Zoekresultaat: 14 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht x
Asiel en migratie

Access_open Het nieuwe migratie- en asielpact: flexibele solidariteit, verplichte grensprocedures en nog meer dataverzameling

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2020
Trefwoorden migratie, asielrecht, Europese Unie, grensprocedures, solidariteit
Auteurs Prof. dr. H. Battjes, Mr. dr. E.R. Brouwer en Mr. dr. M. den Heijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 23 september 2020 presenteerde de Europese Commissie het migratie- en asielpact. Dit pact beslaat 509 pagina’s aanbevelingen en wetgevende voorstellen op het gebied van migratie- en asielrecht, het Schengenacquis en grenscontrole. In deze bijdrage bespreken we onder meer de vraag in hoeverre de voorstellen een basis bieden voor solidaire, menswaardige, maar ook effectievere migratie- en asiel afspraken in de Europese Unie. De bijdrage gaat met name in op de voorgestelde grensprocedures en de hervorming van het Dublinsysteem. Ook bespreken we de plannen ter versterking van Schengen en de maatregelen op het gebied van persoonsgegevens en EU- datasystemen.
    Mededeling van de Commissie over een nieuw migratie- en asielpact COM(2020)609 def., 23 september 2020.


Prof. dr. H. Battjes
Prof. dr. H. (Hemme) Battjes is hoogleraar Europees asielrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. dr. E.R. Brouwer
Mr. dr. E.R. (Evelien) Brouwer is universitair docent migratierecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. dr. M. den Heijer
Mr. dr. M. (Maarten) den Heijer is universitair docent internationaal recht aan de Universiteit van Amsterdam.
Asiel en migratie

Menselijke waardigheid en een waardige levensstandaard; de uitspraak van het Hof van Justitie inzake Zubair Haqbin

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2020
Trefwoorden opvang, asiel, menselijke waardigheid, rechten van het kind
Auteurs Prof. mr. A.B. Terlouw en Mr. dr. K.M. Zwaan
SamenvattingAuteursinformatie

    Richtlijn 2013/33/EU (de Opvangrichtlijn) regelt welke opvangvoorzieningen aan asielzoekers moeten worden verstrekt en ook hun rechten op documenten, onderwijs en toegang tot de arbeidsmarkt en gezondheidszorg. In de uitspraak HvJ 12 november 2019, zaak C-233/18 inzake Zubair Haqbin oordeelt het Hof van Justitie dat de intrekking – al was het maar tijdelijk – van alle materiële opvangvoorzieningen of van de materiële opvangvoorzieningen die betrekking hebben op huisvesting, voeding of kleding, onverenigbaar is met de verplichting om ervoor te zorgen dat Haqbin een waardige levensstandaard geniet. Een dergelijke sanctie ontneemt hem immers de mogelijkheid om te voorzien in zijn meest elementaire behoeften.
    HvJ 12 november 2019, zaak C-233/18, ECLI:EU:C:2019:956 (Zubair Haqbin/Federaal Agentschap voor de opvang van asielzoekers, België)


Prof. mr. A.B. Terlouw
Prof. mr. A.B. (Ashley) Terlouw is hoogleraar rechtssociologie aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Mr. dr. K.M. Zwaan
Mr. dr. K.M. (Karin) Zwaan is universitair hoofddocent migratierecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Rechtsgeldigheid van het relocatiebesluit en de betekenis van het solidariteitsbeginsel in het EU-asielbeleid

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9-10 2017
Trefwoorden migratiecrisis, relocatie of herplaatsing van asielzoekers, naleving non-discriminatiebeginsel, inbreukprocedure, solidariteitsbeginsel
Auteurs Dr. mr. E.R. Brouwer
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 6 september 2017 verwierp het Hof van Justitie het beroep van Hongarije en Slowakije tot nietigverklaring van het Raadsbesluit van 22 september 2015. In dit besluit werd een door de Europese Commissie voorgesteld schema vastgesteld voor de relocatie of herplaatsing van asielzoekers vanuit Griekenland en Italië naar andere lidstaten van de Unie. Het Hof van Justitie verwerpt alle argumenten van de twee lidstaten waarmee de rechtsgeldigheid van het besluit werd betwist. In de uitspraak bevestigt het Hof van Justitie niet alleen de geldigheid van het relocatiebesluit met een beroep op het solidariteitsbeginsel, maar onderstreept ook het belang van een effectief rechtsmiddel tegen een herplaatsingsbesluit en de naleving van het non-discriminatiebeginsel.
    HvJ 6 september 2017, gevoegde zaken C-643/15 en C-647/15, Slowaakse Republiek en Hongarije/Raad van de Europese Unie, ECLI:EU:C:2017:631


