Zoekresultaat: 14 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht x Jaar 2015 x
Artikel

Het minimumloonbegrip in de Detacheringsrichtlijn – ruimte voor sociale bescherming

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2015
Trefwoorden detacheringsrichtlijn, vrijdienstenverkeer, sociaal beschermingsniveau, inimumloon, detacheringsvergoeding
Auteurs Dr. A.G. Veldman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie beoordeelt of het minimumloon dat een Poolse dienstverlener op grond van Fins recht moet betalen aan zijn Poolse werknemers die in Finland zijn gedetacheerd, in overeenstemming is met de bepalingen voor minimale bescherming uit de detacheringsrichtlijn. Het Hof van Justitie laat in zijn arrest een ruime marge aan de lidstaten om het minimumloon te bepalen. Hoewel uit het Laval-arrest voortvloeide dat de door de richtlijn beoogde minimumbescherming vanuit het oogpunt van vrij verkeer als plafond heeft te gelden, maakt dit arrest duidelijk dat de richtlijn niet noodzakelijkerwijs het absoluut laagste niveau verlangt dat het recht van de ontvangststaat aan sociale bescherming biedt.
    HvJ 12 februari 2015, zaak C-396/13, Sähköalojen ammattiliitto ry/Elektrobudowa Spółka Akcyjna (‘Finse vakbond’), ECLI:EU:C:2015:86


Dr. A.G. Veldman
Dr. A.G. (Albertine) Veldman is als universitair docent (Europees) arbeidsrecht verbonden aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

You can talk the talk but can you walk the walk?

Niet-mededingingsrechtelijke nationale belemmerende maatregelen met betrekking tot fusies en buitenlandse investeringen en het recht van de Europese Unie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2015
Trefwoorden Fusies en buitenlandse investeringen, publieke belangen, bevoegdheidsverdeling nationaal-supranationaal
Auteurs Mr. P. Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    Een nieuwe golf van economisch patriottisme doet de vraag rijzen in hoeverre het Unierecht een keurslijf vormt voor publieke belangen die, in het kader van fusies en buitenlandse investeringen, kunnen worden ingeroepen ter onttrekking van nationale regelingen aan de vrije mededinging. In dit artikel zal deze kwestie benaderd worden vanuit het perspectief van het internemarktrecht. Daarbij zal worden ingegaan op de vraag of – en zo ja, wanneer – lidstaten op grond van het Unierecht nationale mechanismen mogen instellen en/of toepassen.


Mr. P. Jansen
Mr. P. (Pim) Jansen is als wetenschappelijk onderzoeker verbonden aan het instituut Consument, Concurrentie en Markt van de Faculteit Rechtsgeleerdheid aan de KU Leuven, België.

    Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft in het arrest Mertens geoordeeld dat een grensarbeider die in directe aansluiting op een voltijds arbeidscontract deeltijds werkzaam wordt bij een andere onderneming in dezelfde lidstaat gedeeltelijk werkloos is. Een situatie van volledige werkloosheid is slechts aan de orde indien de betrokken werknemer volledig heeft opgehouden te werken.
    HvJ 5 februari 2015, C-655/13, Mertens, ECLI:EU:C:2015:62


Mr. H. Niesten
Mr. H. (Hannelore) Niesten promoveert aan de Universiteit Hasselt.
Artikel

De rechtspraak van het Hof van Justitie op het gebied van het mededingingsrecht: ontwikkelingen in de jaren 2013 en 2014

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2015
Trefwoorden Mededingingsbeperkende afspraken, Misbruik van een economische machtspositie, Ondernemingsbegrip, Procedureel, Fundamentele rechtsbeginselen
Auteurs Mr. E. Oude Elferink en Mr. E.L.G. Mattioli
SamenvattingAuteursinformatie

    In het onderhavige artikel staan centraal de belangrijkste ontwikkelingen in de rechtspraak van het Hof van Justitie die zich in de jaren 2013 en 2014 hebben voorgedaan op het gebied van het mededingingsrecht. In verband met de enorme productie van arresten en beschikkingen door het Hof van Justitie op dit terrein komen uitsluitend de meest in het oog springende zaken aan bod


Mr. E. Oude Elferink
Mr. E. (Edmon) Oude Elferink is werkzaam als advocaat bij CMS in Brussel.

