Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 55 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht x Jaar 2016 x
Artikel

Schets van het internationaal gezondheidsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden internationaal gezondheidsrecht, WHO-standaarden, gezondheid en mensenrechten
Auteurs Prof. mr. B.C.A. Toebes
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bespreekt de aard en reikwijdte van het internationaal gezondheidsrecht, een tak van het internationaal publiekrecht die nauw verweven is met het nationale gezondheidsrecht. De standaarden van de Wereldgezondheidsorganisatie komen aan bod, evenals de relevante mensenrechtenbepalingen. De conclusie luidt dat het internationaal gezondheidsrecht een dynamisch veld is dat voor grote uitdagingen staat, waaronder het ontwikkelen van nieuwe standaarden in antwoord op de mondiale stijging van chronische ziektes en het ter verantwoording roepen van invloedrijke niet-statelijke actoren zoals de farmaceutische industrie en de tabaksindustrie.


Prof. mr. B.C.A. Toebes
Brigit Toebes is adjunct hoogleraar en Rosalind Franklin Fellow, Afdeling Internationaal Recht, Faculteit Rechtsgeleerdheid, Rijksuniversiteit Groningen. Email b.c.a.toebes@rug.nl.

Prof. mr. J. Legemaate
Johan Legemaate is hoogleraar gezondheidsrecht, AMC/Universiteit van Amsterdam, en lid van de redactie van dit tijdschrift.
Artikel

Wetenschappelijk onderzoek na overlijden: goed geregeld?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden Wetenschappelijk onderzoek, Overlijden, Gegevens, Lichaamsmateriaal, Artikel 7:458 BW
Auteurs Mr. dr. M.C. Ploem en Prof. mr. J.C.J. Dute
SamenvattingAuteursinformatie

    De regulering van het gebruik van gegevens en lichaamsmateriaal voor medisch-wetenschappelijk onderzoek nadat de patiënt is overleden, vertoont lacunes. Voor gegevens zijn de artikelen 7:457 eerste lid en 7:458 BW richtinggevend. Voor lichaamsmateriaal wordt een toegespitste regeling node gemist. Voor obductie en ontleding in het belang van de wetenschap zou de wet nadere voorwaarden moeten stellen.


Mr. dr. M.C. Ploem
Corrette Ploem is onderzoeker/ docent gezondheidsrecht bij het AMC/Universiteit van Amsterdam, en lid van de redactie van dit tijdschrift.

Prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Radboud Universiteit te Nijmegen, en lid van de redactie van dit tijdschrift.
Praktijk

Kroniek beschikkingenpraktijk ACM Mededingingsrecht 2015-2016

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden Mededingingswet, Autoriteit Consument & Markt, eerstelijnszorg, concentratietoezicht
Auteurs Mr. C.T. Dekker en mr. E. Belhadj
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek staat de praktijk van de Autoriteit Consument & Markt (ACM) voor wat betreft de toepassing van de Mededingingswet centraal. Daarbij worden ook uitspraken van Rechtbank Rotterdam over besluiten van de ACM behandeld. De periode die door deze kroniek bestreken wordt betreft 1 januari 2015 tot 1 juli 2016.


Mr. C.T. Dekker
Cees Dekker is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen.

mr. E. Belhadj
Ekram Belhadj is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen.
Artikel

Het kabinetsvoorstel tot verruiming van de Embryowet: een halve stap vooruit

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden Embryowet, klinische toepassing, wetenschappelijk onderzoek
Auteurs Dr. W.J. Dondorp, Mr. dr. M.C. Ploem en Prof. dr. G.M.W.R. de Wert
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van artikel 24a Embryowet is het verboden een embryo tot stand te brengen of te gebruiken voor andere doelen dan het doen ontstaan van een zwangerschap. De regering is voornemens op dit terrein een ‘halve stap’ vooruit te zetten, dat wil zeggen om onderzoek waarvoor speciaal embryo’s gecreëerd mogen worden toe te laten mits het valt binnen bepaalde onderzoeksterreinen én mits het direct relevant is voor klinische toepassing. In deze bijdrage wordt bij dit voornemen en de daaraan ten grondslag liggende argumentatie een aantal kritische kanttekeningen geplaatst.


Dr. W.J. Dondorp
Wybo Dondorp is UHD biomedische ethiek bij de Universiteit Maastricht, Afd. Metamedica en onderzoeksscholen CAPHRI en GROW.

Mr. dr. M.C. Ploem
Corrette Ploem is UD gezondheidsrecht bij het AMC, Afd. Sociale Geneeskunde en lid van de redactie van dit tijdschrift.

