Zoekresultaat: 44 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2016 x Rubriek Practice x
Praktijk

De wereld van de wetenschapper en de wereld van de praktijk

Utilitaire overpeinzingen en een onderzoek naar regelovertreding door politieambtenaren

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2016
Auteurs drs. Robin Christiaan van Halderen
Auteursinformatie

drs. Robin Christiaan van Halderen
Drs. Robin van Halderen is onderzoeker bij het Expertisecentrum Veiligheid van Avans Hogeschool en buitenpromovendus bij de faculteit Cultuur- en Rechtswetenschappen van de Open Universiteit.
Praktijk

Update mededingingsrechtelijke aspecten van postcontractuele concurrentieverboden in franchiseovereenkomsten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Franchise, Postcontractuele concurrentieverboden, Verticaal mededingingsrecht, Nevenrestrictie
Auteurs Mr. H.E. Urlus
SamenvattingAuteursinformatie

    De bijdrage ziet op mededingingsrechtelijke ontwikkelingen bij postcontractuele concurrentieverboden in franchiseovereenkomsten en de implicaties van de uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie in de beschikking La Retoucherie de Manuele. De auteur stelt de vraag of dergelijke bedingen in de context van franchise nog kunnen worden aangemerkt als noodzakelijke nevenrestricties. Dat is van belang, omdat dergelijke nevenrestricties zijn onttrokken aan mededingingsrechtelijke toetsing, waardoor de merkbaarheid geen rol meer speelt. De auteur wijst erop dat bij een mededingingsrechtelijke toetsing van postcontractuele concurrentieverboden meer factoren van belang zijn dan slechts een belangenafweging tussen partijen.


Mr. H.E. Urlus
Mr. H.E. Urlus is advocaat te Amsterdam, verbonden aan Greenberg Traurig, LLP, en onder meer gespecialiseerd in civielrechtelijke en mededingingsrechtelijke aspecten van agentuur, distributie en franchise. Hij heeft daarover regelmatig gepubliceerd en was ook betrokken bij de totstandkoming van de Nederlandse Franchisecode als voorzitter van de Denktank Franchisegevers. De auteur dankt zijn kantoorgenoten mr. T. Charatjan en mr. J.H. Christ voor hun waardevolle bijdragen aan de totstandkoming van dit artikel.
Praktijk

Een verkenning van het fenomeen ‘reliance’ verstrekken in de overname- en financieringspraktijk

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2016
Trefwoorden reliance letter, due diligence-rapport, zorgplicht
Auteurs Mr. K.J. Koops en Mr. H.K. Schrama
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs duiden in dit artikel de situatie waarin een advocaat een derde door middel van een ‘reliance letter’ laat afgaan op zijn due diligence-rapport. Zij gaan daarbij in op de vraag of in die situatie een zorgplicht van de advocaat tegenover de derde ontstaat en wat de omvang van die zorgplicht is. De auteurs zien goede redenen om aan te nemen dat de advocaat en de derde op basis van de reliance letter een overeenkomst aangaan, maar achten onaannemelijk dat een (eigen) zorgplicht van de advocaat tegenover de derde ontstaat.


Mr. K.J. Koops
Mr. K.J. Koops is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. H.K. Schrama
Mr. H.K. Schrama is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Praktijk

Uitzendkrachten inhuren: wanneer wordt goedkoop duurkoop?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2016
Trefwoorden inlenersaansprakelijkheid, art. 34 Invorderingswet 1990, G-rekening, verklaring omtrent het betalingsgedrag, verjaring
Auteurs Mr. N.J. Schutte
SamenvattingAuteursinformatie

    De inlenersaansprakelijkheid van art. 34 van de Invorderingswet 1990 is een vrijwel zuivere risicoaansprakelijkheid. Deze wordt ingeroepen als een uitlener van personeel loonbelasting of premies onbetaald laat. Het is voor de inlener lastig en administratief bewerkelijk om afdoende maatregelen te nemen tegen een dergelijke aansprakelijkstelling. Verjaring van het recht tot aansprakelijkstelling vindt maar zelden plaats en ook de disculpatieregeling werkt slechts in uitzonderingsgevallen. Alleen de storting van de loonbelasting- en premiecomponent door de inlener op een geblokkeerde rekening van de uitlener is afdoende. Dit artikel gaat in kort bestek op de meeste problemen in waar de inlener mee te maken kan krijgen.


