Zoekresultaat: 34 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Recht der Werkelijkheid x Jaar 2009 x
Praktijk

Met het oog op preventie?

Over de relatie tussen gezondheidspreventie en compensatie van letselschade door het beroep

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 01 2009
Auteurs Wim Eshuis
Auteursinformatie

Wim Eshuis
Wim Eshuis is andragoog. Hij was betrokken bij de oprichting van het Bureau Beroepsziekten FNV. Hij is nu als onderzoeker werkzaam bij het Hugo Sinzheimer Instituut van de Universiteit van Amsterdam en bereidt een proefschrift voor over compensatiesystemen van beroepsletselschade in relatie tot preventie.
Discussie

Nawoord

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 01 2009
Auteurs Mies Westerveld
Auteursinformatie

Mies Westerveld
Mies Westerveld was rechtswinkelier (1975-1977), sociaal advokaat (1977-1988) in Rotterdam en is sinds 2007 buitengewoon hoogleraar Sociale Rechtshulp aan de Universiteit van Amsterdam. Zij combineert deze deeltijdbaan met de functie van senior onderzoeker sociaal recht, eveneens aan de UvA. Als hoogleraar sociale rechtshulp verzorgt zij het mastervak Sociale rechtshulp en is zij betrokken bij het opzetten van de juridische togaminor. Westerveld is sinds 2003 ook lid van de Eerste Kamer der Staten-Generaal voor de Partij van de Arbeid.

Ken Setiawan
Ken Setiawan is als promovenda verbonden aan het Van Vollenhoven Instituut, Universiteit Leiden. Zij schrijft een proefschrift over de Nationale Mensenrechten Commissies van Indonesie en Maleisie. In haar onderzoek bestudeert zij welke interne en externe factoren het functioneren, de legitimiteit en de doeltreffendheid van deze organisaties bepalen.

Freek Bruinsma
Freek Bruinsma is hoogleraar rechtssociologie aan de Universiteit Utrecht. Hij deed verslag van onderzoek in de lijn van Mertz in het NJB 2008, pp. 2451-55, ‘Wetenschap of woordkunst: het werkgroeponderwijs als toets’. Hij publiceerde eerder over de rechtenstudie in het NJB 2000, pp. 1371-4 (‘De ondraaglijke lichtheid van de rechtenstudie’); in W.M.J. Bekkers e.a. (red.), Rechten in Utrecht, Deventer 2002, pp.143-170 (‘De verborgen agenda van de rechtenstudie’) en in A. Böcker e.a., Migratierecht en rechtssociologie, Nijmegen 2008, pp.531-9 (‘Rechtssociologie en academische vorming van juristen’).

    Like surfers, legislators … who wish to change everyday social norms must wait for signs of a rising cultural support, catching it at just the right time... (Kagan and Skolnick 1993: 85) The empirical study of the relation between the way a law comes into being and its effectiveness in practice is an underdeveloped subject in the sociology of law. In this article this relation is studied with respect to smoking bans in the Netherlands. The focus is on private companies in general, with special attention for Dutch cafés, bars, hotels and restaurants (where such a ban was recently introduced). Dutch smoking bans in private establishments were only enacted after the government was convinced of public support and after a period of selfregulation. This proved to be a good preparation. The general picture of the relation between the emergence and the effectiveness of smoking bans in Dutch hotels, restaurants etc. is much the same. However, there is one sector - bars, pubs and the like – in which the smoking ban has encountered problems. In this sector a fourth of the establishments refuse to comply. A question addressed in this article is whether the legislator acted too precipitously with respect to this sector. This is obviously the case: there is less public support for smoking bans in such establishments and there had not been a preparatory period of selfregulation.


Anita Böcker
Anita Böcker werkt bij het Instituut voor Rechtssociologie en het Centrum voor Migratierecht van de juridische faculteit van de Radboud Universteit Nijmegen. Zij doet onder meer onderzoek naar de regulering van migratie en de rechtspositie en maatschappelijke positie van immigranten.
Artikel

Tenure security in de informele stad in Latijns Amerika

Wanneer recht en realiteit uit elkaar lopen

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 01 2009
Auteurs Jean-Louis van Gelder
SamenvattingAuteursinformatie

    By the end of 2007, the world’s urban population had outnumbered the amount of people living in rural areas. Urbanization is expected to increase strongly in the developing world over the coming years, most of it through informal ways of accessing land and housing. In the initiatives of governments and donor organizations to deal with these developments, the concept of tenure security features increasingly prominently. It is inter alia expected to encourage investment in housing improvement, facilitate access to public services such as gas, water and electricity and also to make formal credit available. There is, however, no consensus as to what tenure security exactly means or how it is to be established. In the present paper, development policy based on establishing tenure security through land titling is critically examined and with the emphasis on urban informality in Latin America, an alternative concept of tenure security is proposed.


