Zoekresultaat: 8 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Recht der Werkelijkheid x
Artikel

Access_open Van Middelburg tot Almelo. Het hoe en waarom van prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie door Nederlandse lagere rechters

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Prejudiciële procedure, Hof van Justitie van de Europese Unie, Nationale rechters, Motieven om te verwijzen, rechtspolitiek
Auteurs Dr. Jasper Krommendijk LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft baanbrekende uitspraken gedaan, vooral als gevolg van prejudiciële vragen van nationale rechters op grond van art. 267 VWEU. Het zijn vooral niet-verwijzingsplichtige lagere rechters geweest die voor deze aanvoer hebben gezorgd. Dit artikel onderzoekt hoe dit kan worden verklaard en kijkt naar de motieven van Nederlandse lagere rechters om al dan niet prejudiciële vragen te stellen aan het HvJ. Het doet dit op basis van interviews met 22 rechters en een uitgebreide juridische analyse van uitspraken. Dit artikel toont aan dat met name pragmatische en praktische overwegingen een rol spelen bij het besluit om te verwijzen. Daarnaast laat dit artikel zien dat er meer verschillen zijn binnen een lidstaat dan tussen lidstaten onderling, met name tussen gerechtelijke instanties en individuele rechters.

    The Court of Justice of the European Union has rendered landmark cases, especially following references for a preliminary ruling from national courts on the basis of Art. 267 TFEU. Primarily lower courts that are not obliged to refer have been responsible for such cases. This article examines how these references of lower courts can be explained by focusing on the motives of the Dutch lower court judges to refer, or not to refer. It does so on the basis of interviews with 22 judges and an extensive legal analysis of judgments. This article shows that practical and pragmatic considerations play an important role in the court’s decision to refer. In addition, there are more differences within one Member States than between EU Member States, especially between particular courts and individual judges.


Dr. Jasper Krommendijk LLM
Jasper Krommendijk is universitair docent Europees recht aan de Radboud Universiteit.
Artikel

Hugo Sinzheimer en de collectieve arbeidsovereenkomst

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Labour relations, collective agreement, Sinzheimer
Auteurs Robert Knegt
SamenvattingAuteursinformatie

    The German lawyer / labour law professor Hugo Sinzheimer (1875-1945) has, in the first two decades of the twentieth century, contributed significantly to the legal recognition of the ‘collective labour agreement’. The imperative character of CLA provisions, now widely accepted all over the world, required a paradigmatic turn in the dominant private law perspective on labour relations. The paper tries to specify what made him able and prone to do this, both by reconstructing the legal and political discussion in Germany and the Netherlands and by relating elements of the process to social-scientific theories of institutional and intellectual innovation. I argue that his combination of commitments in various fields (legal practice, science, politics) allowed him to span the gap between the fields of labour relations and state law and to contribute to the constitutionalisation of labour relations.


Robert Knegt
Robert Knegt is als directeur onderzoek verbonden aan het Hugo Sinzheimer Instituut, centrum voor onderzoek van ‘arbeid en recht’ aan de Universiteit van Amsterdam. Hij doet daar onderzoek naar de praktijk van arbeidsrechtelijke regelingen (ontslagrecht, flexwerk, arbeidstijden) en werkt aan een bij uitstek interdisciplinair project over ‘langetermijnontwikkelingen in de regulering van arbeid’. In 2008 verscheen The employment contract as an exclusionary device (Antwerp-Oxford-Portland: Intersentia).
Artikel

De Pardonregeling: risico’s van regularisatieprogramma’s en de in Nederland gehanteerde oplossingen

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2013
Trefwoorden asylum, regularisation programme, residence permit, return migration
Auteurs Monika Smit, Moira Galloway en Vina Wijkhuijs
SamenvattingAuteursinformatie

    The 2007 Dutch Pardon Regulation, a regularisation programme to settle the legacy of the old immigration law, was meant to deal with backlogs in the settling of asylum procedures. According to the literature there are several risks attached to such regularisation programmes. The parties involved in the implementation of the Dutch Pardon Regulation managed to evade most of these risks, partly because of their great efforts and close cooperation. The results of the Regulation were according to plan with respect to the number of asylum seekers who received a permit in the context of the regulation and their housing. In two respects the Regulation did not have the desired result: temporary shelter in municipalities decreased but was not ended, and it proved difficult to carry through the return of people who were ineligible for the regularisation programme.


Monika Smit
Monika Smit is hoofd van de onderzoeksafdeling Rechtsbestel, Wetgeving en Internationale en vreemdelingenaangelegenheden (RWI) van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

Moira Galloway
Moira Galloway is freelance onderzoeker, zij is werkzaam geweest bij het WODC.

