Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 898 artikelen

x
Artikel

Access_open De ontwikkeling en implicaties van kinder- en mensenrechten op het gebied van klimaatverandering

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden Klimaat, Kinderrechten/IVRK, Jeugdrecht, Mensenrechten, VN-Kinderrechtencomité
Auteurs Dr. M.J. Wewerinke-Singh, Mr. J.A.M. Stein MSc en Prof. mr. J.E. Doek
SamenvattingAuteursinformatie

    Hoewel kinderen disproportioneel geraakt worden door klimaatverandering, is er tot op heden nog relatief weinig aandacht besteed aan de juridische kant hiervan. Dit artikel tracht bij te dragen door antwoord te geven op de vraag in hoeverre kinderen ‘klimaatrechten’ hebben op mensen- en kinderrechtelijk vlak. In dit kader worden de ontwikkelingen op het terrein van mensenrechten geschetst. Ook wordt ingegaan op de belangrijkste juridische implicaties van kinderrechten zoals neergelegd in het IVRK. Hiervoor zijn ook alle Concluding Observations uit 2019 op dit onderwerp bestudeerd. Bovendien wordt het analytisch rapport van de OHCHR over klimaat en kinderrechten besproken. Tot slot wordt ingegaan op de klimaatklacht die momenteel voorligt bij het VN-Kinderrechtencomité en de mogelijkheden van kinderen in Nederland voor de effectuering van hun rechten op dit vlak.


Dr. M.J. Wewerinke-Singh
Dr. M.J. Wewerinke-Singh is als universitair docent verbonden aan het Grotius Centre for International Legal Studies in Leiden.

Mr. J.A.M. Stein MSc
Mr. J.A.M. Stein is lid van de werkgroep Jeugd- en Gezondheidsrecht van het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM). Dit artikel vloeit voort uit de door het NJCM georganiseerde seminar ‘Kinderrechten & klimaat’ gehouden in februari 2020 te Den Haag.

Prof. mr. J.E. Doek
Prof. mr. J.E. Doek is Emeritus hoogleraar familie en jeugdrecht bij de VU Amsterdam en gastmedewerker bij de afdeling jeugdrecht van de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Dismissal protection in Germany

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden Statutory and judge-made dismissal protrection in germany, Dismissal protection and constitutional law, The importance of the case law, Legal principles, Payments during sickness
Auteurs dr. Bernd Waas
SamenvattingAuteursinformatie

    The article provides overview of the main elements of protection against dismissal in germany. In particular, the possible reasons for dismissal and the substantive requirements are discussed. The procedural aspects and remedies are also dealt with. Finally, it is explained, how the payment during sickness is organized.


dr. Bernd Waas
Bernd Waas is Chair of Labour Law and Civil Law under consideration of European and International Labour Law at Goethe-Universität.
Discussie

Empirical Legal Studies in het juridisch onderwijs: waar staat Nederland en hoe nu verder?

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2021
Trefwoorden ELS, empirical legal studies, education, teaching, law school
Auteurs dr. Ekaterina Pannebakker LL.M., Dr. Helen Pluut, Mr. dr. Stijn Voskamp e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    De groeiende aandacht voor Empirical Legal Studies (ELS) in Nederland roept vragen op over het onderwijs in empirisch-juridische vaardigheden in ons land. Er gebeurt al het nodige op dit vlak, maar een nauwkeurige inventarisatie van welke ELS-vakken reeds concreet worden aangeboden in Nederland ontbreekt. Een dergelijk overzicht zou het mogelijk maken dat opleidingen van elkaar leren en kennis en kunde uitwisselen in plaats van het wiel opnieuw uit te vinden. Daarom hebben wij een uitgebreide rondgang gemaakt langs de diverse opleidingen aan rechtenfaculteiten, om in kaart te brengen welke vakken met aandacht voor empirische methoden reeds in het reguliere rechtencurriculum worden aangeboden. In dit artikel rapporteren wij de resultaten van deze landelijke inventarisatie en werpen een blik op de toekomst in het licht van recente discussies en ontwikkelingen die verband houden met ELS in Nederland.


dr. Ekaterina Pannebakker LL.M.
Ekaterina Pannebakker is als universitair docent verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden. Haar onderzoek en onderwijs richten zich op privaatrechtelijke rechtsvergelijking en harmonisatie, recht en taal, en internationaal contracteren.