Prof. dr. G.M.W.R. de Wert
Guido de Wert is hoogleraar biomedische ethiek bij de Universiteit Maastricht, Afd. Metamedica en onderzoeksscholen CAPHRI en GROW.
Artikel

Verslag jaarvergadering Vereniging voor Gezondheidsrecht 2016

Thema: ‘Functioneren en disfunctioneren’

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden Functioneren en disfunctioneren, zorgprofessional, bestuurder, toezichthouder, zorginstelling
Auteurs Mr. O.A. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    De 49e jaarvergadering van de Vereniging voor Gezondheidsrecht vond april 2016 plaats. Tijdens het inhoudelijke gedeelte lichtten prof. dr. M.J.M.H. Lombarts, mr. A.C. de Die, drs. H.C. van Eyck van Heslinga MMC en mr. A. Hammerstein hun bijdrage aan het preadvies ‘Functioneren en disfunctioneren’ toe. Aan de orde kwam het (dis)functioneren van zorgprofessionals en bestuurders en het belang van de professionele toezichthouder binnen zorginstellingen. Coreferaten over het voorkómen van disfunctioneren, onder verwijzing naar de mogelijkheid tot het instellen van commissies voor advies en begeleiding (zoals door de NVvH) en vanuit organisatiekundige optiek, werden gehouden door respectievelijk prof. dr. J.H. van Bockel en dr. H.K.J.M. de Sonnaville. Tijdens de goedbezochte vergadering werd daarmee een brede blik op het onderwerp geboden.


Mr. O.A. Meijer
Ottilie Meijer is advocaat met specialisatie gezondheidszorg bij Nysingh advocaten-notarissen te Zwolle.
Artikel

Het gebruik van patiëntgegevens in de nieuwe klachtenprocedure

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden Klachtrecht, Wkkgz, patiëntgegevens, verdediging, art. 6 EVRM
Auteurs Mr. C.E. Philips-Santman
SamenvattingAuteursinformatie

    De heersende opvatting dat voor het gebruik van patiëntgegevens in een klachtenprocedure uitdrukkelijke toestemming van een patiënt nodig is, moet in het kader van de inwerkingtreding van de Wkkgz worden heroverwogen. Twee belangrijke wijzigingen in het klachtrecht geven daarvoor aanleiding: (1) een zorgaanbieder is voor de interne behandeling van een klacht niet langer verplicht gebruik te maken van een onafhankelijke klachtencommissie en (2) een zorgaanbieder is verplicht zich aan te sluiten bij een geschilleninstantie die (in tweede instantie) bij wege van bindend advies over een klacht oordeelt. Als een zorgaanbieder zelf een oordeel velt over de gegrondheid van een klacht moet het gebruik van patiëntgegevens in dat kader ook zonder toestemming van de patiënt mogelijk zijn. De procedure bij een geschilleninstantie valt onder de reikwijdte van artikel 6 lid 1 EVRM. De daarmee samenhangende waarborgen zouden ook van toepassing moeten zijn op de afhandeling van een klacht in ‘eerste aanleg’.


Mr. C.E. Philips-Santman
Cezanne Philips-Santman (34 jaar) is docent/onderzoeker in de sectie ethiek en recht van de gezondheidszorg in het LUMC. De auteur dankt Dick Engberts voor zijn commentaar op een eerdere versie van dit artikel.

Prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is lid van het College voor de Rechten van de Mens, hoogleraar gezondheidsrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Samenloop tussen de Wkkgz en de Wet Bopz: een verbetering voor klachtenbehandeling?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden klachtrecht, Wet Bopz, Wkkgz, klachtencommissie, klachtenfunctionaris
Auteurs Mr. S.M. Steen
SamenvattingAuteursinformatie

    Wat betekent de vervanging van de Wkcz door de Wkkgz voor het klachtrecht van Bopz-patiënten? Om dat te onderzoeken worden de verschillende klachtbepalingen naast elkaar gelegd en wordt gekeken naar mogelijke oplossingen voor de knelpunten waar de verschillende bepalingen samenlopen. Het verruimen van de Bopz-klachtbepalingen kan hierin uitkomst bieden.


Mr. S.M. Steen
Mr. Sofie Steen (27 jaar) is advocaat bij KBS Advocaten te Utrecht. De auteur dankt mr. dr. V.E.T. Dörenberg voor het meelezen van eerdere versies van dit artikel.
Artikel

De juridische houdbaarheid van de doorleverplicht – een eerste verkenning

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden doorleverplicht, zorginkoop, precontractuele fase, artikel 3:40 B beperkende werking redelijkheid en billijkheid
Auteurs Mr. B.A. van Schelven
SamenvattingAuteursinformatie

    De juridische houdbaarheid van de doorleverplicht is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Een rechtsgrond die zich in absolute zin tegen de doorleverplicht verzet, dient zich niet direct aan. In de precontractuele fase zal een doorleverplicht vermoedelijk het snelst ontoelaatbaar worden geoordeeld indien de doorleverplicht in combinatie met een omzetplafond wordt opgelegd door een dominante zorgverzekeraar. In de nakomingsfase zal de doorleverplicht waarschijnlijk het snelst ontoelaatbaar worden geoordeeld indien de bedrijfsvoering van de zorgaanbieder in gevaar komt, de reden voor effectuering niet bij de zorgaanbieder ligt, de verzekerden voor dezelfde zorg terecht kunnen bij een andere zorgaanbieder en de prijs-kwaliteitverhouding te veel doorslaat naar prijs.


