Zoekresultaat: 14 artikelen

x
Jaar 2019 x
Artikel

Niet-aangeboren hersenletsel bij kinderen en jongeren, de gevolgen voor het onderwijs

Tijdschrift Afwikkeling Personenschade, Aflevering 3 2019
Trefwoorden NAH, niet aangeboren hersenletsel, kinderen en jongeren, onderwijs
Auteurs C.M.C.M. Hendriks
SamenvattingAuteursinformatie

    Langetermijngevolgen van niet-aangeboren hersenletsel (NAH) op de kinderleeftijd zijn divers en complex. Vroege signalering en tijdige interventie kunnen de nadelige gevolgen voor het onderwijs aan deze kinderen en jongeren beperken.


C.M.C.M. Hendriks
C.M.C.M. (Carla) Hendriks is GZ-psycholoog en neuropsycholoog en werkzaam in Heliomare, NAH-polikliniek voor kinderen en jongeren en de NAH-observatiegroep in Heemskerk.
Wetenschap

Verschuivend paradigma in corporate governance bij vijandige overnames

Reflecties van rechters, bestuurders en commissarissen, een lid van de Monitoring Commissie en een institutionele belegger tegen de achtergrond van ontwikkelingen op de kapitaalmarkt en in de jurisprudentie

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2019
Trefwoorden langetermijnwaardecreatie, corporate governance, shareholder- en stakeholdermodel, vijandige overnames, vennootschappelijk belang
Auteurs Mr. dr. J. Nijland, Dr. T.L.M. Verdoes, Dr. M.P. Lycklama à Nijeholt e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    De recente ontwikkelingen in de Nederlandse jurisprudentie en de herziening van de Corporate Governance Code zouden kunnen dienen als een belangrijke katalysator voor meer ‘duurzame’ overnamebesluiten door het benadrukken van het belang van langetermijnwaardecreatie. De auteurs interviewden belangrijke actoren in overnameconflicten om hun visie te geven op de kansen en bedreigingen van langetermijnwaardecreatie. De reflecties zijn in lijn met de ontwikkelingen en aldus doorgedrongen in het maatschappelijke speelveld. Concrete invulling geven aan langetermijnwaardecreatie is complex vanwege de uiteenlopende visies op het vennootschappelijke belang: de shareholders, stakeholders en de entiteit. Dit schept echter ook de ruimte om autonoom invulling te geven aan langetermijnwaardecreatie.


Mr. dr. J. Nijland
Mr. dr. J. (Jelle) Nijland is als universitair docent verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Faculteit Rechtsgeleerdheid, afdeling Ondernemingsrecht, van de Universiteit Leiden.

Dr. T.L.M. Verdoes
Dr. T.L.M. (Tim) Verdoes is als universitair docent verbonden aan het Instituut Fiscale en Economische vakken van de Faculteit Rechtsgeleerdheid, afdeling Bedrijfswetenschappen, van de Universiteit Leiden.

Dr. M.P. Lycklama à Nijeholt
Dr. M.P. (Maaike) Lycklama à Nijeholt is als universitair docent verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Faculteit Rechtsgeleerdheid, afdeling Ondernemingsrecht, van de Universiteit Leiden.

Mr. dr. N.T. Pham
Mr. dr. N.T. (Thy) Pham is als universitair docent verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Faculteit Rechtsgeleerdheid, afdeling Ondernemingsrecht, van de Universiteit Leiden.
Artikel

De voorzitter van de raad van commissarissen, of: de éminence grise van het vennootschapsrecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2019
Trefwoorden toezicht en advies raad van commissarissen, bemiddelingsrol raad van commissarissen, enquêterecht, Corporate Governance Code, overnamebod
Auteurs Mr. dr. G.N.H. Kemperink
SamenvattingAuteursinformatie

    De voorzitter van de raad van commissarissen vervult een spilfunctie in de vennootschap. Hij is voor de raad het contactpunt met bestuur en aandeelhouders. Hij wordt geacht de regie te nemen in crisissituaties. Dit roept de vraag op of de juridische positie van de voorzitter niet nader omlijnd zou moeten worden.


Mr. dr. G.N.H. Kemperink
Mr. dr. G.N.H. Kemperink is advocaat bij Kemperink Maarschalkerweerd Wouters te Amsterdam.
Artikel

‘Gelukkig is geen ramp ontstaan’

De omgang met slachtoffers na grote branden

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden victim needs, social justice, disasters, fires, legal settlement
Auteurs Michael Blommers
SamenvattingAuteursinformatie

    Based on a retrospective analysis of six large scale and fatal fires in the Netherlands, an improvement in terms of meeting the needs of victims can be seen. A comparison of the legal settlement of these fires shows mayor differences in the fulfilling of different aspects of social justice that are identified in social psychology. Two victim needs commonly associated with retributive justice – financial compensation and a thorough, neutral investigation into the causes of the disaster – were fulfilled to a higher degree after the most recent fires than after those that occurred decades ago. The legal settlement after the New Year’s fire in Volendam (2001) appears – at least on paper – to have been more just from the victim’s point of view than the ones after the other incidents. Empirical research into the experienced social justice after the New Year’s fire can be valuable to assess the factors that can lead to a just settlement after disasters.