Dr. Helen Pluut
Helen Pluut is als universitair hoofddocent verbonden aan de afdeling Bedrijfswetenschappen van de Universiteit Leiden.

Mr. dr. Stijn Voskamp
Stijn Voskamp is als universitair docent verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden. Haar onderzoek en onderwijs richten zich onder andere op het contractenrecht en aansprakelijkheidsrecht met bijzondere aandacht voor onderwijsrecht.

Mr. dr. Wouter de Zanger
Wouter de Zanger is als universitair docent Strafrecht verbonden geweest aan de Universiteit Utrecht waar hij onder andere onderzoek verrichtte op het gebied van financieel-economisch strafrecht. Tegenwoordig is hij werkzaam als advocaat bij FvKG Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Access_open Space and Socialization in Legal Education: A Symbolic Interactionism Approach

Special Issue on Pragmatism and Legal Education, Sanne ­Taekema & Thomas Riesthuis (eds.)

Tijdschrift Law and Method, april 2021
Trefwoorden legal education, pragmatism, symbolic interactionism, sociology of space
Auteurs Karolina Kocemba
SamenvattingAuteursinformatie

    The article deals with the possibility of socializing law students through space. It first indicates which features of space affect the possibility of influencing interactions and identity. It then discusses how we can use symbolic interactionism to study interactions and socialization in spaces of law faculties. Then, on the basis of the interviews conducted with law faculty students about their space perception, it shows how to research student socialization through space and how far-reaching its effects can be.


Karolina Kocemba
Karolina Kocemba, MA, is PhD student at the University of Wroclaw; Uniwersytet Wroclawski, Wroclaw, Poland.
Mededinging

CK Telecoms/Commissie: ‘bridging the gap’ tussen Airtours en SIEC-test?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden mededinging, SIEC, telecom, fusiecontrole
Auteurs Mr. B.J.H. Braeken en Mr. X.Y.G. Versteeg
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 28 mei 2020 heeft het Gerecht van de Europese Unie de beschikking van de Europese Commissie vernietigd waarin de Commissie de overname van Telefónica UK door CK Hutchison UK (nadien ‘CK Telecom UK’) – een zogenoemde 4-naar-3-telecomfusie in het Verenigd Koninkrijk – verbood. In dit arrest wordt voor de eerste maal de toepassing van de ‘significant impediment to effective competition’ (SIEC)-test op zogenoemde ‘gap’-zaken onderworpen aan een (indringende) rechterlijke toetsing. Gap-zaken zijn concentratiezaken waarbij geen sprake is van het creëren of versterken van een dominante machtspositie, maar waarbij mogelijk een significante beperking van de concurrentie optreedt doordat de fusie leidt tot de vermindering van concurrentiedruk op een beperkt aantal overgebleven marktspelers. De maatstaf die het Gerecht in CK Telecoms/Commissie aanlegt, lijkt bijzonder zwaar en nadert de bewijsstandaard voor collectieve dominantie zoals geformuleerd in het Airtours-arrest. Dit zal het moeilijk maken voor de Commissie (en nationale mededingingsautoriteiten) om dergelijke fusies in oligopolide markten in de toekomst nog te verbieden.
    Gerecht 28 mei 2020, zaak T-399/16, ECLI:EU:T:2020:217 (CK Telecoms UK Investments/Commissie).


Mr. B.J.H. Braeken
Mr. B.J.H. (Bas) Braeken is advocaat en partner bij bureau Brandeis.

Mr. X.Y.G. Versteeg
Mr. X.Y.G. (Jade) Versteeg is advocaat bij bureau Brandeis.

    Het ontgrendelen van elektronische gegevensdragers met een biometrisch kenmerk staat nog steeds in de schijnwerpers van de rechtswetenschap en de rechtspraktijk. Uit de literatuur is een duidelijke meerderheidsopvatting te distilleren, namelijk dat de verdachte verplicht kan worden elektronische gegevensdragers met een biometrisch kenmerk te ontgrendelen, maar dat van een verplichting zijn wachtwoord af te staan geen sprake kan zijn. Verschillende nationale gerechten hebben dezelfde conclusie getrokken. Ondanks de duidelijke meerderheidsopvatting werd tegen een van de eerste uitspraken, een vonnis van de rechtbank Noord-Holland, cassatie in het belang van de wet ingesteld waarin advocaat-generaal Bleichrodt onlangs concludeerde. In deze bijdrage wordt de zojuist genoemde conclusie besproken, in het licht van de afwezigheid van een fundamentele bezinning op de normering van opsporingsbevoegdheden in de digitale wereld.


