Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 53 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht x
Mededingingsrecht

Nationale veiligheid en buitenlandse investeringen

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden nationale veiligheid, investering screening, investeringstoets, Verordening 2019/452, ongewenste zeggenschap
Auteurs Mr. J. de Kok
SamenvattingAuteursinformatie

    In reactie op de toenemende aandacht voor geopolitieke belangen in het kader van buitenlandse investeringen is recent een Europese verordening aangenomen en is een Nederlands wetsvoorstel voor de Wet ongewenste zeggenschap telecommunicatie (WOZT) aanhangig gemaakt. De Europese Verordening (EU) 2019/452 tot vaststelling van een kader voor de screening van buitenlandse directe investeringen in de Europese Unie creëert een Europees kader op het gebied van de screening van buitenlandse investeringen op grond van veiligheid of de openbare orde. De verordening is een hybride instrument dat (1) coördinatie tussen nationale screeningsautoriteiten faciliteert, (2) in een mate van harmonisatie voorziet en (3) formele Europese bevoegdheid op het gebied van screening van buitenlandse investeringen introduceert. De lidstaten blijven in het licht van hun soevereiniteit op het gebied van nationale veiligheid echter de uiteindelijke verantwoordelijke voor de vraag of een investering al dan niet wordt geblokkeerd op grond van de nationale veiligheid of openbare orde. Op grond van de WOZT krijgt de minister de bevoegdheid het verkrijgen of houden van overwegende zeggenschap in een telecommunicatiepartij te verbieden op grond van een bedreiging van het publiek belang. Omdat de ‘bedreiging van het publiek belang’-norm limitatief en zeer specifiek is gedefinieerd, zal de minister enkel in uitzonderlijke gevallen het verkrijgen of houden van overwegende zeggenschap kunnen verbieden.
    Verordening (EU) 2019/452 tot vaststelling van een kader voor de screening van buitenlandse directe investeringen in de Europese Unie (PbEU 2019, L 791/1); Wet ongewenste zeggenschap telecommunicatie (Kamerstukken II 2018/19, 35153, 2 (Wetsvoorstel) en 3 (MvT).


Mr. J. de Kok
Mr. J. (Jochem) de Kok is advocaat bij Allen & Overy LLP.
Vrij verkeer

Een overwinning voor vrijverkeersrechten van regenboogfamilies in Europa: het langverwachte Coman-arrest

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2019
Trefwoorden vrij verkeer van Unieburgers, artikel 21 VWEU, koppels van hetzelfde geslacht, Burgerschapsrichtlijn 2004/38/EG, recht op familieleven (art. 7 Handvest)
Auteurs H.H.C. Kroeze LL.M. en B. Safradin LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    In Coman heeft het Hof van Justitie voor het eerst uitspraak gedaan over het recht op gezinshereniging van een EU-burger met zijn partner van hetzelfde geslacht op basis van de Burgerschapsrichtlijn (Richtlijn 2004/38/EG). De vraag van de verwijzende Roemeense rechter heeft betrekking op de kwestie of een derdelander die gehuwd is met een EU-burger van hetzelfde geslacht als ‘echtgenoot’ van een Unieburger in de zin van het EU-recht aangemerkt kan en moet worden. Het Hof van Justitie beantwoordt die vraag bevestigend. Het arrest Coman is een overwinning voor de LHBTI-gemeenschap, omdat het Hof van Justitie met dit arrest lidstaten verplicht de burgerlijke staat van getrouwde homoseksuele koppels te erkennen voor wat betreft de uitoefening van de vrijverkeersrechten. Deze annotatie bespreekt zowel de implicaties als de beperkingen van het arrest. Het is bijvoorbeeld nog onduidelijk hoe ver de gelijke behandeling van koppels van hetzelfde geslacht strekt en of zij via het EU-recht ook toegang kunnen krijgen tot andere rechten die aan het huwelijk gekoppeld zijn, zoals socialezekerheidsrechten. Daarnaast legt het arrest de kwestie van omgekeerde discriminatie opnieuw bloot.
    HvJ 5 juni 2018, zaak C-676/16, Relu Adrian Coman e.a./Inspectoratul General pentru Imigrari, Ministerul Afacerilor Interne, ECLI:EU:C:2018:385.