Michael Blommers
Michael Blommers is een in de praktijk werkzame onderzoeker en verbonden aan Spuistraat 10 Advocaten te Amsterdam.
Article

Access_open Due Diligence and Supply Chain Responsibilities in Specific Instances

The Compatibility of the Dutch National Contact Point’s Decisions With the OECD Guidelines for Multinational Enterprises in the Light of Decisions Made by the UK, German, Danish and Norwegian National Contact Points

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2019
Trefwoorden due diligence, supply chain, OECD, NCP, specific instance
Auteurs Sander van ’t Foort
SamenvattingAuteursinformatie

    Since the introduction of a human rights chapter in the 2011 OECD Guidelines for Multinational Enterprises, National Contact Points (NCPs) have been increasingly dealing with specific instances referring to human rights violations by companies. According to the Organisation for Economic Cooperation and Development (OECD), the human rights provisions are the most cited provisions of the Guidelines. Specific instances include allegations such as a company’s failure to implement human rights due diligence, to apply the principles of free, prior and informed consent, to take supply chain responsibility, and/or to comply with the right to cultural heritage. Of all topics, human rights due diligence and human rights supply chain responsibilities are most commonly referred to in complaints based on the Guidelines. This article focuses on how NCPs have handled these topics of human rights due diligence and supply chain responsibility in specific instances. The Dutch NCP has been selected because it is celebrated in literature as the ‘gold standard’ because of its composition including independent members, its forward-looking approach, and because it is one of the most active NCPs in the world. All decisions of the Dutch NCP concerning these two topics are analysed in the light of the decisions of four other NCPs (UK, Denmark, Germany and Norway). A doctrinal methodology is used to analyse similarities and differences between the argumentations of the five NCPs.


Sander van ’t Foort
Sander van ’t Foort is Lecturer at Nyenrode Business University.
Jurisprudentie

De evenredigheidstoetsing van de Wet Bibob: wie het meerdere mag, mag ook het mindere?

Noot bij ECLI:NL:RVS:2019:350

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Wet Bibob, Evenredigheidstoetsing, Omgevingsvergunning, Bestuursstrafrecht, Bestuurlijk sanctierecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Door het college van gedeputeerde staten van Groningen is een advies aangevraagd bij het Landelijk Bureau Bibob. Op grond hiervan wordt de omgevingsvergunning verleend voor de duur van vijf jaren. De Afdeling overweegt dat deze vergunningverlening voor de duur van vijf jaren in strijd is met de voorgeschreven evenredigheidstoetsing van artikel 3, vijfde lid, Wet Bibob.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en is verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht. Hij is tevens redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Skanska, de onderneming en de laedens: gamechanger of buitencategorie?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2019
Trefwoorden kartelschade, Skanska, ondernemingsbegrip, economische continuïteit, follow-on litigation
Auteurs Mr. S.L. Boersen en Mr. S. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europese Hof van Justitie oordeelde in het Skanska-arrest van 14 maart 2019 dat de vraag wie aansprakelijk is voor de schade die is veroorzaakt door een kartelinbreuk wordt beantwoord aan de hand van het Unierechtelijke ondernemingsbegrip. In dit artikel wordt onderzocht wat de effecten zijn van dit oordeel.


Mr. S.L. Boersen
Mr. S.L. Boersen is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

Mr. S. de Jong
Mr. S. de Jong is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Werk in uitvoering

Law in action in strafzaken

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden perceived procedural justice, fair process effect, perceived everyday discrimination, criminal defendants, empirical-legal research
Auteurs mr. Lisa Ansems
SamenvattingAuteursinformatie

    This PhD project uses a mixed method design to study perceived procedural justice among defendants in Dutch single-judge criminal cases. To find out whether defendants are concerned with perceived procedural justice and to get a better grasp on the concept, the first empirical project reviewed here is an interview study among defendants conducted in 2017. In this study, defendants were interviewed after their court hearings about perceived procedural justice during their court hearings. The second empirical project, which started in January 2019, zooms in on experiences of defendants with a non-western migration background. Using a questionnaire, I examine whether and how perceived everyday discrimination affects defendants’ perceptions of and reactions to procedural justice during their court hearings. I am currently designing a third empirical study, which entails a scenario experiment among people with a non-western migration background. I plan to manipulate the level of perceived procedural justice during a hypothetical court hearing to examine its influence on, for instance, people’s trust in judges, and again assess whether people’s reactions to perceived procedural justice differ depending on their levels of perceived everyday discrimination. At the end of my dissertation, I plan to connect the empirical findings to the legal domain by assessing possible normative implications.


