Zoekresultaat: 41 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2012 x Rubriek Praktijk x
Praktijk

Eervol netwerken

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2012
Auteurs Willem Timmer en Dr. Janine Janssen
Auteursinformatie

Willem Timmer
Willem Timmer is commissaris van politie en hoofd van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld (LEC EGG).

Dr. Janine Janssen
Dr. Janine Janssen is hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld voor de Nederlandse politie en universitair docent bij de vakgroep Strafrecht en Criminologie aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Zij is tevens redactielid van PROCES.

Annemieke Wolthuis
Annemieke Wolthuis is als kinderrechtenspecialist momenteel verbonden aan de Universiteit Leiden en redacteur van dit tijdschrift.
Praktijk

Arbitrage en ambtshalve toetsing: mag de arbitrageclausule wel of niet?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2012
Trefwoorden Algemene voorwaarden, ambtshalve toetsing, Richtlijn oneerlijke bedingen, arbitragebeding, onredelijk bezwarend beding
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 26 april 2012 overwoog het HvJ EU in het Invitel-arrest dat bij de beoordeling van algemene voorwaarden in een algemeen-belangprocedure in het kader van de Richtlijn oneerlijke bedingen de voorwaarden getoetst moeten worden in het licht van de nationaalrechtelijke regeling, de gehele overeenkomst en de door de gebruiker aangevoerde rechtvaardigingsgronden voor het betreffende beding. Op 21 september 2012 oordeelde de Hoge Raad in een procedure over een arbitraal beding dat de arbitrageclausule niet per definitie onredelijk bezwarend is op grond van de Richtlijn oneerlijke bedingen. Beide arresten worden in deze bijdrage besproken.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.

Mr. J.H. Kolenbrander
Mr. J.H. Kolenbrander is advocaat bij De Clercq Advocaten en Notarissen te Leiden en gespecialiseerd in franchising.
Praktijk

De case van het rookverbod in de horeca

Instrumentele en normatieve nalevingsmotieven van horecaondernemers

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2012
Trefwoorden compliance, motivational postures, smoking ban
Auteurs Willem Bantema
SamenvattingAuteursinformatie

    Research on (self-reported) compliance has focused on instrumental explanations like deterrence and other rational choice based calculations. In my text, the focus will be on my operationalization of the normative explanation: motivational postures (an idea developed by Valerie Braithwaite). Motivational postures are clusters of compliance motivations in which the degree of agreement with the rules and the degree of agreement with the regulator have been integrated. Theoretically, there are five different postures. Motivational postures are applied in research in Australia to the contexts of taxing, nursing homes, safety and environmental regulation, but have never been applied to the context of a smoking ban. The motivational postures have been tested in a pilot study. First results of this study revealed that four of the five postures were based on valid and reliable measures. Finally, these motivational postures have a high explanatory value in the analysis on self-reported compliance, even when controlled for instrumental explanations.


Willem Bantema
Willem Bantema is in 2010 afgestudeerd als socioloog. Vanaf 1 januari 2011 is hij werkzaam als promovendus bij de vakgroep Rechtstheorie, Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen. Daar onderzoekt hij motieven van horecaondernemers bij het (niet) naleven van het rookverbod. Willem Bantema is gespecialiseerd in kwantitatief onderzoek.
Praktijk

Kroniek rechtspraak bestuursrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2012
Trefwoorden Awb, Bestuursrecht, Jurisprudentie, kroniek
Auteurs Mr. A.C. de Die en mr. C. Velink
SamenvattingAuteursinformatie

    De kroniek geeft een overzicht van de bestuursrechtelijke uitspraken op het gebied van het gezondheidsrecht in de periode februari 2011 tot en met juli 2012. Naast de jaarlijks terugkerende onderwerpen zoals de begrippen ‘besluit’ en ‘belanghebbende’, komen ook meer specifieke onderwerpen aan bod, zoals de beginselplicht en actieve openbaarmaking. Aandacht verdient in ieder geval de Wob-uitspraak over de openbaarmaking van het suïciderapport waardoor onder andere duidelijkheid is verkregen over de privacybescherming na overlijden. Ook interessant is de Wbp-uitspraak over de kennisneming van documenten in het kader van een onderzoek naar het functioneren van een medisch specialist.


Mr. A.C. de Die
Mieke de Die is advocaat bij Velink & De Die advocaten te Amsterdam.

mr. C. Velink
Caren Velink is advocaat bij Velink & De Die advocaten te Amsterdam.
Praktijk

Securitisaties en Islamitisch financieren

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2012
Trefwoorden securitisaties en islamitisch financieren
Auteurs Mr. E.F. Coomans-Piscaer
SamenvattingAuteursinformatie

    Als gevolg van de economische en regulatoire veranderingen van de laatste jaren zijn de investeringsmogelijkheden van Europese investeerders beperkter geworden. Om nieuwe investeerders aan te trekken, zou er gezocht kunnen worden naar investeerders van buiten Europa, zoals investeerders uit het Midden-Oosten en Azië. Een groot gedeelte van de investeerders uit het Midden-Oosten en Azië investeert slechts in structuren die gebaseerd zijn op de beginselen van het islamitisch financieren. Om de Nederlandse securitisatiestructuur voor dergelijke investeerders interessant te maken, dient deze te voldoen aan de vereisten van het islamitisch financieren. Het artikel behandelt globaal de securitisatiestructuur die in Nederland en in het islamitisch financieren worden gebruikt. Ook worden een paar knelpunten aangehaald die van belang kunnen zijn bij het aanpassen van de Nederlandse securitisatiestructuur aan de beginselen van het islamitisch financieren.