Dr. mr. E.R. Brouwer
Dr. mr. E.R. (Evelien) Brouwer is senior onderzoeker migratierecht, Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Uitspraak Hof van Justitie van de Europese Unie, 7 maart 2017, zaak C-638/16 PPU, X. en X./België

Een gemiste kans voor een uniforme en mensenrechtelijke uitleg van de Visumcode wat betreft de afgifte van een humanitair visum

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2017
Trefwoorden humanitair visum, kortverblijfvisum, Visumcode, recht op asiel, refoulementverbod
Auteurs Dr. mr. E.R. Brouwer
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 7 maart 2017 oordeelde het Hof van Justitie in de zaak X. en X./België dat het Unierecht niet verplicht tot de afgifte van een humanitair visum om personen in staat te stellen op het grondgebied van een van de lidstaten asiel aan te vragen. Anders dan geadviseerd door advocaat-generaal Mengozzi concludeert het Hof van Justitie dat in dergelijke gevallen de Visumcode (Verordening (EU) nr. 810/2009) niet van toepassing is. Hiermee is de uitspraak een gemiste kans om duidelijkheid te bieden inzake de uitleg van artikel 25 van de Visumcode en de extraterritoriale toepassing van artikelen 4 en 18 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.
    HvJ 7 maart 2017, zaak C-638/16 PPU, X. en X./België, ECLI:EU:C:2017:173


Dr. mr. E.R. Brouwer
Dr. mr. E.R. (Evelien) Brouwer is senior onderzoeker migratierecht, Vrije Universiteit Amsterdam

    De Verordening voor een Europese grens- en kustwacht van 2016 introduceert het concept van een geïntegreerd grensbeheer. De Europese Unie heeft hierdoor mogelijkheden om te interveniëren wanneer lidstaten de buitengrenzen onvoldoende bewaken. De Europese grens- en kustwacht gaat echter nog steeds uit van uitvoering van de grensbewaking door de lidstaten zelf. De lidstaten kunnen bijstand ontvangen door grensbewakings- en terugkeeroperaties. Deze worden gecoördineerd door het Frontex-agentschap en uitgevoerd door nationale ambtenaren van de lidstaten. Deze constructie kan leiden tot complexe vragen over aansprakelijkheden en bevoegdheden, zeker op een politiek beladen terrein waar mensenrechten onder druk (kunnen) staan.
    Verordening (EU) 2016/1624 tot wijziging van Verordening (EU) 2016/399 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 863/2007, Verordening (EG) nr. 2007/2004 van de Raad en Besluit 2005/267/EG van de Raad, PbEU 2016, L 251/1


Mr. S.G. Kok
Mr. S.G. (Stefan) Kok is verbonden als docent aan het Instituut voor Immigratierecht van de Universiteit Leiden.
Artikel

Detentie van asielzoekers, de spoedige terugkeer van illegale vreemdelingen, en de openbare orde: het arrest J.N.

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Bewaring van asielzoekers, Opvangrichtlijn, Terugkeerrichtlijn, illegaal verblijvende derdelanders, openbare orde
Auteurs Mr. G. Cornelisse
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt het arrest J.N. van het Hof van Justitie besproken. In het artikel wordt beargumenteerd dat het arrest spanningen blootlegt tussen het EHRM en het Unierecht als het gaat om de voorwaarden voor een rechtmatige bewaring van asielzoekers. Verder gaat het artikel in op de manier waarop het Hof van Justitie het Unierecht op het gebied van illegale migratie afbakent ten opzichte van het acquis op het gebied van het asielrecht. Ook wordt aandacht besteed aan de wijze waarop het Hof van Justitie het Unierechtelijke openbare-ordebegrip gebruikt om de uitoefening van nationale bevoegdheden op het gebied van het immigratierecht juridisch te toetsen en aldus controleerbaar te maken
    HvJ 15 februari 2016, zaak C-601/15 PPU, J.N./Staatssecretaris van Justitie, ECLI:EU:C:2016:84


Mr. G. Cornelisse
Mr. G. (Galina) Cornelisse is universitair docent Transnational Legal Studies aan de Vrije Universiteit.
Artikel

Integratie kan woonplaatsplicht bij personen met subsidiaire bescherming rechtvaardigen

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Kwalificatierichtlijn asiel, Vluchtelingenverdrag, subsidiaire bescherming, onderscheid, huisvesting
Auteurs Mr. A. Pahladsingh
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie spreekt zich in het arrest Alo en Osso uit over de verhouding tussen het vrije verkeer van personen met de subsidiaire beschermingsstatus en de maatregelen ter bevordering van hun integratie. Een woonplaatsverplichting mag hun worden opgelegd wanneer zij meer met integratieproblemen worden geconfronteerd dan andere personen die geen burger van de Unie zijn en legaal verblijven op het grondgebied van de lidstaat die deze bescherming heeft verleend.
    HvJ 1 maart 2016, gevoegde zaken C-443/14 en C-444/14, Alo en Osso, ECLI:EU:C:2016:127