mr. Lisa Ansems
Lisa Ansems is als promovenda verbonden aan het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht. Voorafgaand aan haar promotietraject studeerde zij rechten (bachelor en Legal Research Master, beide in Utrecht).
Artikel

Access_open Bestuurlijke aanpak van ondermijning: ervaringen in Nederland en het buitenland

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Openbare orde, Ondermijning, Bestuurlijke aanpak, Handhaving, Bestuursrecht
Auteurs Prof. dr. A.C.M. Spapens
SamenvattingAuteursinformatie

    Een bestuurlijke aanpak van ondermijnende criminaliteit, al dan niet als onderdeel van een integrale aanpak, is in Nederland inmiddels gemeengoed. Toch bestaan er nog volop misverstanden over, die ook aanleiding geven tot niet altijd terechte kritiek. Het handhavingsinstrumentarium waarop deze aanpak is gebaseerd vinden we in alle landen terug. De mate waarin het wordt toegepast om (zware en georganiseerde) misdaad te bestrijden verschilt echter, al naar gelang de aard, ernst en de historie van die problematiek. Een bestuurlijke aanpak is een manier om hogere drempels op te werpen voor criminele bedrijfsprocessen, maar is geen afzonderlijk alternatief voor het strafrecht.


Prof. dr. A.C.M. Spapens
Prof. dr. A.C.M. Spapens is hoogleraar criminologie aan Tilburg University.
Kroniek

Kroniek concentratiecontrole 2018

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2019
Auteurs Bart de Rijke en Vivian van Weperen
Auteursinformatie

Bart de Rijke
Mr. B. de Rijke is partner en advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam en Brussel.

Vivian van Weperen
Mr. V.Y.H. van Weperen is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam.
Kroniek

Kroniek economie in het mededingingsrecht 2018

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2019
Auteurs Nicole Rosenboom, Anna den Boer en Maurice de Valois Turk
Auteursinformatie

Nicole Rosenboom
N. Rosenboom is werkzaam als senior consultant bij Oxera LLP Amsterdam.

Anna den Boer
A. den Boer is werkzaam als consultant Oxera LLP Amsterdam.

Maurice de Valois Turk
M. de Valois Turk is werkzaam als partner bij Oxera LLP Amsterdam.
Artikel

Voorsorteren op de compliance monitor

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 5 2019
Auteurs Bendert Zevenbergen

Bendert Zevenbergen
Kroniek

Kroniek civiele rechtspraak mededingingsrecht 2018

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2019
Auteurs Marieke Bredenoord-Spoek en Stijn de Jong
Auteursinformatie

Marieke Bredenoord-Spoek
Mr. M.G. Bredenoord-Spoek is werkzaam als advocaat bij Stibbe.

Stijn de Jong
Mr. S. de Jong is werkzaam als advocaat bij Stibbe.
Wetenschap

Vennootschappelijke medezeggenschap onder druk

Sluit de structuurregeling nog aan op de economische werkelijkheid?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2019
Trefwoorden structuurregeling, medezeggenschap, raad van commissarissen, werknemers
Auteurs Mr. H. van Roosmalen en Mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    Het adagium van medezeggenschap, dat ‘zij de zeggenschap volgt’, ligt ten grondslag aan de in 1971 ingevoerde structuurregeling. Het doel dat destijds met deze regeling werd nagestreefd, betrof het verschaffen van een stem aan werknemers op het hoogste niveau binnen de onderneming. De structuurregeling moest dus voorzien in de groeiende behoefte aan vennootschappelijke medezeggenschap. In dit artikel analyseren de auteurs de Nederlandse structuurregeling voor naamloze en besloten vennootschapen. Ook is er enige aandacht voor rechtsvergelijking met het Duitse recht. De kernvraag die de auteurs beantwoorden, is in hoeverre het vennootschappelijke medezeggenschapsrecht op basis van de structuurregeling in Nederland nog het beoogde effect heeft.


Mr. H. van Roosmalen
Mr. H. (Hidde) van Roosmalen is momenteel bezig met het afronden van de master Internationale Betrekkingen aan de Universiteit Utrecht en heeft de master Onderneming en recht aan dezelfde universiteit in 2018 succesvol afgerond.

Mr. H. Koster
Mr. H. (Harold) Koster is verbonden aan de Erasmus School of Law en aan de Universiteit van Dubai.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.