D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
D.A.G. van Toor PhD LLM BSc is verbonden als universitair docent aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht.
Annotatie

Goed nieuws: Hof van Justitie beschermt stakingsrecht voor de happy few

HvJ EU (Gerecht) 29 januari 2020, T-402/18 (Aquino e.a./Europees Parlement)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, Recht op collectieve actie, Beperkingen bij wet voorgeschreven, Europese Unie, Ambtenarenrecht
Auteurs Prof. dr. Filip Dorssemont
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 29 januari 2020 vernietigde het Gerecht (Hof van Justitie) een bevel van het Europees Parlement als werkgever waarbij een aantal tolken en conferentietolken werd opgeëist. Het bevel kwam tot stand om het hoofd te bieden aan een staking. Het is de eerste maal dat het Hof van Justitie uitdrukkelijk erkent dat EU-ambtenaren een recht te staken hebben. Het arrest illustreert dat beperkingen van in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie gewaarborgde grondrechten bij wet moeten zijn voorzien. Dit veronderstelt dat een duidelijke en voldoende nauwkeurige juridische grondslag moet bestaan. Deze bijdrage werpt licht op het weinig gekende stelsel van collectieve arbeidsverhoudingen binnen de Europese instellingen.


Prof. dr. Filip Dorssemont
Prof. dr. F. Dorssemont is gewoon hoogleraar aan de Université Catholique de Louvain en gastprofessor aan de Vrije Universiteit Brussel.

    Atypische arbeidsvormen zijn in opmars. Tijdelijke arbeid, en een arbeidscontract voor bepaalde tijd in het bijzonder, is zo mogelijk de meest gekende vorm. In het onderwijs wordt veelvuldig gebruikgemaakt van dergelijke arbeidscontracten. De Europese sociale partners sloten eind vorige eeuw nochtans een Raamovereenkomst met als doel de kwaliteit van de arbeid voor bepaalde tijd te verbeteren en het misbruik van opeenvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd te voorkomen. In deze bijdrage wordt zowel de Nederlandse als de Vlaamse regelgeving inzake het gebruik van opeenvolgende tijdelijke contracten aan de universiteiten getoetst aan de Europese regelgeving. Het voordeel van een dergelijke rechtsvergelijkende aanpak is dat het mogelijk nieuwe inzichten biedt, niet alleen voor de rechtswetenschapper, maar ook voor de rechtspractici. Het onderzoek vangt aan met een analyse van de Europese regelgeving aan de hand van de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie. Vervolgens worden de toepasselijke Nederlandse en Vlaamse reglementeringen besproken en geëvalueerd, waarna een algemene conclusie volgt.


Dr. Evelien Timbermont
Dr. E. Timbermont is postdoctoraal onderzoeker aan de Vrije Universiteit Brussel en gastprofessor aan de Universiteit Gent.

Gijs van Maanen
Gijs van Maanen is PhD researcher at Tilburg Law School.
Artikel

Access_open Art, Science and the Poetry of Justice – ­Pragmatist Aesthetics and Its Importance for Law and Legal Education

Special Issue on Pragmatism and Legal Education ­Sanne Taekema & Thomas Riesthuis (eds.)

Tijdschrift Law and Method, maart 2021
Trefwoorden legal research, legal education, epistemology, law, science and art
Auteurs Wouter de Been
SamenvattingAuteursinformatie

    Classic pragmatists like John Dewey entertained an encompassing notion of science. This pragmatic belief in the continuities between a scientific, ethical and cultural understanding of the world went into decline in the middle of the 20th century. To many mid-century American and English philosophers it suggested a simplistic faith that philosophy and science could address substantive questions about values, ethics and aesthetics in a rigorous way. This critique of classic pragmatism has lost some of its force in the last few decades with the rise of neo-pragmatism, but it still has a hold over disciplines like economics and law. In this article I argue that this criticism of pragmatism is rooted in a narrow conception of what science entails and what philosophy should encompass. I primarily focus on one facet: John Dewey’s work on art and aesthetics. I explain why grappling with the world aesthetically, according to Dewey, is closely related to dealing with it scientifically, for instance, through the poetic and aesthetic development of metaphors and concepts to come to terms with reality. This makes his theory of art relevant, I argue, not only to studying and understanding law, but also to teaching law.