Mr. E.L.G. Mattioli
Mr. E.L.G. (Evi) Mattioli is werkzaam als advocaat bij CMS in Brussel en is tevens verbonden als vrijwillig medewerkster aan de KU Leuven.
Artikel

Vierde Witwasrichtlijn aangenomen; wat wijzigt?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2015
Trefwoorden Integriteit van financiële stelsel, Witwassen, Terrorismefinanciering, UBO-register, Centraal aandeelhoudersregister
Auteurs Mr. dr. B. Snijder-Kuipers en Mr. T.A. Tilleman
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 20 mei 2015 heeft het Europees Parlement de Vierde antiwitwasrichtlijn (hierna: Vierde Witwasrichtlijn) aangenomen. Uiterlijk juni 2017 dienen de lidstaten de bepalingen van de Vierde Witwasrichtlijn in nationale wetgeving te implementeren. Dat zal in Nederland tot aanpassing van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme leiden. Elke rechtspersoon is verplicht de ultimate beneficial owner, de uiteindelijk belanghebbende (UBO), in een nationaal register te registreren. In deze bijdrage worden de belangrijkste wijzigingen voor u op een rijtje gezet. Afgesloten wordt met enkele suggesties voor de wetgever en andere betrokkenen.
    Richtlijn (EU) 2015/849 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2015 inzake de voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld of terrorismefinanciering, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijn 2005/60/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 2006/70EG van de Commissie, PbEU 2015, L 141/73 (Vierde Witwasrichtlijn).


Mr. dr. B. Snijder-Kuipers
Mr. dr. B. (Birgit) Snijder-Kuipers is kandidaat-notaris te Amsterdam, docent aan de Rijksuniversiteit Groningen en fellow aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Ook is zij lid van de werkgroep WWFT van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie en BFT. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.

Mr. T.A. Tilleman
Mr. T.A. (André) Tilleman LL.M. is werkzaam bij het Bureau Financieel Toezicht en freelance docent/auteur. Ook is hij lid van de werkgroep WWFT van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie en BFT. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

De Europese Commissie en de nationale rechter in staatssteunzaken: welke mate van inhoudelijke toetsing?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2015
Trefwoorden staatssteun, State Aid Modernisation, 23bis Procedureverordening, tussenstaats handelsverkeer, zorgvuldigheid
Auteurs Mr. A.H.G. van Herwijnen
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt ingegaan op de verhouding tussen de Europese Commissie en de nationale rechter in staatssteunzaken. Er worden uiteenlopende ontwikkelingen vanuit twee staatssteunbeoordelende instanties gesignaleerd. De Europese Commissie legt meer verantwoordelijkheid voor de juiste naleving van de staatssteunregels bij de lidstaten neer, zodat zij zich kan concentreren op steunmaatregelen met mogelijk grote marktverstoring. Tegelijkertijd lijken de Nederlandse rechters een oordeel over eventuele staatssteun vaak uit de weg te gaan en evenmin veel gebruik te maken van de mogelijkheid om de Commissie om guidance te vragen.


