Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 67 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht x
Vrij verkeer

Grondrechtenbescherming in het Nederlandse en Europese auteursrecht na Spiegel Online, Funke Medien en Pelham

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2020
Trefwoorden auteursrecht, grondrechten, Auteursrechtrichtlijn, excepties, informatievrijheid
Auteurs T. Snijders en S. van Deursen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze uitspraken spreekt het Hof van Justitie zich uit over de mogelijkheid van excepties op de exclusieve rechten van auteurs buiten de uitputtende lijst met excepties die is opgenomen in de Auteursrechtrichtlijn. Ook laat het Hof van Justitie zich opnieuw uit over de rol van grondrechten bij de interpretatie van de bestaande excepties. Deze uitspraken worden in breder perspectief geplaatst door daarnaast de benadering van het EHRM te bespreken. Tot slot worden de implicaties van deze dynamische Europese rechtsorde voor de Nederlandse praktijk besproken.
    HvJ 29 juli 2019, zaak C-516/17, ECLI:EU:C:2019:625 (Spiegel Online); HvJ 29 juli 2019, zaak C-469/17, ECLI:EU:C:2019:623 (Funke Medien NRW); HvJ 29 juli 2019, zaak C-467/17, ECLI:EU:C:2019:624 (Pelham)


T. Snijders
T. (Thom) Snijders volgt de master Legal Research aan de Universiteit Utrecht

S. van Deursen
Mr. S. (Stijn) van Deursen is als promovendus verbonden aan de Universiteit Utrecht.
Mededinging

Access_open Terug van weggeweest: een verkenning van verticale prijsbinding in het Europese en Nederlandse mededingingsrecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2019
Trefwoorden verticale overeenkomsten, verticale prijsbinding, Leidraad. Afspraken tussen leveranciers en afnemers, e-commerce, koersverandering
Auteurs Mr. J.B. van der Blij en Mr. dr. T.D.O. van der Vijver
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de publicatie van de ‘Leidraad. Afspraken tussen leveranciers en afnemers’ onderstreept de ACM de nieuw ingeslagen weg met betrekking tot verticale prijsbinding: er zal meer aandacht bestaan voor en strenger worden opgetreden tegen verticale prijsbinding. Deze actievere handhaving staat duidelijk in contrast met het (prioriterings)beleid dat de ACM slechts vier jaar eerder uiteenzette in het Visiedocument over verticale afspraken. De nieuwe koers is mede ingegeven door de vlucht die internetverkoop heeft genomen en zorgt ervoor dat de ACM weer in pas loopt met de Commissie (en de rest van de EU-lidstaten).
    ACM, ‘Leidraad. Afspraken tussen leveranciers en afnemers’, 26 februari 2019, www.acm.nl/sites/default/files/documents/leidraad-afspraken-tussen-leveranciers-en-afnemers.pdf


Mr. J.B. van der Blij
Mr. J.B. (Bernadette) van der Blij is advocaat bij Allen & Overy LLP in Amsterdam.

Mr. dr. T.D.O. van der Vijver
Mr. dr. T.D.O. (Tjarda) van der Vijver is advocaat bij Allen & Overy LLP in Amsterdam.
Mededinging

Gun jumping en de EU-Concentratieverordening: wanneer is sprake van een valse start?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2018
Trefwoorden concentratiecontrole, gun jumping, voortijdige totstandbrenging, standstill-verplichting
Auteurs Mr. dr. J.C.A. Houdijk en Mr. R.M.T.M. Jaspers
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze zaak geeft het Hof van Justitie antwoord op de vraag welke criteria gelden om te bepalen of sprake is van een totstandbrengingshandeling in het kader van het EU-concentratiecontroleregime. Het Hof van Justitie geeft hiermee een verdere uitleg van de standstill-verplichting ex artikel 7 lid 1 EU-Concentratieverordening. De uitspraak bevat voorts criteria om de risico’s omtrent gun jumping in de praktijk beter te kunnen inschatten.
    HvJ 31 mei 2018, zaak C-633/16, Ernst & Young P/S/Konkurrenceradet, ECLI:EU:C:2018:371.