H.H.C. Kroeze LL.M.
H.H.C. (Hester) Kroeze LL.M. is promovenda in het Europees recht aan de Universiteit van Gent.

B. Safradin LL.M.
B. (Barbara) Safradin LL.M. is junior onderzoeker verbonden aan het ETHOS-project en docente Europees recht aan de Universiteit van Utrecht.
Asiel en migratie

Access_open Hoop voor langdurig rechteloos verblijvende 1F’ers

Noot bij HvJ 2 mei 2018, gevoegde zaken C-331/16, K, en C-366/16, H.F., ECLI:EU:C:2018:296

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2018
Trefwoorden 1 F Vluchtelingenverdrag, Openbare orde, Unieburgers, Proportionaliteit, Respect voor privé en gezinsleven
Auteurs Prof. mr. A.B. Terlouw en Mr. R.J.A. Bruin
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie geeft in deze uitspraak uitleg aan het begrip openbare orde in de artikelen 27 en 28 van Richtlijn 2004/38. Het oordeelt dat maatregelen die het recht van bewegingsvrijheid beperken alleen kunnen worden gerechtvaardigd als zij voldoen aan het beginsel van proportionaliteit. Als een persoon is uitgesloten van vluchtelingrechtelijke bescherming omdat hem in het verleden artikel 1 F van het Vluchtelingenverdrag is tegengeworpen, betekent dit niet automatisch dat zijn enkele aanwezigheid op het grondgebied van de gaststaat een werkelijke, actuele en voldoende serieuze bedreiging oplevert. De uitspraak van het Hof kan bredere betekenis hebben dan alleen voor Unieburgers en hun gezinsleden.
    HvJ 2 mei 2018, gevoegde zaken C-331/16, K, en C-366/16, H.F., ECLI:EU:C:2018:296.


Prof. mr. A.B. Terlouw
Prof. dr. A.B. (Ashley) Terlouw, hoogleraar rechtssociologie aan de Radboud Universiteit.

Mr. R.J.A. Bruin
Mr. R.J.A. (René) Bruin, oud beleidsmedewerker vluchtelingen Amnesty International Nederland en gepensioneerd hoofd van het Nederlandse bureau van UNHCR.
Mededinging

Excessieve prijzen in het mededingingsrecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2018
Trefwoorden misbruik van machtspositie, excessieve prijzen, auteursrecht, tariefvergelijking, ‘PPP-index’
Auteurs Mr. P.J. Kreijger
SamenvattingAuteursinformatie

    In het hier besproken arrest komt opnieuw een evergreen uit het (Europees) mededingingsrecht aan de orde: het (beweerd) misbruik van machtspositie in de vorm van excessieve tarieven van collectieve beheersorganisaties voor auteursrechten met een (feitelijk dan wel wettelijk verankerd) incassomonopolie. Het Hof van Justitie bevestigt dat bij toepassing van de in de Franse discothekenrechtspraak uit de jaren tachtig ontwikkelde methode van internationale tariefvergelijking1xHvJ 13 juli 1989, zaak C-395/87, Tournier, ECLI:EU:C:1989:319 en HvJ 13 juli 1989, gevoegde zaken C-110/88, C-241/88 en C-242/88, Lucazeau e.a., ECLI:EU:C:1989:326. ook kan worden gebruikt als maar een beperkt aantal lidstaten in deze vergelijking wordt betrokken. Voorwaarde is dan wel dat deze lidstaten voldoende representatief zijn en er voor koopkrachtverschillen wordt gecorrigeerd. Alleen als de uit die vergelijking blijkende prijsverschillen significant en duurzaam zijn, kan sprake zijn van misbruik.
    HvJ 14 september 2017, zaak C-177/16, Autortiesību un komunicēšanās konsultāciju aģentūra/Latvijas Autoru apvienība tegen Konkurences padome, ECLI:EU:C:2017:689.