Mr. N.J. Schutte
Mr. N.J. Schutte is verbonden aan de sectie Belastingrecht van de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen en tevens werkzaam als belastingadviseur bij Deloitte.
Praktijk

Het fzo-pandrecht op giraal saldo: een alternatief voor de huidige verpandingspraktijk

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2016
Trefwoorden fzo-pandrecht, financiëlezekerheidsovereenkomst, pandrecht, giraal saldo, controlevereiste
Auteurs Mr. S. Swinkels
SamenvattingAuteursinformatie

    Het pandrecht in het kader van een financiëlezekerheidsovereenkomst (fzo-pandrecht) is nog een vrij onbekende rechtsfiguur. Onterecht, want het fzo-pandrecht kan in de praktijk een andere uitwerking hebben dan ‘reguliere’ pandrechten en daarmee voordelen meebrengen voor marktpartijen. In dit artikel wordt onderzocht of fzo-pandrechten gebruikt kunnen worden in de huidige verpandingspraktijk, waar vooralsnog een openbaar pandrecht wordt bedongen op het girale saldo van een bankrekening. Belangrijk aspect van deze praktijk is dat de pandgever in zijn hoedanigheid van rekeninghouder over de rekening wil blijven beschikken. Dit levert problemen op met het zogenaamde ‘controlevereiste’.


Mr. S. Swinkels
Mr. S. Swinkels is advocaat bij AKD te Amsterdam.
Praktijk

Initiatiefnovelles

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Novelle, Initiatiefvoorstel, Indienen, Aanhangig maken
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de bijzondere figuur van de novelle besproken, in het bijzonder de novelle die het karakter heeft van ene initiatiefvoorstel. Tegenwoordig wordt onder novelle verstaan een wetsvoorstel tot wijziging van een ander, nog niet bekrachtigd, wetsvoorstel. Het blijkt dat het gebruik is dat novelles bij initiatiefvoorstellen worden ingediend door de initiatiefnemers van het oorspronkelijke voorstel en novelles bij regeringsvoorstellen worden ingediend door de regering. Hierop zijn in de loop der tijd echter een aantal uitzonderingen geweest. Deze worden in de bijdrage, alsmede de wetstechnische en procedurele bijzonderheden die dat met zich meebracht, besproken.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. (Tim) Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het ministerie van veiligheid en Justitie.
Praktijk

Wat als er niets is?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2016
Auteurs Prof. mr. dr. Eric Rassin
Auteursinformatie

Prof. mr. dr. Eric Rassin
Prof. mr. dr. E. Rassin is als rechtspsycholoog verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Praktijk

Op zoek naar ruimte voor herstelbemiddeling

Interview met officier van justitie Marie-Louise van Maarseveen

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2016
Auteurs Renée Kool en Eva Schmidt
Auteursinformatie

Renée Kool
Renée Kool is als universitair hoofddocent verbonden aan het Willem Pompe Instituut, Universiteit Utrecht en redacteur van Tijdschrift voor Herstelrecht.

Eva Schmidt
Eva Schmidt is student-assistent bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen, Universiteit Utrecht.
Praktijk

Tatausgleich en conferentie bij huiselijk geweld

Verslag van een coöperatieve werkweek bij Neustart in Oostenrijk

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2016
Auteurs Janny Dierx
Auteursinformatie

Janny Dierx
Janny Dierx is jurist, MfN-mediator, bestuurder van De Mediation Coöperatie, lid van het Schadefonds Geweldsmisdrijven en redacteur van dit tijdschrift. Zij is tevens coördinator van de mediatorspool bij de Utrechtse pilot herstelbemiddeling in strafzaken en meewerkend voorvrouw.

Mr. L. Delgado
Mr. L. Delgado is wetenschappelijk medewerker aan de University of Curaçao.

Drs. Jorgen Schram
J.M. Schram is als onderzoeker en leermanager verbonden aan de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur.

Prof. dr. Mark van Twist
M.J.W. van Twist is hoogleraar Bestuurskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en is decaan en bestuurder van de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur.
Praktijk

Kroniek beschikkingenpraktijk ACM Mededingingsrecht 2015-2016

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden Mededingingswet, Autoriteit Consument & Markt, eerstelijnszorg, concentratietoezicht
Auteurs Mr. C.T. Dekker en mr. E. Belhadj
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek staat de praktijk van de Autoriteit Consument & Markt (ACM) voor wat betreft de toepassing van de Mededingingswet centraal. Daarbij worden ook uitspraken van Rechtbank Rotterdam over besluiten van de ACM behandeld. De periode die door deze kroniek bestreken wordt betreft 1 januari 2015 tot 1 juli 2016.


