Zoekresultaat: 7 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht x Jaar 2010 x
Artikel

Kroniek aanbestedingsrecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2010
Trefwoorden EG-handhavingsrichtlijnen, aanbestedende dienst/publiekrechtelijke instelling, gebiedsontwikkeling, dienstenconcessies
Auteurs Mr. J.W.A. Bergevoet, Mr. L.M. Hiemstra en Mr. S.R.A. Lucas
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek belichten de auteurs de recente ontwikkelingen op het gebied van het Europese aanbestedingsrecht over de periode van januari 2009 tot juli 2010. Op wetgevingsgebied is een belangrijke recente ontwikkeling de implementatie van de herziene EG-handhavingsrichtlijnen in de Nederlandse rechtsorde door inwerkingtreding van de Wet implementatie rechtsbeschermingsrichtlijnen aanbesteden (Wira). Daarnaast heeft het Hof van Justitie in het afgelopen anderhalf jaar veel (meer dan twintig) arresten gewezen op het gebied van Europees aanbestedingsrecht. Terugkerende onderwerpen in deze arresten die wij in deze kroniek zullen behandelen, zijn de subjectieve werkingssfeer van de Europese aanbestedingsrichtlijnen (het begrip aanbestedende dienst/publiekrechtelijke instelling), de objectieve werkingssfeer van de Europese aanbestedingsrichtlijnen (gebiedsontwikkeling en dienstenconcessies) en de uitzonderingen op de werkingssfeer (vanwege dwingende redenen van algemeen belang), alsmede uitsluiting van ondernemingen en werkelijke mededinging.


Mr. J.W.A. Bergevoet
Mr. J.W.A. Bergevoet is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. L.M. Hiemstra
Mr. L.M. Hiemstra is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. S.R.A. Lucas
Mr. S.R.A. Lucas is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Jurisprudentie

Van Auroux/Roanne naar Müller/Wildeshausen: waar ligt de grens van de aanbestedingsplicht bij gebiedsontwikkeling?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8 2010
Trefwoorden overheidsopdracht, gebiedsontwikkeling, gronduitgifte, publiekprivate samenwerking
Auteurs Mr. G. ‘t Hart en Mr. H.S.J. Albers
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn Müller-arrest heeft het Hof van Justitie van de Europsese Unie (hierna: Hof van Justitie) duidelijk aangegeven onder welke omstandigheden welke onderdelen van een gebiedsontwikkeling Europees moeten worden aanbesteed. De ontwikkeling en realisatie van vastgoed met een private bestemming hoeft in beginsel niet mee te worden aanbesteed met de publieke delen, indien aanbestedende dienst en ontwikkelaar vasthouden aan hun eigen rol.


Mr. G. ‘t Hart
Mr. G. ’t Hart is advocaat bij Houthoff Buruma.

Mr. H.S.J. Albers
Mr. H.S.J. Albers is advocaat bij Houthoff Buruma.

    De toepassing van het Unierecht op de Nederlandse woningcorporatie is geen rustig bezit. Na het in het vorige nummer van dit blad besproken arrest van het Hof van Justitie van de EGin de zaak Sint Servatius, waarin het vrije verkeer van kapitaal werd toegepast op de voor Nederlandse woningcorporaties geldende territoriale beperkingen, volgde op 15 december 2009 het Commissiebesluit waarbij na jaren van onderhandelen een aanpassing van het bestaande steunregime voor woningcorporaties werd goedgekeurd.


Mr. H.M.H. Speyart
Mr. H.M.H. Speyart is advocaat bij NautaDutilh N.V. te Amsterdam.
Jurisprudentie

Staatssteun voor onbetaald O&O&I-werk

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2010
Trefwoorden Kaderregeling O&O&I-steun, O&O&I-steunregeling, fictieve kosten
Auteurs Mr. T. Bruyninckx
SamenvattingAuteursinformatie

    De Kaderregeling O&O&I-steun voorziet in punt 5.1.4 in een reeks van kosten die in aanmerking komen voor het kwalificeren als geoorloofde staatssteun. Uit een eerste lezing van voornoemd punt blijkt dat enkel daadwerkelijk gemaakte kosten hiervoor in aanmerking komen. In het kader van een staatssteunonderzoek van een O&O&I-steunregeling zag de Toezichthoudende Autoriteit zich evenwel geconfronteerd met de vraag of ook fictieve kosten als gevolg van onbetaald O&O&I-werk voor steunverlening in aanmerking komen onder voornoemde kaderregeling.


