Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 12 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Recht der Werkelijkheid x
Artikel

Persoonsgerichte handhaving van de socialezekerheidswetgeving

Een actieonderzoek naar de betekenis van motiverende houdingen in de uitvoeringspraktijk

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Regulatory enforcement, Motivational postures, Social security, Action research
Auteurs Dr. Paulien de Winter en Prof. dr. Marc Hertogh
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article, we discuss a ‘person-centred’ view on the enforcement of social security laws. This is a new vision on enforcement whereby welfare workers can ‘differentiate’ in order to create more room for ‘customization’ with an eye for ‘the human dimension’ and an ‘appropriate’ enforcement style. Despite the unanimity about the desirability of this approach, most of the practical details are still unclear. Our central question is therefore: How may a person-centred approach of the enforcement of social security laws be implemented in practice? Based on an action research study, in which we closely collaborated with welfare workers and benefit recipients at a Dutch welfare office, we attempt to answer this question. We first discuss a number of central concepts from the enforcement literature and consider the concept of ‘motivational postures’. For this study, we developed a prototype of a new electronic analytical tool (which can be used to support enforcement) and then applied this tool in a small pilot study. In the article we describe our findings and discuss the experiences of benefit recipients and welfare workers with the analytical tool. We conclude that this tool appears to offer a good basis for the further development of the person-centred enforcement of social security laws.


Dr. Paulien de Winter
Paulien de Winter werkt als universitair docent bij de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde aan de faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen. Zij is gepromoveerd in de Rechtssociologie en doet onderzoek naar hoe uitvoerende medewerkers in de praktijk regels uitvoeren.

Prof. dr. Marc Hertogh
Marc Hertogh is hoogleraar Rechtssociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Centrale thema’s in zijn onderzoek zijn: de maatschappelijke beleving van recht en rechtsstaat; de sociale werking van wetgeving en handhaving; en de legitimiteit van het overheidsoptreden.
In Memoriam

In memoriam John Griffiths (1940-2017)

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2018
Auteurs Keebet von Benda-Beckmann en Heleen Weyers
Auteursinformatie

Keebet von Benda-Beckmann
Keebet von Benda-Beckmann studeerde rechten aan de Universiteit van Amsterdam en promoveerde in 1984 in Nijmegen op een proefschrift over geschillenbeslechting in West Sumatra. Zij doceerde rechtssociologie en rechtsantropologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en was van 2000 tot 2012 samen met Franz von Benda-Beckmann hoofd van de Projectgroep Rechtspluralisme aan het Max Planck Institute for Social Anthropology in Halle, Duitsland. Zij is honorair hoogleraar aan de Martin Luther Universiteit Halle/Wittenberg. Zij deed voorts onderzoek naar sociale zekerheid op Ambon, en leidde een onderzoeksproject naar rechten op water in India en Nepal. Haar laatste empirische onderzoek betrof de gevolgen van het Indonesische decentralisatie beleid voor de verhouding tussen statelijk recht, adatrecht, en Islamitisch recht in West Sumatra.

Heleen Weyers
Heleen Weyers studeerde filosofie en geschiedenis en startte in 1995 haar promotietraject bij John Griffiths. Dat resulteerde in het boek Euthanasie: het proces van rechtsverandering (2002) en een aanstelling als universitair docent bij de Vakgroep Rechtstheorie van de Rijksuniversiteit Groningen. Samen met John (en anderen) schreef/redigeerde ze Euthanasia and Law in the Netherlands (1998) en Euthanasia and Law in Europe (2008) en verzorgde ze de vierde editie van het leerboek De sociale werking van recht. Een kennismaking met de rechtssociologie en rechtsantropologie (2005). Zij heeft zich sedert 2002 niet alleen beziggehouden met de totstandkoming van wetgeving maar ook met de relatie tussen de totstandkoming en de effectiviteit van rechtsregels.