Mr. C.T. Dekker
Cees Dekker is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen.

mr. E. Belhadj
Ekram Belhadj is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen.
Praktijk

Eigendomsvoorbehoud: de inwerking van een contract op goederenrecht

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Eigendomsvoorbehoud, Opschortende voorwaarde, Verpanding, Sale of Goods Act, Weens Koopverdrag
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Eigendomsvoorbehoud is volgens artikel 3:92 BW levering van een zaak onder opschortende voorwaarde van betaling van de koopsom. De Hoge Raad oordeelde in zijn arrest van 3 juni 2016 in de zaak Rabobank/Reuser dat de verkrijger onder eigendomsvoorbehoud de zaak rechtsgeldig kan verpanden voordat de opschortende voorwaarde is vervuld. De pandhouder verkrijgt dan een pandrecht onder opschortende voorwaarde van eigendomsverkrijging door de pandgever. In Engeland stond eigendomsvoorbehoud in the picture in het arrest van het UKSC van 11 mei 2016 in de zaak Res Cogitans. Op een overeenkomst die een eigendomsvoorbehoud bevat en bepaalt dat de gekochte zaak mag worden verbruikt voordat betaling van de koopsom heeft plaatsgevonden, is de Sale of Goods Act niet van toepassing. Beide arresten en hun gevolgen voor de rechtspraktijk worden besproken.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Praktijk

Corporate Governance in Nederland: lange termijn waardecreatie

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Corporate Governance Code, cultuur, Lange termijn waardecreatie
Auteurs Prof.mr. W.J. Oostwouder
SamenvattingAuteursinformatie

    In het Voorstel voor herziening van de Nederlandse Corporate Governance Code d.d. 11 februari 2016 wordt de nadruk gelegd op de focus op lange termijn waardecreatie van de vennootschap en de aan haar verbonden onderneming. Het huidige richtsnoer: “het creëren van aandeelhouderswaarde op lange termijn” zou dan uit de Code verdwijnen. Het is kennelijk de bedoeling dat de lange termijn waardecreatie ten bate van alle stakeholders geschiedt. Onder het door de Commissie gehanteerde begrip “stakeholders” vallen ook maatschappelijke groeperingen. De auteur beantwoordt de vraag wat het richtsnoer en de reikwijdte van het begrip stakeholders in de nieuwe Code zouden moeten zijn.


Prof.mr. W.J. Oostwouder
Prof. mr. W.J. Oostwouder is hoogleraar Bedrijfsfinancieel Recht aan de Universiteit Utrecht, advocaat bij Loyens & Loeff en directeur/eigenaar van Meer Kennis, Juridische en Governance Opleidingen (www.meerkennis.nl) te Hoofddorp.
Praktijk

Het belonen van commissarissen in aandelen: alignment versus onafhankelijkheid?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Corporate Governance Code, beloningsbeleid, Beloning van commissarissen
Auteurs T.C.A. Dijkhuizen Mr. MPhil
SamenvattingAuteursinformatie

    In een tijdsgewricht waarin de aan bestuurders van Nederlandse beursvennootschappen toegekende beloningen steeds breed worden uitgemeten in de landelijke media en publieke ophef tot gevolg hebben, is het evident dat de beloning als onderwerp terug zou komen in het consultatievoorstel tot herziening van de Corporate Governance Code. De auteur bespreekt de voorgestelde principes en best practice bepalingen over de beloning, waarbij hij ingaat op het voorstel om het mogelijk te maken commissarissen in aandelen te belonen. De vraag rijst of met het belonen van commissarissen in de vorm een variabele beloning de onafhankelijkheid van deze commissarissen in het geding komt.