Noten

  • 1 HvJ 13 juli 1989, zaak C-395/87, Tournier, ECLI:EU:C:1989:319 en HvJ 13 juli 1989, gevoegde zaken C-110/88, C-241/88 en C-242/88, Lucazeau e.a., ECLI:EU:C:1989:326.


Mr. P.J. Kreijger
Mr. P.J. (Paul) Kreijger is advocaat bij Visser Schaap & Kreijger te Amsterdam.
Rechtsbescherming

Kroniek Handvest van de Grondrechten van de Unie periode 2016-2017: actieve grondrechtenbescherming vanuit Luxemburg

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2018
Trefwoorden Handvest van de Grondrechten, Effectieve rechtsbescherming, Verhouding EVRM
Auteurs Mr. A. Pahladsingh
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Handvest van de Grondrechten van de EU is sinds 1 december 2009 ruim zeven jaar juridisch bindend. Het heeft als doel grondrechtenbescherming te versterken door relevante rechten beter zichtbaar te maken. In deze kroniek wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste ontwikkelingen over 2016 en 2017, bezien vanuit het Hof van Justitie. Om een goed beeld te geven over de afgelopen twee jaar is gekozen voor een overzicht van de belangrijkste ontwikkelingen per artikel uit het Handvest.


Mr. A. Pahladsingh
Mr. A. Pahladsingh is werkzaam als jurist bij de Raad van State en rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Rotterdam.
Artikel

Een Europese pijler van sociale rechten

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9-10 2017
Trefwoorden Europese pijler van sociale rechten, gelijke kansen en toegang tot de arbeidsmarkt, billijke arbeidsomstandigheden, sociale bescherming en inclusie, Handvest van de grondrechten van de Europese Unie
Auteurs Prof. mr. F.J.L. Pennings
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 26 april 2017 heeft de Europese Commissie de aanbeveling voor een Europese pijler van sociale rechten gepubliceerd. Dit is een aanbeveling die ook voorgelegd wordt aan het Europees Parlement en de Europese Raad om deze te onderschrijven. De aanbeveling kent een twintigtal onderwerpen, waarbij de lat veelal hoger wordt gelegd dan in het Handvest van de Grondrechten. Het bijbehorende werkprogramma straalt veel ambitie uit om de sociale dimensie van de Unie daadwerkelijk te versterken. Het belang van de pijler lijkt te liggen in daadwerkelijke uitvoering van dit programma.
    Aanbeveling van 26 april 2017 voor een Europese pijler van sociale rechten COM(2017)251


Prof. mr. F.J.L. Pennings
Prof. mr. F.J.L. (Frans) Pennings is hoogleraar sociaal recht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

De studenten-OV is niet in strijd met het EU recht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden Burgerschap van de Unie, discriminatie op grond van nationaliteit, steun voor levensonderhoud, Richtlijn 2004/38/EG, artikel 18 VWEU
Auteurs Mr. dr. M. de Mol
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit arrest geeft het Hof van Justitie uitleg over artikel 24 lid 2 van Richtlijn 2004/38/EG. Deze bepaling is een uitzondering op het verbod van discriminatie op grond van nationaliteit voor studiebeurzen en studieleningen voor levensonderhoud. Uit het eerdere arrest Commissie/Oostenrijk blijkt dat niet alle steun aan studenten kan worden gekwalificeerd als een studiebeurs of een studielening in de zin van deze bepaling. In het onderhavige arrest oordeelt het Hof van Justitie dat de Nederlandse studenten-OV er wel onder valt, omdat die de kenmerken vertoont van en verwant is aan ofwel een studiebeurs ofwel een studielening.
    HvJ 2 juni 2016, zaak C-233/14, Commissie/Nederland (studenten OV), ECLI:EU:C:2016:396.


Mr. dr. M. de Mol
Mr. dr. M. (Mirjam) de Mol is onderzoeker aan het Maastricht Centre of European Law (MCEL), Universiteit Maastricht.