Kees Schuyt
Kees Schuyt (1943) was van 1974 tot 1980 collega van John Griffith als hoogleraar in de rechtssociologie. Promoveerde na zijn studie sociologie en Nederlands recht op het rechtssociologische proefschrift Recht, Orde en Burgerlijke ongehoorzaamheid (1972) te Leiden. Werd vervolgens benoemd als lector (1972) en vervolgens hoogleraar (1974) rechtssociologie te Nijmegen. Bekleedde nadien de leerstoel in de empirische sociologie te Leiden (1980 – 1990). Na de opheffing van de sociologie-opleiding in Leiden werd hij in 1991 benoemd in Amsterdam voor het vak sociologie van beleid. Hij ging in 2007 met emeritaat. Was onder meer lid van de WRR en werd in 1991 benoemd tot gewoon lid van de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen. Hij bekleedde de Cleveringa-wisselleerstoel aan de Universiteit Leiden (2006-2007). Hij beëindigde zijn loopbaan als lid van de Raad van State (2005- 2013). Gedurende zijn loopbaan verschenen tal van rechtssociologische publicaties; daaruit hieronder een selectie. Rechtssociologie, een tereinverkenning (1971), Rechtvaardigheid en effectiviteit in de verdeling van levenskansen (1973), De weg naar het recht (met K. Groenendijk en B. Sloot, 1976); Een beroep op de rechter (met A. Jettinghoff en F. Zwart, 1978); Ongeregeld Heden, (1982), Recht en samenleving (1983); De plaats van de Hoge Raad in de Nederlandse samenleving (1988); The Rise of Lawyers in the Dutch Welfare State (1988), Cultures of Unemployment (met G. Engbersen en J. Timmer 1993); Publiek recht in de multiculturele samenleving, pre-advies voor de Nederlandse Juristen Vereniging (2008); Daarnaast publiceerde hij op het gebied van de (geschiedenis van de) verzorgingsstaat en over de filosofie van de sociale wetenschappen. Hij schreef sociologische biografieën van de Nederlandse juristen Willem Nagel (2010) en R.P. Cleveringa (verschijnt januari 2019).
Artikel

The precaution controversy: an analysis through the lens of Ulrich Beck and Michel Foucault

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Precautionary principle, risk society, governmentality, risk governance, environmental law
Auteurs Tobias Arnoldussen
SamenvattingAuteursinformatie

    According to the precautionary principle lack of scientific evidence for the existence of a certain (environmental) risk should not be a reason not to take preventative policy measures. The precautionary principle had a stormy career in International environmental law and made its mark on many treaties, including the Treaty on the Functioning of the European Union (TFEU). However it remains controversial. Proponents see it as the necessary legal curb to keep the dangerous tendencies of industrial production and technology in check. Opponents regard it with suspicion. They fear it will lead to a decrease in freedom and fear the powers to intervene that it grants the state. In this article the principle is reviewed from the perspectives of Ulrich Beck’s ‘reflexive modernisation’ and Michel Foucault’s notion of governmentality. It is argued that from Beck’s perspective the precautionary principle is the result of a learning process in which mankind gradually comes to adopt a reflexive attitude to the risks modernity has given rise to. It represents the wish to devise more inclusive and democratic policies on risks and environmental hazards. From the perspective of Michel Foucault however, the principle is part and parcel of neo-liberal tendencies of responsibilisation. Risk management and prudency are devolved to the public in an attempt to minimise risk taking, while at the same time optimising production. Moreover, it grants legitimacy to state intervention if the public does not live up to the responsibilities foisted on it. Both perspectives are at odds, but represent different sides of the same coin and might learn from each other concerns.


Tobias Arnoldussen
Tobias Arnoldussen is a socio-legal scholar affiliated with the University of Amsterdam Law School and the PPLE honours college. Next to lecturing on a variety of subjects, he focusses on interdisciplinary legal research into the possibilities of law to deal with contemporary social problems.
Praktijk

Zacht waar het kan, hard waar het moet? Casestudies naar handhaving in de sociale zekerheid

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2016
Trefwoorden responsive regulation, social security, enforcement, field research
Auteurs Paulien de Winter
SamenvattingAuteursinformatie

    The Dutch social security is mainly conducted by municipalities (social services), the Dutch Employment Insurance Agencies (UWV) and the Social Insurance Bank (SVB). In order to explore to what extent agents adjust their enforcement style, as stated in the responsive regulation approach (Ayres & Braithwaite), five case studies will be conducted; three studies at social services and two studies at Employment Insurance Agencies.
    During this field research I will attend every agency for two months. I will be observing the behavior of agents during their contact moments with beneficiaries. At the same time I will ask for comments on events, opinions and feelings regarding various aspects of the work. I will also conduct in-depth interviews with several agents and beneficiaries. Based on a sample I will make a selection of enforcement cases and I will analyze agreements on enforcement, regulation, directives, guidelines and recommendations.


Paulien de Winter
Paulien de Winter is afgestudeerd als socioloog en sinds februari 2014 werkzaam als promovenda bij de Vakgroep Rechtstheorie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Zij doet onderzoek naar handhaving in de sociale zekerheid en voert hiervoor participerende observaties uit bij sociale diensten en UWV.
Artikel

The preliminary reference procedure: challenge or opportunity?

