Zoekresultaat: 14 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift RegelMaat x
Het ambacht

Departementale herindeling en ministers zonder portefeuille

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2021
Trefwoorden formatie, artikel 44 Grondwet, portefeuilleverdeling, ministeries, benoemings-KB
Auteurs T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    Vaste jurisprudentielijn is dat de op grond van artikel 43 of 44 Grondwet bij koninklijk besluit vastgestelde departementale indeling of taakomschrijving van een minister bepalend is voor diens bevoegdheid. Dat betekent dat soms een andere minister bevoegd is dan de minister die in de wet wordt genoemd. Het actueel houden van benamingen in wetgeving verdient aanbeveling, maar het betere is hier al snel de vijand van het goede. Bij ministers zonder portefeuille doet zich de moeilijkheid voor dat hun taak in het benoemings-KB slechts in zeer algemene termen pleegt te worden omschreven. Dat kan vragen oproepen over de reikwijdte van hun bevoegdheden. De auteur pleit voor een gedetailleerdere vaststelling van taken van ministers zonder portefeuille in hun benoemings-KB. Verder is er veel voor te zeggen om in de wet uit 1951 die enkele regels bevat over het ambt van minister zonder portefeuille, de tot misverstanden aanleiding gevende aanduiding “minister zonder portefeuille” te moderniseren.


T.C. Borman
Mr. T.C. (Tim) Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Het ambacht

Delegatie onder het vereiste van goedkeuring bij wet

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2020
Trefwoorden Aanwijzingen voor de regelgeving, Voorhangprocedures, Fiscale wetgeving, Wet op de omzetbelasting 1968, Grondwet, Raad van State, Goedkeuringswetten
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    Delegatie onder het vereiste van goedkeuring bij wet betekent dat de formele wetgever regelgevende bevoegdheid delegeert (aan de regering of een minister), maar dat er vervolgens een wetsvoorstel moet komen om de algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling ‘goed te keuren’. In deze bijdrage wordt de historie van deze figuur belicht en wordt aan de hand van casuïstiek ingegaan op de bedoeling en de toepassing ervan. Het is een zeldzame figuur, waar de wetgevingspraktijk niet altijd goed raad mee weet. De modelbepaling in de Aanwijzingen voor de regelgeving roept enkele vragen op. Een conclusie is verder dat de goedkeuring maar beter niet kan worden gecombineerd met andere onderwerpen.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. (Tim) Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Het ambacht

De koninklijke boodschap

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2019
Trefwoorden koninklijke boodschap, wetsprocedure, wetsvoorstellen, Koning, Aanwijzingen voor de regelgeving
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan de hand van enige casuïstiek worden enkele aspecten belicht van een stuk dat in het wetgevingsproces weinig aandacht trekt, maar waarover toch wel wat te zeggen valt: de koninklijke boodschap ten geleide van de indiening van een wetsvoorstel bij de Tweede Kamer. Al sinds 1840 bevat de koninklijke boodschap een vaste formule, bestaande uit drie zinnen. In de loop der jaren zijn kleine wijzigingen aangebracht. Enkele jaren geleden zwengelde D66-fractievoorzitter Pechtold een discussie aan over de laatste zin, waarin de naam van God wordt genoemd. Bijzonder is dat de koninklijke boodschap alleen de handtekening draagt van de Koning en niet wordt gecontrasigneerd. Thorbecke vond al dat dat staatsrechtelijk eigenlijk niet klopte, maar tilde er niet zwaar aan, omdat wel de memorie van toelichting door de verantwoordelijke minister(s) wordt ondertekend. Zo wordt er in de staatsrechtelijke doctrine nog steeds tegen aangekeken. Hoewel de koninklijke boodschap alleen de handtekening van de Koning draagt, wordt er ministeriële verantwoordelijkheid gedragen voor de inhoud ervan.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. (Tim) Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Artikel

De bevordering van de rechtsbescherming op grond van het sanctiestelsel in de SZW-uitkeringswetten

Over de keuze van het sanctiestelsel, de gevolgen van de uitspraken van de CRvB voor de toepassing ervan en de gevolgen van het ongevraagd advies van de Afdeling advisering

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2017
Trefwoorden uitkeringsfraude, bestuurlijke boete, opzet, grove schuld, rechtsbescherming
Auteurs J.A. Hofsteenge
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij de SZW Fraudewet I werden de bestuurlijke boetes sterk verhoogd van 10 naar 100 procent van ten onrechte ontvangen uitkering. De CRvB heeft geoordeeld dat de hoge boetes om een indringender toets aan het evenredigheidsbeginsel vragen. Deze rechtspraak is gecodificeerd bij de SZW Fraudewet II, waarbij de strafrechtelijke begrippen ‘opzet’ en ‘grove schuld’ werden geïntroduceerd. Onder het nieuwe regime wordt bij de boeteoplegging meer onderscheid gemaakt tussen mensen die de intentie hebben gehad te frauderen en zij die deze intentie niet hebben gehad. Hiermee is de rechtsbescherming bevorderd in lijn met het ongevraagd advies van de Raad van State over sanctiestelsels.


