Zoekresultaat: 29 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Recht der Werkelijkheid x Jaar 2010 x
Artikel

Zorg en recht, een ongelukkig begrippenpaar

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2010
Trefwoorden legalization of health care, effects of legalization, distrust of medical professionals
Auteurs Bert Niemeijer en Nick Huls
SamenvattingAuteursinformatie

    Various developments since 1960 have lead to a legalization of care, especially the call for individual rights, emancipation, international treaties, the transformation of private problems to public issues and the diminishing authority of professionals. This legalization has important social consequences. Effects are both direct and indirect, positive and negative. The ‘rights revolution’ has gone too far and leads to unrealistic expectations of what law can do. Therefore a down-to-earth and empirical informed perspective on the relation between law and care is of great importance.


Bert Niemeijer
Bert Niemeijer werkt bij het ministerie van Veiligheid en Justitie als coördinator strategie en tevens als (bijzonder) hoogleraar rechtssociologie bij de afdeling Rechtstheorie van de Vrije Universiteit. Zijn onderzoek richt zich in het bijzonder op effecten van rechtspraak en wetgeving. Recente publicaties zijn Een wereld van geschillen. Over het gebruik van gerechtelijke en buitengerechtelijke procedures (oratie, Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2007) en ‘Synthesising legislative evaluations – Putting the pieces together’, Evaluation, London, Sage Publications 2009, met C.M. Klein Haarhuis).

Nick Huls
Nick Huls is hoogleraar rechtssociologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en de Universiteit Leiden. Hij is onder meer geïnteresseerd in de ontwikkelingen van het tuchtrecht van vrije beroepen (zie M.A. Kleiboer & N.J.H. Huls, Tuchtrecht op de terugtocht? Ontwikkelingen in het wettelijke, niet hiërarchisch tuchtrecht, Utrecht: Lemma 2000).
Artikel

Dwang blijft wrang

Over vrijheid, verplichte zorg en de rol van het recht

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2010
Trefwoorden psychiatric patient rights, compulsary admission, duty of care
Auteurs Pieter Ippel
SamenvattingAuteursinformatie

    The position of patients facing forced hospitalization in a mental health clinic develops both in a soft and in a hard direction. On the one hand there is a soft current of more empathy with legal protection and on the other hand a harder current that leads to a growing number of forced measures. This involves three dilemmas. First, legal intervention touches only upon the fringe and not upon the core of psychiatric treatment. Second, the problematic relation with the criminal justice sector and third, a lack of concern for what happens after the decision of the judge. Quality based peer review has not developed well in this sector. Forced hospitalization will remain sour for the near future.


Pieter Ippel
Pieter Ippel is vanaf 2005 hoogleraar rechtsgeleerdheid bij de Roosevelt Academy in Middelburg, een Engelstalig Liberal Arts & Science College van de Universiteit Utrecht. Daarvoor was hij onder meer hoogleraar rechtstheorie in Utrecht. Hij studeerde wijsbegeerte, criminologie en Nederlands recht aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en promoveerde daar in 1989 op een rechtssociologisch proefschrift. Hij publiceerde over uiteenlopende onderwerpen. Zijn belangrijkste boek is Modern recht en het goede leven. Over gezondheid, milieu en privacy (Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2002).
Artikel

Zorg, privaatrecht en publiekrecht: van ondersteuning naar handhaving, en terug

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2010
Trefwoorden duty of care, regulation, liability law
Auteurs Eric Tjong Tjin Tai
SamenvattingAuteursinformatie

    The relation between law and care has changed dramatically. Until recently this relation could be characterised as distant, supportive and respectful. This relation has undergone a paradigm shift. More and more and in many areas the notion of care is used by the lawmaker, to impose duties of care combined with enforcement. This implies a change from private law to administrative law. This development is undesirable, because it raises false expectations and, in the end, works counterproductive.


