Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 23 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Recht der Werkelijkheid x
Werk in uitvoering

Herstelrecht op het terrein van verkeersongevallen.

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2020
Trefwoorden restorative justice, motor vehicle accidents, victimology, personal injury settlement
Auteurs Iris Becx MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    Those involved in a motor vehicle accident often have emotional needs that are not being met within the current framework of personal injury settlement. These needs include sharing one’s (side of the) story, getting in touch with the other person(s) involved and offering or receiving apologies. Following Nils Christie’s theory of ‘stolen’ conflicts, the fact that the people involved are often represented by lawyers or insurance companies is problematic because it alienates them from each other and it thwarts proper recovery. Incorporating restorative justice could offer a solution to this ‘theft’ of conflict, as it focuses on bringing all involved together to restore any of the harm done by concentrating on their needs. The central question to this dissertation is: how can restorative justice play a role in the sustainable resolution of conflicts after motor vehicle accidents so that the current insurance and liability system can better meet the immaterial needs of victims and perpetrators? Via several projects, the role of lawyers and insurance companies is studied. How beneficial or adversarial are their influences on victims and offenders? And can they incorporate restorative justice in their practice? The first publication is expected at the end of this year.


Iris Becx MSc
Iris Becx is victimoloog en is promovenda aan de Vrije Universiteit Amsterdam (VU) en het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR). Ze volgde de masterstudie Victimology and Criminal Justice aan Tilburg University.
Discussie

‘Access to Justice’ en rechtshulpverlening.

Over de voortschrijdende rechtssociologische benadering van de rechtshulpverlening in de lage landen

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2020
Auteurs Prof. Dr. Jean Van Houtte en Prof. Dr. Bernard Hubeau
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution puts the developments of the socio-legal approach of access to justice and legal aid in the low countries (Belgium and the Netherlands) in a broad perspective. During the last 40 years, the journal has dealt with some general problems, related to the accessibility of justice and legal aid and the effects of legislation in that field. Some important differences between het Belgian and the Dutch situation are highlighted. Although the general situation has not changed dramatically in both countries, some improvements have been achieved, e.g. when it comes to the so called “social legal aid”. Still, a better and more equal access to justice has to be promoted and realised.


Prof. Dr. Jean Van Houtte
Jean Van Houtte is emeritus hoogleraar Rechtssociologie aan de Universiteit Antwerpen. Hij is op dit moment lid van de redactieraad.

Prof. Dr. Bernard Hubeau
Bernard Hubeau is emeritus hoogleraar Rechtssociologie aan de Universiteit Antwerpen en gastdocent aan de Vrije Universiteit Brussel. Hij is op dit moment lid van de redactieraad.
Discussie

Van big five naar high five?

Plaats en invloed van de rechtssociologische hoogleraren aan de Nederlandse juridische faculteiten

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Rechtssociologie, Juridische opleidingen, Eén inleiding voor studenten, Samenwerking tussen hoogleraren, Sociaal wetenschappelijk onderzoek
Auteurs Prof. Mr Nick Huls
SamenvattingAuteursinformatie

    In From big five to high five the author analyzes the developments of sociology of law at the law faculties in the Netherlands since the 1970ies until today. Focusing on the professors (‘chairs’) he argues that after a strong start with five prominent scholars the discipline is now placed in the periphery of the law curriculum. Sociology of law is ‘intellectually strong, but institutionally weak’.
    The author encourages the present generation professors (‘chairs’) to cooperate more. He claims that writing one modern Dutch Introduction to Sociology of law is crucial to win the hearts and minds of the law students. Furthermore, he suggests that collaborative research projects contributes to the visibility of sociology of law in policy arenas and public debates.