    Op 25 februari 2016 deed het Hof van Justitie uitspraak in de zaak García-Nieto. Net als in de arresten Dano en Alimanovic stelt het Hof van Justitie in deze zaak vast dat een beroep op het socialezekerheidsstelsel van de gastlidstaat, gedaan door een EU-burger wiens verblijfsrecht veronderstelt dat er over voldoende bestaansmiddelen wordt beschikt, gevolgen heeft voor dat verblijfsrecht. Betrof het in de eerdere arresten het verblijfsrecht van inactieve en werkzoekende EU-burgers, in García-Nieto stond het verblijfsrecht in artikel 6 van Richtlijn 2004/38/EG centraal. Net als inactieven en werkzoekenden mogen lidstaten EU-burgers die nog geen drie maanden op hun grondgebied verblijven, uitsluiten van het genot van uitkeringen op grond van hun socialezekerheidsstelsel, zonder rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van de betrokkene, omdat de richtlijn zelf een ‘gradueel stelsel van behoud van de status (…) in het leven roept’ en aldus zelf rekening houdt met verschillende factoren die de positie van de aanvrager kenmerken. Wat betekent dit voor de belangenafweging die altijd centraal heeft gestaan in het recht op vrij verkeer van personen?
    HvJ 25 februari 2016, zaak C-299/14, Vestische Arbeit Jobcenter Kreis Recklinghausen/Jovanna García-Nieto e.a., ECLI:EU:C:2016:114


Mr. H. Oosterom-Staples
Mr. H. (Helen) Oosterom-Staples is verbonden aan het Departement Europees en Internationaal Publiekrecht van Tilburg Law School.
Artikel

Integratie kan woonplaatsplicht bij personen met subsidiaire bescherming rechtvaardigen

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Kwalificatierichtlijn asiel, Vluchtelingenverdrag, subsidiaire bescherming, onderscheid, huisvesting
Auteurs Mr. A. Pahladsingh
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie spreekt zich in het arrest Alo en Osso uit over de verhouding tussen het vrije verkeer van personen met de subsidiaire beschermingsstatus en de maatregelen ter bevordering van hun integratie. Een woonplaatsverplichting mag hun worden opgelegd wanneer zij meer met integratieproblemen worden geconfronteerd dan andere personen die geen burger van de Unie zijn en legaal verblijven op het grondgebied van de lidstaat die deze bescherming heeft verleend.
    HvJ 1 maart 2016, gevoegde zaken C-443/14 en C-444/14, Alo en Osso, ECLI:EU:C:2016:127


Mr. A. Pahladsingh
Mr. A. (Aniel) Pahladsingh is jurist bij de Raad van State en rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Rotterdam.
Artikel

Kroniek Europees burgerschap

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1 2016
Trefwoorden Europees burgerschap, EU-burgerschap, Vrij verkeer van personen, non-discriminatie, kroniek
Auteurs Mr. dr. H. van Eijken
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek worden de belangrijkste ontwikkelingen in de Europese en nationale rechtspraak van de afgelopen jaren, met een focus op de afgelopen drie jaar, met betrekking tot het Europees burgerschap besproken.


Mr. dr. H. van Eijken
Mr. dr. H. (Hanneke) van Eijken is universitair docent Europees recht en postdoc onderzoeker bij BEUcitizen, Universiteit Utrecht.

    In het arrest Alimanovic staat de vraag centraal of een Zweedse onderdaan die onvrijwillig werkloos is geworden nadat ze enige tijd in Duitsland had gewerkt, uitgesloten mag worden van een Duitse premievrije publieke bijstandsuitkering. Zonder een individuele afweging te maken oordeelt het Hof van Justitie dat artikel 24 Richtlijn 2004/38/EG een dergelijke uitsluiting toestaat. Na het eerder gewezen arrest Dano bevestigt het Hof van Justitie met dit arrest dat het is overgegaan tot een ruimere uitleg van de toegestane beperkingen op het vrij verkeer van personen. Ook werkzoekende Unieburgers met een recent arbeidsverleden in een gastlidstaat mogen categoriaal worden uitgesloten van het recht op een bijstandsuitkering in deze lidstaat.
    HvJ 15 september 2015, zaak C-67/14, Alimanovic, ECLI:EU:C:2015:597