Jean-Louis van Gelder
Jean-Louis van Gelder studeerde Arbeids- & Organisatiepsychologie en Nederlands Recht aan de Universiteit van Amsterdam. Beide achtergronden werden vervolgens gecombineerd in een dissertatie getiteld “The Law and Psychology of Land Tenure Security: Evidence from Buenos Aires”. Sinds maart 2009 is hij als onderzoeker verbonden aan het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR). Naast informaliteit liggen zijn onderzoeksinteresses op het gebied van Law & Development, rechtstheorie, risicoperceptie en –gedrag en de effectiviteit van voorwaardelijke straffen.

Joris Kocken
Joris Kocken is jurist en socioloog. Hij is momenteel werkzaam als UHD Conflictbeslechting aan de Universiteit van Amsterdam, als docent International Conflict Resolution bij de Rijksuniversiteit Groningen en als docent beroepsethiek en integriteit bij de Hanzehogeschool Groningen. Hij schreef een proefschrift over de (on)partijdigheid van de notaris (1997). Zijn onderzoeksbelangstelling richt zich onder meer op juridische beroepen en op de plaats van het recht en de ethiek in (internationale) conflictsituaties.

Mies Westerveld
Mies Westerveld was rechtswinkelier (1975-1977), sociaal advokaat (1977-1988) in Rotterdam en is sinds 2007 buitengewoon hoogleraar Sociale Rechtshulp aan de Universiteit van Amsterdam. Zij combineert deze deeltijdbaan met de functie van senior onderzoeker sociaal recht, eveneens aan de UvA. Als hoogleraar sociale rechtshulp verzorgt zij het mastervak Sociale rechtshulp en is zij betrokken bij het opzetten van de juridische togaminor. Westerveld is sinds 2003 ook lid van de Eerste Kamer der Staten-Generaal voor de Partij van de Arbeid.

Maurits Barendrecht
Maurits barendrecht was advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek (1982-1997) en is hoogleraar privaatrecht aan de Universiteit van Tilburg sinds 1992. Hij bestudeert geschiloplossingssystemen (juridische procedures, onderhandelingsprocessen, ADR, informele geschilmechanismen) vanuit een interdisciplinair perspectief. Op dit moment ligt zijn focus bij toegang tot het recht (meetbaar maken van de kwaliteit en kosten van procedures, rechtshulp, en toegang tot het recht in ontwikkelingslanden). Hij is ook lid van de Raad voor de Maatschappelijke Ontwikkeling.
Boekbespreking

Over emotionele eigendomsrechten, dure advocaten en afhakende gynaecologen

Signalement Journal of Empirical Legal Studies 2008

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 01 2009
Auteurs Ben van Velthoven
Auteursinformatie

Ben van Velthoven
Ben van Velthoven is als universitair hoofddocent rechtseconomie verbonden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden. Zijn onderzoek richt zich op vraagstukken van rechtshandhaving en geschilbeslechting. Hij is redactielid van Recht der Werkelijkheid.
Artikel

De fictie van de constitutie

Over de maatschappelijke functie van ontwerp-denken

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 01 2009
Auteurs Olaf Tans
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution seeks to explain our commitment to the ambition to establish constitutional government, given the fact that this ambition appears to be unsuccessful. As for the latter, it is argued that the constitutional ambition is unsuccessful in that it is based on the idea of legal closure, whereas the practice of constitutional decision-making shows a continuous failure to establish such closure. To explain why political communities are nevertheless drawn to the constitutional ambition, this contribution defends that the idea of the constution as a governing normative framework functions as a useful fiction. This fiction, so the argument goes, facilitates a certain kind of public debate that enables political communities to express their collective identity.


