Zoekresultaat: 12 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift PROCES x Jaar 2010 x
Redactioneel

Lessen voor Rutte I

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2010
Auteurs Miranda Boone

Miranda Boone
Artikel

Efficiëntie in het kwadraat

Over de lotgevallen van de kleine strafzaak na invoering van de strafbeschikking en het verlofstelsel

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2010
Trefwoorden strafbeschikking, verlofstelsel, decriminalisering, efficiëntie in het strafproces
Auteurs Mr. dr. Jan Crijns
SamenvattingAuteursinformatie

    Recently, the punishment order by the prosecutor (article 257a Code of Criminal Procedure) and the leave to appeal system (article 410a Code of Criminal Procedure) have been adopted in Dutch criminal procedural law. Both legal measures have major consequences for the way in which minor criminal offences are dealt with. Viewing both these efficiency-promoting measures from their mutual interconnection, the question rises whether, in the settlement of these minor offences, a full process that actually does justice to all interests involved, may still be spoken of. It is suggested in this contribution that this question requires a more subtanstial revision and reassessment of the enforcement system with regards to minor offences, whereby decriminalisation may also play a pertinent role.


Mr. dr. Jan Crijns
Jan Crijns is universitair docent bij het Instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden en tevens rechter-plaatsvervanger in de Rechtbank Haarlem.
Artikel

De stelselmatige dader als zondebok en slachtoffer van risicojustitie

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2010
Trefwoorden Risicojustitie, Maatregel ISD, Stelselmatige dader, Zondebok
Auteurs Mr. Marene van Zwet
SamenvattingAuteursinformatie

    De maatregel ISD is een uiting van risicojustitie. De maatregel zet in op een risicovolle groep in de samenleving, waarbij het strafrecht prospectief wordt ingezet. In de behoefte de maatschappij te beveiligen tegen toekomstige risico’s is niet langer de ernst van de daad van belang, maar de ernst van het criminele verleden van de dader. De maatregel ISD zet in op het onschadelijk maken van stelselmatige daders om zodoende de maatschappij te beveiligen. Daarbij worden fundamentele strafrechtelijke waarden geschonden en wordt ernstig tekortgedaan aan de rechtsbeschermende positie van de stelselmatige dader. De stelselmatige dader is zondebok en slachtoffer van risicojustitie.


Mr. Marene van Zwet
Mr. Marene van Zwet studeerde Straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit Leiden en is daar nu bezig met de master Encyclopedie en filosofie van het recht.
Artikel

Mark of Cain op het voorhoofd van de jeugdige verdachte?

Over stigmatisering en privacy in het jeugdstrafrecht

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2010
Trefwoorden privacy jeugdigen, stigmatisering, labeling, proportionaliteit, bescherming, overlast
Auteurs MSc LLM BA Maria de Jong-de Kruijf en Prof. mr. drs. Mariëlle Bruning
SamenvattingAuteursinformatie

    Labeling van jongeren in het jeugdstrafrecht kan leiden tot stigmatisering. Stigmatisering van jongeren moet voor zover mogelijk worden voorkomen, ook in het jeugdstrafrecht. Verschillende recente ontwikkelingen in het jeugdstrafrecht, zoals de toenemende neiging om jongeren met probleemgedrag te registreren in databases en om naar aanleiding van dit gedrag in casusoverleggen met deelnemers afkomstig uit jeugdstrafrecht en (jeugd)zorg in brede zin gegevens uit te wisselen, leiden mogelijk tot meer stigmatisering van de jeugdige (verdachte). De ontwikkelingen die wij in deze bijdrage beschrijven zijn registratiesystemen, met name ProKid en JCO Support, justitiële documentatie en Halt-afdoeningen, casusoverleggen in de Veiligheidshuizen en groepsgerichte aanpakken. Deze probleemgebieden tasten de privacy van de minderjarige (verdachte) aan en leiden in mindere of meerdere mate tot stigmatisering. Wij zullen voor elke ontwikkeling bespreken in hoeverre sprake is van (te veel) stigmatisering en zo ja of en hoe dit zo veel mogelijk kan worden beperkt.


MSc LLM BA Maria de Jong-de Kruijf
Maria de Jong-de Kruijf MSc LLM BA is onderzoeker aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.