Mr. A.H.G. van Herwijnen
Mr. A.H.G. (Angélique) van Herwijnen is coördinerend juridisch adviseur bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving, werkzaam bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Zij schrijft deze bijdrage op persoonlijke titel en is collega mr. R.J.W.M.M. (Robert-Jan) van Lotringen, senior beleidsadviseur bij het Coördinatiepunt Staatssteun Decentrale Overheden van BZK, erkentelijk voor zijn commentaar.
Artikel

Objectieve vergelijkbaarheid bij belastingvoordelen voor cultureel erfgoed: bouwt het Hof van Justitie luchtkastelen?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2015
Trefwoorden directe belastingen, vrij verkeer, objectieve vergelijkbaarheid, rechtvaardigingsgronden, cultureel erfgoed
Auteurs Mr. P.S. Phoa
SamenvattingAuteursinformatie

    De centrale vraag in deze twee prejudiciële verwijzingen was of belanghebbenden, eigenaren van respectievelijk een kasteel in België en een landgoed in het Verenigd Koninkrijk, gebruik konden maken van Nederlandse belastingvoordelen voor het behoud van nationaal cultureel en natuurlijk erfgoed. De Nederlandse belastingautoriteiten meenden van niet, waarna in beroep de vraag is of dit een beperking vormt van het vrij verkeer van X en Q (de vrijheid van vestiging, respectievelijk het vrije kapitaalverkeer). Het Hof van Justitie was van oordeel dat geen sprake was van een ongeoorloofde inbreuk op het vrij verkeer, aangezien de situaties van X en Q niet objectief vergelijkbaar zijn met die van een ingezetene die een monument dan wel een landgoed in Nederland bezit.
    HvJ 18 december 2014, zaak C-87/13, Staatssecretaris van Financiën/X, ECLI:EU:C:2014:2459 HvJ 18 december 2014, zaak C-133/13, Staatssecretaris van Economische Zaken en Staatssecretaris van Financiën/Q, ECLI:EU:C:2014:2460


Mr. P.S. Phoa
Mr. P.S. (Pauline) Phoa is promovenda Europees recht bij de Universiteit Utrecht. Met dank aan mw. mr. S.A. van Waert voor haar waardevolle commentaar op een eerdere versie van deze bijdrage.

    In het arrest San Lorenzo oordeelt het Hof van Justitie dat sociale doelstellingen een rechtvaardiging kunnen zijn voor het buiten aanbesteding verstrekken van een opdracht tot het verrichten van medisch vervoer. Daarmee is San Lorenzo een belangrijk arrest, waarin het Hof van Justitie voor het eerst erkent dat de organisatie van sociale zekerheid kan leiden tot een gerechtvaardigde uitzondering op het beperkte aanbestedingsregime voor IIB-diensten en de verdragsvrijheden.
    HvJ (Vijfde kamer) 11 december 2014, zaak C-113/13, Azienda sanitaria locale nr. 5 ‘Spezzino’, Associazione nazionale pubblica assistenza (ANPAS) - Comitato regionale Liguria /San Lorenzo Soc. coop. sociale, Croce Verde Cogema cooperativa sociale Onlus, in tegenwoordigheid van Croce Rossa Italiana-Comitato regionale Liguria e.a., ECLI:EU:C:2014:2240, n.n.g.


Mr. Hélène Stergiou
Mr. H.M. (Hélène) Stergiou is senior Europees jurist op de afdeling Europees recht van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

API, een noot over mededingingsbeperkingen en overheden

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2015
Trefwoorden mededingingsbeperking, overheid, vervoer, Unietrouw, Wouters
Auteurs mr. drs. Stefan Vollering en mr. dr. Tjarda van der Vijver
SamenvattingAuteursinformatie

    Wanneer overtreedt een overheid artikel 101 VWEU door betrokken te zijn bij een mededingingsbeperkende overeenkomst tussen ondernemingen? Over die vraag wees het Hof van Justitie op 4 september 2014 in de zaak API een belangrijk arrest. In het arrest geeft het Hof van Justitie meer duidelijkheid over het toepasselijke beoordelingskader in het geval dat de overheid betrokken is bij mededingingsbeperkende gedragingen door ondernemingen.
    HvJ 4 september 2014, zaak C-184/13, API, ECLI:EU:C:2014:2147


mr. drs. Stefan Vollering
mr. drs. S.F.M. (Stefan) Vollering is bedrijfsjurist bij Philips.

