Zoekresultaat: 15 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht x
Mededinging

CK Telecoms/Commissie: ‘bridging the gap’ tussen Airtours en SIEC-test?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden mededinging, SIEC, telecom, fusiecontrole
Auteurs Mr. B.J.H. Braeken en Mr. X.Y.G. Versteeg
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 28 mei 2020 heeft het Gerecht van de Europese Unie de beschikking van de Europese Commissie vernietigd waarin de Commissie de overname van Telefónica UK door CK Hutchison UK (nadien ‘CK Telecom UK’) – een zogenoemde 4-naar-3-telecomfusie in het Verenigd Koninkrijk – verbood. In dit arrest wordt voor de eerste maal de toepassing van de ‘significant impediment to effective competition’ (SIEC)-test op zogenoemde ‘gap’-zaken onderworpen aan een (indringende) rechterlijke toetsing. Gap-zaken zijn concentratiezaken waarbij geen sprake is van het creëren of versterken van een dominante machtspositie, maar waarbij mogelijk een significante beperking van de concurrentie optreedt doordat de fusie leidt tot de vermindering van concurrentiedruk op een beperkt aantal overgebleven marktspelers. De maatstaf die het Gerecht in CK Telecoms/Commissie aanlegt, lijkt bijzonder zwaar en nadert de bewijsstandaard voor collectieve dominantie zoals geformuleerd in het Airtours-arrest. Dit zal het moeilijk maken voor de Commissie (en nationale mededingingsautoriteiten) om dergelijke fusies in oligopolide markten in de toekomst nog te verbieden.
    Gerecht 28 mei 2020, zaak T-399/16, ECLI:EU:T:2020:217 (CK Telecoms UK Investments/Commissie).


Mr. B.J.H. Braeken
Mr. B.J.H. (Bas) Braeken is advocaat en partner bij bureau Brandeis.

Mr. X.Y.G. Versteeg
Mr. X.Y.G. (Jade) Versteeg is advocaat bij bureau Brandeis.
Mededinging

Gun jumping en de EU-Concentratieverordening: wanneer is sprake van een valse start?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2018
Trefwoorden concentratiecontrole, gun jumping, voortijdige totstandbrenging, standstill-verplichting
Auteurs Mr. dr. J.C.A. Houdijk en Mr. R.M.T.M. Jaspers
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze zaak geeft het Hof van Justitie antwoord op de vraag welke criteria gelden om te bepalen of sprake is van een totstandbrengingshandeling in het kader van het EU-concentratiecontroleregime. Het Hof van Justitie geeft hiermee een verdere uitleg van de standstill-verplichting ex artikel 7 lid 1 EU-Concentratieverordening. De uitspraak bevat voorts criteria om de risico’s omtrent gun jumping in de praktijk beter te kunnen inschatten.
    HvJ 31 mei 2018, zaak C-633/16, Ernst & Young P/S/Konkurrenceradet, ECLI:EU:C:2018:371.


Mr. dr. J.C.A. Houdijk
Mr. dr. J.C.A. (Joost) Houdijk is advocaat bij AKD.

Mr. R.M.T.M. Jaspers
Mr. R.M.T.M. (Robbert) Jaspers is advocaat bij AKD.

    In de zaak Austria Asphalt heeft het Hof van Justitie voor wat betreft de toepassing van de EU-Concentratieverordening bepaald dat bij een wijziging van uitsluitende naar gedeelde zeggenschap over een bestaande onderneming pas sprake is van een concentratie indien de gemeenschappelijke onderneming die uit een dergelijke transactie voortkomt duurzaam alle functies van een zelfstandige economische eenheid vervult.
    HvJ 7 september 2017, zaak C-248/16, Austria Asphalt GmbH/Bundeskartellanwalt, ECLI:EU:C:2017:643


Mr. dr. J.C.A. Houdijk
Mr. dr. J.C.A. (Joost) Houdijk is advocaat bij AKD te Brussel.

Mr. R.M.T.M. Jaspers
Mr. R.M.T.M. (Robbert) Jaspers is advocaat bij AKD te Brussel.
Artikel

De strekkingsbeperking binnen het Europese mededingingsrecht: het EVA-Hof puzzelt mee

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2017
Trefwoorden mededingingsrecht, doelbeperking, Hof van de Europese Vrijhandelsassociatie, strekkingsbeperking, rechtspraak
Auteurs Mr. J. Mulder
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze uitspraak van het Hof van de Europese Vrijhandelsassociatie gaat in op een langslepende discussie omtrent de invulling van het onderzoek dat vereist is om te kunnen concluderen dat sprake is van een mededingingsrechtelijke strekkingsbeperking. Lange tijd was sprake van onduidelijkheid omtrent de exacte rol van de mededingingsbeperkende gevolgen binnen dit onderzoek. In de Cartes Bancaires-uitspraak heeft het Hof van Justitie besloten dat voor strekkingsbeperkingen geen enkel onderzoek is vereist naar de concrete gevolgen mits de overeenkomst behoort tot een categorie gedragingen waarvan de ervaring leert dat zij in voldoende mate de mededinging nadelig kunnen beïnvloeden. Daarnaast moet worden vastgesteld dat een overeenkomst in het licht van de economische en juridische context in staat is de mededinging te beperken. Het Hof van de Europese Vrijhandelsassociatie volgt deze benadering op een zeer heldere en systematische wijze. Na lezing van de uitspraak rijst echter de vraag: ontaardt een beoordeling van de economische en juridische context in bepaalde marktsituaties niet toch in een beoordeling van de gevolgen van een overeenkomst?
    EVA-Hof 22 december 2016, zaak E-03/16, Ski Taxi, Follo Taxi/Noorwegen