Wouter de Been
Wouter de Been is a legal theorist who has written widely on pragmatism and legal realism. I would like to thank the reviewers for their comments. Their critical commentary made this a much better article. Any remaining shortcomings are of course my own. I dedicate this article to the memory of Willem Witteveen, who always saw the art in law.
Artikel

Access_open Het classicistische politieke denken van Van Hogendorp

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering Pre-publications 2021
Trefwoorden classicistisch politiek denken, constitutie, Van Hogendorp, Grondwet, politieke filosofie
Auteurs Alban Mik
SamenvattingAuteursinformatie

    Gijsbert Karel van Hogendorp is the auctor intellectualis of the 1818 Dutch constitution. It was his sketch for a new constitution that was used as a starting point for the deliberations of its original drafting committee. Van Hogendorp justifies his constitution as a restoration of the Burgundian constitution that applied before the Dutch Republic. In recent literature Van Hogendorp’s restorational argument is presented as an invention of tradition. In this article an alternative explanation is presented, namely that it is part of a form of classicist political thought that was common during the ancien régime. Van Hogendorp describes his constitution as a moderate monarchy, in which the three principles of monarchy, aristocracy and democracy are properly balanced. And he mainly defends this mixed regime by pointing out that it is a restoration of the old Burgundian constitution of the Netherlands. This way of reasoning is, as will be shown, typically classicistic.


Alban Mik
Alban Mik is onderzoeker aan de Afdeling Metajuridica, vakgroep Rechtsfilosofie van de Universiteit Leiden.
Artikel

Nikola Tesla en de coltrui-CEO: de gevaren van informatiemanipulatie

Vertrouwen van het beleggend of het algemeen publiek?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden marktmisbruik, marktmanipulatie, marktintegriteit, investor confidence, public confidence
Auteurs Mr. M.J. Giltjes
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur betoogt dat met de doelstellingen achter het informatiemanipulatieverbod van de Marktmisbruikverordening wordt beoogd het vertrouwen van het algemeen publiek, in tegenstelling tot slechts het vertrouwen van het beleggend publiek, te waarborgen. Een helder begrip van deze doelstellingen is noodzakelijk voor de effectieve handhaving van het informatiemanipulatieverbod.


Mr. M.J. Giltjes
Mr. M.J. Giltjes is promovendus bij Erasmus Graduate School of Law en fellow van het International Center for Financial law & Governance (ICFG).
Artikel

Indringender rechterlijke toetsing van AVV

Over de processuele consequenties

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2021
Trefwoorden evenredigheidsbeginsel, exceptieve toetsing, bestuursprocesrecht, toetsingsintensiteit, evidence base-toetsing
Auteurs Mr. L.A. van Heusden
SamenvattingAuteursinformatie

    Als de bestuursrechter algemeen verbindende voorschriften voortaan indringender toetst door de zogenoemde ‘evidence base’ ervan te toetsen, waar loopt hij dan tegenaan in de praktijk? De processuele consequenties van een dergelijke toetsing worden in dit artikel beschreven. Specifiek wordt ingezoomd op het bestuursrechtelijke uitgangspunt van ex-tunctoetsing, het ambtshalve aanvullen van de rechtsgronden en de partijstelling. De auteur concludeert dat ondanks de primaire focus van het bestuursprocesrecht op individuele geschilbeslechting, de Awb evidence base-toetsing mogelijk maakt. Om die toetsing in de praktijk aan effect te doen winnen, is echter ook de wetgever nodig.