J.A. Hofsteenge
Mr. J.A. (Jakob) Hofsteenge is coördinerend wetgevingsjurist bij de directie Wetgeving, Bestuurlijke en Juridische Aangelegenheden van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
Artikel

Bespiegelingen over de keuze tussen bestuursrecht en strafrecht

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2017
Trefwoorden sanctiestelsel, bestuurlijke boete, bestuurlijke strafbeschikking, ernstige gedraging, bestuursstrafrecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    In de nabije toekomst zal de wetgever zich gaan beraden over de zogenoemde ‘open context’ en ‘besloten context’. Deze criteria spelen een belangrijke rol ten aanzien van de keuze tussen het bestuursrecht en het strafrecht. Vanuit meerdere hoeken zijn deze criteria bekritiseerd, omdat ze te onbepaald zijn. In deze bijdrage wordt betoogd dat de wetgever meer gewicht moet toekennen aan het criterium van de ernstige gedraging. Er dient te worden gekozen voor het strafrecht indien sprake is van een ernstige gedraging, terwijl bestuursrechtelijk optreden mogelijk is bij minder ernstige gedragingen. Ten aanzien van de keuze tussen de bestuurlijke boete en de bestuurlijke strafbeschikking dient vooral pragmatisch te worden gekozen.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. (Benny) van der Vorm is als universitair docent straf(proces)recht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht en aan het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing van diezelfde universiteit.
Praktijk

Initiatiefnovelles

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Novelle, Initiatiefvoorstel, Indienen, Aanhangig maken
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de bijzondere figuur van de novelle besproken, in het bijzonder de novelle die het karakter heeft van ene initiatiefvoorstel. Tegenwoordig wordt onder novelle verstaan een wetsvoorstel tot wijziging van een ander, nog niet bekrachtigd, wetsvoorstel. Het blijkt dat het gebruik is dat novelles bij initiatiefvoorstellen worden ingediend door de initiatiefnemers van het oorspronkelijke voorstel en novelles bij regeringsvoorstellen worden ingediend door de regering. Hierop zijn in de loop der tijd echter een aantal uitzonderingen geweest. Deze worden in de bijdrage, alsmede de wetstechnische en procedurele bijzonderheden die dat met zich meebracht, besproken.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. (Tim) Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het ministerie van veiligheid en Justitie.
Artikel

Toekomstbestendige wetgeving: duurzaam? wendbaar? duurzaam wendbaar?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2016
Trefwoorden toekomstbestendige wetgeving, Right to Challenge, experimenteerbepaling, doelregulering
Auteurs Gert Jan Veerman
SamenvattingAuteursinformatie

    ‘Toekomstbestendigheid’ is in de mode, dat geldt ook voor het idee van de toekomstbestendige wetgeving. Van oorsprong betekent toekomstbestendig: duurzaam. Dat wordt geïllustreerd aan de hand van het materiaal waarop teksten vroeger werden vastgelegd en van ideeën over de aard en oorsprong van regels: een godheid, de natuur, het wezen van de mens. Empirisch gesproken, is wetgeving niet zo duurzaam, maar wordt zij aangepast aan de maatschappelijke omstandigheden. Dat is in het algemeen zo, maar is ook vast te stellen voor de recente tijd. Een onderzoek naar wetten die de laatste tien jaar niet zijn gewijzigd, laat zien dat dergelijke wetgeving nauwelijks voorkomt en dat die zeer specifieke situaties betreft.
    In een recente brief van de Minister van Economische Zaken over ‘Toekomstbestendige wetgeving’ lijkt toekomstbestendigheid een andere inhoud te hebben gekregen. Wetgeving moet wendbaar zijn om innovatie te faciliteren. Om niettemin tegemoet te komen aan de bescherming van publieke belangen wordt van de wetgever gevraagd ‘duurzaam wendbare’ wetgeving te ontwerpen. Drie operationaliseringen worden gegeven van dergelijke structureel wendbare wetgeving: doelregulering, ‘Right to Challenge’ en experimenteerbepalingen. Nadere analyse leert dat sprake is van een conceptuele vergissing, dat een politieke belangenafweging wordt vermomd als een technisch-legislatieve, dat de drie operationaliseringen zo structureel niet zijn en de nodige nadelen hebben. Wetgeving is al wendbaar, wordt aangepast aan de maatschappelijke omstandigheden en het daarvoor gewenste beleid. Zo worden (de) drie betekenissen van het concept van ‘toekomstbestendige wetgeving’ in het artikel ten grave gedragen.


Gert Jan Veerman
Mr. dr. Gert Jan Veerman was werkzaam bij het Kenniscentrum Wetgeving en is emeritus-hoogleraar Wetgeving en Wetgevingskwaliteit bij Maastricht University.
Discussie

Rosanvallon en de wet van de tegendemocratie

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2013
Trefwoorden democratie, tegendemocratie, meerderheid, algemeen belang
Auteurs Prof. Dr. W.J. Witteveen
SamenvattingAuteursinformatie

    De parlementaire democratie berust op basisficties die niet goed begrepen worden en niet goed meer werken. Omdat het moeilijk blijkt om de tegenstrijdige verwachtingen van de politieke cultuur waar te maken, doen zich voortdurend fricties voor. Rosanvallon verschaft een historische en filosofische analyse van deze onbevredigende en onhoudbare situatie en schetst een tegendemocratie die het bestel weer legitimiteit kan verschaffen.