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2015
Trefwoorden preliminary reference procedure, empowerment, EU law, Court of Justice EU
Auteurs Jos Hoevenaars
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution approaches the theme of access to justice from an EU law perspective and deals with the question: to what extent can the preliminary reference procedure serve as an empowering tool for individuals and civil society? The first part of the contribution deals with the structure of the EU legal system and the theoretically empowering function of preliminary references. Based on interviews with litigants and their counsellors, the second part deals with this notion from a sociological and empirical perspective. The analysis reveals the practical obstacles to realizing ones rights by preliminary references, and thus nuances the empowerment thesis found both among legal- and political sciences theories as well as in the legitimating rhetoric by propagators of the EU legal system.


Jos Hoevenaars
Jos Hoevenaars holds a Master’s degree in Sociology from the Erasmus University in Rotterdam and is currently a Ph.D. candidate at the Institute for Sociology of Law/Centre for Migration Law of the Radboud University of Nijmegen. In his research, he studies individual litigation in the European legal system, with a specific focus on the preliminary reference procedure.

John Griffiths
John Griffiths is oud-hoogleraar rechtssociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Naast onderzoek naar de totstandkoming van bezoekregelingen na echtscheiding, de verdeling van rechtshulp, het functioneren van de bezwaarschriftenprocedure in het bestuursrecht, de rol van het recht bij de bescherming van het tropisch bos, en de werking van het euthanasie-recht, heeft hij zich vooral toegelegd op enkele theoretische vraagstukken: het ontstaan en de levensloop van geschillen, rechtspluralisme, en de sociale werking van (rechts)regels. Momenteel werkt hij aan een soort theoretisch credo met als titel ‘What is sociology of law?’, waarin onderwerpen zoals wat is een feit?, wat is theorie?, wat is ‘recht’? en wat is sociologie? systematisch worden behandeld.
Artikel

Derkje Hazewinkel-Suringa: moed en middenweg

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2013
Trefwoorden First female Dutch law professor, anti-fascism, Dutch criminal law
Auteurs Leny de Groot-van Leeuwen
SamenvattingAuteursinformatie

    Derkje Hazewinkel-Suringa entered law studies only after marriage and fulfilling about fifteen years of motherhood duty. Once at the university however, she rapidly became a student-researcher, delivered a PhD dissertation on ownership transfer and was appointed as the first female law professor in 1932, at the age of 42. Her professorship was in a remarkably different field, namely criminal law. Twenty years later she published the Introduction to the Study of Criminal Law, which would become the basis for criminal law teaching in the Netherlands for decades. A major reason behind this success was that the book, emphasizing active study of the law rather than passive reproduction, coincided with the general sprit of the post war era. Besides her scholarly work in which balance and synthesis were the major features, Hazewinkel-Suringa was a very outspoken actor in matters political. In 1936, when virtually the whole country was trying to accommodate the rise of fascism in the mighty neighbouring country, she became member of an anti-fascism committee. In 1938 she wrote a plea to the minister of Justice to allow entry of German-Jewish children into the country. During the German occupation (1940-1945) she proposed to close the university because of the dismissal of Jewish professors. She continued her protests against the social mainstream after the war, e.g. writing against the reintroduction of the death penalty (primarily focused on collaborators with the German regime). Hazewinkel-Suringa’s acts of individual courage could not make a difference in the overall political atmosphere of these times.


Leny de Groot-van Leeuwen
Leny de Groot-van Leeuwen is hoogleraar Rechtspleging en voorzitter van het gelijknamige onderzoeksprogramma van het onderzoekscentrum Staat en Recht van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit Nijmegen. Zij publiceerde in boeken en tijdschriften over de juridische beroepen en de legitimiteit van rechtspraak.
Diversen

Franz von Benda-Beckmann

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2013
Trefwoorden In Memoriam, Franz von Benda-Beckmann
Auteurs John Griffiths
Auteursinformatie

John Griffiths
John Griffiths is emeritus hoogleraar rechtssociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen (1977-2005). Hij studeerde filosofie aan de University of California, Berkeley (B.A., 1962) en rechten aan de Yale Law School (LL.B, 1965). Hij werkte als ‘law clerk’ voor Justice Fortas van de US Supreme Court en werd daarna hoogleraar rechten aan de Yale Law School (1967-1970), Fulbright Professor aan de Faculty of Law van de University of Ghana (1970-1972), en hoogleraar rechten aan de New York University Law School (1973-1977). Onderzoeksthema’s: rechtspluralisme, geschilprocessen, en de sociale werking van recht. Sinds de jaren negentig heeft zijn empirisch onderzoek vooral betrekking gehad op problemen rondom de effectieve regulering van euthanasie en andere sociaal-problematische medische handelingen. Na zijn pensionering richt hij zich vooral op de theoretische grondslagen van de rechtssociologie.
Praktijk