Eric Tjong Tjin Tai
Eric Tjong Tjin Tai is hoogleraar privaatrecht aan Tilburg University. Hij is gepromoveerd op een juridisch-filosofisch onderzoek naar zorgplichten en zorgethiek. Zijn huidige onderzoek richt zich onder meer op het recht inzake dienstverlening, en de rol van het privaatrecht in de (markt)maatschappij, met bijzondere aandacht voor de betekenis van individuele verantwoordelijkheid en autonomie.
Artikel

Recht op jeugdzorg: betekenis en praktijk

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2010
Trefwoorden youth care, rights of the youth, organisation of youth care
Auteurs Renske de Boer en Adri van Montfoort
SamenvattingAuteursinformatie

    The ‘Bureau Jeugdzorg’ is the gatekeeper in the field of youth care policy. From its start the Bureau has faced a difficult combination of empathy and social control. The individual youth was entitled to ‘a right on care’, which in practice was frustrated by long waiting lists. The mental health professionals also resisted the central role of the Bureau. So, soon after its inception Bureau Jeugdzorg is already in jeopardy. It is unlikely that the new political initiatives in this field will improve the legal protection of minors.


Renske de Boer
Renske de Boer is werkzaam als senior juridisch adviseur bij Adviesbureau Van Montfoort, gespecialiseerd in jeugdrecht en jeugdzorg, jeugdgezondheidsrecht en privacywet- en -regelgeving. Eerder was zij jurist bij Bureau Jeugdzorg. Zij geeft juridische trainingen en is tevens docent in de SSR-cursus voor jeugdrechters. Zij heeft onder meer meegewerkt aan het Evaluatieonderzoek Wet op de jeugdzorg. Momenteel werkt zij aan een onderzoek naar de inzet van het strafrecht bij kindermishandeling.

Adri van Montfoort
Adri van Montfoort werkte na zijn studies sociale pedagogiek en Nederlands Recht achtereenvolgens als hulpverlener, projectleider en onderzoeker. In 1994 promoveerde hij bij de juridische faculteit op een proefschrift over de aanpak van kindermishandeling in ons land. In 1996 richtte hij Adviesbureau Van Montfoort op, voor onderzoek, advies, opleiding en training, voornamelijk in de jeugdzorg en jeugdbescherming. Hij publiceerde sinds begin jaren tachtig vele artikelen en enkele boeken over gezinsbehandeling, kinderbescherming en jeugdzorg.
Artikel

Zorg en recht in de kinder- en jeugdpsychiatrie

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2010
Trefwoorden youth health care, child and adolescent psychiatry, rights of the child
Auteurs Vivianne Dörenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    Care, self determination and law in child psychiatry is a difficult combination. Three problems arise here: Bureau Jeugdzorg does not have a good working relationship with the doctors, bad coordination between professionals, and finally an unwarranted trust in protection within the family. It is argued that a ‘duty of special care’ for professionals might help. This should prevail over the right of self determination. A second improvement might be a ‘criterion of necessity’ that may overrule a lack of cooperation by the minor.


Vivianne Dörenberg
Vivianne Dörenberg is sinds september 2010 verbonden aan het EMGO Instituut/VUmc in Amsterdam en werkt als docent gezondheidsrecht voor de Vrije Universiteit. Daarvoor was ze werkzaam bij de rechtenfaculteit in Nijmegen, waar ze in mei van dit jaar promoveerde op het proefschrift Kind en stoornis. Een systematisch onderzoek naar de rechtspositie van minderjarigen in de kinder- en jeugdpsychiatrie.
Artikel

Ik en mijn medepatiënt

Juridisering in de gezondheidszorg

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2010
Trefwoorden market of health care, legalization, patients rights
Auteurs Margo Trappenburg
SamenvattingAuteursinformatie

    Two types of legalization can be distinguished. In type 1 legal relations between parties are changed, without consequences for others. In legalization type 2 a change in legal positions does have consequences for third parties. The gradual change in the legal position of patients, managerial measures and the transition to ‘demand driven care’ have changed the relations between patients and doctors, nurses etc. But they had also profound external effects. They have influenced especially other interests than the quality of medical care, like equal treatment of patients and professional discretion. Decision making about the granting of rights should incorporate these external effects.