Mr. E.F. Coomans-Piscaer
Mr. Coomans-Piscaer is Advocaat bij Loyens & Loeff N.V.
Praktijk

Uitkeren aan aandeelhouders, (hoe) kunnen we dat doen?

Een overzicht na afsluiting van een rumoerig wetgevingsproces

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2012
Trefwoorden FlexBV, artikel 2:216 BW, uitkeren aan aandeelhouders, crediteurenbescherming
Auteurs Mr. I.C.P. Groenland
SamenvattingAuteursinformatie

    Een van de onderwerpen uit de FlexBV wetgeving die op 1 oktober 2012 van kracht is geworden en waar sinds de aanvang van het wetgevingsproces het meest over is geschreven, zijn de uitkeringen aan aandeelhouders. De aanpassing van artikel 216 wordt door de regering beschouwd als basis voor een evenwichtig systeem van crediteurenbescherming. Toch bleek het vinden van draagvlak voor de regeling omtrent uitkeringen een hele dobber. Sinds 1 oktober 2012 hebben we te maken met het nieuwe artikel 2:216 BW bij uitkeringen aan aandeelhouders. De regels veranderen, maar naar inschatting van de auteur verandert voor de meeste vennootschappen het speelveld niet ingrijpend. Een kritiekpunt van de auteur is dat hoewel de striktere formulering van de verhouding tussen aandeelhoudersvergadering en bestuur aansluit bij de gangbare opvattingen over corporate governance, de vastlegging in een dwingendrechtelijke regeling niet zo wenselijk is. Een ruimer kader voor afwijking van de gekozen wettelijke systematiek was wenselijk geweest voor de praktijk.


Mr. I.C.P. Groenland
Mr I.C.P. Groenland is kandidaat-notaris bij Loyens & Loeff N.V. te Rotterdam.
Praktijk

Kartels en concernverhoudingen: extra zorgplicht voor moeders?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2012
Trefwoorden kartelinbreuk, toerekening, boete, concernverhoudingen, mededingingsrecht
Auteurs Mr. S.G.J. Smallegange en mr. L.L. Bremmer
SamenvattingAuteursinformatie

    Een boete voor een kartelinbreuk van een dochteronderneming kan aan een moedermaatschappij worden toegerekend als zij een economische eenheid vormen en de moeder een beslissende invloed uitoefent. De Europese Commissie gaat hierbij uit van een weerlegbaar vermoeden als de moeder 100% van het kapitaal bezit, waarbij de moeder het bewijs moet aandragen dat zij geen beslissende invloed heeft gehad op de dochter. Hoe zit dat bij andere posities van moedermaatschappijen? Bij de beoordeling kijkt de Commissie naar de feiten en omstandigheden van het geval. Overlap in besturen, management en zelfs negatieve zeggenschap kunnen beslissende invloed creëren. De moeder doet er daarom goed aan – voordat zij wordt geconfronteerd met een overtreding – inzichtelijk te hebben of zij als een economische eenheid gezien wil worden.


Mr. S.G.J. Smallegange
Mr. S.G.J. Smallegange is als advocaat werkzaam bij de vakgroep Europees en Mededingingsrecht AKD te Brussel.

mr. L.L. Bremmer
Mr. L.L. Bremmer is als advocaat werkzaam bij de vakgroep Europees en Mededingingsrecht AKD te Brussel.
Praktijk

Stedelijke criminaliteit en rechtshandhaving in het verleden

Een greep uit recent historisch onderzoek

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2012
Auteurs Dr. Margo De Koster
Auteursinformatie

Dr. Margo De Koster
Dr. M. De Koster is universitair docent (historische) criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam en aan de Vrije Universiteit Brussel.
Praktijk

Kroniek rechtspraak rechten van de mens

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2012
Trefwoorden EVRM, EHRM, rechten van de mens, schending
Auteurs Prof. mr. A.C. Hendriks
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft in het verslagjaar 2011-2012 weer meer zaken afgedaan dan in het voorgaande jaar. Onder de uitspraken en ontvankelijkheidsbeslissingen van het Hof bevinden zich er verschillende die vanuit gezondheidsrechtelijk perspectief interessant zijn. Hierbij kan worden gedacht aan zaken over het zonder informed consent steriliseren van vrouwen, de gedwongen behandeling van onvrijwillig opgenomen patiënten, het ontslag van een arts na kritiek op het functioneren van een afdelingshoofd en het verwijderen van de naam van een arts op de lijst van toegelaten zorgaanbieders. Deze kroniek bevat een beschrijving en analyse van de voor het gezondheidsrecht belangrijkste zaken uit het verslagjaar 2011-2012.