T.C.A. Dijkhuizen Mr. MPhil
Mr. T.C.A. Dijkhuizen MPhil is als promovendus verbonden aan de afdeling Ondernemingsrecht en het Hazelhoff Centre for Financial Law van Universiteit Leiden.
Praktijk

Uitoefening aandeelhoudersrechten, in de Code en de praktijk

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Corporate Governance Code, aandeelhoudersrechten, herziening, responstijd
Auteurs Mr.dr. A. van der Krans
SamenvattingAuteursinformatie

    Anatoli van der Krans gaat in zijn artikel in op de wijzigingen die de Monitoring Commissie Corporate Governance voorstelt rondom het thema ‘relatie met aandeelhouders’. Dit betreffen achtereenvolgens (i) de aanwezigheid van voorgedragen bestuurders en commissarissen; (ii) de responstijd; (iii) certificering; en (iv) taal. Verder signaleert hij een aantal belangrijke punten die momenteel schuren en bij een meer fundamentele discussie kunnen worden meegenomen. Met name de vrijwel totale scheiding tussen dialoog en het maken van een stembeslissing enerzijds en de formele besluitvorming op de AVA anderzijds bij grote beursvennootschappen is zorgwekkend en onderstreept de noodzaak tot verdere gedachtenvorming over de rol van de AVA


Mr.dr. A. van der Krans
Mr. dr. A. van der Krans is als advocaat bij Corona Legal (Amsterdam) gespecialiseerd in het bijstaan van institutionele beleggers in het uitoefenen van hun aandeelhoudersrechten en het vorderen van beleggingsverliezen via rechtszaken. Hij is tevens redacteur van dit blad.
Praktijk

Herziening van de Corporate Governance Code

Wat heeft de consultatieronde opgeleverd?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Corporate Governance Code, consultatie, herziening
Auteurs Mr. H.J. Vetter
SamenvattingAuteursinformatie

    Meer dan 100 reacties heeft de Monitoring Commissie Governance Code ontvangen naar aanleiding van haar consultatiedocument voor een herziene Code. Uit negen reacties valt op te maken dat de grondhouding van de respondenten positief is, maar dat het voorstel voor de herziening van de Code nog wel verbeteringen behoeft. Belangrijke punten van kritiek betreffen onder meer de lange termijn waardecreatie “voor alle stakeholders”, de maximale zittingstermijn voor commissarissen, de beloning van bestuurders en van leden van de executive-committee, de responstijd, de in control verklaring en de regeling over de certificering. Een verkenning van de belangrijkste punten van kritiek


Mr. H.J. Vetter
Mr. H.J. Vetter is raadsheer in het gerechtshof Den Haag, tevens docent ondernemingsrecht aan de UvA.

Mr. P. Klik
Mr. P. Klik was tot voor kort lector aan de University of Curaçao Dr. Moises da Costa Gomez en is thans werkzaam bij Burgers Advocaten te Curaçao.
Praktijk

Aansprakelijkheidsverzekeringen: preventie door de verzekeraar en het effect op de bescherming van de verzekerde

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2016
Trefwoorden Liability insurance, Prevention, Protection of the insured, Knowledge
Auteurs Charlotte Henskens
SamenvattingAuteursinformatie

    Liability insurances shift the financial risk of the loss of a damage from the person who is liable for the damage to the liability insurer. To avoid negligent behavior of the insured, the insurer provides different prevention tools in the insurance policy. The insurer will attach certain sanctions or rewards to certain behavior and certain circumstances in the general conditions of the insurance contract. This research raises the question of the effectiveness of these instruments. The hypothesis is that without knowledge of the insured of these sanctions or rewards, these sanctions and rewards will not form an additional incentive for careful behavior and they will have no preventive effect. Additionally, these prevention tools may undermine the protection of the insured. For this reason the legislature has limited the freedom of contract. This study examines the extent to which the legislature has limited the possibilities of the insurer to provide in prevention tools in de insurance policy. It assesses the extent to which the legislature may or may not succeed in its purpose to protect the insured, and on the other hand, where there are still possibilities for the insurer to fulfill its prevention task.


Charlotte Henskens
Charlotte Henskens behaalde haar diploma van master in de rechten in 2013 aan de Universiteit Antwerpen. Sinds 2013 werkt ze als doctoraatsbursaal aan de Universiteit Antwerpen onder promotorschap van Prof. Britt Weyts en Prof. Bernard Hubeau. Zij bereidt een multidisciplinair proefschrift voor over de preventie door de verzekeraar en de bescherming van de verzekerde in aansprakelijkheidsverzekeringen. Daarnaast is zij auteur van verschillende publicaties zowel in het aansprakelijkheids- en verzekeringsrecht als in de rechtssociologie.

Dirk Dufraing
Dirk Dufraing is bemiddelaar bij Moderator – Forum voor herstelrecht en bemiddeling, Vlaanderen.
Toont 1 - 20 van 44 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.