Prof. mr. drs. Mariëlle Bruning
Prof. mr. drs. Mariëlle Bruning is hoogleraar jeugdrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Artikel

Vakmanschap is meesterschap

Risico’s van classificatie, risicotaxatie en registratie van delinquente jongeren

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2010
Trefwoorden diagnostiek, classificatie, risicotaxatie, stigmatisering
Auteurs Dr. Nils Duits
SamenvattingAuteursinformatie

    Betrokkenen bij het jeugdstrafrecht denken vanuit verschillende domeinen anders over wat er aan de hand is met jongeren die in aanraking komen met justitie en over wat nodig en mogelijk is om daar verandering in aan te brengen. Dat leidt soms tot te hoge verwachtingen en misverstanden en het kan leiden tot stigmatisering van delinquente jongeren als geclassificeerd risico- en probleemgeval.In dit artikel worden de verschillende domeinen en domeinverschillen van de betrokkenen belicht. Vervolgens wordt stilgestaan bij de noodzaak en beperkingen van psychiatrische diagnostiek, classificatie en risicotaxatie van delinquente jongeren en welke rol overleg en registratie en het delen van informatie daarbij kunnen spelen.


Dr. Nils Duits
Dr. Nils Duits is kinder- en jeugdpsychiater en is programmaleider Kwaliteit en Innovatie bij het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie (NIFP).
Artikel

Schade herstellen tijdens jeugddetentie

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2010
Trefwoorden herstelrecht, justitiële jeugdinrichting, slachtoffer-daderbemiddeling, verantwoordelijkheid
Auteurs Annemieke Wolthuis en Myriam Vandenbroucke
SamenvattingAuteursinformatie

    Ook als jongeren eenmaal in een justitiële jeugdinstelling verblijven, is leren over slachtoffers en werken aan genoegdoening cruciaal. Herstelgericht werken biedt hiertoe mogelijkheden. De vraag is hoe herstelgericht werken kan worden geïmplementeerd in een justitiële jeugdinrichting. De pedagogische infrastructuur van Forensisch Centrum Teylingereind is een goed voorbeeld. Herstelgericht werken heeft een positief effect op de jeugdige daders en de inrichtingscultuur. Het geeft jongeren inzichten in de eigen verantwoordelijkheid, het effect van hun gedrag op het slachtoffer en mogelijkheden te werken aan herstel van de schade die zij aangericht hebben. Dat blijkt uit onderzoek van het Verwey-Jonker Instituut: ‘Schade herstellen tijdens jeugddetentie’.


Annemieke Wolthuis
Annemieke Wolthuis is onderzoeker aan de Open Universiteit Nederland en verbonden aan het Verwey-Jonker Instituut in Utrecht.

Myriam Vandenbroucke
Myriam Vandenbroucke is onderzoeker bij het Verwey-Jonker Instituut.
Artikel

DNA-afname bij jeugdigen: noodzakelijk in een democratische samenleving?

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2010
Trefwoorden DNA-onderzoek, jeugdigen, belangenafweging, proportionaliteit
Auteurs Davina Moerman
SamenvattingAuteursinformatie

    Per 1 mei 2010 treedt de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden volledig in werking. De wet is ook van toepassing op jeugdigen. In dit artikel wordt onderzocht hoe het DNA-onderzoek bij jeugdigen in het strafproces is geregeld. De wetgever heeft weinig aandacht besteed aan de bijzondere positie van de jeugdige. De Hoge Raad heeft bepaald dat voor jeugdigen geen generieke uitzondering bestaat. De rechtbanken zijn geneigd de jeugdige anders te behandelen dan dat de wetgever voorstaat. Het DNA-onderzoek bij jeugdigen is in het licht van de mensenrechtenverdragen disproportioneel: de wetgeving dient te worden aangepast.


Davina Moerman
Davina Moerman studeerde rechten aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en schreef een afstudeerscriptie over DNA-onderzoek bij jeugdigen in het strafproces.
Artikel

De bestuurlijke strafbeschikking: panacee voor de gemeentelijke handhaving?

Tijdschrift PROCES, Aflevering 2 2010
Trefwoorden strafbeschikking, bestuurlijke boete, gemeenten, handhaving
Auteurs Arthur R. Hartmann
SamenvattingAuteursinformatie

    Binnen afzienbare tijd zal de bestuurlijke strafbeschikking in het hele land worden ingevoerd. Met de komst van de bestuurlijke strafbeschikking krijgen gemeenten een nieuw instrument in handen ter handhaving van de openbare orde en veiligheid. De strafbeschikking als zelfstandige sanctiebevoegdheid op grond van het Wetboek van Strafvordering neemt een groot deel van de nadelen van de huidige buitengerechtelijke afdoening in strafzaken weg en heeft de voordelen van een bestuurlijke sanctie als de bestuurlijke boete. Met de invoering van de bestuurlijke strafbeschikking is dan ook mogelijk een adequaat handhavingsinstrument gecreëerd dat gemeenten een volwaardige en effectieve strafrechtelijke sanctiemogelijkheid kan bieden in vergelijking met de huidige transactie en de bestuurlijke boete.