Margo Trappenburg
Margo Trappenburg is universitair hoofddocent bij de Utrechtse School voor Bestuurs- en Organisatiewetenschappen en bijzonder hoogleraar sociaal-politieke aspecten van de verzorgingsstaat aan de Universiteit van Amsterdam. Zij schrijft over gezondheidszorgbeleid, ethische kwesties in de zorg en over rechtvaardigheidsvraagstukken. In 2008 verscheen van haar hand Genoeg is genoeg. Over gezondheidszorg en democratie. Meer informatie op www.margotrappenburg.nl.
Artikel

Wetgeving en de positie van de patiënt: instrument voor verandering of terugvaloptie?

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2010
Trefwoorden impact of health law, evaluation of health law, patient empowerment, patient rights
Auteurs Roland Friele en Remco Coppen
SamenvattingAuteursinformatie

    Empirical research on the practice of ‘informed consent’ and the right of complaint of patients shows that these rights are important as guarantees for carefulness and legal certainty. However, at the same time these rights seem to have hardly any effect on the position of the patient in the daily interactions with doctors and other medical personnel. Rather, they seem to have led to a formalization of institutional relations with patients. At the same time, in practice especially hospitals seem to aim at an informal and varied way of dealing with these patient’s rights.


Roland Friele
Roland Friele is adjunct-directeur van het NIVEL (Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg) en bijzonder hoogleraar aan de Universiteit van Tilburg. Hij doet onderzoek naar de sociaalwetenschappelijke aspecten van wet- en regelgeving in de gezondheidszorg. Wetsevaluaties in de gezondheidszorg vormen de hoofdmoot.

Remco Coppen
Remco Coppen is onderzoeker bij het NIVEL (Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg). Zijn onderzoek richt zich met name op sociaalwetenschappelijke aspecten van wet- en regelgeving. Hij is betrokken geweest bij verschillende wetsevaluaties, zoals de tweede en derde evaluatie van de Wet op de orgaandonatie, de tweede evaluatie van de Wet inzake bloedvoorziening, de evaluatie van de Wet marktordening gezondheidszorg en de Zorgverzekeringswet. In 2010 is hij gepromoveerd op een proefschrift over de effecten van de Wet op de orgaandonatie.

Bert Niemeijer
Bert Niemeijer werkt bij het ministerie van Veiligheid en Justitie als coördinator strategie en tevens als (bijzonder) hoogleraar rechtssociologie bij de afdeling Rechtstheorie van de Vrije Universiteit. Zijn onderzoek richt zich in het bijzonder op effecten van rechtspraak en wetgeving. Recente publicaties zijn Een wereld van geschillen. Over het gebruik van gerechtelijke en buitengerechtelijke procedures (oratie, Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2007) en ‘Synthesising legislative evaluations – Putting the pieces together’, Evaluation, London, Sage Publications 2009, met C.M. Klein Haarhuis).

Nick Huls
Nick Huls is hoogleraar rechtssociologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en de Universiteit Leiden. Hij is onder meer geïnteresseerd in de ontwikkelingen van het tuchtrecht van vrije beroepen (zie M.A. Kleiboer & N.J.H. Huls, Tuchtrecht op de terugtocht? Ontwikkelingen in het wettelijke, niet hiërarchisch tuchtrecht, Utrecht: Lemma 2000).
Discussie

‘Geen statute maar een code!’

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2010
Trefwoorden common law, civil law, legal cultures, Alain Supiot
Auteurs Agnes Schreiner
SamenvattingAuteursinformatie

    Since the national legal systems and legal cultures diverse, the question is raised whether the jurisprudence should concern itself more with the legal cultural context of a given meta-legal study. The issues and outcomes of a particular legal socio-philosophical study carry the problems and problematizations that are relevant for the societal, legal and academic world of the scholar concerned. Scholars such as John Rawls, Martha Nussbaum and Richard Posner may deserve to join the first ranks of the American academic world, but what is their contribution to the issues and debates of the European legal cultures and the Dutch legal culture in particular? A plea is made for more diversity in selecting and reading the works of scholars from abroad. In demonstrating the need for diversity the work of Alain Supiot is discussed.


