Zoekresultaat: 18 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Markt & Mededinging x Jaar 2009 x
Artikel

Kartelhandhaving door de Europese Commissie in crisistijd: business as usual?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2009
Trefwoorden Kartelhandhaving, Crisiskartel, Boetevermindering, betalingsmodaliteit
Auteurs Mr. drs H.C.L. Hobbelen en Mr. V. Mussche
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel bevat een analyse van het kartelbeleid van de Commissie en arresten van het Gerecht van Eerste Aanleg en het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen ten tijde van eerdere economische crisissituaties. In het bijzonder de volgende aspecten komen aan bod: (1) recente uitspraken van mededingingsautoriteiten over het kartelbeleid in de economische crisis; (2) hoe werden crisiskartels eerder beoordeeld onder artikel 81 van het EG-Verdrag; (3) werden in het verleden, en zo ja, onder welke omstandigheden, ‘crisiskortingen’ op kartelboetes toegestaan?; en (4) biedt het beleid van de Commissie met betrekking tot betalingsmodaliteiten van de boete ademruimte voor ondernemingen in moeilijkheden?


Mr. drs H.C.L. Hobbelen
Mr. drs. H.C.L. Hobbelen is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer.

Mr. V. Mussche
Mr. V. Mussche is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer.
Jurisprudentie

T-Mobile e.a./NMa

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2009
Trefwoorden onderling afgestemde feitelijke gedraging, mededingingsbeperkende strekking, informatie-uitwisseling tussen concurrenten, bewijsvermoeden causaal verband
Auteurs Mr. L.E.J. Korsten
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 4 juni 2009 beantwoordde het Hof van Justitie prejudiciële vragen in de zaak van de mobiele operators (zaak C-8/08, T-Mobile e.a./NMa). De eerste vraag van het CBb had betrekking op de uitleg van het begrip onderling afgestemde feitelijke gedraging (oafg) met mededingingsbeperkende strekking. Volgens het Hof heeft een oafg een mededingingsbeperkende strekking wanneer zij concreet de mededinging binnen de gemeenschappelijke markt concreet kan beperken. Uitwisseling van informatie tussen concurrenten heeft een mededingingsbeperkende strekking wanneer zij onzekerheden over voorgenomen gedrag kan wegnemen. De tweede en derde vraag van het CBb betroffen de toepassing van het zogenoemde Anic-bewijsvermoeden met betrekking tot het causaal verband tussen afstemming en daaropvolgend marktgedrag. Volgens het Hof is dit bewijsvermoeden een regel van materieel recht. Het bewijsvermoeden mag bij elke oafg worden toegepast.


Mr. L.E.J. Korsten
Mr. L.E.J. Korsten is advocaat bij DLA Piper Nederland N.V.
Artikel

De beleidsregels combinatieovereenkomsten

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2009
Trefwoorden combinatieovereenkomsten, Besluit Vrijstellings Combincatieovereenkomsten (BVC), combinatievorming, beleidsregels
Auteurs Mr. M.A. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 oktober 2009 zijn de beleidsregels van de minister van Economische Zaken (EZ) inzake combinatieovereenkomsten in werking getreden.1x Beleidsregels van de minister van Economische Zaken van 11 september 2009, nr. WJZ/9153048, met betrekking tot de toepassing door de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit van artikel 6 van de Mededingingswet ten aanzien van combinatieovereenkomsten, Stcrt. 2009, nr. 14082, 22 september 2009. Deze beleidsregels zijn tot stand gekomen na een jarenlange discussie welke regels het oude Besluit Vrijstelling Combinatieovereenkomsten (BVC) zouden moeten vervangen. Bovendien zijn de beleidsregels bedoeld om de scheiding tussen de vorming van het mededingingsbeleid door EZ en de uitvoering door de NMa aan te scherpen. Positief is dat de minister is afgestapt van de wantrouwige en restrictieve benadering van combinatievorming die het beleid jarenlang heeft gekenmerkt. Op grond van de beleidsregels zullen combinatieovereenkomsten alleen in uitzonderlijke gevallen niet zijn toegestaan. Minder positief is dat de beleidsregels weinig toevoegen aan de Europese richtsnoeren inzake horizontale samenwerkingsovereenkomsten en nauwelijks concrete handvatten bieden.

Noten

  • 1 Beleidsregels van de minister van Economische Zaken van 11 september 2009, nr. WJZ/9153048, met betrekking tot de toepassing door de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit van artikel 6 van de Mededingingswet ten aanzien van combinatieovereenkomsten, Stcrt. 2009, nr. 14082, 22 september 2009.


Mr. M.A. de Jong
Mr. M.A. de Jong is advocaat bij Allen & Overy.
Jurisprudentie

Marge-uitholling onder de Sherman Act

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2009
Trefwoorden marge-uitholling, Sherman Act, regulering, misbruik
Auteurs mr. A.A.J. Pliego Selie
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hooggerechtshof heeft in deze zaak uitgemaakt dat marge-uitholling geen zelfstandige overtreding vormt van Section 2 van de Sherman Act. Marge-uitholling is alleen onrechtmatig als kan worden aangetoond dat er sprake is van een op de Sherman Act gebaseerde leveringsplicht op groothandelsniveau, dan wel van roofprijzen op eindgebruikersniveau. Indien dat, zoals in linkLine, niet het geval is, is er ook geen plicht om tegen een bepaalde – niet-marge-uithollende – prijs te verkopen. De uitspraak bevestigt de Amerikaanse lijn met betrekking tot misbruik van economische machtsposities en de betekenis in dit verband van sectorregulering. Deze contrasteert met die van met name de Europese Commissie en het Hof van Justitie.


