Zoekresultaat: 14 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht x Jaar 2016 x
Artikel

Nieuwe jurisprudentie over de dienstenrichtlijn

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2016
Trefwoorden Dienstenrichtlijn, vrijheid van vestiging, vergunningsvoorwaarden, concessies, meldingsplicht
Auteurs Mr. T.P.J.N. van Rijn
SamenvattingAuteursinformatie

    In de afgelopen maanden zijn door Europese rechterlijke instanties drie arresten gewezen, die verschillende artikelen van de Dienstenrichtlijn op nieuwe punten interpreteren. Het gaat om vragen als: zijn concessies als vergunningen aan te merken, hoe moeten bepaalde (verboden) vergunningsvoorwaarden worden geïnterpreteerd, kunnen vergunningen automatisch verlengd worden en in hoeverre is een meldingsplicht voor dienstverrichtingen vanuit een andere lidstaat geoorloofd. Tot slot zal onderzocht worden of uit het arrest Promoimpresa afgeleid kan worden dat de artikelen 9 t/m 15 van de richtlijn ook van toepassing zijn op zuiver interne situaties.
    HvJ 23 februari 2016, zaak C-179/14, Commissie/Hongarije, ECLI:EU:C:2016:108
    HvJ 14 juli 2016, gev. zaken C-458/14 en C-67/15, Promoimpresa e.a., ECLI:EU:C:2016:558.
    EVA-Hof 10 mei 2016, zaak E-19/15, ESA/Liechtenstein


Mr. T.P.J.N. van Rijn
Mr. T.P.J.N. (Thomas) van Rijn is gewezen juridisch hoofdadviseur bij de Juridische Dienst van de Europese Commissie.
Artikel

Naar een Europees wetboek voor elektronische communicatie

Kroniek Telecommunicatie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2016
Trefwoorden elektronische communicatie, telecommunicatie, internet, breedbandtoegang, radiospectrum
Auteurs Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek wordt ingegaan op de ontwikkelingen in het Europese telecommunicatiekader in de afgelopen drie jaren. Het bevorderen van connectiviteit was een thema uit de voorstellen voor een ‘Connected Continent’ van Commissaris Kroes in 2013. Opnieuw is toegang tot snelle internetconnectiviteit een belangrijke doelstelling van regulering in het voorstel voor een geheel nieuw Europees wetboek voor elektronische communicatie dat de Europese Commissie in september 2016 publiceerde. Het voorstel betekent een algehele herziening van het Europees telecommunicatiekader dat gevolgen zal hebben voor de Nederlandse Telecommunicatiewet.


Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde
Prof. mr. G.P. (Gera) van Duijvenvoorde is bijzonder hoogleraar telecommunicatierecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid (afdeling eLaw) van de Universiteit Leiden en advocaat-in-dienstbetrekking bij KPN.
Artikel

De studenten-OV is niet in strijd met het EU recht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden Burgerschap van de Unie, discriminatie op grond van nationaliteit, steun voor levensonderhoud, Richtlijn 2004/38/EG, artikel 18 VWEU
Auteurs Mr. dr. M. de Mol
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit arrest geeft het Hof van Justitie uitleg over artikel 24 lid 2 van Richtlijn 2004/38/EG. Deze bepaling is een uitzondering op het verbod van discriminatie op grond van nationaliteit voor studiebeurzen en studieleningen voor levensonderhoud. Uit het eerdere arrest Commissie/Oostenrijk blijkt dat niet alle steun aan studenten kan worden gekwalificeerd als een studiebeurs of een studielening in de zin van deze bepaling. In het onderhavige arrest oordeelt het Hof van Justitie dat de Nederlandse studenten-OV er wel onder valt, omdat die de kenmerken vertoont van en verwant is aan ofwel een studiebeurs ofwel een studielening.
    HvJ 2 juni 2016, zaak C-233/14, Commissie/Nederland (studenten OV), ECLI:EU:C:2016:396.