Olaf Tans
Olaf Tans is verbonden aan de Afdeling Rechtstheorie en Rechtsgeschiedenis van de Vrije Universiteit. Centraal in zijn onderzoek staat de communicatietheoretische analyse van de relatie tussen constitutionele normen en politieke gemeenschappen. Verder heeft hij gepubliceerd over argumentatieleer, rechtsvinding en de rol van nationale parlementen in Europa.
Artikel

Rookverboden

Surfen op golven van een veranderende maatschappelijke norm

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 01 2009
Auteurs Heleen Weyers
SamenvattingAuteursinformatie

    Like surfers, legislators … who wish to change everyday social norms must wait for signs of a rising cultural support, catching it at just the right time... (Kagan and Skolnick 1993: 85) The empirical study of the relation between the way a law comes into being and its effectiveness in practice is an underdeveloped subject in the sociology of law. In this article this relation is studied with respect to smoking bans in the Netherlands. The focus is on private companies in general, with special attention for Dutch cafés, bars, hotels and restaurants (where such a ban was recently introduced). Dutch smoking bans in private establishments were only enacted after the government was convinced of public support and after a period of selfregulation. This proved to be a good preparation. The general picture of the relation between the emergence and the effectiveness of smoking bans in Dutch hotels, restaurants etc. is much the same. However, there is one sector - bars, pubs and the like – in which the smoking ban has encountered problems. In this sector a fourth of the establishments refuse to comply. A question addressed in this article is whether the legislator acted too precipitously with respect to this sector. This is obviously the case: there is less public support for smoking bans in such establishments and there had not been a preparatory period of selfregulation.


Heleen Weyers
Heleen Weyers is universitair docent bij de vakgroep Rechtstheorie van de faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen. Ze promoveerde op een onderzoek naar de totstandkoming van de euthanasieregelgeving in Nederland. Sindsdien publiceert zij onderzoek waarin de verklarende kracht van veranderingen in waardes en vertrouwen voor de totstandkoming van dit type regelgeving wordt onderzocht.
Boekbespreking

Beheer en gebruik van grond in voorstedelijke gebieden in Ghana

Lokaal gewoonterecht en traditionele hoofden in een veranderende rechtswerkelijkheid

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 01 2009
Auteurs Els Baerends
Auteursinformatie

Els Baerends
Els Baerends is antropoloog met specialisatie rechtsantropologie. Zij deed in de jaren zeventig van de vorige eeuw uitgebreid rechtsantropologisch onderzoek bij de Anufom (Noord Togo, West Afrika) en promoveerde op een studie van huwelijksuitwisseling en schuldrelaties bij de Anufom. Van 1983-2008 werkte zij als UHD bij de vakgroep Rechtstheorie van de RUGroningen. Sinds 1999 is zij betrokken bij de Masters opleiding in Humanitarian Action (NOHA) aan de RUGroningen. Haar interessegebieden zijn exchange theory, human ethology, kinship and gender en grondenrecht.

Jet Tigchelaar
Jet Tigchelaar is als universitair docent verbonden aan de disciplinegroep Rechtstheorie van het departement Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht. Ze is in 1999 gepromoveerd op Gescheiden zorgen, Zorg en autonomie in het politiek-juridisch debat over het alimentatierecht (Den Haag: Boom Juridische uitgevers). Haar onderzoek richt zich op vraagstukken van multiculturaliteit, godsdienstvrijheid en gender.

Friso Kulk
Friso Kulkstudeerde in 2003 cum laude af in Arabische Taal en Cultuur aan de Universiteit van Amsterdam. Daarna studeerde hij de tweejarige master Staats- en Bestuursrecht, eveneens aan de UvA. Hij werkte onder meer als juridisch adviseur bij Vluchtelingenwerk, vertaler en docent Arabisch. Zijn promotieonderzoek gaat over de familierechtelijke relatie tussen ouders en kinderen in Egyptisch-Nederlandse en Marokkaans-Nederlandse gezinnen.

Iris Sportel
Iris Sportelstudeerde Culturele Antropologie en Ontwikkelingsstudies en Arabische Taal en Cultuur aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Voor haar masterscriptie deed zij in Egypte onderzoek naar ziyara, het bezoeken van heiligen. Sinds 2008 doet zij promotieonderzoek naar echtscheiding in Neder-lands-Egyptische en Nederlands-Marokkaanse gezinnen.

Pieter Ippel
Pieter Ippelis hoogleraar rechtsgeleerdheid aan de Roosevelt Academy in Middelburg, een ‘international liberal arts and science-college’ van de Univer-siteit Utrecht. Zijn onderzoeksgebied betreft de relatie tussen het recht en ethiek, rechtssociologie, rechtstheorie en geschiedenis van de filosofie.
Artikel

Constitutioneel bewustzijn in Nederland:

Van burgerzin, burgerschap en de onzichtbare Grondwet

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 02 2009
Auteurs Barbara Oomen
SamenvattingAuteursinformatie