Prof. Mr Nick Huls
Nick Huls is emeritus hoogleraar rechtssociologie aan de Erasmus Universiteit en de Universiteit Leiden. Van 2001 tot 2006 was hij lid van de redactie van Recht der Werkelijkheid. Zijn huidige onderzoeksbelangstellingen zijn de schuldenproblematiek tijdens corona, vechtscheidingen en probleemoplossende rechtspraak.
Artikel

Upperdogs Versus Underdogs

Judicial Review of Administrative Drug-Related Closures in the Netherlands

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Eviction, War on drugs, Party capability, Empirical legal research, Drug policy
Auteurs Mr. Michelle Bruijn en Dr. Michel Vols
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands, mayors are entitled to close public and non-public premises if drug-related activities are being conducted there. Using data from the case law of Dutch lower courts, published between 2008 and 2016, this article examines the relative success of different types of litigants, and the influence of case characteristics on drug-related closure cases. We build on Galanter’s framework of ‘repeat players’ and ‘one-shotters’, to argue that a mayor is the stronger party and is therefore more likely to win in court. We categorise mayors as ‘upperdogs’, and the opposing litigants as ‘underdogs’. Moreover, we distinguish stronger mayors from weaker ones, based on the population size of their municipality. Similarly, we distinguish the stronger underdogs from the weaker ones. Businesses and organisations are classified as stronger parties, relative to individuals, who are classified as weaker parties. In line with our hypothesis, we find that mayors win in the vast majority of cases. However, contrary to our presumptions, we find that mayors have a significantly lower chance of winning a case if they litigate against weak underdogs. When controlling for particular case characteristics, such as the type of drugs and invoked defences, our findings offer evidence that case characteristics are consequential for the resolution of drug-related closure cases in the Netherlands.


Mr. Michelle Bruijn
Michelle Bruijn is promovendus en docent aan de Rijksuniversiteit Groningen. Haar onderzoek richt zich op de regulering van cannabis en de sluiting van drugspanden.

Dr. Michel Vols
Michel Vols is hoogleraar Openbare-Orderecht aan Rijksuniversiteit Groningen. Zijn onderzoek richt zich op Openbare orde en veiligheid, en het gebruik van data science (machine learning) bij het bestuderen van juridische data.
In Memoriam

In memoriam John Griffiths (1940-2017)

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2018
Auteurs Keebet von Benda-Beckmann en Heleen Weyers
Auteursinformatie

Keebet von Benda-Beckmann
Keebet von Benda-Beckmann studeerde rechten aan de Universiteit van Amsterdam en promoveerde in 1984 in Nijmegen op een proefschrift over geschillenbeslechting in West Sumatra. Zij doceerde rechtssociologie en rechtsantropologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en was van 2000 tot 2012 samen met Franz von Benda-Beckmann hoofd van de Projectgroep Rechtspluralisme aan het Max Planck Institute for Social Anthropology in Halle, Duitsland. Zij is honorair hoogleraar aan de Martin Luther Universiteit Halle/Wittenberg. Zij deed voorts onderzoek naar sociale zekerheid op Ambon, en leidde een onderzoeksproject naar rechten op water in India en Nepal. Haar laatste empirische onderzoek betrof de gevolgen van het Indonesische decentralisatie beleid voor de verhouding tussen statelijk recht, adatrecht, en Islamitisch recht in West Sumatra.

Heleen Weyers
Heleen Weyers studeerde filosofie en geschiedenis en startte in 1995 haar promotietraject bij John Griffiths. Dat resulteerde in het boek Euthanasie: het proces van rechtsverandering (2002) en een aanstelling als universitair docent bij de Vakgroep Rechtstheorie van de Rijksuniversiteit Groningen. Samen met John (en anderen) schreef/redigeerde ze Euthanasia and Law in the Netherlands (1998) en Euthanasia and Law in Europe (2008) en verzorgde ze de vierde editie van het leerboek De sociale werking van recht. Een kennismaking met de rechtssociologie en rechtsantropologie (2005). Zij heeft zich sedert 2002 niet alleen beziggehouden met de totstandkoming van wetgeving maar ook met de relatie tussen de totstandkoming en de effectiviteit van rechtsregels.
Redactioneel

John Griffiths 1940-2017

Herinneringen – Commentaren – Verwerkingen

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2018
Auteurs Albert Klijn, Heleen Weyers, Keebet von Benda-Beckmann e.a.
Auteursinformatie