Mr. dr. M. de Mol
Mr. dr. M. (Mirjam) de Mol is onderzoeker aan het Maastricht Centre of European Law (MCEL), Universiteit Maastricht.
Artikel

Viermaal auteursrecht in de digitale eengemaakte markt

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden Digitale eengemaakte markt, Auteursrecht, Digitaal en grensoverschrijdend gebruik, Online-uitzendingen van omroeporganisaties, Visueel gehandicapten
Auteurs Prof. mr. D.J.G. Visser
SamenvattingAuteursinformatie

    Als onderdeel van haar strategie voor een ‘digitale eengemaakte markt’ (Digital Single Market, afgekort DSM) heeft de Europese Commissie op 14 september 2016 voorstellen gedaan voor maar liefst vier verschillende instrumenten op het gebied van het auteursrecht: een richtlijn en een verordening over digitaal en grensoverschrijdend gebruik én een richtlijn en een verordening over gebruik voor visueel gehandicapten. Deze voorstellen worden in deze bijdrage besproken.

    • Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad inzake auteursrechten in de digitale eengemaakte markt- COM(2016)593. (‘DSM-richtlijn’)

    • Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van voorschriften inzake de uitoefening van auteursrechten en naburige rechten die van toepassing zijn op bepaalde online-uitzendingen van omroeporganisaties en doorgifte van televisie- en radioprogramma’s - COM(2016)594. (‘Online Omroep verordening’, (OOV))

    • Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake de grensoverschrijdende uitwisseling tussen de Unie en derde landen van exemplaren in toegankelijke vorm van bepaalde door het auteursrecht en naburige rechten beschermde werken en ander materiaal ten behoeve van personen die blind zijn, visueel gehandicapt of anderszins een leeshandicap hebben - COM(2016)595 (‘Marrakesh’-verordening).

    • Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad inzake bepaalde toegestane vormen van gebruik van door auteursrechten en naburige rechten beschermde werken en ander materiaal ten behoeve van personen die blind zijn, visueel gehandicapt of anderszins een leeshandicap hebben, en tot wijziging van Richtlijn 2001/29/EG betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij - COM(2016)596. (‘Marrakesh’-richtlijn)


Prof. mr. D.J.G. Visser
Prof. mr. D.J.G. (Dirk) Visser is hoogleraar Intellectuele Eigendom in Leiden en advocaat in Amsterdam.
Artikel

Het verbod op geoblocking en geodiscriminatie

Het voorstel voor een verordening betreffende de aanpak van geoblocking en andere vormen van geodiscriminatie nader bezien

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden geoblocking, geodiscriminatie, mededinging, e-commerce, COM(2016)289
Auteurs Mr. drs. D.P. Kuipers en Mr. M.A.M.L. van de Sanden
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 25 mei 2016 heeft de Europese Commissie als onderdeel van haar Digital Single Market-strategie een voorstel gepubliceerd voor een verordening waarin geoblocking en andere vormen van geodiscriminatie (dat wil zeggen discriminatie op grond van nationaliteit, woon- of vestigingsplaats) worden verboden. De conceptverordening kent een ruim toepassingsbereik. Het voorstel beoogt met het verbod op geoblocking zowel discriminatie ten aanzien van de leveringsbereidheid en verkoopprijzen als discriminatie in de wijze van verkoop of betalingsmethoden bij online verkoop uit te bannen. Naast een bespreking van dit toepassingsgebied wordt aandacht besteed aan de wisselwerking met het mededingingsrecht, waaronder de e-commerce sector inquiry die de Europese Commissie (DG Concurrentie) momenteel ook uitvoert en ten slotte de gevolgen van de conceptverordening voor de praktijk.
    Voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de aanpak van geoblocking en andere vormen van discriminatie op basis van nationaliteit, woonplaats of plaats van vestiging binnen de eengemaakte markt en wijziging van verordening (EG) nr. 2006/2004 en Richtlijn 2009/22/EG, COM(2016) 289.


Mr. drs. D.P. Kuipers
Mr. drs. D.P. (Pauline) Kuipers en M.A.M.L. (Mariska) van de Sanden zijn beiden werkzaam als advocaat bij Bird & Bird LLP te Den Haag.

