat zien dat dit af en toe gebeurt. Soms gaat het om nauw met de begroting samenhangende bepalingen, bijvoorbeeld tijdelijke afwijkingen van de comptabiliteitswetgeving (‘begrotingsruiters’). Een enkele keer gaat het echter een stap verder en worden in een begrotingswet bepalingen opgenomen die geen verband houden met de begroting (‘begrotingsparasieten’). Met name die laatste categorie is onwenselijk. Bovendien kan het na de inwerkingtreding van de Wet raadgevend referendum de vraag oproepen of dan nog sprake is van een wet inzake de begroting, bedoeld in artikel 105 lid 1 van de Grondwet, waarvoor de mogelijkheid van een referendum is uitgesloten. Gevaar voor oneigenlijk gebruik ligt dan op de loer.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het ministerie van Veiligheid en Justitie.
Praktijk

Ontmoeten, delen en herstellen

Over de stichting Herstel en Terugkeer

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 1 2015
Auteurs Frans Douw en Toon Walravens
Auteursinformatie

Frans Douw
Frans Douw is vestigingsdirecteur van de Penitentiaire Inrichtingen in Heerhugowaard en bestuursvoorzitter van de Stichting Herstel en Terugkeer.

Toon Walravens
Toon Walravens is onder andere ervaringsdeskundige beleidsmedewerker bij forensische kliniek De Woenselse Poort in Eindhoven.
Praktijk

Uitstel is niet hetzelfde als afstel

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2015
Trefwoorden Opschorting, Verrekening, algemene voorwaarden, Uitleg, Verzuim
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Het opschortingsrecht en het verrekeningsrecht vormen twee verschillende rechtsfiguren, die niet zomaar op elkaar mogen worden gelegd. Het opnemen van een verrekeningsverbod impliceert niet automatisch een opschortingsverbod, zelfs niet indien schadevergoeding (al dan niet via verrekening) de enige remedie is. Ook in dat geval dient de rechter te onderzoeken of het beroep door de opschorter op zijn opschortingsrecht terecht is, aldus de Hoge Raad in zijn arrest Eurostrip/Velenturf q.q. Indien de contractanten naast een verrekeningsverbod ook een opschortingsverbod in hun overeenkomst of algemene voorwaarden willen opnemen, moeten zij dat met zoveel woorden bepalen.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Praktijk

Private enforcement van het mededingingsrecht: de toekomst van schadevergoedingsprocedures voor kartelschade in Nederland

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2015
Trefwoorden private enforcement, private handhaving van het mededingingsrecht, civiele schadevergoedingsacties wegens kartelschade
Auteurs J. Houdijk en T. Schäfers
SamenvattingAuteursinformatie

    De handhaving c.q. afdwinging van (de normen van) het mededingingsrecht kent een duale uitwerking. Deze kenmerkt zich namelijk door een publiekrechtelijke en een privaatrechtelijke dimensie. De publiekrechtelijke handhaving is in handen van de nationale mededingingsautoriteiten, zoals de Autoriteit Consument & Markt in Nederland, en van de Europese Commissie binnen de Europese Unie. Publiekrechtelijke interventie heeft tot dusver steeds voorop gelopen binnen de Europese Unie en binnen de EU-lidstaten. Privaatrechtelijke handhaving, dan wel private enforcement, is echter aan een opkomst bezig: het betreft hier de toepassing van mededingingsrechtelijke normen in geschillen tussen private partijen, in het bijzonder in procedures die draaien om schadeverhaal ten aanzien van schade die een onderneming heeft geleden door de kartelgedragingen van andere marktpartijen. De opkomst van het fenomeen van private enforcement van het mededingingsrecht is recent kracht bij gezet door nieuwe regelgevingsinitiatieven van de Europese Commissie. In de Nederlandse rechtspraak zijn inmiddels de eerste schadevergoedingszaken vanwege (gestelde) kartelschade aanhangig. Ondanks deze initiatieven staat private enforcement van het mededingingsrecht in Nederland nog in de kinderschoenen: er zijn nog veel onduidelijkheden en nog vele stappen te zetten alvorens het is uitgegroeid tot een volwassen rechtsgebied. Denk hierbij aan de vaststelling c.q. berekening van geleden schade. Ook op het vlak van de organisatie en financiering van claim(procedure)s zijn interessante ontwikkelingen gaande in de vorm van voorstellen tot nieuwe Nederlandse wetgeving op het gebied van de ‘class action’.


J. Houdijk
Mr. dr. J. Houdijk is advocaat bij AKD te Brussel, Praktijkgroep Europees en Mededingingsrecht.

T. Schäfers
Mr. T. Schäfers is advocaat bij AKD te Brussel, Praktijkgroep Europees en Mededingingsrecht.

Maartje van der Woude Mr. dr. MSc
Mr. dr. M.A.H. van der Woude, MSc is strafjurist en criminoloog en als universitair hoofddocent Straf(proces)recht werkzaam bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden. Zij is tevens werkzaam als rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Noord-Holland.
Praktijk

Kroniek Nederlands mededingingsrecht 2014

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2015
Auteurs Marc Wiggers, Robin Struijlaart en Marc Custers
Auteursinformatie

Marc Wiggers
Mr. dr. M.Ph.M. Wiggers is advocaat bij Loyens & Loeff N.V.

Robin Struijlaart
Mr. R.A. Struijlaart is advocaat bij Loyens & Loeff N.V.

Marc Custers
Mr. drs. M.G.A.M. Custers is advocaat bij Loyens & Loeff N.V.
Toont 1 - 20 van 22 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.