Vina Wijkhuijs
Vina Wijkhuijs is momenteel als senior onderzoeker verbonden aan het lectoraat Crisisbeheersing van het Instituut Fysieke Veiligheid/Politieacademie. Zij is eveneens werkzaam geweest bij het WODC.

    This editorial offers an introduction to the current issue.


Koen Van Aeken
Koen Van Aeken is universitair docent aan Tilburg Law School. Na zijn studies politieke en sociale wetenschappen aan de Universiteit Antwerpen vervolmaakte hij zich aan de University of Essex in sociaalwetenschappelijke onderzoeksmethoden. In 2002 promoveerde hij met een rechtssociologisch proefschrift over wetsevaluatie aan zijn alma mater. Zijn onderzoek situeert zich op het domein van de methodologie en institutionalisering van evaluatie van regelgeving, democratische functies van reguleringsmanagement en informele processen in een publiekrechtelijke context. Hij doceert Recht en Maatschappij in Tilburg en geeft daarnaast cursussen over zijn onderzoeksthema’s aan binnen- en buitenlandse bestuurlijke professionals, en adviseert binnen- en buitenlandse besturen over consultatie en evaluatie.
Artikel

Dwang blijft wrang

Over vrijheid, verplichte zorg en de rol van het recht

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2010
Trefwoorden psychiatric patient rights, compulsary admission, duty of care
Auteurs Pieter Ippel
SamenvattingAuteursinformatie

    The position of patients facing forced hospitalization in a mental health clinic develops both in a soft and in a hard direction. On the one hand there is a soft current of more empathy with legal protection and on the other hand a harder current that leads to a growing number of forced measures. This involves three dilemmas. First, legal intervention touches only upon the fringe and not upon the core of psychiatric treatment. Second, the problematic relation with the criminal justice sector and third, a lack of concern for what happens after the decision of the judge. Quality based peer review has not developed well in this sector. Forced hospitalization will remain sour for the near future.


Pieter Ippel
Pieter Ippel is vanaf 2005 hoogleraar rechtsgeleerdheid bij de Roosevelt Academy in Middelburg, een Engelstalig Liberal Arts & Science College van de Universiteit Utrecht. Daarvoor was hij onder meer hoogleraar rechtstheorie in Utrecht. Hij studeerde wijsbegeerte, criminologie en Nederlands recht aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en promoveerde daar in 1989 op een rechtssociologisch proefschrift. Hij publiceerde over uiteenlopende onderwerpen. Zijn belangrijkste boek is Modern recht en het goede leven. Over gezondheid, milieu en privacy (Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2002).
Discussie

‘Geen statute maar een code!’

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2010
Trefwoorden common law, civil law, legal cultures, Alain Supiot
Auteurs Agnes Schreiner
SamenvattingAuteursinformatie

    Since the national legal systems and legal cultures diverse, the question is raised whether the jurisprudence should concern itself more with the legal cultural context of a given meta-legal study. The issues and outcomes of a particular legal socio-philosophical study carry the problems and problematizations that are relevant for the societal, legal and academic world of the scholar concerned. Scholars such as John Rawls, Martha Nussbaum and Richard Posner may deserve to join the first ranks of the American academic world, but what is their contribution to the issues and debates of the European legal cultures and the Dutch legal culture in particular? A plea is made for more diversity in selecting and reading the works of scholars from abroad. In demonstrating the need for diversity the work of Alain Supiot is discussed.


Agnes Schreiner
Agnes Schreiner is als universitair docent werkzaam bij de Afdeling Algemene Rechtsleer, sectie Rechtssociologie, van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit van Amsterdam. Zij verzorgt onder meer het keuzevak Rechtsantropologie en het masterkeuzevak Anthropology of European Private Law. In 1990 promoveerde ze op Roem van het recht. Haar bijzondere belangstelling gaat uit naar recht & cultuur, recht & media, recht & ritueel en recht & semiotiek. Ze publiceerde onlangs Jurovisie, twee traktaten over de europeanisering van het recht (2009).

Koen van Aeken
Koen van Aekenpromoveerde in de politieke en sociale wetenschappen aan de Universiteit Antwerpen (2002) op een proefschrift over de evaluatie van wetgeving. Hij is sinds 2006 verbonden aan de rechtenfaculteit van de Univer-siteit van Tilburg waar hij onder meer interdisciplinary study of law and society en rechtssociologie doceert.

Corrie van Eijl
Corrie van Eijl is onderzoeker bij de afdeling Sociale en economische geschiedenis aan de Universiteit Leiden. Zij maakt daar deel uit van het NWO project over gender en migratie in Nederland na 1945. Eerder deed zij onder meer onderzoek naar het Nederlandse vreemdelingenbeleid in de periode 1840- 1940.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.