Mr. M.A.M.L. van de Sanden
Artikel

De Europese richtlijn onschuldpresumptie: bescheiden harmonisatie van een fundamenteel strafrechtelijk beginsel

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2016
Trefwoorden strafrecht, procedurele rechten, onschuldpresumptie, harmonisatie, zwijgrecht
Auteurs Mr. dr. L.A. van Noorloos
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel schetst de totstandkoming en inhoud van Richtlijn (EU) 2016/343 inzake het onschuldvermoeden en het aanwezigheidsrecht bij strafprocedures. Waarom is deze richtlijn er gekomen en wat voor verplichtingen schept zij voor het strafprocesrecht van de lidstaten? Kan deze richtlijn op het eerste gezicht een adequate bijdrage leveren aan het garanderen van een eerlijk proces voor verdachten?
    Richtlijn (EU) 2016/343 van het Europees Parlement en de raad van 9 maart 2016 betreffende de versterking van bepaalde aspecten van het vermoeden van onschuld en van het recht om in strafprocedures bij de terechtzitting aanwezig te zijn, PbEU 2016, L 65/1-11


Mr. dr. L.A. van Noorloos
Mr. dr. (L.A.) Marloes van Noorloos is universitair docent Straf(proces)recht aan Tilburg University.
Artikel

Europese harmonisatie van online en op afstand verkoop van zaken en de levering van digitale inhoud (II)

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Online en op afstand verkoop van zaken, Levering van digitale inhoud
Auteurs Prof. dr. M.B.M. Loos
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 9 december 2015 heeft de Europese Commissie een voorstel ingediend voor een richtlijn voor de levering van digitale inhoud. Het richtlijnvoorstel kent een ruim toepassingsgebied en is onder voorwaarden ook van toepassing op overeenkomsten waarbij de consument niet met geld, maar met de verstrekking van persoonsgegevens betaalt. Naast een bespreking van dit toepassingsgebied wordt vooral aandacht besteed aan de conformiteit van digitale inhoud en de remedies bij non-conformiteit.

    • Voorstel voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende bepaalde aspecten van overeenkomsten voor de online-verkoop en andere verkoop op afstand van goederen, COM(2015)635 final

    • Voorstel voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende bepaalde aspecten van overeenkomsten voor de levering van digitale inhoud, COM(2015)634 final


Prof. dr. M.B.M. Loos
Prof. dr. M.B.M. (Marco) Loos is hoogleraar privaatrecht, in het bijzonder Europees consumentenrechten, bij het Centre for the Study of European Contract Law van de Universiteit van Amsterdam, lid van het Bestuur van de Onderzoeksschool Ius Commune en medewerker van dit blad. Dit artikel is mede gebaseerd op presentaties tijdens de Workshop Digital Single Market: Stakeholders’ Perspective on proposed new Contract Rules, georganiseerd door het Centre for the Study of European Contract Law van de Universiteit van Amsterdam en de ministeries van Economische Zaken en van Veiligheid en Justitie in het kader van het Nederlandse voorzitterschap van de Europese Unie op 4 februari 2016, en tijdens de op 18 februari 2016 in Brussel gehouden Conference New EU Rules for digital contracts, georganiseerd door ERA. Hij dankt mr. A.J. Hoelen en mr. B.J. Stuut (beiden werkzaam bij de Autoriteit Consument en Markt) voor hun waardevolle commentaar bij een eerdere versie van dit artikel.
Artikel

Online diensten over de grens

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2 2016
Trefwoorden Online content diensten, digital single market, grensoverschrijdende portabiliteit, auteursrecht, geo-blocking
Auteurs Prof. mr. D.J.G. Visser en Mr. P. J. Kreijger
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 9 december 2015 presenteerde de Europese Commissie een voorstel voor een ‘Verordening betreffende de grensoverschrijdende portabiliteit van online-inhoudsdiensten in de interne markt’.1xCOM(2015) 627 final, Brussel, 9 december 2015. Consumenten in de EU krijgen recht op toegang tot de online content waar ze in hun eigen land een abonnement op hebben, wanneer ze tijdelijk in een ander EU-land verblijven. Dit voorstel, dat vermoedelijk snel zal worden goedgekeurd en in werking zal treden, wordt in deze bijdrage besproken.
    COM(2015) 627 final), Brussel, 9 december 2015

Noten

  • 1 COM(2015) 627 final, Brussel, 9 december 2015.