    Faced with increased individualization, debates on immigration and interna-tionalization, the Dutch government has recently appointed a Constitutional Review Commission to strengthen the Dutch constitution and enhance its social relevance. It is against this background that this article examines the place that the Dutch constitution currently holds in empirical and discursive understand-ings of citizenship in the Netherlands. From the vantage point of citizenship discourse, the interpretation of citizenship (burgerschap) in the Netherlands amongst policy-makers and the public at large hinges on civicness rather than on democratic citizenship, and departs from a strongly assimilationist perspec-tive: ‘burgerschap’ is essentially about participating in and adapting to the dominant culture. From the vantage point of the constitution, the current consti-tution’s main function is legal: constituting government powers and limiting their exercise. Legal scholars emphasize that the Dutch constitution hardly has a more symbolic or social role. These facts are contrasted with data from a representative survey under the Dutch adult population, which demonstrates how the Dutch hardly know anything about the contents of the constitution, but do have great confidence in the document, and consider it to be very important. Interestingly, respondents also emphasize the symbolic and societal function, in addition to the legal function of the constitution. This seems to point towards the possibility of an understanding of Dutch citizenship more firmly based upon the values embodied in the constitution.


Barbara Oomen
Barbara Oomenis docent rechten aan de Roosevelt Academy en is bij-zonder hoogleraar rechtspluralisme aan de Universiteit van Amsterdam. Haar belangstelling gaat uit naar rechtssociologische vraagstukken op het terrein van culturele diversiteit, constitutionalisme en de doorwerking van internationale mensenrechten. Zij is voorzitter van het Platform Mensenrechteneducatie, lid van de Commissie Mensenrechten van de Adviesraad Internationale Vraag-stukken en lid van de Staatscommissie Grondwet.
Artikel

In blijde verwachting?

Een analyse van de oordelen van de Commissie Gelijke Behandeling over zwangerschapsdiscriminatie

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 02 2009
Auteurs Kirsten Bolier en Nienke Doornbos
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article we report on our research which aimed to investigate which fac-tors influence the outcome of pregnancy discrimination cases of the Dutch Equal Treatment Commission (CGB) and the compliance of respondents with this outcome. We studied equal treatment legislation and all 188 cases between the period of September 1994 and March 2008. The results show that equal treatment legislation hardly leaves any room for objections raised by the re-spondents. The arguments made by the employers are often based on financial or other business-related burdens, even though these arguments are legally irrelevant. We assume that the strictness of the legislation might cause the lack of willingness to comply with the outcome. This presumption is confirmed by the fact that the legal representatives of employers put forward these irrelevant arguments as well. Furthermore, the results show that the nature of the relation of the applicant with the respondent has an influence on the compliance of the respondent with the outcome. Respondents are more likely to comply in cases where the applicant is already working for the employer instead of applying for a job. The results also show that non-profit organizations are more likely to comply with the outcome than profit organizations.


Kirsten Bolier
Kirsten Boliervolgt de Legal Research Master van het Departement Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht. Zij deed in opdracht van de Commissie Gelijke Behandeling onderzoek naar de oordelen met betrekking tot zwangerschapsdiscriminatie. Haar afstudeeronderzoek betreft een juridisch onderzoek naar algemene rechtsbeginselen in het EG-recht.

Nienke Doornbos
Nienke Doornbosis universitair docente Rechtssociologie bij het Depar-tement Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht. Zij promoveerde in 2006 op een rechtssociologisch onderzoek naar de wijze waarop asielzoekers worden gehoord in het kader van de asielprocedure. Haar onderzoeksinteresses betref-fen onder meer de wisselwerking tussen recht en communicatie en het functio-neren van klachten- en geschillenprocedures.
Discussie

Rapport Commissie Van de Donk:

Pleidooi van de Adviescommissie drugsbeleid voor een intensivering van de handhaving

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 02 2009
Redactioneel

Van de redactie

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 02 2009
Auteurs Judith van Erp
Auteursinformatie

Judith van Erp
Judith van Erp studeerde bestuurskunde aan de Universiteit Twente en promoveerde in 2002 aan de Vrije Universiteit op het proefschrift ‘Sociale Regels in Beleidsvoering. Een regime-analytisch onderzoek in vier Regionale Besturen voor de Arbeidsvoorziening’. Momenteel is ze als senior onderzoeker verbonden aan de sectie criminologie van de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Erasmus Universiteit. Samen met prof. Henk van de Bunt coördineert ze het onderzoeksprogramma van de sectie criminologie naar organisatiecriminaliteit. Sinds 2009 zit zij in de redactie van Recht der Werkelijkheid.
Toont 1 - 20 van 34 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.