Agnes Schreiner
Agnes Schreiner is als universitair docent werkzaam bij de Afdeling Algemene Rechtsleer, sectie Rechtssociologie, van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit van Amsterdam. Zij verzorgt onder meer het keuzevak Rechtsantropologie en het masterkeuzevak Anthropology of European Private Law. In 1990 promoveerde ze op Roem van het recht. Haar bijzondere belangstelling gaat uit naar recht & cultuur, recht & media, recht & ritueel en recht & semiotiek. Ze publiceerde onlangs Jurovisie, twee traktaten over de europeanisering van het recht (2009).
Praktijk

Judges and delicate law

Contemporary judicial practices at the Court of First Instance in Tunis examined against their socio-political background

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2010
Trefwoorden islamic law, delicate fields of law, anthropology of law, ethnomethodology
Auteurs Maaike Voorhoeve
SamenvattingAuteursinformatie

    My current research concerns contemporary judicial practices in Tunisia. I focus on what I call ‘delicate fields of law’, such as domestic violence, unmarried cohabitation, children born out of wedlock, virginity, abortion, etc. Such topics are delicate in any given society, as they are related to a fundamental ‘symbolic order’ (Françoise Héritier). Because of their sensitive character, the legislation concerning these topics is generally characterized by vague and open norms, leaving much interpretational freedom to judges. My research examines how Tunisian judges deal with these discretionary powers.
    I conducted fieldwork in Tunis for a period of fourteen months (2008-2009), when I collected court decisions, attended court hearings and interviewed judges, lawyers and litigants. To treat these empirical data, I developed a non-culturalist approach that is both praxiological and ethnomethodological.
    My research is praxiological as I treat legal practice as an object of investigation in itself (en tant que tel, Dupret), instead of using legal practice as a medium to study society (‘mirror thesis’, Tamanaha). This means that I describe how Tunisian judges apply open norms in delicate fields of law, without interpreting from a meta-level why judges apply the law in one way or another. However, this does not mean that my study remains merely descriptive. For the interpretation of what judges do, I follow the ethnomethodological approach.


Maaike Voorhoeve
Maaike Voorhoeve studeerde rechten, gevolgd door de master ‘Islam in de moderne wereld’, aan de Universiteit van Amsterdam. Zij is op dit moment werkzaam aan dezelfde universiteit, waar zij een proefschrift schrijft aan de Afdeling Algemene Rechtsleer, onder begeleiding van Ruud Peters en Dorien Pessers. Daarnaast is zij bestuurslid van de Vereniging tot de bestudering van het recht van de islam en het Midden-Oosten (RIMO), en heeft zij het vak Familierecht in moslimlanden opgezet.

Bregje Dijksterhuis
Bregje Dijksterhuis is docent en onderzoeker bij de opleiding HBO-Rechten van de Hogeschool van Amsterdam. Zij publiceert over onder andere landelijke rechterlijke samenwerking (haar proefschrift), de taak van de Hoge Raad, echtscheidingsrecht, ontslagrecht en diversiteit in de rechterlijke macht.
Boekbespreking

Durkheim is hot, Foucault is not?

De nieuwe slingerbeweging in de bestraffingssociologie

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2010
Auteurs Tom Daems
Auteursinformatie

Tom Daems
Tom Daems is als postdoctoraal onderzoeker van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek – Vlaanderen (FWO) verbonden aan het Instituut voor Strafrecht en het Leuvens Instituut voor Criminologie (LINC), Katholieke Universiteit Leuven. Zijn boek Making sense of penal change (2008) werd in 2009 bekroond met de Willem Nagelprijs van de Nederlandse Vereniging voor Kriminologie en de Denis Carroll Prize van de International Society for Criminology. Hij is tevens auteur van De bestraffingssociologie van David W. Garland (2009).
Discussie

Mind the gap!

Over het (vermeende) belang van de verschillen tussen common law en civil law voor de rechtsfilosofie

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2010
Trefwoorden common law, civil law, legal cultures, Alain Supiot
Auteurs Roland Pierik
SamenvattingAuteursinformatie

    For many legal scholars it goes without saying that legal and legal-philosophical theories originate in specific societal contexts and that this contextual character should always be taken into consideration. This implies, for example, that we should take the differences between the common law and civil law tradition seriously. This paper acknowledges the importance of such differences for legal analysis in general, but argues that this acknowledgement is less urgent for legal-philosophical analyses, since they primarily focus on what both traditions share, namely, a foundation in liberal-democratic principles.