Prof. mr. D.J.G. Visser
Prof. mr. D.J.G. (Dirk) Visser is advocaat in Amsterdam en hoogleraar in Leiden.

Mr. P. J. Kreijger
Mr. P. J. (Paul) Kreijger is advocaat in Amsterdam.
Artikel

Amsterdamse prostituees en partyboten en de Dienstenrichtlijn: de zaken Trijber en Harmsen

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2 2016
Trefwoorden Dienstenrichtlijn, vrijheid van vestiging, diensten op het gebied van vervoer, schaarse vergunningen, taalvereiste
Auteurs Mr. T.P.J.N. van Rijn
SamenvattingAuteursinformatie

    In de hier besproken prejudiciële zaak heeft de Raad van State verschillende vragen over de interpretatie van de Dienstenrichtlijn voorgelegd, met name de vraag in hoeverre deze richtlijn van toepassing is op zuiver interne situaties. Het Hof van Justitie heeft op deze vraag geen antwoord gegeven; toch kan uit het arrest een bepaalde conclusie worden getrokken. De antwoorden op de overige vragen zijn van belang voor bestuursrechtelijke regelingen die vergunningsvereisten bevatten.
    HvJ 1 oktober 2015, gevoegde zaken C-340/14 en C-341/14, Trijber en Harmsen, ECLI:EU:C:2015:641


Mr. T.P.J.N. van Rijn
Mr. T.P.J.N. (Thomas) van Rijn is gewezen juridisch hoofdadviseur bij de Juridische Dienst van de Europese Commissie.
Artikel

De ‘nieuwe generatie’ Associatieovereenkomst tussen de EU en Oekraïne en zijn constitutionele context

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden associatieovereenkomst, nabuurschapbeleid, bevoegdheidsverdeling, gemengd verdrag, referendum
Auteurs Dr. N.F. Idriz en Prof. mr. L.A.J. Senden
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage worden de bredere context, doelstelling en inhoud van de Associatieovereenkomst tussen de EU en Oekraïne (hierna: AO) geschetst, en wat deze bijzonder maakt ten opzichte van andere associatieovereenkomsten. In het bijzonder gaan we ook in op die juridische aspecten die democratische controle via een referendum bemoeilijken. Daarbij besteden we specifiek aandacht aan de constitutionele perikelen die ontstaan voor de Nederlandse regering alsook voor de EU, ingeval een meerderheid zich tegen de goedkeuringswet uitspreekt en het Nederlandse parlement vervolgens zou besluiten de goedkeuringswet in te trekken.
    PbEU 2014, L 161/3


Dr. N.F. Idriz
Dr. N.F. (Narin) Idriz is universitair docent Europees recht aan de Universiteit Utrecht en verbonden aan het RENFORCE onderzoekscentrum.

Prof. mr. L.A.J. Senden
Prof. mr. L.A.J. (Linda) Senden is hoogleraar Europees recht aan de Universiteit Utrecht en verbonden aan het RENFORCE onderzoekscentrum. Ook is zij redactielid van NTER.
Artikel

Europese gegevensbescherming: van richtlijn naar verordening

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden persoonsgegevens, Algemene Verordening, Gegevensbescherming, privacybescherming, datalekken
Auteurs Mr. I.P.V. van Schelven en Mr. P.C. van Schelven
SamenvattingAuteursinformatie

    De Algemene Verordening Gegevensbescherming voorziet in een integraal nieuw stelsel van Europese rechtsregels inzake de verwerking en bescherming van persoonsgegevens. Ter versterking van de dataprotectie introduceert de verordening tal van nieuwe verplichtingen voor bedrijven en organisaties. De handhaving binnen de Europese Unie is meer geüniformeerd en het regime van sancties is aanzienlijk verzwaard. Dit artikel geeft een beknopt overzicht van de belangrijkste vernieuwingen.