mr. dr. Tjarda van der Vijver
mr. dr. T.D.O. (Tjarda) van der Vijver is advocaat bij Allen & Overy.
Artikel

Exceptie van de mededingingsbepalingen voor (schijn)zelfstandigen: de zaak FNV Kiem

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden mededinging, sociaal beleid, werknemerschap, schijnzelfstandigen
Auteurs Prof. mr. F.J.L. Pennings
SamenvattingAuteursinformatie

    Volgens het Albany-arrest zijn cao-bepalingen die op werknemers betrekking hebben onder bepaalde voorwaarden uitgesloten van de werking van de mededingingsbepalingen van het VWEU (art. 101). In het arrest FNV Kiem is de vraag aan de orde of een bepaling die in een cao is opgenomen reeds om die reden buiten de mededingingsbepalingen valt. Als het antwoord hierop ontkennend is dan is de vraag of de omstandigheid dat de bepaling betrekking heeft op zelfstandigen, maar (ook) bedoeld is ter verbetering van arbeidsvoorwaarden of werkgelegenheid van werknemers tot gevolg heeft dat de mededingingsbepalingen dergelijke cao-bepalingen niet verbieden. Het Hof van Justitie antwoordde dat bepalingen die betrekking hebben op zelfstandigen niet buiten de werkingssfeer van artikel 101 VWEU vallen. Dit is echter anders wanneer het om schijnzelfstandigen gaat. Vervolgens gaf het Hof van Justitie een ruime definitie van ‘schijnzelfstandigen’, zodat het arrest meer mogelijkheden geeft om cao-bepalingen die betrekking hebben op ‘zelfstandigen’ te maken dan op het eerste gezicht lijkt.
    HvJ 4 december 2014, zaak C-413/13, FNV Kiem, ECLI:EU:C:2014:2411


Prof. mr. F.J.L. Pennings
Prof. mr. F.J.L. (Frans) Pennings is Hoogleraar sociaal recht aan de Universiteit Utrecht en tevens gasthoogleraar aan de Universiteit van Gotenburg.
Artikel

EU-bestuurlijke regelgeving in de praktijk: het IORP II Richtlijn-voorstel als voorbeeld

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden wetgeving, delegatie, uitvoering, IORP, EU-agentschappen
Auteurs Mr. dr. T. van den Brink en Prof. dr. mr. H. van Meerten
SamenvattingAuteursinformatie

    Het onderscheid tussen wetgeving en bestuurlijke regelgeving en tussen delegatie en uitvoering uit het EU-Verdrag bepaalt het wetgevingssysteem van de Europese Unie. Aan de hand van de herziening van de IORP-Richtlijn wordt de uitwerking van dit systeem in de praktijk geanalyseerd. Niet alleen geven beide onderscheiden aanleiding tot conflicten tussen vooral nationale en EU-wetgevers, maar ook worden geschillen over de inhoud van EU-regelgeving uitgevochten. Ook biedt het artikel nader inzicht in de rol van EIOPA, het EU-agentschap op het terrein van pensioenen. Richtlijn 2003/41/EG van het Europees Parlement en de Raad van 3 juni 2003 betreffende de werkzaamheden van en het toezicht op instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening


Mr. dr. T. van den Brink
Mr. dr. T. (Ton) van den Brink is verbonden aan het Utrecht Centre for Shared Regulation and Enforcement (RENFORCE) van de Universiteit Utrecht. Dank gaat uit naar Elmar Schmidt voor de ondersteuning.