Albert Klijn
Albert Klijn (1946) studeerde theoretische sociologie en rechtssociologie te Utrecht en Nijmegen (1975). Hij begon zijn onderzoeksloopbaan in 1978 bij het WODC. Zijn eerste onderzoeksopdracht was de evaluatie van de door Justitie gesubsidieerde Advokatenkollektieven (De Balie geschetst, 1981). John Griffiths maakte deel uit van de begeleidingscommissie. Sindsdien zijn er professionele en vriendschappelijke contacten gebleven. Zo schreef Griffiths op zijn verzoek een bijdrage aan het themanummer van Justitiële verkenningen ter gelegenheid van het veertigjarige bestaan van de NOVA (JV 1992 nr. 6). Klijn promoveerde bij Griffiths en Wippler op een proefschrift over onderzoek naar de ontwikkelingen in de gesubsidieerde rechtsbijstand in Nederland tussen 1978-1988 (Rechtshulp onderzocht en overdacht, 1991). Hij maakte gedurende de periode 2000-2002 deel uit van het onderzoeksteam dat zich onder leiding van Griffiths bezighield met de regulering van het medisch handelen rondom het stervensproces (MBPSL); zijn aandachtsgebied was de meldingsplicht van de arts.

Heleen Weyers
Heleen Weyers studeerde filosofie en geschiedenis en startte in 1995 haar promotietraject bij John Griffiths. Dat resulteerde in het boek Euthanasie: het proces van rechtsverandering (2002) en een aanstelling als universitair docent bij de Vakgroep Rechtstheorie van de Rijksuniversiteit Groningen. Samen met John (en anderen) schreef/redigeerde ze Euthanasia and Law in the Netherlands (1998) en Euthanasia and Law in Europe (2008) en verzorgde ze de vierde editie van het leerboek De sociale werking van recht. Een kennismaking met de rechtssociologie en rechtsantropologie (2005). Zij heeft zich sedert 2002 niet alleen beziggehouden met de totstandkoming van wetgeving, maar ook met de relatie tussen de totstandkoming en de effectiviteit van rechtsregels.

Keebet von Benda-Beckmann
Keebet von Benda-Beckmann studeerde rechten aan de Universiteit van Amsterdam en promoveerde in 1984 in Nijmegen op een proefschrift over geschillenbeslechting in West Sumatra. Zij doceerde rechtssociologie en rechtsantropologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en was van 2000 tot 2012 samen met Franz von Benda-Beckmann hoofd van de Projectgroep Rechtspluralisme aan het Max Planck Institute for Social Anthropology in Halle, Duitsland. Zij is honorair hoogleraar aan de Martin Luther Universiteit Halle/Wittenberg. Zij deed voorts onderzoek naar sociale zekerheid op Ambon, en leidde een onderzoeksproject naar rechten op water in India en Nepal. Haar laatste empirische onderzoek betrof de gevolgen van het Indonesische decentralisatie beleid voor de verhouding tussen statelijk recht, adatrecht, en Islamitisch recht in West Sumatra.

Carolien Jacobs
Carolien Jacobs studeerde International Development aan de Wageningen Universiteit en deed promotieonderzoek in de rechtsantropologie bij Franz en Keebet von Benda-Beckmann aan het Max Planck Institute for Social Anthropology. Haar onderzoek richtte zich op de rol van religie in geschillenbeslechting op lokaal niveau in Mozambique. Sinds 2014 werkt ze als universitair docent aan het Van Vollenhoven Instituut voor Recht, Bestuur en Samenleving. Haar huidige onderzoek richt zich op toegang tot recht voor ontheemden in de Democratische Republiek Congo.

Annelien Bouland
Annelien Bouland (LLM, MSc) is een Meijers PhD kandidaat aan het Van Vollenhoven Institute for Law Governance and Society, Universiteit Leiden.
Artikel

Waarom schakelen burgers (geen) rechtshulp in?