Mr. L.A. van Heusden
Mr. L.A. (Louise) van Heusden is promovenda bij Tilburg University en werkzaam bij de kennisunit van de directie Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Artikel

Access_open Addressing Problems Instead of Diagnoses

Reimagining Liberalism Regarding Disability and Public Health

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering Pre-publications 2021
Trefwoorden Vulerability Theory, Liberalism, Convention on the Rights of Persons with Disabilities (CRPD), Public Health, Capabilities Approach
Auteurs Erwin Dijkstra
SamenvattingAuteursinformatie

    The public health systems of liberal states systematically fail to meet the goals and obligations of the Convention on the Rights of Persons with Disabilities, which aims to facilitate full societal participation and independent life choices by all impaired persons, as well as the unburdening of their private caretakers. This failure does not stem from a lack of money or effort by governments and other societal institutions, but flaws in the anatomy of these systems. As these systems confine institutional assistance to the needs of persons with certain delineated disabilities, they neglect the needs of other persons, whose disabilities do not fit this mould. The responsibility for the latter group thus falls to their immediate social circle. These private caretakers are in turn seldom supported. To remedy this situation, I will present the alternative paradigm of vulnerability theory as the possible foundation for a more inclusive approach to public health.


Erwin Dijkstra
Erwin Dijkstra LLM MA is lecturer and researcher at the Department of Jurisprudence of the Leiden Law School of Leiden University.
Artikel

Groene ketenaansprakelijkheid

Geen ontkomen aan

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2021
Trefwoorden georganiseerde misdaad, ecologische misdaad, corruptie, fraude, Oekraïne
Auteurs Em. prof. dr. P.C. van Duyne
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt verslag gedaan van onderzoek naar ontbossing in Oekraïne. Uit door Earthsight en plaatselijke onderzoeksjournalisten uitgevoerd onderzoek blijkt dat een groot deel van het naar de EU uitgevoerde hout onwettig gewonnen is, mogelijk gemaakt door corruptie van hooggeplaatste ambtenaren. De in de EU gebruikte duurzaamheidscertificaten blijken de lading niet te dekken. Voorgesteld wordt een systeem van objectieve risicoaansprakelijkheid voor elke schakel in de handelsketen in te voeren: van oorsprong tot eindhandelaar.


Em. prof. dr. P.C. van Duyne
Em. prof. dr. P.C. van Duyne is emeritus hoogleraar Empirische aspecten van de strafrechtspleging aan de Universiteit van Tilburg.
Artikel

Access_open The ECHR and Private Intercountry Adoptions in Germany and the Netherlands: Lessons Learned from Campanelli and Paradiso v. Italy

Tijdschrift Family & Law, januari 2021
Trefwoorden Private intercountry adoptions, surrogacy, ECHR, UNCRC, the best interests of the child
Auteurs dr. E.C. Loibl
SamenvattingAuteursinformatie

    Within the past half century, a market in adoptable children has emerged. The imbalance between the demand for and the supply of adoptable children, combined with the large sums of Western money, incite greedy actors in poor countries to illegally obtain children for adoption. This renders intercountry adoption conducive to abuses. Private adoptions are particularly prone to abusive and commercial practices. Yet, although they violate both international and national law, German and Dutch family courts commonly recognize them. They argue that removing the child from the illegal adopters would not be compatible with the rights and best interests of the individual child concerned. In 2017, the ECtHR rendered a ground-breaking judgement in Campanelli and Paradiso v. Italy. In this case, the Court dealt with the question as to whether removing a child from the care of an Italian couple that entered into a surrogacy agreement with a Russian clinic, given that surrogacy is illegal in Italy, violated Article 8 ECHR. Contrary to previous case law, in which the ECtHR placed a strong emphasis on the best interests of the individual child concerned, the Court attached more weight to the need to prevent disorder and crime by putting an end to the illegal situation created by the Italian couple and by discouraging others from bypassing national laws. The article argues that considering the shifting focus of the ECtHR on the prevention of unlawful conduct and, thus, on the best interests of children in general, the German and Dutch courts’ failure to properly balance the different interests at stake in a private international adoption by mainly focusing on the individual rights and interests of the children is difficult to maintain.