Prof. Dr. W.J. Witteveen
Prof. Dr. W.J. Witteveen is hoogleraar rechtstheorie en retorica aan de Universiteit van Tilburg.
Artikel

The fast and the furious: de Crisis- en herstelwet

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2012
Trefwoorden Crisis- en herstelwet, totstandkomingsproces, snelheid van wetgeving, prioriteit, politieke regie, wetgevingsproject
Auteurs Mr. N. Verheij
SamenvattingAuteursinformatie

    De Crisis- en herstelwet (CHW) is een complexe wet, maar heeft het totstandkomingsproces ‘van blanco papier tot inwerkingtreding’ binnen een jaar doorlopen. De auteur – als wetgevingsjurist bij de CHW betrokken – schetst hoe dit is gegaan en onderzoekt welke factoren aan deze snelheid hebben bijgedragen. Hij noemt er vier:
    – absolute prioriteit;
    – politieke regie;
    – een vrijgesteld team;
    – een goed team.
    De eerste drie factoren zijn slechts voor enkele wetgevingsprojecten per kabinetsperiode te realiseren. Daarom zou een kabinet maximaal vijf projecten met topprioriteit moeten aanwijzen. De vierde factor is moeilijk grijpbaar, want vergt een beetje magie.


Mr. N. Verheij
Mr. N. Verheij is lid van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. In een vorig leven was hij als wetgevingsjurist op het ministerie van (toen nog slechts) Justitie nauw betrokken bij de totstandkoming van de Crisis- en herstelwet. n.verheij@raadvanstate.nl
Discussie

Kafka en de verbeelding van bureaucratie

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2010
Trefwoorden bureaucratie, rechtsstaat, autonomie
Auteurs Prof. dr. W.J. Witteveen
SamenvattingAuteursinformatie

    Bureaucratie is een dubbelzinnig regime. Het is enerzijds een interpretatie van het ideaal van een democratische rechtsstaat, waarin bestuur neutraal is en onderworpen aan politiek gezag (Weberiaans). Anderzijds is bureaucratie een nachtmerrie, waarin burgers geen toegang hebben tot de wet die hun rechten en verplichtingen vaststelt (kafkaësk). Om deze dubbelzinnigheid hanteerbaar te maken en vermijdbare bureaucratie op te sporen en bespreekbaar te maken wordt lezing aanbevolen van de romans van Kafka en bestudering van de werkwijze van de Kafkabrigade.


Prof. dr. W.J. Witteveen
Prof. dr. W.J. Witteveen is hoogleraar rechtstheorie en retorica aan de Universiteit van Tilburg. w.j.witteveen@uvt.nl
Titel

Het ambacht: Het intrekken van wetsvoorstellen

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 04 2007
Trefwoorden Voorstel van wet, Machtiging, Wetgeving, Initiatiefvoorstel, Aanhangigheid, Griffie, Aanwijzing, Onderwijs, Raad van state, Aanhangigmaking
Auteurs Borman, T.C.

Borman, T.C.
Titel

Het ambacht: Verwijzen naar Kamerstukken kan simpeler

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 02 2007
Trefwoorden Voorstel van wet, Model, Aanwijzing, Raad van state, Griffie, Memorie van toelichting, Wettekst, Aanhangigheid, Verslag eerste kamer, Aanbeveling
Auteurs Borman, T.C.

Borman, T.C.
Titel

De beleidsanalytische toetsing door de Raad van State

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 02 2005
Trefwoorden Regering, Wetgeving, Kwaliteit, Raad van state, Rechtsstaat, Centrale overheid, Openbaarmaking, Marktwerking, Voorstel van wet, Algemene maatregel van bestuur
Auteurs Tjeenk Willink, H.D.

Tjeenk Willink, H.D.
Praktijk

Bepaaldelijke overbodigheden

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2009
Trefwoorden Wetgeving, Wetgevingstechniek, Strafbepalingen, Aanwijzingen voor de regelgeving
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het woord ‘bepaaldelijk’ (dat naar het verhaal gaat destijds een stopwoord van minister Luns zou zijn) kan in wetgeving beter worden vermeden. Vaak is het overbodig; soms kan beter het woord ‘uitdrukkelijk’ worden gebruikt. De woorden ‘het bepaalde in’ of ‘het bepaalde bij’ zijn ook in heel veel gevallen overbodig, zoals al blijkt uit aanwijzing 52 van de Aanwijzingen voor de regelgeving. Dat geldt echter niet voor de woorden ‘het bepaalde bij of krachtens’.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving van het ministerie van Justitie en is redacteur van RegelMaat. t.c.borman@minjus.nl
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.