Mr. dr. J.C.A. Houdijk
Mr. dr. J.C.A. (Joost) Houdijk is advocaat bij AKD.

Mr. R.M.T.M. Jaspers
Mr. R.M.T.M. (Robbert) Jaspers is advocaat bij AKD.
Consumenten

Access_open The New Consumer Deal

Een gamechanger op het gebied van de afwikkeling van massaclaims?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2018
Trefwoorden Massaschade, Groepsvordering, Toezichthouder, Consumentenvereniging, New Consumer Deal
Auteurs Mr. dr. B. van Hattum
SamenvattingAuteursinformatie

    De Europese Commissie heeft als onderdeel van een New Consumer Deal (hierna: de Deal) een richtlijnvoorstel gepubliceerd waar de invoering van een groepsvordering in de Europese Unie wordt voorgesteld om te kunnen garanderen dat de Europese consument ten volle van zijn rechten als EU-burger kan genieten. De Commissie kiest voor het toebedelen van de groepsvordering aan een met specifieke voorwaarden omklede entiteit. In de praktijk zal dit neerkomen op het toekennen van een groepsvordering aan een consumentenvereniging, een voor een specifieke vorm van massaschadeafwikkeling opgerichte en door de overheid ondersteunde stichting en/of een toezichthouder. In hoeverre is deze keuze van de Commissie een gamechanger in het speelveld van massaschadeafwikkeling en zal de invoering van een groepsvordering bijdragen aan het door de commissie beoogde doel van het waarborgen van de rechten van de EU-burger?
    Voorstel betreffende representatieve vorderingen ter bescherming van de collectieve belangen van consumenten en tot intrekking van Richtlijn 2009/22/EG. Brussels 11 april 2018, COM(2018)184 final 2018/0089 (COD).


Mr. dr. B. van Hattum
Mr. dr. B. (Bonne) van Hattum is verbonden als wetenschapper aan de Universiteit van Amsterdam en als beleidsmedewerker bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM). Zij schrijft dit artikel op persoonlijke titel.
Artikel

De Europese Commissie en de nationale rechter in staatssteunzaken: welke mate van inhoudelijke toetsing?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2015
Trefwoorden staatssteun, State Aid Modernisation, 23bis Procedureverordening, tussenstaats handelsverkeer, zorgvuldigheid
Auteurs Mr. A.H.G. van Herwijnen
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt ingegaan op de verhouding tussen de Europese Commissie en de nationale rechter in staatssteunzaken. Er worden uiteenlopende ontwikkelingen vanuit twee staatssteunbeoordelende instanties gesignaleerd. De Europese Commissie legt meer verantwoordelijkheid voor de juiste naleving van de staatssteunregels bij de lidstaten neer, zodat zij zich kan concentreren op steunmaatregelen met mogelijk grote marktverstoring. Tegelijkertijd lijken de Nederlandse rechters een oordeel over eventuele staatssteun vaak uit de weg te gaan en evenmin veel gebruik te maken van de mogelijkheid om de Commissie om guidance te vragen.


Mr. A.H.G. van Herwijnen
Mr. A.H.G. (Angélique) van Herwijnen is coördinerend juridisch adviseur bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving, werkzaam bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Zij schrijft deze bijdrage op persoonlijke titel en is collega mr. R.J.W.M.M. (Robert-Jan) van Lotringen, senior beleidsadviseur bij het Coördinatiepunt Staatssteun Decentrale Overheden van BZK, erkentelijk voor zijn commentaar.
Artikel

Vijf jaar bindend Handvest van de Grondrechten: wat heeft het de rechtzoekende opgeleverd?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Handvest van de Grondrechten, EVRM, Grondwet, eerlijk proces, persoonlijke levenssfeer
Auteurs Mr. J. Morijn, Mr. A. Pahladsingh en Mr. H. Palm
SamenvattingAuteursinformatie

    Levert het Handvest van de Grondrechten de rechtzoekende iets op? Om dit te beantwoorden analyseren we allereerst welke procesmatige en inhoudelijke voordelen het inroepen van het Handvest kan hebben ten opzichte van andere mensenrechtenbronnen. Daarna kijken we naar de eerste Nederlandse en Luxemburgse praktijk aangaande het recht op een eerlijk proces en het recht op privéleven en gegevensbescherming. Ook brengen we de wisselwerking in kaart tussen de rechterlijke bescherming gebaseerd op het Handvest en het EVRM. Wij concluderen dat er eerste tekenen van meerwaarde van het Handvest zijn voor de rechtszoekende, maar ook mogelijkheden bestaan zijn potentie nog beter te benutten.