Roland Pierik
Roland Pierik is universitair hoofddocent rechtstheorie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij werkt op het gebied van hedendaagse liberale politieke theorie, toegepast op discussies van de multiculturele samenleving, integratiebeleid en internationale rechtvaardigheid. In 2010 is een door hem geredigeerde bundel over het kosmopolitisme en internationaal recht gepubliceerd door Cambridge University Press. Recent verschenen artikelen van hem in Critical Review of International Social and Political Philosophy, Journal of Social Philosophy, Ethics & International Affairs, Political Studies en Ethnicities.
Discussie

Naschrift

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2010
Auteurs Agnes Schreiner
Auteursinformatie

Agnes Schreiner
Agnes Schreiner is als universitair docent werkzaam bij de Afdeling Algemene Rechtsleer, sectie Rechtssociologie, van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit van Amsterdam. Zij verzorgt onder meer het keuzevak Rechtsantropologie en het masterkeuzevak Anthropology of European Private Law. In 1990 promoveerde ze op Roem van het recht. Haar bijzondere belangstelling gaat uit naar recht & cultuur, recht & media, recht & ritueel en recht & semiotiek. Ze publiceerde onlangs Jurovisie, twee traktaten over de europeanisering van het recht (2009).
Artikel

Een verliezer is geen winnaar

De naleving van civiele rechtspraak, 15 jaar na Van Koppen en Malsch

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2010
Trefwoorden courts, civil justice, enforcement of judgments, procedural justice
Auteurs Roland Eshuis
SamenvattingAuteursinformatie

    This article compares two studies on the compliance with judicial decisions and friendly settlements in Dutch civil court procedures. A new study (Eshuis 2009) finds a higher rate of compliance, which can largely be attributed to the selection of cases. The older study (Van Koppen & Malsch 1991) included a high number of default judgments, which are associated with a low level of compliance, while friendly settlements – associated with a high level of compliance – were excluded. The new study finds full compliance rates of 31% for default judgments, 74% for judgments in defended cases and 85% for friendly settlements. The high compliance with friendly settlements suggests these settlements are ‘better’ outcomes; however, the difference in compliance can well be explained by selection effects. Interviews reveal that many friendly settlements are not the harmonious solutions one might expect.
    The new study finds no solid relation between compliance and procedural or distributive justice. In two relevant ways the conditions in the ‘real life’ judicial procedure are different from those in experimental research in which such relations are found. First, a large part of the non-compliance is caused by an inability of parties to comply. These participants may find the procedure and outcome fully ‘just’, but still won’t comply. Second, for those who can comply, there is no free choice on whether to comply or not. There are quite effective means of enforcement for such cases. So, those who can comply will, even if the procedure and its outcome are experienced as fully ‘unjust’.
    The first part of the title of the article is a comment on Van Koppen and Malsch’s earlier research. They concluded that winning in court often was a Pyrrhic victory, and the loser would win after all. In the interviews however, few of those who do not comply were found to fit the image of a ‘winner’. The sad conclusion is that in judicial procedures winners and losers do not come in the same numbers; after all, it produces far more losers than winners.


Roland Eshuis
Roland Eshuis verricht, als onderzoeker bij het WODC, empirisch onderzoek naar (civiele) rechtspraak en rechtspleging. Hij promoveerde in 2007 op onderzoek naar interventies ter versnelling van gerechtelijke procedures (Het recht in betere tijden, 2007). Vorig jaar verscheen De daad bij het woord (2009), een onderzoek naar de naleving van civiele rechtspraak. Recent publiceerde hij, met collega’s van de Raad voor de rechtspraak en het CBS, de eerste editie van Rechtspleging Civiel en Bestuur (2010), waarin statistische gegevens over civiele en bestuursrechtspraak zijn gebundeld.
Boekbespreking

Het leven in de Raad van State

Bruno Latour over de constructie van juridische feiten

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2010
Auteurs Gert Verschraegen
Auteursinformatie

Gert Verschraegen
Gert Verschraegen is verbonden aan het Departement Sociologie van de Universiteit Antwerpen, waar hij onder andere wetenschapssociologie doceert. Zijn onderzoeksinteresses liggen op het domein van de algemene sociologie, kennis- en cultuursociologie en processen van europeanisering/globalisering.