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2017
Trefwoorden Legal advice / assistance, Acces to justice, Income level, Judicial autonomy, Cost-benefit analysis
Auteurs Dr. Marijke ter Voert en Dr. Carolien Klein Haarhuis
SamenvattingAuteursinformatie

    This article serves to gain insight in the use and non-use of various types of legal advice, particularly in relation to income levels and legal costs. Based on (logistic regression) analyses involving survey data on 1,928 Dutch citizens who experienced a non-trivial problem in the period May 2009 to May 2014, main findings are as follows: (1) 37% of citizens facing a (potential) legal problem contacted various types of legal advisers once or repeatedly. (2) In the explanation of use/non-use of advocates, problem characteristics turned out to matter significantly, in contrast with the level of household income. Entitlements to subsidized legal aid (lower income groups) as well as legal expenses insurance have made income a factor of less importance. (3) Looking at the degree in which citizens reported (high) costs being a reason for not using legal advice, again no significant differences were found between income groups. Especially advocates were deemed too expensive, regardless of household income; a reason for non-use in half of the cases in which advocates had been considered.


Dr. Marijke ter Voert
Marijke ter Voert is werkzaam als (senior-)onderzoeker bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC), ministerie van Veiligheid en Justitie. Zij is betrokken geweest bij inmiddels drie edities van het Geschilbeslechtingsdelta-onderzoek naar (potentieel) juridische problemen van burgers en de wegen die zij bewandelen om die op te lossen.

Dr. Carolien Klein Haarhuis
Carolien Klein Haarhuis is werkzaam als (senior-)onderzoeker bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC), ministerie van Veiligheid en Justitie. Zij is betrokken geweest bij inmiddels drie edities van het Geschilbeslechtingsdelta-onderzoek naar (potentieel) juridische problemen van burgers en de wegen die zij bewandelen om die op te lossen.
Artikel

The legacy and current relevance of Cappelletti and the Florence project on access to justice

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2015
Trefwoorden definition and dimensions access to justice, recommendations, historic context access to justice, current context access to justice
Auteurs Bernard Hubeau
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution explains what access to justice can encompass and how the ideals about access to justice have developed in time. The way to do this is going back to the work of the famous scholars Cappelletti and Garth, who were responsible for a worldwide project on access to justice in the 1970s. Their main issue was to explain access to justice is more than the access to a judge and the organization of courts. Primarily, the system must be equally accessible to all, irrespective of social or economic status or other incapacity. But it also must lead to results that are individually and socially just and fair. Equal access and effective access are the central notions. Their work is put in perspective. The importance of their legacy and the question how we can get along with their work are stressed. Their definition is compared to a few other authoritative definitions. The waves in the history of access to justice are described and putting them in the current context illustrates why a fourth waved can be observed. The major question to be answered is how one can assess the challenges and obstacles of access to justice in the current context. Therefore, some recent dimensions and developments within access to justice are presented: the democratic dimension, the effectiveness of new social rights, the attention for poor and vulnerable people, further juridification, expanding frontiers of and monitoring access to justice, e-justice, and self-help. Finally, a few building blocks for reforms are presented.


Bernard Hubeau
Bernard Hubeau is a full-time Professor in Sociology and Sociology of Law at the Faculty of Law of the University of Antwerp. He also teaches at the Faculty of Social Sciences of the University of Antwerp and the Faculty of Law and Criminology of the University of Brussels. He is the former ombudsman of the city of Antwerp and of the Flemish Parliament.
Artikel

Responsibilities of the state and legal professions

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2015
Trefwoorden responsibilities, the state, lawyers, the judiciary and judges
Auteurs Mies Westerveld en Ashley Terlouw
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution, which is based on the Dutch legal system, deals with the responsibilities of the State and legal professions in ensuring access to justice. The responsibilities of the four main players involved in bringing justice to the citizen are discussed: the legislator, the executive, the judiciary, and the legal profession. Responsibilities for access to justice do not only stem from the law, they do also evolve from societal problems and discussions. The contribution deals with both. Several actors share some of the responsibilities. One can think of responsibilities for information, for financing, and for being aware of vulnerabilities and other obstacles. What are the legal responsibilities and what other responsibilities are felt by the actors involved and how do they deal with them? And as a result: do they contribute to access to justice, do they form an obstacle, or both?