Securing legal certainty within a multilevel regulatory space

Evidence from the regulatory practice of marketing authorisation of medical devices in Europe

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2012
Trefwoorden legal certainty, multilevel regulation, regulatory space
Auteurs Nupur Chowdhury
SamenvattingAuteursinformatie

    One of the primary functions of law is to ensure that the legal structure governing all social relations is predictable, coherent, consistent and applicable. All these characteristics of law are referred to as legal certainty. In traditional approaches to legal certainty, law is regarded as a hierarchic system of rules characterised by stability, clarity, predictability, uniformity, calculable enforcement, publicity and predictability.1xWeber 1925, p. 68. Others like Llewellyn have underlined the importance of appellate courts in ensuring legal certainty by filling up gaps in the law.2xLlewellyn 1960. Also see, Stinchcombe 1999. Such traditional approaches to legal certainty were developed within the context of national legal orders, in which rule making, rule enforcement and rule adjudication authority vested within public actors functioning as representatives of the state.

Noten

  • 1 Weber 1925, p. 68.

  • 2 Llewellyn 1960. Also see, Stinchcombe 1999.


Nupur Chowdhury
Nupur Chowdhury is doctoral fellow at the Law and Regulation Group, School of Management and Governance, University of Twente.
Discussie

De waarde van een Europees mensenrechtenhof

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2011
Trefwoorden European Court of Human Rights, judicial review, fundamental rights, supranational protection of human rights
Auteurs Janneke Gerards
SamenvattingAuteursinformatie

    Over the last few months, the European Court of Human Rights has been heavily criticised in the Dutch media and by Dutch politicians. Although the criticism is mainly directed at the perceived overextension of the Court’s fundamental rights protection, it also concentrates on fundamental issues such as the interference with national sovereignty that is affected by supranational adjudication and the anti-democratic character of supranational judicial review. In this contribution to the debate, it is argued that the present criticism of the Court is largely misconceived. Although the Court and its case law should certainly not be accepted uncritically, the arguments on which the criticism is based either lack nuance or disregard the Court’s specific function as a protector of fundamental rights. To provide a better basis for sensible and relevant criticism of how the Court functions, this contribution therefore aims to revisit the main roles of the European Convention on Human Rights and of international human rights protection, as well as the classic debate on judicial review.


Janneke Gerards
Janneke Gerards is als onderzoekshoogleraar fundamentele rechten verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Deze bijdrage is een uitwerking van de bijdrage die zij leverde aan een debatbijeenkomst over de rol van het EHRM die op 12 mei 2011 plaatsvond aan de Universiteit van Amsterdam.

    In the Netherlands, approximately 40% of the judiciary come into post through a six-year on-the-job training programme for candidate judicial officers. This programme can be described as a socialization process. Interviews with candidates who have either opted out of the training programme, or who have been expelled, reveal that there are several mechanisms of social control. Among them there is the unique ‘floating’ position and role of the candidate within the judicial organisation, the complex relation between the trainee and his supervisor, a perception of having no say and a tendency towards depersonalisation. As a result, the trainees find themselves under considerable pressure to conform to the cultural and behavioural norms that prevail within the judiciary, or, alternatively, to leave the training programme. In this article, a detailed analysis is given of the mechanisms of social control underlying the socialization process. The levelling effects of the programme may result in the exclusion of non-average candidates at both ends of the scale. This ensures the continued existence of a judiciary whose members have moderate views and interests, whereas Dutch society may well be in need of more variation within its judiciary.


Ernestine Köhne-Hoegen
Ernestine Köhne-Hoegen promoveerde in 2000 aan de Universiteit Tilburg op een rechtsvergelijkend onderzoek naar de positie van het slachtoffer in het straf(proces)recht. Na afronding van de raio-opleiding in 2005 werd zij universitair docent en onderzoeker rechtssociologie aan de Universiteit Utrecht en rechter-plaatsvervanger in de rechtbank Arnhem. Het onderzoek voor het artikel in dit nummer verrichtte zij in deze periode. Sinds september 2007 is zij officier van justitie bij het arrondissementsparket Arnhem.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.