Arthur R. Hartmann
Arthur R. Hartmann is als universitair hoofddocent verbonden aan de sectie Strafrecht van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

De voorwaardelijke invrijheidstelling en de calculerende rechter

Tijdschrift PROCES, Aflevering 2 2010
Trefwoorden straftoemeting, voorwaardelijke invrijheidstelling, voorwaardelijke straffen
Auteurs Pauline Schuyt
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 juli 2008 traden de nieuwe artikelen 15 tot en met 15l Sr in werking, waarmee de vervroegde invrijheidstelling van een tot een gevangenisstraf veroordeelde voortaan is gebonden aan bepaalde voorwaarden. Met deze regeling heeft de wetgever een extra factor doen ontstaan waarmee de rechter rekening moet of kan houden bij het bepalen van de lengte van een gevangenisstraf. Doordat de regeling van de voorwaardelijke invrijheidstelling niet geldt voor (deels) voorwaardelijke straffen, heeft de regeling ook invloed bij het antwoord op de vraag naar de strafmodaliteit. In dit artikel wordt onderzocht op welke manier de regeling van de voorwaardelijke invrijheidstelling de rechter kan beïnvloeden bij de keuze van de uiteindelijke straf.


Pauline Schuyt
Pauline Schuyt is universitair hoofddocent Straf- en strafprocesrecht bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden en rechter-plv in de Rechtbank Haarlem.
Artikel

Verslag van de Studiedag van PROCES op 11 december 2009

‘Ingrijpen op basis van voorwaarden; kansen en gevaren’

Tijdschrift PROCES, Aflevering 2 2010
Artikel

De politietaak en de Wet op de identificatieplicht

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1 2010
Trefwoorden Politietaak, Identificatieplicht, Bevoegdheidscumulatie, Onrechtmatige bewijsgaring
Auteurs Liza Pander Stapel
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de inwerkingtreding van de Wet op de identificatieplicht is een beeld geschept dat eenieder, vanaf de leeftijd van 14 jaar, zomaar op straat of in de publieke ruimten door de politie naar zijn identiteit kan worden gevraagd. De bevoegdheid van de politie om over te gaan tot het vorderen van inzage in identiteitsgegevens ligt echter iets genuanceerder. De politie is immers gebonden aan haar bevoegdheden en dient te handelen binnen de politietaak van artikel 2 Politiewet 1993. Zo is het te pas en te onpas vorderen van inzage in identiteitsgegevens niet toegestaan en dient een aantal waarborgen in acht te worden genomen. Doet de politie dat niet, en treedt zij buiten de aan haar toegekende bevoegdheden, dan is er sprake van onrechtmatig politieoptreden.


Liza Pander Stapel
Liza Pander Stapel was gerechtssecretaris in Utrecht en is thans werkzaam als para-legal bij Wladimiroff Advocaten.
Artikel

Samenwerking in de jeugdstrafrechtsketen door middel van het justitieel casusoverleg in Rotterdam

Een analyse van de Rotterdamse praktijk van het justitieel casusoverleg als instrument voor de vervolging, afdoening en hulpverlening in jeugdstrafzaken

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1 2010
Trefwoorden Justitieel casusoverleg, Openbaar Ministerie, Ketenpartners, Jeugdigen
Auteurs Kevin Pieters en Shirley Splinter
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt in vogelvlucht de totstandkoming en de theorie van het justitieel casusoverleg (JCO) geschetst. Het JCO is een overleg waarbij verschillende ‘ketenpartners’ per jeugdige overleggen over de beste aanpak ten aanzien van vervolging, afdoening en hulpverlening. De Rotterdamse praktijk van het JCO komt ook aan bod. Er wordt met name ingegaan op de effectiviteit van het Rotterdamse JCO. Hoewel het Rotterdamse JCO effectief is, kan de objectieve meerwaarde nog verder worden verbeterd. Ontwikkelingen zoals de komst van het Rotterdamse Veiligheidshuis bieden kansen om het JCO nog beter te laten functioneren.


Kevin Pieters
Kevin Pieters is junior juridisch medewerker bij het Kabinet RC te Rotterdam.

Shirley Splinter
Shirley Splinter is buitengriffier bij de Strafsector te Middelburg.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.