Mies Westerveld
Mies Westerveld is Professor Legal aid by special appointment and Professor in Labour Law (social insurance) at the University of Amsterdam. Her research concentrates on current issues of access to justice and state-financed legal aid on the one hand and the decreasing role of social insurance on a fragmented labour market on the other hand.

Ashley Terlouw
Ashley Terlouw is Professor in Sociology of Law at the Radboud University of Nijmegen. She is responsible for the Centre for Migration Law of the Radboud University. Besides she is part-time Judge at the District Court of Gelderland. Her research concentrates on legal and societal issues of asylum and equal treatment and on the working of the judiciary.

Maaike Voorhoeve
Maaike Voorhoeve (Amsterdam, 1979) is Humboldt Fellow aan het Forum Transregionale Studien van het Wissenschaftskolleg zu Berlin en de Philipps Universität Marburg. Ze schreef een proefschrift over de rechtspraktijk van twee vrouwelijke familierechters aan de rechtbank in Tunis (UvA, 2011, gepubliceerd door I.B. Tauris als Gender and Divorce Law in North Africa). Zij voltooide post-docposities aan Harvard University, het Wissenschaftskolleg zu Berlin en de Ecole des Hautes Etudes en Sciences Sociales in Parijs. Voorhoeves onderzoek concentreert zich op de rechtsantropologische studie van hedendaags Tunesië.
Artikel

Wetgeving, empirisch-juridisch onderzoek en Legal Big Data

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2015
Trefwoorden legislation, big data, empirical legal research, nudging
Auteurs Frans L. Leeuw
SamenvattingAuteursinformatie

    A second empirical revolution in law is in full swing: legal big data have made their entrance and will play an increasingly important role in the legal field. Legal big data, for example, increase the accessibility and transparency of files. They make it easier for legislators to find out how society views proposed legislation. Using big data, all jurisprudence can be processed very easily and judicial decisions can be predicted with a high degree of certainty. The contribution concludes with a number of legal and ethical issues and methodological challenges in relation to legal big data, such as ownership, privacy and representativeness.


Frans L. Leeuw
Frans L. Leeuw is directeur van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) bij het ministerie van Veiligheid en Justitie. Tevens is hij hoogleraar Recht, openbaar bestuur en sociaalwetenschappelijk onderzoek aan de universiteit van Maastricht. Eerder was hij onder meer directeur Doelmatigheidsonderzoek bij de Algemene Rekenkamer. Hij publiceerde vele artikelen en boeken, vooral op het terrein van evaluatie.
Artikel

National variations in the implementation and enforcement of European food hygiene regulations

Comparing the structure of food controls and regulations between Scotland and the Netherlands

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2014
Trefwoorden food regulation, official controls, EU food law, implementation, enforcement
Auteurs Tetty Havinga
SamenvattingAuteursinformatie

    Over the course of time the European Union has increased its powers considerably. Currently, almost all food safety regulations in the member states rest on European law. Despite this common legal base, several differences between member states still exist. This article compares the way Scottish and Dutch authorities deal with a particular item of European food law: the development of national guides to good practice for hygiene and for the application of HACCP principles by the food industry. The results of this investigation are consistent with the conclusion of Falkner et al. that the implementation of EU law in both the Netherlands and the UK depends on domestic issues. The dominant issue in Scotland (and the UK) is the FSA objective to bring consistent food controls and independency from industry which results in the development of governmental guidance. The prevailing issue in the Netherlands is making industry responsible for food safety which helps explain the extensive use of industry guides. This study shows that in order to understand what happens on the ground it is important to look beyond transposition or direct effect and also to investigate the implementation of regulations and to dig deeper than just their transposition.