Mr. J. Morijn
Mr. J. (John) Morijn is werkzaam bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de Vakgroep Europees en economisch recht, Rijksuniversiteit Groningen. De bijdrage aan dit artikel is op persoonlijke titel.

Mr. A. Pahladsingh
Mr. A. (Aniel) Pahladsingh is werkzaam bij de Raad van State. De bijdrage aan dit artikel is op persoonlijke titel.

Mr. H. Palm
Mr. H. (Hanneke) Palm is werkzaam bij het ministerie van Veiligheid en Justitie. De bijdrage aan dit artikel is op persoonlijke titel.
Artikel

Allianz: een beetje vaag en heel ongelukkig

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden exclusieve afname, toets strekkingsbeding, mededingingsbeperkende strekking, mededingingsbeperkende gevolgen
Auteurs Mr. G. Oosterhuis
SamenvattingAuteursinformatie

    Het te bespreken arrest betreft prejudiciële vragen gesteld door het Hongaarse hof van cassatie Legfelsőbb Biróság (hierna: de verwijzende rechter) aangaande de vraag of afspraken tussen verzekeraars Allianz en Generali en een aantal autoreparateurs, waarbij de autoreparateurs (indirect) een bonus krijgen als zij een bepaald percentage verzekeringen van Allianz en Generali verkopen, kwalificeren als overeenkomsten die tot strekking hebben de mededinging te beperken. Het Hof van Justitie verwart in zijn arrest het onderscheid tussen strekkings- en gevolgbedingen. Het Hof van Justitie suggereert bovendien dat de vrij onschuldige afspraken – afnamebedingen – tot doel hebben de mededinging te beperken. Het arrest stelt ten slotte dat als een overeenkomst niet in overeenstemming is met nationaal regelend recht – zoals regels van consumentenbescherming – dit het waarschijnlijk maakt dat die overeenkomst de strekking heeft de mededinging te beperken.
    HvJ EU 14 maart 2013, zaak C-32/11, Allianz Hungária Biztosító e.a./Gazdasági Versenyhivatal, n.n.g.


Mr. G. Oosterhuis
Mr. G. (Gerrit) Oosterhuis is advocaat bij Houthoff Buruma te Brussel.
Artikel

De toegang tot het mededingingsdossier

Met Donau Chemie is het einde van de saga nog niet in zicht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2013
Trefwoorden toegang tot documenten, clementieprocedure, schadevergoedingsactie, procedurele autonomie, doeltreffendheidsvereiste
Auteurs A.E. Beumer LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    In de zaak Donau Chemie bevindt het Hof van Justitie zich wederom op het spanningsveld tussen het faciliteren van schadevergoedingsacties en het beschermen van een effectief clementieprogramma. Het Hof van Justitie oordeelt dat de voorwaarden voor toegang tot documenten uit dossiers van de nationale mededingingsautoriteit met betrekking tot de toepassing van het Europese mededingingsrecht weliswaar worden bepaald door het nationale recht maar dat de doeltreffendheid van een nationaal clementieprogramma kan rechtvaardigen dat een document niet wordt verspreid. Het Hof van Justitie zet hiermee de lijn voort die in het arrest Pfleiderer was ingezet.
    HvJ EU 6 juni 2013, zaak C-536/11, Bundeswettbewerbsbehörde/Donau Chemie e.a., n.n.g.