Mr. A. Pahladsingh
Mr. A. (Aniel) Pahladsingh is jurist bij de Raad van State en rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Rotterdam.
Artikel

Europees asielbeleid: van onderling wantrouwen naar een gedeelde verantwoordelijkheid

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2 2016
Trefwoorden Solidariteitsbeginsel, Europees asiel- en migratierecht, Dublin Verordening, Schengengrenscode, Gemeenschappelijk Europees Asiel Systeem
Auteurs Dr. mr. E.R. Brouwer
SamenvattingAuteursinformatie

    Hoewel in het kader van de Europese Unie verschillende instrumenten zijn aangenomen ter verwezenlijking van een geharmoniseerd asielsysteem, lijken deze onvoldoende voor een gezamenlijke aanpak van het huidige vluchtelingenvraagstuk, laat staan een evenredige opvang van asielzoekers in Europa. Veel lidstaten kiezen voor unilaterale en restrictieve maatregelen, zoals aanscherping van migratiewetgeving en herinvoering van binnengrenscontroles, en bestaande EU-asielwetgeving wordt niet of onvolledig nageleefd. In deze bijdrage bespreek ik mede aan de hand van bestaande EU-wetgeving en de maatregelen die in 2015 door de Europese Commissie zijn voorgesteld, de vraag welke maatregelen (verder) nodig zijn voor een solidair, effectief en humanitair asiel- en migratiebeleid.


Dr. mr. E.R. Brouwer
Dr. mr. E.R. (Evelien) Brouwer is werkzaam als senior onderzoeker aan de sectie migratierecht, Vrije Universiteit Amsterdam. Brouwer is tevens lid van de Adviescommissie Vreemdelingenzaken (ACVZ). In die functie heeft zij meegewerkt aan het advies ‘Delen in verantwoordelijkheid. Voorstel voor een solidair Europees asielsysteem’, december 2015, gepubliceerd op www.acvz.org. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven, al zal zij naar verschillende voorstellen uit dit advies verwijzen.
Artikel

Vijf jaar bindend Handvest van de Grondrechten: wat heeft het de rechtzoekende opgeleverd?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Handvest van de Grondrechten, EVRM, Grondwet, eerlijk proces, persoonlijke levenssfeer
Auteurs Mr. J. Morijn, Mr. A. Pahladsingh en Mr. H. Palm
SamenvattingAuteursinformatie

    Levert het Handvest van de Grondrechten de rechtzoekende iets op? Om dit te beantwoorden analyseren we allereerst welke procesmatige en inhoudelijke voordelen het inroepen van het Handvest kan hebben ten opzichte van andere mensenrechtenbronnen. Daarna kijken we naar de eerste Nederlandse en Luxemburgse praktijk aangaande het recht op een eerlijk proces en het recht op privéleven en gegevensbescherming. Ook brengen we de wisselwerking in kaart tussen de rechterlijke bescherming gebaseerd op het Handvest en het EVRM. Wij concluderen dat er eerste tekenen van meerwaarde van het Handvest zijn voor de rechtszoekende, maar ook mogelijkheden bestaan zijn potentie nog beter te benutten.


Mr. J. Morijn
Mr. J. (John) Morijn is werkzaam bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de Vakgroep Europees en economisch recht, Rijksuniversiteit Groningen. De bijdrage aan dit artikel is op persoonlijke titel.

Mr. A. Pahladsingh
Mr. A. (Aniel) Pahladsingh is werkzaam bij de Raad van State. De bijdrage aan dit artikel is op persoonlijke titel.

Mr. H. Palm
Mr. H. (Hanneke) Palm is werkzaam bij het ministerie van Veiligheid en Justitie. De bijdrage aan dit artikel is op persoonlijke titel.
Artikel

Van A tot Z; de uitspraken van het Hof van Justitie betreffende homoseksuele asielzoekers.

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2 2015
Trefwoorden Definitierichtlijn, homoseksualiteit, menselijke waardigheid, asiel, vluchteling
Auteurs Mr. dr. K. Zwaan
SamenvattingAuteursinformatie