Tetty Havinga
Tetty Havinga is Associate Professor at the Institute for the Sociology of Law, Radboud University Nijmegen, The Netherlands. She has published on the regulation of food safety, policy implementation and law enforcement, equal opportunities law, asylum migration and migrant workers. Her recent research projects deal with the development and effects of private regulation of food safety, oversight and official controls in the food industry, and the experiences of large companies with Dutch special courts. She is co-editor of The Changing Landscape of Food Governance (to be published by Edward Elgar, 2015).
Artikel

Overvragende wetgever zet gezagsuitoefening van rechter onder druk

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2014
Trefwoorden judiciary, legislature, legitimacy, overburdening
Auteurs Meike Bokhorst
SamenvattingAuteursinformatie

    During the recent Senate debate about the constitutional state some senators expressed a concern about the tensions between the legislature and judiciary. The problems of overburdening, underfunding and instrumentalisation of the judiciary have a long history. The legislature has a tendency to overburden himself and the other powers of state, like the judiciary, notwithstanding the official policy to be reserved with regard to the responsibilities of government. The judiciary must adapt itself to an ever more prominent role in the constitutional state. The judiciary also has to generate its own legitimacy and cannot consider this to be a function of the legitimacy basis of the democratic legislator. The legislator for his part has all kinds of democratic wishes and expectations on how the judiciary can increase its own legitimacy basis by dealing quicker with more cases. In this context, the minister strongly adheres to the maxim that justice delayed is justice denied. The working methods of the judiciary have shown small and gradual steps in the direction of a more responsive and communicative procedure. However, the judiciary is not able to transform all its ideas into concrete initiatives and to transform successful initiatives into settled practices.


Meike Bokhorst
Meike Bokhorst is wetenschappelijk medewerker bij de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid in Den Haag. Onlangs promoveerde zij in Tilburg op het proefschrift ‘Bronnen van legitimiteit. Over de zoektocht van de wetgever naar zeggenschap en gezag.’ Hiervoor werkte ze als onderzoeker bij de Algemene Rekenkamer en als beleidsmedewerker bij het Ministerie van Justitie. Ze studeerde filosofie met journalistiek aan de Rijksuniversiteit Groningen en politicologie aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Vertrouwen en wantrouwen in de Belgische justitie en de rol van de krantenberichtgeving

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2013
Trefwoorden Trust in justice system, Belgium, reporting of newspapers
Auteurs Stien Mercelis
SamenvattingAuteursinformatie

    In this contribution it has been set out that trust in the Belgian justice system cannot be taken for granted. The article contains empirical research on the reporting of newspapers on the Belgian justice system and tries to uncover a possible causal relationship between reading certain newspapers and trust in the justice system. Although it turns out that quality newspapers report on the justice system in a more negative way, readers of popular papers have less trust in the justice system. A direct link between negative reporting and reduced trust was therefore not found. Socio-economic variables and the priming effect on punitive attitudes in popular newspapers are cited as possible explanations.


Stien Mercelis
Stien Mercelis is master in de Rechten en bachelor in de Criminologie. Momenteel is zij assistente Rechtssociologie aan de Universiteit Antwerpen. Zij schrijft een proefschrift over de interne en externe factoren van het vertrouwen in de Belgische justitie als openbare dienst.

    This editorial offers an introduction to the current issue.


Rob Schwitters
Rob Schwitters is UHD rechtssociologie aan de Universiteit van Amsterdam en redacteur van Recht der Werkelijkheid. Hij heeft gepubliceerd over sociale zekerheid, aansprakelijkheid en risicomaatschappij en de juridisering van medische beslissingen. Verder schreef hij een inleiding in de rechtssociologie (Recht en samenleving in verandering, Kluwer 2008).
Discussie

De waarde van een Europees mensenrechtenhof

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2011
Trefwoorden European Court of Human Rights, judicial review, fundamental rights, supranational protection of human rights
Auteurs Janneke Gerards
SamenvattingAuteursinformatie

    Over the last few months, the European Court of Human Rights has been heavily criticised in the Dutch media and by Dutch politicians. Although the criticism is mainly directed at the perceived overextension of the Court’s fundamental rights protection, it also concentrates on fundamental issues such as the interference with national sovereignty that is affected by supranational adjudication and the anti-democratic character of supranational judicial review. In this contribution to the debate, it is argued that the present criticism of the Court is largely misconceived. Although the Court and its case law should certainly not be accepted uncritically, the arguments on which the criticism is based either lack nuance or disregard the Court’s specific function as a protector of fundamental rights. To provide a better basis for sensible and relevant criticism of how the Court functions, this contribution therefore aims to revisit the main roles of the European Convention on Human Rights and of international human rights protection, as well as the classic debate on judicial review.