Mr. B.A. van Schelven
Bas van Schelven (30 jaar) is advocaat bij Van Doorne. De auteur dankt Willemien Bischot en Cees Jan de Boer voor hun commentaar op eerdere versies van dit artikel.

Prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is lid van het College voor de Rechten van de Mens, hoogleraar gezondheidsrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit en redacteur van dit tijdschrift.

Mr. W.R. Kastelein
Willemien Kastelein is advocaat/partner bij Nysingh advocaten-notarissen N.V. en hoofdredacteur van dit tijdschrift.
Artikel

De verzwaarde betwistplicht: gebrekkige verslaglegging en een rechtsvergelijkend perspectief

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden verzwaarde betwistplicht, gebrekkige verslaglegging, rechtsvergelijking
Auteurs Mr. A. Beekhof
SamenvattingAuteursinformatie

    Een belangrijke factor die eraan bijdraagt dat medische schade weinig verhaald wordt, is dat de bewijslast bij de patiënt ligt, terwijl het bewijsmateriaal zich veelal bij de hulpverlener bevindt. In de Nederlandse rechtspraak is voor dit probleem een oplossing gevonden in de zogenoemde ‘verzwaarde stelplicht’ of ‘verzwaarde betwistplicht’. Een belangrijke vraag is wat in het kader van deze plicht rechtens is wanneer de medische verslaglegging gebrekkig is. De antwoorden op deze vraag geven aanleiding tot rechtsvergelijking: de bewijsrechtelijke positie van de patiënt heeft bij onze oosterburen in bepaalde situaties een meer afgewogen regeling gekregen.


Mr. A. Beekhof
Alexander Beekhof (25 jaar) studeerde cum laude af aan de Rijksuniversiteit Groningen. Dit artikel is geschreven naar aanleiding van de scriptie ter afronding van de master Nederlands Recht (privaatrecht en bedrijfsrecht) met de titel: ‘De verzwaarde betwistplicht. Toegespitst op medische aansprakelijkheidszaken’. De auteur dankt prof. mr. dr. H.B. Krans voor de uitstekende begeleiding tijdens het scriptietraject.
Artikel

Civiele aansprakelijkheid voor het gebruik van medische applicaties

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden medische applicaties, software, medische hulpmiddelen, civiele aansprakelijkheid
Auteurs Mr. A.J. Zijlstra
SamenvattingAuteursinformatie

    Het toenemende gebruik van smartphones en de technologische ontwikkelingen op het gebied van medische applicaties hebben voor grote veranderingen gezorgd binnen de gezondheidszorg. Ook de juridische wereld wordt geconfronteerd met dit fenomeen, aangezien de schade die voortvloeit uit het gebruik van medische applicaties zou kunnen leiden tot claims. In dit artikel wordt onderzocht in hoeverre medische applicaties passen binnen het wettelijk kader van een gebrekkig product en een ongeschikte hulpzaak. Daarnaast worden verschillende verhaalsmogelijkheden voor de patiënt behandeld, wanneer een dergelijke applicatie wordt ingezet bij een geneeskundige behandelingsovereenkomst.


Mr. A.J. Zijlstra
Anna Zijlstra (27 jaar) is advocaat bij Lauxtermann Advocaten te Amsterdam. Dit artikel is geschreven naar aanleiding van de scriptie ter afronding van de master Gezondheidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam, met de titel: ‘Civiele aansprakelijkheden bij medische applicaties’ en te raadplegen via www.gzr-updates.nl. De auteur dankt mr. dr. R.P. Wijne voor het commentaar op eerdere versies van dit artikel.
Artikel

Wilsbekwaam maar te jong? Over euthanasie bij wilsbekwame kinderen jonger dan twaalf jaar

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden Twaalfjaarsgrens euthanasie, leeftijdsgrenzen Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding, wilsbekwaamheid onder de twaalf, euthanasie minderjarigen
Auteurs Mr. O.A. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt naar aanleiding van de actuele discussie en de hierbij door de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (NVK) en de Minister van VWS ingenomen standpunten, de mogelijkheid tot het schrappen van leeftijdsgrenzen in de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (Wtl) besproken en becommentarieerd. Dit artikel spitst zich hierbij toe op de juridische positie van kinderen die jonger dan twaalf én wilsbekwaam zijn. Ingegaan wordt op voor- en nadelen van het schrappen van de leeftijdsgrenzen en de juridische mogelijkheden en moeilijkheden die zich bij een eventuele wijziging van de Wtl zullen voordoen.


Mr. O.A. Meijer
Ottilie Meijer (26 jaar) is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen en schreef in 2015 de masterscriptie Over()lijden; als het jonge leven slechts lijden rest, waarin zij onderzoek deed naar de juridische, rechtsfilosofische en ethische aspecten bij de vormgeving van euthanasie en actieve levensbeëindiging bij kinderen tussen één en twaalf jaar jong. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.

Prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is hoogleraar gezondheidsrecht, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Radboud Universiteit Nijmegen.
Toont 1 - 20 van 55 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.