    In de zaken X, Y en Z (C-199/12, C-200/12 en C- 201/12) oordeelde het Hof van Justitie op 7 november 2013 dat homoseksuelen een bijzondere sociale groep vormen, van homoseksuele asielzoekers niet kan worden verlangd dat zij discretie betrachten en dat de enkele strafbaarstelling van homoseksualiteit onvoldoende is om gegronde vrees voor vervolging aannemelijk te achten.
    Op 2 december 2014 beantwoordde het Hof van Justitie de vraag over de toets van de geloofwaardigheid van asielrelazen van homoseksuele asielzoekers in de zaken A, B en C (C-148/13, C-149/13 en C-150/13).
    Het Hof van Justitie heeft in deze uitspraak een beperkt aantal problematische onderzoeksmethodes ter vaststelling van de geloofwaardigheid van homoseksualiteit verboden. De vraag naar de rechtmatigheid van een aantal andere methodes blijft bestaan. Het Hof van Justitie laat deze toets aan de nationale rechter, en oordeelt dat bij deze toets de eerbiediging van artikel 1 EU Grondrechtenhandvest (menselijke waardigheid) richtinggevend is.
    HvJ 2 december 2014, gevoegde zaken C-148/13, C-149/13 en C-150/13, A, B en C, ECLI:EU:C:2014:2406
    HvJ 7 november 2013, gevoegde zaken C-199/12, C-200/12 en C- 201/12, X, Y en Z, ECLI:EU:C:2013:720


Mr. dr. K. Zwaan
Mr. dr. K. (Karin) Zwaan is coördinator van het Centrum voor Migratierecht van de Radboud Universiteit Nijmegen
Artikel

Pas de deux

De wisselwerking tussen Luxemburgse en Straatsburgse jurisprudentie bij de harmonisatie van het asielrecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2012
Auteurs Prof. mr. H. Battjes
SamenvattingAuteursinformatie

    In januari 2011 oordeelde het Europese Hof voor de Rechten van de Mens dat artikel 3 EVRM overdracht van asielzoekers naar Griekenland verbiedt, in december 2011 concludeert het Hof van Justitie dat hetzelfde geldt voor artikel 4 van het Handvest van Grondrechten voor de EU. Met deze uitspraken leggen beide hoven belangrijke onvolkomenheden in het gemeenschappelijk Europees Asielstelsel bloot. In deze bijdrage wordt het voor beide arresten relevante recht geschetst, en de wisselwerking geanalyseerd in de jurisprudentie van het Hof van Justitie en het Europese Hof voor de Rechten van de Mens bij de Europese harmonisatie van het asielrecht.


Prof. mr. H. Battjes
Prof. mr. H. Battjes is hoogleraar Europees asielrecht bij de Faculteit rechtsgeleerdheid aan Vrije Universiteit Amsterdam.

V. van den Eeckhout
Artikel

Het EVRM en de Europese Unie: van Bosphorus naar Lissabon

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2010
Trefwoorden Verdrag van Lissabon, Gelijkwaardigheidsvermoeden, Dublin II, Handvest van de grondrechten
Auteurs Prof. dr. J. Callewaert
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Verdrag van Lissabon is op 1 december 2009 in werking getreden. De grondrechten nemen er een plaats in die ongeëvenaard is in de geschiedenis van de Europese Unie (EU). Met het Verdrag krijgt immers het Handvest van de grondrechten primairrechtelijke waarde en krijgt de EU de opdracht om tot het EVRM toe te treden. Bovendien worden de bevoegdheden van het Hof van Justitie (Hof) in aanzienlijke mate uitgebreid in domeinen die, zoals de ruimte van vrijheid, veiligheid en recht, voor de grondrechten van bijzonder belang zijn.


Prof. dr. J. Callewaert
Prof. dr. J. Callewaert is adjunct-griffier van de Grote Kamer bij het Europees Hof voor de rechten van de mens, ereprofessor aan de Duitse Universiteit voor administratieve wetenschappen (Speyer) en gastprofessor aan de Universiteit Louvain (België).
Jurisprudentie

‘Coming of age’: de ontwikkeling van het ne bis in idem-beginsel in de EU-rechtsorde

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2 2010
Trefwoorden ne bis in idem, dubbele vervolging, Artikel 4-P7 EVRM
Auteurs Mr. dr. W.B. van Bockel
SamenvattingAuteursinformatie

    De dynamiek van het Europese integratieproces stelt vaak nieuwe eisen aan de uitlegging en toepassing van aloude rechtsbeginselen, zowel door de Gemeenschapsrechter als door de rechters in de lidstaten. In deze bijdrage zal nader worden ingegaan op het beginsel ne bis in idem, de regel die verbiedt dat een tweede vervolging wordt ingesteld voor een feit waarover onherroepelijk door een rechter is beslist. Hoewel de uitlegging en toepassing van dit rechtsbeginsel van oudsher sterk nationaal is bepaald, kan deze inmiddels niet meer los worden gezien van de rechtsontwikkeling binnen het juridische kader van de politiële en justitiële samenwerking tussen de lidstaten van de EU (tot voor kort aangeduid als de zogeheten ‘derde pijler’ van de EU).


Mr. dr. W.B. van Bockel
Mr. dr. W.B. van Bockel is werkzaam bij het Robert Schuman Centre for Advanced Studies,European University Institute in Florence, Italië.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.