Janneke Gerards
Janneke Gerards is als onderzoekshoogleraar fundamentele rechten verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Deze bijdrage is een uitwerking van de bijdrage die zij leverde aan een debatbijeenkomst over de rol van het EHRM die op 12 mei 2011 plaatsvond aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Meervoudig gebruik binnen de gesubsidieerde rechtsbijstand: clusters en triggers

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2010
Trefwoorden legal aid, trigger, cluster, justiciable problem
Auteurs Susanne Peters, Lia Combrink en Mirjam van Gammeren-Zoeteweij
SamenvattingAuteursinformatie

    The use and expenditure of the Legal Aid System is ever increasing. In addition, some people make use of the Legal Aid System more often than others. In fact, a small percentage of clients (2,6%) uses a substantial part (11,2%) of the legal aid. This paper sheds light on the occurrence of multiple use of legal aid and gives insight into the frequency and characteristics of multiple use.
    In the research described in this article, we have made use of the data from 2000 until 2009 concerning legal aid that was provided by the Legal Aid Board. This dataset contains over 3 million cases (so-called certificates that are issued by the Board). The main difference between this research and other (paths to justice) studies is that the dataset contains actually provided legal aid and not self-reported problems by clients. Therefore, the representativeness is guaranteed and no false recollections can occur. At the same time, this means that the research is limited to people who are entitled to legal aid (approximately 39% of the Dutch population) and have actually received a certificate.
    The results show that the provision of legal aid leads to new cases for which legal aid is again provided. Also, certain certificates coincide with and act as a trigger for certain other certificates. In the discussion we clarify the significance and implications of the results that are presented. Furthermore, we discuss the recently ordered budget cut in legal aid in the Netherlands. We describe ways to decrease the use and expenditure of the Legal Aid System, some of which are already implemented in the system. Finally, we discuss possible other (non-legal) problems that can be experienced by multiple users of the Legal Aid System.


Susanne Peters
Susanne Peters promoveerde in de sociale wetenschappen aan de Universiteit van Utrecht (2005) op een proefschrift over rechtvaardigheid. Momenteel is zij werkzaam bij de Raad voor Rechtsbijstand, waar zij onderzoek uitvoert ten behoeve van de Monitor Gesubsidieerde Rechtsbijstand.

Lia Combrink
Lia Combrink-Kuiters studeerde rechten aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en promoveerde aan de juridische faculteit van deze universiteit op een jurimetrisch proefschrift betreffende de voorspelbaarheid van rechterlijke beslissingen (1998). Daarna werkte zij bij het WODC aan de evaluatie van twee landelijke mediationprojecten. Momenteel is zij werkzaam als onderzoeker bij de Raad voor Rechtsbijstand, waar zij onderzoek doet op het gebied van de gesubsidieerde rechtsbijstand.

Mirjam van Gammeren-Zoeteweij
Mirjam van Gammeren-Zoeteweij is aan de Universiteit Leiden afgestudeerd als psycholoog. Momenteel is zij werkzaam als onderzoeker bij de Raad voor Rechtsbijstand, waar zij onderzoek uitvoert ten behoeve van de Monitor Gesubsidieerde Rechtsbijstand.

Mirjan Oude Vrielink
Mirjan Oude Vrielink is redactielid van Recht der Werkelijkheid.
Boekbespreking

Over emotionele eigendomsrechten, dure advocaten en afhakende gynaecologen

Signalement Journal of Empirical Legal Studies 2008

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 01 2009
Auteurs Ben van Velthoven
Auteursinformatie

Ben van Velthoven
Ben van Velthoven is als universitair hoofddocent rechtseconomie verbonden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden. Zijn onderzoek richt zich op vraagstukken van rechtshandhaving en geschilbeslechting. Hij is redactielid van Recht der Werkelijkheid.
Toont 1 - 20 van 23 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.