Mr. T. Bruyninckx
Mr. T. Bruyninckx is advocaat te Brussel bij Altius.
Artikel

Herziening economische regulering goederenvervoer over de weg: het vrachtverkeer in zijn achteruit

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2 2010
Trefwoorden beroep van vervoerder, toegang tot vervoersmarkt, goederenvervoer, Wet Wegvervoer Goederen
Auteurs Mr. K. Sevinga
SamenvattingAuteursinformatie

    Medio november 2009 is een tweetal verordeningen vastgesteld over respectievelijk de toegang tot het beroep van vervoerder en over de toegang tot de vervoersmarkt voor goederen over de weg. Met deze verordeningen is een modernisering van de regels over het goederenvervoer over de weg doorgevoerd die erop is gericht om ‘de regels te harmoniseren, de efficiëntie te verbeteren en een eerlijkere concurrentie te waarborgen’. Een overzicht van de doorgevoerde vernieuwingen leidt tot de vaststelling dat met deze verdere harmonisering niet beoogd is om meteen ook de liberalisering van de markt van het goederenvervoer over de weg te voltooien.


Mr. K. Sevinga
Mr. K. Sevinga is werkzaam bij de hoofddirectie Juridische Zaken van het ministerie van Verkeer en Waterstaat.
Jurisprudentie

Een woningcorporatie over de grens: het arrest Sint Servatius

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2 2010
Trefwoorden Vrij verkeer van kapitaal, Rechtvaardigingsgronden, Volkshuisvestingsbeleid, Diensten van algemeen economisch belang, Beperkingen
Auteurs Mr. E. Oude Elferink
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen (thans: Hof van Justitie van de Europese Unie) heeft op 1 oktober 2009 geantwoord op prejudiciële vragen van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State in een geschil tussen de minister voor Wonen, Wijken en Integratie en Woningstichting Sint Servatius uit Maastricht over een vastgoedproject van Servatius in Luik. De vragen betroffen het vrij verkeer van kapitaal, en in het bijzonder de mogelijkheid voor een lidstaat om ter rechtvaardiging van een beperking daarvan een beroep te doen op artikel 86 lid 2 EG-Verdrag (thans: art.106 lid 2 VWEU). Het arrest van het Hof is interessant, hoewel – of juist omdat – het zich over dat laatste punt niet uitlaat.


Mr. E. Oude Elferink
Mr. E. Oude Elferink is referendaris bij het Gerecht van de Europese Unie.
Jurisprudentie

De gebruiksvergoeding bij de ontbonden koop op afstand: het onderscheid tussen ‘gebruiken’ en ‘uitproberen’

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1 2010
Trefwoorden gebruiksvergoeding, koop op afstand, ontbinding tijdens bedenktijd, non-conformiteit
Auteurs Prof. mr. M.B.M. Loos
SamenvattingAuteursinformatie

    De koper van een zaak wordt na levering eigenaar van die zaak en heeft als eigenaar uiteraard het recht om die zaak te gebruiken. Dat gebruik maakt de zaak wel tweedehands. Dat roept de vraag op of de koper gehouden is om een ‘gebruiksvergoeding’ te betalen indien hij de koopovereenkomst ontbindt (of vervanging van de zaak verlangt) en de zaak teruglevert aan de verkoper. In het Quelle-arrest, dat handelt over de vraag of bij de vervanging van de non-conforme zaak een gebruiksvergoeding betaald moet worden, beantwoordde het Hof die vraag ontkennend. In het Messner-arrest was dezelfde vraag aan de orde in het kader van de ontbinding van een op afstand gesloten koopovereenkomst. Ook nu beantwoordt het Hof de vraag ontkennend, maar het Hof geeft aan dat hier wel uitzonderingen op mogelijk zijn.


Prof. mr. M.B.M. Loos
Prof. mr. M.B.M. Loos is hoogleraar Privaatrecht (in het bijzonder het Europees consumentenrecht) aan de Universiteit van Amsterdam
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.