A.E. Beumer LLM
A.E. (Elsbeth) Beumer is als PhD-onderzoeker verbonden aan het Europa Instituut van de Universiteit Leiden.
Artikel

Het arrest van het Hof van Justitie in de zaak AstraZeneca: een beoordeling ‘on the merits’

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1/2 2013
Trefwoorden Misbruik, Machtspositie, Geneesmiddelen, Farmaceutisch, Misleiding
Auteurs Mr. E. Oude Elferink en Mr. R.N.A. Nieuwmeyer LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2000 bedroeg de omzet van het geneesmiddel Losec, een geneesmiddel tegen onder andere maagzweren, meer dan 16 miljoen euro per dag. Losec gold daarmee als best verkochte geneesmiddel ter wereld. Het verbaast niet dat de producent, het concern AstraZeneca, de inkomsten uit Losec coûte que coûte wilde beschermen. Hierbij werd in de periode van 1993 tot 2000 hoog aan de wind gezeild. Volgens de Europese Commissie te hoog. Bij beschikking van 15 juni 2005 legde zij aan AstraZeneca een geldboete op van in totaal 60 miljoen euro voor een schending van het verbod om misbruik te maken van een economische machtspositie.
    Het Gerecht heeft de beschikking van de Commissie in het arrest van 1 juli 2010 gedeeltelijk vernietigd en de boete voor AstraZeneca verlaagd tot 52,5 miljoen euro. De hogere voorzieningen die tegen dit arrest zijn ingesteld, zijn door het Hof van Justitie bij arrest van 6 december 2012 integraal afgewezen. Dit artikel bevat een bespreking van het laatste arrest.


Mr. E. Oude Elferink
Mr. E. Oude Elferink is advocaat bij CMS Derks Star Busmann in Brussel.

Mr. R.N.A. Nieuwmeyer LLM
Mr. R.N.A. Nieuwmeyer, LLM (Brugge) is advocaat bij CMS Derks Star Busmann in Brussel.
Artikel

Verbod op winstuitkering door aanbieders van medisch-specialistische zorg op gespannen voet met Europees recht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden winstoogmerk, winstuitkering, ziekenhuizen, gezondheidszorg, vrijheid van vestiging
Auteurs Mr. dr. E. Plomp
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 9 februari 2012 is bij de Tweede Kamer een wetsvoorstel ingediend, waarmee beoogd wordt winstuitkering door aanbieders van medisch-specialistische zorg (i.e., ziekenhuizen en zelfstandige behandelcentra (ZBC’s)) mogelijk te maken.1x Voorstel tot wijziging van de Wet cliëntenrechten zorg (Wcz) en enkele andere wetten om het mogelijk te maken dat aanbieders van medisch-specialistische zorg, mits zij aan een aantal voorwaarden voldoen, winst uitkeren, Kamerstukken II 2011/12, 33 168, nr. 2. Hoewel het wetsvoorstel door de val van het kabinet-Rutte inmiddels controversieel is verklaard,2x Zie Kamerstukken II 2011/12, 33 285, nr. 5, p. 8. verdient het nadere aandacht. In dit artikel zal worden betoogd dat een van de argumenten waarom winstuitkering door ziekenhuizen en ZBC’s zou moeten worden toegestaan is, dat het winstverbod voor deze instellingen in de Wet toelating zorginstellingen (WTZi) en het voorstel voor de Wet cliëntenrechten zorg (Wcz) op gespannen voet staat met het Europees recht.

Noten

  • * Met dank aan prof. mr. dr. W. Sauter voor zijn waardevolle commentaar op een eerdere versie van dit artikel.
  • 1 Voorstel tot wijziging van de Wet cliëntenrechten zorg (Wcz) en enkele andere wetten om het mogelijk te maken dat aanbieders van medisch-specialistische zorg, mits zij aan een aantal voorwaarden voldoen, winst uitkeren, Kamerstukken II 2011/12, 33 168, nr. 2.

  • 2 Zie Kamerstukken II 2011/12, 33 285, nr. 5, p. 8.