Mr. dr. A. Eleveld
Mr. dr. A. (Anja) Eleveld is universitair docent Sociaal Recht aan de Vrije Universiteit.
Artikel

Het Hof van Justitie van Schumacker tot Kieback: indirecte discriminatie van buitenlandse werknemers in de inkomstenbelasting

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2015
Trefwoorden vrij verkeer van werknemers, indirecte discriminatie, Kieback-arrest, inkomstenbelasting, hypotheekrenteaftrek
Auteurs Mr. dr. J.J. van den Broek
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Nederlandse en internationale belastingrecht onderscheidt voor de heffing van inkomstenbelasting ingezeten van niet-ingezeten belastingplichtigen. Niet-ingezeten werknemers hebben in de werkstaat meestal geen recht op fiscale tegemoetkomingen in verband met hun persoonlijke of gezinssituatie, zoals hypotheekrenteaftrek. Hoewel dit op zich gerechtvaardigd is, vormt het volgens het Hof van Justitie onder omstandigheden indirecte discriminatie op grond van nationaliteit. Deze bijdrage bespreekt de hoofdlijnen in de jurisprudentie van het Hof van Justitie op dit terrein, inclusief het Kieback-arrest van 18 juni 2015. De Hoge Raad vraagt in laatstgenoemde zaak of Nederland verplicht is om aan een ingezetene van Duitsland die tijdelijk in Nederland gewerkt heeft en vervolgens naar de Verenigde Staten emigreerde, hypotheekrenteaftrek te verlenen in verband met zijn in Duitsland gelegen woning. De verrassende uitkomst van deze procedure illustreert hoe complex Europees rechtersrecht kan zijn.
    HvJ 18 juni 2015, zaak C-9/14, Staatssecretaris van Financiën/D.G. Kieback, ECLI:EU:C:2015:406


Mr. dr. J.J. van den Broek
Mr. dr. J.J. (Harm) van den Broek is als universitair hoofddocent belastingrecht verbonden aan de Radboud Universiteit

    Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft in het arrest Mertens geoordeeld dat een grensarbeider die in directe aansluiting op een voltijds arbeidscontract deeltijds werkzaam wordt bij een andere onderneming in dezelfde lidstaat gedeeltelijk werkloos is. Een situatie van volledige werkloosheid is slechts aan de orde indien de betrokken werknemer volledig heeft opgehouden te werken.
    HvJ 5 februari 2015, C-655/13, Mertens, ECLI:EU:C:2015:62


Mr. H. Niesten
Mr. H. (Hannelore) Niesten promoveert aan de Universiteit Hasselt.

    In het arrest San Lorenzo oordeelt het Hof van Justitie dat sociale doelstellingen een rechtvaardiging kunnen zijn voor het buiten aanbesteding verstrekken van een opdracht tot het verrichten van medisch vervoer. Daarmee is San Lorenzo een belangrijk arrest, waarin het Hof van Justitie voor het eerst erkent dat de organisatie van sociale zekerheid kan leiden tot een gerechtvaardigde uitzondering op het beperkte aanbestedingsregime voor IIB-diensten en de verdragsvrijheden.
    HvJ (Vijfde kamer) 11 december 2014, zaak C-113/13, Azienda sanitaria locale nr. 5 ‘Spezzino’, Associazione nazionale pubblica assistenza (ANPAS) - Comitato regionale Liguria /San Lorenzo Soc. coop. sociale, Croce Verde Cogema cooperativa sociale Onlus, in tegenwoordigheid van Croce Rossa Italiana-Comitato regionale Liguria e.a., ECLI:EU:C:2014:2240, n.n.g.