Prof. mr. A.C. Hendriks
Aart Hendriks is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Leiden/LUMC en redacteur van dit blad.

Mr. Ivo Laufenberg
Mr. Ivo Laufenberg is als beleidsmedewerker Bewaken, Beveiligen en Crisisbeheersing (BB&C) verbonden aan het regioparket Utrecht/Lelystad van het Openbaar Ministerie (OM).
Praktijk

Enkelvoud of meervoud?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2012
Trefwoorden Aanwijzingen voor de regelgeving, wetgevingstechniek, meervoudsvorm, enkelvoudsvorm, Wetboek van Strafrecht
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    De wetgever is niet consequent in het gebruik van meervoud en enkelvoud in wetteksten. Daarom ontstaat er soms discussie over de betekenis van een wettekst. De parlementaire geschiedenis biedt hier diverse voorbeelden van, waarvan er enkele in deze bijdrage worden uitgelicht. Het is niet altijd duidelijk of in een wettekst het meervoud ook het enkelvoud omvat, en omgekeerd. Dit hangt altijd van de context af en van de bedoeling van de wetgever. Biedt dat geen aanknopingspunten, dan lijkt de hoofdregel te zijn dat het om het even is of het enkelvoud dan wel het meervoud wordt gebruikt. Aanknopingspunt hiervoor biedt een arrest van de Hoge Raad uit 1909. Voor nieuwe aanwijzingen in de Aanwijzingen voor de regelgeving lijkt onvoldoende reden, al zou een aanwijzing waarmee de opstellers van wetteksten in ieder geval worden aangespoord om consequent het enkelvoud dan wel het meervoud te gebruiken, misschien niet misstaan.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving van het ministerie van Veiligheid en Justitie.
Praktijk

De verbeterde geschillenregeling: meer potentieel dan wellicht wordt gedacht

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2012
Trefwoorden geschillenregeling, vereenvoudiging en flexibilisering bv-recht, art. 2:335-2:343c BW, flex-bv
Auteurs Mr. drs. H.T. Verhaar
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel behandelt de wijzigingen in de geschillenregeling die op 1 oktober 2012 in werking treden als onderdeel van de Wet vereenvoudiging en flexibilisering bv-recht. De auteur gaat dieper in op een vijftal wijzigingen die de snelheid en aantrekkelijkheid van de geschillenregeling bevorderen. De conclusie is dat hoewel verdere aanpassingen in de geschillenregeling reeds zijn aangekondigd, de huidige wijzigingen de geschillenregeling al veel populairder kunnen maken. De verbeterde geschillenregeling heeft meer potentieel dan wellicht wordt gedacht.


Mr. drs. H.T. Verhaar
Mr. drs. H.T. Verhaar is advocaat bij NautaDutilh NV in Rotterdam.
Praktijk

De contractuele gevolgen van een eurodesintegratie

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2012
Trefwoorden eurodesintegratie, uittreding, redenominatie, ISDA, LMA
Auteurs Mr. C.P. Hooft
SamenvattingAuteursinformatie

    Het is niet te voorspellen of en hoe een eurodesintegratie zal plaatsvinden. Ook het precieze juridische kader van een desintegratie valt lastig te voorzien. Uit juridische analyse van redenominatie van eurobetalingsverplichtingen bij een eurodesintegratie volgt dat er aanzienlijke juridische onduidelijkheden daarover bestaan. Terwijl de commerciële gevolgen voor contractspartijen belangrijk kunnen zijn. Het is contractueel verre van eenvoudig om de risico’s te adresseren. Met name indien contracten worden afgesloten waarbij langeduurbetalingsverplichtingen kunnen ontstaan en contractspartijen in verschillende landen zetelen, waarbij aanzienlijke koerswijzigingen tussen die landen kunnen ontstaan bij uittreding, zouden contractspartijen de risico’s in overweging dienen te nemen.


Mr. C.P. Hooft
Mr. C.P. Hooft is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Prof. Jenneke Christiaens
Prof. J. Christiaens is hoofdocent verbonden aan de vakgroep Criminologie van de Vrije Universiteit Brussel.

Kevin Goris
K. Goris is doctoraal onderzoeker verbonden aan de vakgroep Criminologie van de Vrije Universiteit Brussel.
Praktijk

Like riding a bicycle

Een bespreking van het wetsvoorstel Kortlopende Contracten

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2012
Auteurs Mr. A. Bach Kolling
Auteursinformatie

Mr. A. Bach Kolling
Mr. A. Bach Kolling is advocaat en partner bij Spigt Dutch Caribbean advocaten te Curaçao.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.

Mr. M.F. Murray
Mr. M.F. Murray is advocaat/vennoot bij SMS Attorneys at Law te Curaçao en redactielid van het Caribisch Juristenblad.
Toont 1 - 20 van 41 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.