Prof. dr. mr. H. van Meerten
Prof. dr. mr. H. (Hans) van Meerten is verbonden aan het Utrecht Centre for Shared Regulation and Enforcement (RENFORCE) van de Universiteit Utrecht. Tevens is hij advocaat bij Clifford Chance. Dank gaat uit naar Elmar Schmidt voor de ondersteuning.
Artikel

Eventech: Hoe busbanen leiden tot een leerstuk van ‘inherent voordeel’ in het staatssteunrecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden steunmaatregel, inherent voordeel, selectiviteit, Altmark, effects based doctrine
Auteurs Mr. C.T. Dekker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze zaak staat centraal de vraag of het feit dat de klassieke zwarte taxi’s in Londen niet behoeven te betalen voor het gebruik van busbanen in Londen terwijl vooraf geboekte zogenoemde HMC’s beboet worden als zij van die banen gebruikmaken, een steunmaatregel vormt. Het Hof van Justitie gaat bij de beantwoording van de hierover gestelde prejudiciële vragen in op de criteria ‘bekostiging met staatsmiddelen’, ‘voordeel’ en ‘beïnvloeding van de tussenstaatse handel’ uit het begrip ‘steunmaatregel’ van artikel 107 lid 1 VWEU. In dat kader introduceert het Hof van Justitie een ‘inherent voordeel’ doctrine die de effects based doctrine doorkruist of in elk geval nuanceert.
    HvJ 14 januari 2015, zaak C-518/13, Eventech Ltd/Parking Adjudicator, ECLI:EU:C:2015:9


Mr. C.T. Dekker
Mr. C.T. (Cees) Dekker is advocaat/partner bij Nysingh advocaten notarissen N.V.
Artikel

Gelijke behandeling en derdelanders: realiteit of toekomstmuziek?

De Langdurig-ingezetenerichtlijn in zes arresten

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1 2015
Trefwoorden gelijke behandeling, derdelanders, langdurig ingezetene
Auteurs Mr. H. Oosterom-Staples
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 17 juli 2014 deed het Hof van Justitie uitspraak in de zaak Tahir. Dit is het zesde arrest van het Hof van Justitie over de in 2003 door de Raad vastgestelde Langdurig-ingezetenerichtlijn die begin 2006 door de lidstaten geïmplementeerd moest zijn. Het arrest Tahir is de aanleiding voor een bijdrage over deze richtlijn die de verblijfspositie en rechten van langdurig ingezeten derdelanders regelt en hen definieert. Naast het arrest Tahir zal in deze bijdrage ook aandacht zijn voor de andere arresten van het Hof van Justitie over de positie van langdurig ingezeten derdelanders. De vraag die centraal staat, is afgeleid van een van de doelstellingen van de Langdurig-ingezetenerichtlijn: draagt deze bij aan de gelijke behandeling van derdelanders?
    HvJ 17 juli 2014, zaak C-469/13, Shamim Tahir/Ministero dellÍnterno, Questura di Verona, ECLI:EU:C:2014:2094, n.n.g.


Mr. H. Oosterom-Staples
Mr. H. (Helen) Oosterom-Staples is verbonden aan het Departement Europees en Internationaal recht van Tilburg Law School.
Artikel

Het dilemma van vrij verkeer van gezondheidszorg en arme lidstaten

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2 2015
Trefwoorden ziektekostenverzekering, ziekenhuisbehandeling, toestemmingsvereiste, Verordening (EEG) nr. 1408/71
Auteurs Mr. dr. J.J.M. Sluijs
SamenvattingAuteursinformatie

    Op het gebied van gezondheidszorg functioneert het vrij verkeer nog niet optimaal. Burgers uit arme lidstaten dienen noodzakelijke zorg in hun eigen lidstaat te ondergaan. Pas wanneer zij nergens terecht kunnen, mogen zij de medische nood in een andere EU-lidstaat ledigen.
    HvJ 9 oktober 2014, zaak C-268/13, Elena Petru/Casa Judeţeană de Asigurări de Sănătate Sibiu en Casa Naţională de Asaigurări de Sănătate, ECLI:EU:C:2014:2271, n.n.g.


Mr. dr. J.J.M. Sluijs
Mr. dr. J.J.M. (Jan-Koen) Sluijs is advocaat bij FLORET in Den Haag.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.