Nienke Doornbos
Nienke Doornbos is universitair docente rechtssociologie bij het Departement Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Amsterdam. Zij promoveerde in 2006 op een rechtssociologisch onderzoek naar de wijze waarop asielzoekers worden gehoord in het kader van de asielprocedure. Haar onderzoeksinteresses betreffen onder meer de wisselwerking tussen recht en communicatie en het functioneren van klachten- en geschillenprocedures. Zij is verbonden aan het Paul Scholten Centrum.
Artikel

Meervoudig gebruik binnen de gesubsidieerde rechtsbijstand: clusters en triggers

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2010
Trefwoorden legal aid, trigger, cluster, justiciable problem
Auteurs Susanne Peters, Lia Combrink en Mirjam van Gammeren-Zoeteweij
SamenvattingAuteursinformatie

    The use and expenditure of the Legal Aid System is ever increasing. In addition, some people make use of the Legal Aid System more often than others. In fact, a small percentage of clients (2,6%) uses a substantial part (11,2%) of the legal aid. This paper sheds light on the occurrence of multiple use of legal aid and gives insight into the frequency and characteristics of multiple use.
    In the research described in this article, we have made use of the data from 2000 until 2009 concerning legal aid that was provided by the Legal Aid Board. This dataset contains over 3 million cases (so-called certificates that are issued by the Board). The main difference between this research and other (paths to justice) studies is that the dataset contains actually provided legal aid and not self-reported problems by clients. Therefore, the representativeness is guaranteed and no false recollections can occur. At the same time, this means that the research is limited to people who are entitled to legal aid (approximately 39% of the Dutch population) and have actually received a certificate.
    The results show that the provision of legal aid leads to new cases for which legal aid is again provided. Also, certain certificates coincide with and act as a trigger for certain other certificates. In the discussion we clarify the significance and implications of the results that are presented. Furthermore, we discuss the recently ordered budget cut in legal aid in the Netherlands. We describe ways to decrease the use and expenditure of the Legal Aid System, some of which are already implemented in the system. Finally, we discuss possible other (non-legal) problems that can be experienced by multiple users of the Legal Aid System.


Susanne Peters
Susanne Peters promoveerde in de sociale wetenschappen aan de Universiteit van Utrecht (2005) op een proefschrift over rechtvaardigheid. Momenteel is zij werkzaam bij de Raad voor Rechtsbijstand, waar zij onderzoek uitvoert ten behoeve van de Monitor Gesubsidieerde Rechtsbijstand.

Lia Combrink
Lia Combrink-Kuiters studeerde rechten aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en promoveerde aan de juridische faculteit van deze universiteit op een jurimetrisch proefschrift betreffende de voorspelbaarheid van rechterlijke beslissingen (1998). Daarna werkte zij bij het WODC aan de evaluatie van twee landelijke mediationprojecten. Momenteel is zij werkzaam als onderzoeker bij de Raad voor Rechtsbijstand, waar zij onderzoek doet op het gebied van de gesubsidieerde rechtsbijstand.

Mirjam van Gammeren-Zoeteweij
Mirjam van Gammeren-Zoeteweij is aan de Universiteit Leiden afgestudeerd als psycholoog. Momenteel is zij werkzaam als onderzoeker bij de Raad voor Rechtsbijstand, waar zij onderzoek uitvoert ten behoeve van de Monitor Gesubsidieerde Rechtsbijstand.

Mirjan Oude Vrielink
Mirjan Oude Vrielink is redactielid van Recht der Werkelijkheid.

Friso Kulk
Friso Kulk studeerde in 2003 cum laude af in Arabische Taal en Cultuur aan de Universiteit van Amsterdam. Daarna studeerde hij de tweejarige master Staats- en Bestuursrecht, eveneens aan de UvA. Hij werkte onder meer als juridisch adviseur bij Vluchtelingenwerk, als vertaler en als docent Arabisch. Zijn promotieonderzoek gaat over de familierechtelijke relatie tussen ouders en kinderen in Egyptisch-Nederlandse en Marokkaans-Nederlandse gezinnen.
Toont 1 - 20 van 29 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.