Mr. Hélène Stergiou
Mr. H.M. (Hélène) Stergiou is senior Europees jurist op de afdeling Europees recht van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

C’est arrivé près de chez vous! Het arrest Italmoda en het ontzeggen van rechten aan de particulier op grond van de EU-richtlijn

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2015
Trefwoorden btw-fraude, omgekeerde verticale werking, Mangold-doctrine, fraudebestrijding, fiscale neutraliteit
Auteurs Dr. Thomas Vandamme
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt stilgestaan bij de uitspraak van het Hof van Justitie in de zaak Italmoda waarin een nieuw aspect van directe werking van richtlijnen naar voren komt. Nationale overheden zijn verplicht rechten te weigeren als niet aan de materiële vereisten voor de verkrijging daarvan is voldaan. Dat is met name het geval als de begunstigde van btw-faciliteiten betrokken bleek te zijn geweest bij fraude of misbruik van recht. Deze zaak is voor fiscalisten van groot belang, temeer omdat hij vragen oproept ten aanzien van de relatie tussen fraudebestrijding en fiscale neutraliteit. Het arrest heeft echter ook een institutioneel belang dat het btw-recht overstijgt. In hoeverre wordt het verbod van omgekeerde verticale werking van richtlijnen, en daaraan gekoppeld het verbod tot het direct opleggen van verplichtingen aan de particulier, ingeperkt?
    HR 22 februari 2013, ECLI:NL:HR:2013:BW5440


Dr. Thomas Vandamme
Dr. T.A.J.A. (Thomas) Vandamme is docent/onderzoeker bij het Amsterdam Centre for European Law and Governance, Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Insolventie van de werkgever - bescherming van werknemers zonder geldige verblijfstitel

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2015
Trefwoorden Insolventierichtlijn, Loongarantieregeling, derdelanders, werknemersbegrip, Koppelingswet
Auteurs A.P. van der Mei
Samenvatting

    Richtlijn 2008/94/EG inzake de bescherming van werknemers bij insolventie van de werkgever verplicht de EU-lidstaten tot instelling van een waarborgfonds waarop werknemers een beroep kunnen doen indien hun werkgever vanwege insolventie niet aan zijn betalingsverplichtingen kan voldoen. De richtlijn definieert niet, en laat het in beginsel aan de lidstaten te bepalen, wie als werknemer moet worden beschouwd. Betekent dit dat een lidstaat als Nederland het begrip ‘werknemer’ zo mag invullen dat derdelanders zonder geldige verblijfstitel het recht op insolventie-uitkering wordt onthouden? Het antwoord van het Hof van Justitie is dat dat niet mag indien, dergelijke derdelanders voor doeleinden van het gemene arbeidsrecht wel als werknemer worden beschouwd, zoals in Nederland het geval is.
    HvJ 5 november 2014, zaak C-311/13, Tümer/Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, ECLI:EU:C:2014:2237, n.n.g.


A.P. van der Mei
Artikel

EU-burgerschap en de vrees voor sociaal toerisme: de zaak Dano

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2 2015
Trefwoorden EU-burgerschap, sociaal toerisme, discriminatie op grond van nationaliteit
Auteurs Prof. mr. F.J.L. Pennings
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest Dano is de vraag aan de orde of een Duitse basiswerkloosheidsuitkering mag worden geweigerd aan een Roemeense die in Duitsland verblijft, maar niet naar werk zoekt. De uitkering betreft een bijzondere non-contributieve uitkering in de zin van de Coördinatieverordening sociale zekerheid, en is daarom geen bijstandsuitkering. Het Hof van Justitie oordeelt dat de uitkering echter toch als bijstandsuitkering in de zin van Richtlijn 2004/38/EG mag worden gezien. Gelet op de daarin opgenomen bepalingen zijn de gelijkebehandelingsbepaling van de richtlijn en de Coördinatieverordening niet van toepassing. Dat betekent dat in dat geval een uitkering geweigerd mag worden.
    HvJ 11 november 2014, zaak C-333/13, Dano, ECLI:EU:C:2014:2358


Prof. mr. F.J.L. Pennings
Prof. mr. F.J.L. (Frans) Pennings is hoogleraar sociaal recht aan de Universiteit Utrecht en tevens gasthoogleraar aan de Universiteit van Gotenburg.
Artikel

Op het raakvlak van sociale zekerheid en migratierecht

Legaal verblijf als voorwaarde voor toekenning socialezekerheidsprestaties

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2/3 2014
Trefwoorden Unieburgers, economisch inactieven, verblijfsrecht, bestaansmiddelen, bijstand
Auteurs Mr. H. Oosterom-Staples
SamenvattingAuteursinformatie