    ---

    In de afgelopen halve eeuw is er een markt voor adoptiekinderen ontstaan. De disbalans tussen de vraag naar en het aanbod van adoptiekinderen, in combinatie met grote sommen westers geld, zet hebzuchtige actoren in arme landen ertoe aan illegaal kinderen te verkrijgen voor adoptie. Dit maakt interlandelijke adoptie bevorderlijk voor misbruik. Particuliere adoptie is bijzonder vatbaar voor misbruik en commerciële praktijken. Ondanks het feit dat deze privé-adopties in strijd zijn met zowel internationaal als nationaal recht, worden ze door Duitse en Nederlandse familierechtbanken doorgaans wel erkend. Daartoe wordt aangevoerd dat het verwijderen van het kind van de illegale adoptanten niet verenigbaar is met de rechten en belangen van het individuele kind in kwestie. In 2017 heeft het EHRM een baanbrekende uitspraak gedaan in de zaak Campanelli en Paradiso t. Italië. In deze zaak behandelde het Hof de vraag of het verwijderen van een kind uit de zorg van een Italiaans echtpaar dat een draagmoederschapsovereenkomst met een Russische kliniek is aangegaan, in strijd is met artikel 8 EVRM, daarbij in ogenschouw genomen dat draagmoederschap in Italië illegaal is. In tegenstelling tot eerdere jurisprudentie, waarin het EHRM sterk de nadruk legde op de belangen van het individuele kind, hechtte het Hof meer gewicht aan de noodzaak om de openbare orde te bewaken en criminaliteit te voorkomen door een einde te maken aan de illegale situatie die door het Italiaanse echtpaar was gecreëerd door onder andere het omzeilen van nationale wetten. Het artikel stelt dat, gezien de verschuiving in de focus van het EHRM op het voorkomen van onwettig gedrag en dus op het belang van kinderen in het algemeen, de Duitse en Nederlandse rechtbanken, door met name te focussen op de individuele rechten en belangen van de kinderen, er niet in slagen om de verschillende belangen die op het spel staan ​​bij een particuliere internationale adoptie goed af te wegen.


dr. E.C. Loibl
Elvira Loibl is Assistant Professor Criminal Law and Criminology, Universiteit Maastricht.
Artikel

Van twee walletjes

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 1 2021
Auteurs Nathalie de Graaf

Nathalie de Graaf
Article

Access_open The Common Law Remedy of Habeas Corpus Through the Prism of a Twelve-Point Construct

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2021
Trefwoorden Habeas corpus, common law, detainee, Consitution, liberty
Auteurs Chuks Okpaluba en Anthony Nwafor
SamenvattingAuteursinformatie

    Long before the coming of the Bill of Rights in written Constitutions, the common law has had the greatest regard for the personal liberty of the individual. In order to safeguard that liberty, the remedy of habeas corpus was always available to persons deprived of their liberty unlawfully. This ancient writ has been incorporated into the modern Constitution as a fundamental right and enforceable as other rights protected by virtue of their entrenchment in those Constitutions. This article aims to bring together the various understanding of habeas corpus at common law and the principles governing the writ in common law jurisdictions. The discussion is approached through a twelve-point construct thus providing a brief conspectus of the subject matter, such that one could have a better understanding of the subject as applied in most common law jurisdictions.


Chuks Okpaluba
Chuks Okpaluba, LLB LLM (London), PhD (West Indies), is a Research Fellow at the Free State Centre for Human Rights, University of the Free State, South Africa. Email: okpaluba@mweb.co.za.

Anthony Nwafor
Anthony O. Nwafor, LLB, LLM, (Nigeria), PhD (UniJos), BL, is Professor at the School of Law, University of Venda, South Africa. Email: Anthony.Nwafor@univen.ac.za.
Article

Access_open The Influence of Strategic Culture on Legal Justifications Comparing British and German Parliamentary Debates Regarding the War against ISIS

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2021
Trefwoorden strategic culture, international law, ISIS, parliamentary debates, interdisciplinarity
Auteurs Martin Hock
SamenvattingAuteursinformatie

    This article presents an interdisciplinary comparison of British and German legal arguments concerning the justification of the use of force against the Islamic State in Iraq and Syria (ISIS). It is situated in the broader framework of research on strategic culture and the use of international law as a tool for justifying state behaviour. Thus, a gap in political science research is analysed: addressing legal arguments as essentially political in their usage. The present work questions whether differing strategic cultures will lead to a different use of legal arguments. International legal theory and content analysis are combined to sort arguments into the categories of instrumentalism, formalism and natural law. To do so, a data set consisting of all speeches with regard to the fight against ISIS made in both parliaments until the end of 2018 is analysed. It is shown that Germany and the UK, despite their varying strategic cultures, rely on similar legal justifications to a surprisingly large extent.


Martin Hock
Martin Hock is Research Associate at the Technische Universität Dresden, Germany.
Toont 1 - 20 van 898 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 44 45
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.