Mr. I.P.V. van Schelven

Mr. P.C. van Schelven
Mr. P.C. (Peter) van Schelven is zelfstandig IT-jurist. Mr. I.P.V. (Ivo) van Schelven is bedrijfsjurist bij RES Software te ’s-Hertogenbosch. Dit artikel is geschreven op persoonlijke titel.
Artikel

Het Schrems/Facebook-arrest en de gevolgen voor internationale doorgifte

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden persoonsgegevens, internationale doorgifte, Safe Harbour, artikel 8 Handvest, Privacy Shield
Auteurs Mr. O.L. van Daalen
SamenvattingAuteursinformatie

    De overdracht van persoonsgegevens naar de Verenigde Staten vond tot voor kort plaats op basis van de zogenoemde Safe Harbour-beschikking. Het Hof heeft die beschikking een paar maanden geleden ongeldig verklaard. Dit is een uitspraak met serieuze gevolgen voor de doorgifte van persoonsgegevens buiten Europa en voor privacybescherming in het algemeen. Wat is de redenering van het Hof van Justitie en wat zijn de gevolgen?
    HvJ 6 oktober 2015, zaak C-362/14, Facebook/Schrems, ECLI:EU:C:2015:650


Mr. O.L. van Daalen
Mr. O.L. (Ot) van Daalen is onderzoeker bij het Instituut voor Informatierecht van de Universiteit van Amsterdam en advocaat te Amsterdam.

    Over de toepassing van het Europees recht op nationaal beleid ter regulering van gokactiviteiten wees het Hof van Justitie inmiddels een aanzienlijk aantal arresten waarin met name de vrijverkeerbepalingen tot op detailniveau worden uitgelegd aan nationale rechters. Het arrest Berlington Hungary lijkt het zoveelste arrest over dit onderwerp. Een indruk die wordt versterkt doordat de zaak zonder conclusie werd berecht. Het arrest bevat echter ook een noviteit doordat wordt geoordeeld dat slechts sprake kan zijn van een gerechtvaardigde beperking van het vrij verkeer van diensten als de nationale wetgever het Unierechtelijke vertrouwensbeginsel respecteert. De betekenis van deze voorwaarde staat in deze bijdrage centraal. 
    HvJ 11 juni 2015, zaak C-98/14, Berlington Hungary Tanáncsadό és Szolgáltatό kft e.a./Magyar Állam, ECLI:EU:C:2015:386


Mr. drs. M.A. Fierstra
Mr. drs. M.A. (Marc) Fierstra is raadsheer in de Hoge Raad der Nederlanden en redactielid van NTER.
Artikel

Het TTIP-verdrag: een Odyssee door onbekende wateren

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1 2016
Trefwoorden TTIP, externe betrekkingen, handelsverdrag, investeringen, ISDS
Auteurs Dr. jur. N. Lavranos, LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage beoogt het juridische kader van het TTIP-verdrag te schetsen. Het artikel gaat eerst in op de rechtsbasis, de bevoegdheid, het onderhandelingsmandaat en de totstandkoming van TTIP. Vervolgens wordt op het ISDS-geschillenbeslechtingmechanisme van TTIP en de meeste recente voorstellen met betrekking tot de oprichting van een permanent investeringshof ingegaan. De stelling van de auteur is dat het TTIP-verdrag als gemengd akkoord afgesloten dient te worden en dat het voorgestelde permanente investeringshof – indien dat daadwerkelijk opgericht wordt – een significante breuk met het bestaande ISDS-systeem zou zijn.
    Voorstel Europese Commissie d.d. 12 november 2015 voor Investment Court systeem onder TTIP


Dr. jur. N. Lavranos, LLM
Dr. jur. N. (Nikos) Lavranos, LLM is hoofd juridische zaken van Global Investment Protection, AG, Zwitserland en secretaris-generaal van de European Federation for Investment Law and Arbitration (EFILA), Brussel. Tot zomer 2014 senior adviseur en hoofdonderhandelaar investeringsbeschermingsovereenkomsten, ministerie van Buitenlandse Zaken en daarvoor ministerie van Economische Zaken.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.