    Hoewel we het graag over het hoofd zien, is het recht op vrij verkeer van personen, zoals verankerd in artikelen 20 en 21 van het VWEU, niet absoluut. Een van de voorwaarden die gesteld wordt aan de uitoefening van dit recht is dat de Unieburger zichzelf financieel kan bedruipen, in migratierechtelijke terminologie: geen beroep doet op de openbare kas. De prejudiciële vraag die het Hof van Justitie in het arrest Brey moet beantwoorden, is of een gastlidstaat voor de toekenning van een uit publieke middelen gefinancierde uitkering aan economisch inactieven de voorwaarde mag stellen dat zij rechtmatig verblijf hebben in die lidstaat. HvJ EU 19 september 2013, zaak C-140/12, Pensionsversichrungsanstalt/Peter Brey, n.n.g.


Mr. H. Oosterom-Staples
Mr. H. (Helen) Oosterom-Staples is verbonden aan het Departement Europees en Internationaal recht van Tilburg Law School.
Artikel

Hudzinski: Verdere inbreuk op de exclusieve werking van de aanwijsregels van Verordening 2004/883/EG inzake de coördinatie van sociale zekerheid

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1/2 2013
Trefwoorden Sociale zekerheid migrerende werknemers, Aanwijsregels, Exclusieve werking, Aansluiting verzekering, Samenloop van uitkeringen
Auteurs Mr. A.P van der Mei en H. van der Most
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest Hudzinski bevestigt het Hof van Justitie de in het arrest Bosmann getrokken conclusie dat de zogenoemde exclusieve werking van de aanwijsregels van het coördinatieregime voor de sociale zekerheid niet impliceert dat een andere dan de bevoegde staat geen uitkeringen mag toekennen. Het Hof van Justitie gaat in Hudzinski echter een stap verder door uit te maken dat de verdragsregels inzake vrij verkeer een niet-bevoegde lidstaat mogelijk zelfs kunnen gebieden uitkeringen toe te kennen.


Mr. A.P van der Mei
A.P. van der Mei is universitair hoofddocent, Maastricht Center for European Law (MCEL), Universiteit Maastricht.

H. van der Most
H. van der Most is senior juridisch beleidsadviseur, Directie Juridische Zaken, Sociale verzekeringsbank.
Artikel

De grenzen van de Unie: het vrije verkeer van werknemers op het continentaal plat

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden artikel 45 VWEU, verordening (EG) nr. 883/2004, Continentaal platTerritoriale werkingssfeer, vrijwillige verzekering
Auteurs H. van der Most
SamenvattingAuteursinformatie

    Artikel 52 van het Verdrag betreffende de Europese Unie en artikel 355 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie bevatten een opsomming van de lidstaten van de Europese Unie en van de overige gebieden waarop deze verdragen van toepassing zijn. Deze voorschriften betreffende de territoriale werking van de verdragen bakenen in beginsel ook de territoriale werkingssfeer van het afgeleide Unierecht af. Betekent dit nu dat de verdragen en de uitvoeringsregelingen op het gebied van het vrije verkeer van werknemers alleen zien op rechtsfeiten die zich afspelen binnen het territorium van de lidstaten van de Unie of regelt het Unierecht op dit vlak de relaties tussen lidstaten zelfs voor aspecten die zich buiten de lidstaten van de Unie afspelen? Zulk een brede vraag kan weliswaar aan het Hof van Justitie worden gesteld, maar zoals bekend beperkt het Hof zich in zijn antwoorden in de regel tot de casus die aan het arrest ten grondslag ligt. Wie op zoek gaat naar het antwoord op de algemene vraag ziet daarom veel variaties op dit thema maar moet zelf een algemene lijn destilleren. Aan deze lijn heeft het Hof van Justitie op 17 januari 2012 het arrest Salemink toegevoegd.


H. van der Most
H. van der Most is senior juridisch beleidsadviseur bij Directie Juridische Zaken, Sociale verzekeringsbank.
Toont 1 - 20 van 53 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.