Mr. J. Mulder
Mr. J. (Jotte) Mulder is universitair docent aan de Universiteit Utrecht binnen de afdeling economisch publiekrecht van het Europa Instituut.
Artikel

De rechtspraak van het Hof van Justitie op het gebied van het mededingingsrecht: ontwikkelingen in de jaren 2013 en 2014

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2015
Trefwoorden Mededingingsbeperkende afspraken, Misbruik van een economische machtspositie, Ondernemingsbegrip, Procedureel, Fundamentele rechtsbeginselen
Auteurs Mr. E. Oude Elferink en Mr. E.L.G. Mattioli
SamenvattingAuteursinformatie

    In het onderhavige artikel staan centraal de belangrijkste ontwikkelingen in de rechtspraak van het Hof van Justitie die zich in de jaren 2013 en 2014 hebben voorgedaan op het gebied van het mededingingsrecht. In verband met de enorme productie van arresten en beschikkingen door het Hof van Justitie op dit terrein komen uitsluitend de meest in het oog springende zaken aan bod


Mr. E. Oude Elferink
Mr. E. (Edmon) Oude Elferink is werkzaam als advocaat bij CMS in Brussel.

Mr. E.L.G. Mattioli
Mr. E.L.G. (Evi) Mattioli is werkzaam als advocaat bij CMS in Brussel en is tevens verbonden als vrijwillig medewerkster aan de KU Leuven.
Artikel

De rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie op het gebied van het mededingingsrecht: ontwikkelingen in de jaren 2011 en 2012

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2013
Trefwoorden Restrictieve afspraken, Misbruik van machtspositie, ToepassingsvoorwaardenProcedureel, Fundamentele rechtsbeginselen
Auteurs Mr. E. Oude Elferink en mr. E.L.H. Mattioli
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel worden enkele belangrijke ontwikkelingen besproken die zich in de jaren 2011 en 2012 aan het Hof van Justitie van de Europese Unie hebben voorgedaan op het terrein van het mededingingsrecht. Nu er op de Kirchberg in de genoemde periode meer dan 160 beschikkingen en arresten zijn geproduceerd, gaat het om een selectie van de interessantste thema’s.


Mr. E. Oude Elferink
Mr. E. Oude Elferink is advocaat bij CMS te Brussel.

mr. E.L.H. Mattioli
Mr. E.L.G. Mattioli is advocaat bij CMS te Brussel.

    De toepassing van het Unierecht op de Nederlandse woningcorporatie is geen rustig bezit. Na het in het vorige nummer van dit blad besproken arrest van het Hof van Justitie van de EGin de zaak Sint Servatius, waarin het vrije verkeer van kapitaal werd toegepast op de voor Nederlandse woningcorporaties geldende territoriale beperkingen, volgde op 15 december 2009 het Commissiebesluit waarbij na jaren van onderhandelen een aanpassing van het bestaande steunregime voor woningcorporaties werd goedgekeurd.


Mr. H.M.H. Speyart
Mr. H.M.H. Speyart is advocaat bij NautaDutilh N.V. te Amsterdam.
Artikel

Het toerekeningsleerstuk: de balans opgemaakt

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2010
Trefwoorden AKZO Nobel, ELF Acquitaine, Arkema, toerekening aan moederondernemingen, toerekeningsleerstuk
Auteurs Mr. I.W. VerLoren van Themaat en Mr. M.C. van Heezik
SamenvattingAuteursinformatie

    De recente arresten Akzo Nobel, Elf Acquitaine en Arkema nodigen uit de balans op te maken van het toerekeningsleerstuk. Twee vragen staan daarbij centraal: de aansprakelijkheid van moederondernemingen voor de gedragingen van hun dochters en de toerekening in gevallen van juridische of economische opvolging van de inbreukmakende ondernemingen.


Mr. I.W. VerLoren van Themaat
Mr. I.W. VerLoren van Themaat is partner en advocaat bij Houthoff Buruma in Amsterdam en tevens redactielid van NtER.

Mr. M.C. van Heezik
Mr. M.C. van Heezik is advocaat bij Houthoff Buruma in Amsterdam.

Mr. T.B. Bruyninckx
Mr. T.B. Bruyninckx is advocaat bij kantoor Altius aan de balie te Brussel.

Mr. O.L. van Daalen
De auteurs zijn advocaat te Amsterdam bij De Brauw Blackstone Westbroek N.V.

mr. M.F. van Wissen

Prof. mr. J.M. Hebly
Prof. mr. J.M. Hebly is bijzonder hoogleraar Bouwrecht aan de Universiteit Leiden en advocaat bij Houthoff Buruma

mr. F.G. Wilman
Mr. F.G. Wilman is advocaat bij Houthoff Buruma

H.S.J. Albers

Y.E. de Muynck

M.G. Wezenbeek-Geuke
WetgevingEUvoorgenomen

Nieuwe regels voor horizontale afspraken

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2000
Trefwoorden mededinging
Auteurs M.G. Wezenbeek-Geuke

M.G. Wezenbeek-Geuke
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.