Mr. dr. E. Plomp
Mr. dr. E. Plomp is arts, farmaceut en jurist en in december 2011 aan de Universiteit van Amsterdam gepromoveerd op het proefschrift Winst in de zorg. Juridische aspecten van winstuitkering door zorginstellingen, Den Haag: Sdu Uitgevers 2011 (hierna: Plomp 2011).
Artikel

(Uit)eindelijk een optioneel instrument voor Europees contractenrecht

De conceptverordening voor een gemeenschappelijk Europees kooprecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden Europees contractenrecht, optioneel instrument, consumentenrecht, kooprecht, wetgeving
Auteurs Dr. C. Jeloschek
SamenvattingAuteursinformatie

    Met haar voorstel voor een verordening voor een gemeenschappelijk Europees kooprecht presenteert de Commissie een autonoom regime van contracten(koop)recht. Dit is een volledig geharmoniseerde set aan regels die bij grensoverschrijdende transacties in plaats van nationale (contracten)rechten kan worden gekozen. Deze bijdrage schetst de reikwijdte van dit voorstel en onderzoekt de toegevoegde waarde ervan. Hoewel deze verordening als een mijlpaal in de ontwikkeling van het Europese consumentenrecht kan worden gezien, is niet zonder meer duidelijk dat de consument hier ook echt beter van wordt. Zo plaatst de auteur enkele kritische kanttekening wat betreft de toepassing en de effecten van dit instrument in de (rechts)praktijk.


Dr. C. Jeloschek
Dr. C. Jeloschek is werkzaam als advocaat bij Kennedy Van der Laan in Amsterdam.

X.E. Kramer

N. Saanen

H.D. Stout

E.T. Schutte-Postma
Jurisprudentie

Tetra/Sidel

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2003
Trefwoorden mededinging
Auteurs J. Hettema

J. Hettema

I. van der Steen
Artikel

Eén enkele inbreuk: bezint eer ge begint

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8 2010
Trefwoorden kartel, inbreuk, bewijslast, bewijsvoering
Auteurs Mr. R. Elkerbout LL.M
SamenvattingAuteursinformatie

    In de beschikkingspraktijk van de Europese Commissie (hierna: de Commissie) en de NMa wordt een kartel bijna standaard juridisch geduid als ‘één enkele inbreuk’ op het kartelverbod. Het gebruik van het begrip ‘één enkele inbreuk’ heeft vergaande consequenties voor de bewijsvoering en de rechten van de verdediging. In dit artikel wordt aandacht besteed aan de oorsprong, de uitgangspunten en de grenzen van het begrip ‘één enkele inbreuk’.


Mr. R. Elkerbout LL.M
Mr. R. Elkerbout LL.M is advocaat bij Stek te Amsterdam.
Artikel

Het Spector-arrest: het weerlegbare vermoeden in een strafrechtelijke en mensenrechtelijke context

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2010
Trefwoorden Europees strafrecht, EVRM, harmonisatie, richtlijnconforme interpretatie, marktmisbruik
Auteurs Mr. J.M.W. Lindeman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Spector-arrest, waarin prejudiciële vragen van de Belgische rechter worden beantwoord, heeft al heel wat Nederlandse pennen in beweging gebracht. Daar is alle reden toe, want de uitspraak bevat op meerdere fronten interessante materie. Centraal in de uitspraak staat de duiding van het in de richtlijn marktmisbruik opgenomen verbod op handel met voorwetenschap, dat in Nederland is geïmplementeerd in artikel 5:56 van de Wet op het financieel toezicht (Wft). De door het Hof van Justitie van de Europese gemeenschappen (hierna: Hof van Justitie) gekozen invulling van deze verbodsbepaling roept enkele vragen op over de inpassing in het Nederlandse (bestuurs)strafrecht. Daarnaast spelen vraagstukken over al dan niet beoogde volledige harmonisatie van de richtlijn, de doorwerking van het EVRM en richtlijnconforme interpretatie.


Mr. J.M.W. Lindeman
Mr. J.M.W. Lindeman is als universitair docent straf(proces)recht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht.

P.C. Adriaanse
Jurisprundentie

'Lost in translation'

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2008
Trefwoorden rechtsbescherming
Auteurs H. van Eijken en M.J.M. Verhoeven

H. van Eijken

M.J.M. Verhoeven
Toont 1 - 20 van 67 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.