mr. A.A.J. Pliego Selie
Mr. A.A.J. Pliego Selie is senior medewerker bij de Juridische Dienst van de NMa.
Artikel

De WOB en de Eurowob in het mededingingsrecht

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2009
Trefwoorden Wob, Eurowob, Verordening (EG) nr. 1049/2001, toegang tot documenten, civiele handhaving
Auteurs Mr. L. Haasbeek
SamenvattingAuteursinformatie

    Toegang tot documenten op grond van de Wob en de Eurowob kan een belangrijke rol gaan spelen in mededingingsprocedures, bijvoorbeeld bij de bewijsvergaring in civiele procedures gebaseerd op het mededingingsrecht. Het daadwerkelijke belang van de openbaarheidsregimes zal afhangen van de interpretatie van de uitzonderingsgronden, op basis waarvan toegang tot documenten mag worden geweigerd. Dit artikel bespreekt de interpretatie van deze uitzonderingsgronden uit de jurisprudentie en beschikkingenpraktijk in voor het mededingingsrecht belangrijke potentiële toepassingen van de openbaarheidsregimes. Aan de hand hiervan zal een inschatting worden gegeven van de mogelijkheden en risico’s van toepassing van de openbaarheidsregimes in het mededingingsrecht


Mr. L. Haasbeek
Mr. L. Haasbeek is advocaat bij Allen & Overy te Amsterdam.

    In een column geeft een redacteur of auteur zijn of haar visie op een bepaald onderwerp.


Prof. dr. M.F.M. Canoy
Prof. dr. M.F.M. Canoy is chief economist van ECORYS en hoogleraar zorgeconomie aan de Universiteit van Tilburg.
Jurisprudentie

Ziekenhuis Walcheren/Oosterscheldeziekenhuizen

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2009
Trefwoorden ziekenhuizen, publieke belangen, efficiëntieverweer, failing firm, IGZ
Auteurs Mr. P.D. van den Berg
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 25 maart 2009 heeft de NMa onder voorwaarden goedkeuring verleend voor de fusie tussen Stichting Ziekenhuis Walcheren en Stichting Oosterscheldeziekenhuizen. Door de concentratie ontstaat een monopoliepositie op het gebied van ziekenhuiszorg in de regio Midden-Zeeland. De NMa verleent uiteindelijk goedkeuring mede op basis van een efficiëntieverweer. Het besluit geeft inzicht in het samenspel tussen de drie toezichthouders in de zorgmarkt: de NMa, de NZa en de Inspectie voor de Gezondheidszorg. Daarbij vindt een afweging plaats tussen de beperkingen van de mededinging en publieke belangen zoals betaalbaarheid, kwaliteit en toegankelijkheid van de ziekenhuiszorg.


Mr. P.D. van den Berg
Mr. P.D. van den Berg is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP.
Praktijk

Kroniek Rechtspraak Mededingingszaken in 2008

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2009
Trefwoorden mededinging, Nma, misbruik van machtspositie, gunjumping
Auteurs Mr. K. Defares, Mr. S. Goossens en Mr. J. Langer
SamenvattingAuteursinformatie

    Was er vóór 1998 een relatief beperkt aantal beoefenaren van het mededingingsrecht, destijds neergelegd in de Wet Economische mededinging, de laatste jaren voor de inwerkingtreding van de Mededingingswet aangevuld met een aantal generieke verboden, inmiddels heeft het Nederlandse mededingingsrecht zich ontwikkeld tot een volwassen en zelfstandige juridische discipline, die haar aantrekkingskracht op een groot aantal juristen heeft bewezen. In deze tien jaar heeft de rechtspraak over de Mededingingswet een ontwikkeling doorgemaakt en in belangrijke mate bijgedragen aan het tot volle wasdom komen van dit rechtsgebied. In die rechtspraakontwikkeling heeft de NMa een bepalende rol gespeeld.


Mr. K. Defares
Mr. K. Defares is advocaat bij Stek.

Mr. S. Goossens
Mr. S. Goossens is advocaat bij Stek.

Mr. J. Langer
Mr. J. Langer was vooorheen werkzaam als advocaat bij Stek en is nu werkzaam bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. Deze bijdrage is geschreven op persoonlijke titel.
Jurisprudentie

CD-Contact Data GmbH/Commissie

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2009
Trefwoorden ziekenhuizen, failing firm, IGZ, efficiëntieverweer, publieke belangen
Auteurs Mr. S. Verschuur en Mr. F. Bleker
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest CD-Contact Data staat de vraag centraal wanneer een distributeur mag worden geacht te hebben ingestemd met het beleid van een leverancier tot beperking van parallelhandel. Als een leverancier stelselmatig probeert parallelhandel uit te bannen, moeten distributeurs terughoudend zijn met het uitwisselen van informatie over parallelhandel in hun gebied. Als de distributeur parallelhandel aan de kaak stelt bij de leverancier, loopt hij het risico een inbreuk te plegen op het kartelverbod. Na dit arrest ligt de drempel hier dus niet hoog.


Mr. S. Verschuur
Mr. S. Verschuur is advocaat bij KienhuisHoving te Enschede.

Mr. F. Bleker
Mr. F. Bleker is advocaat bij KienhuisHoving te Enschede.

    In een column geeft een redacteur of auteur zijn of haar visie op een bepaald onderwerp.


Prof. dr. M.F.M. Canoy
Prof. dr. M.F.M. Canoy is Chief economist van ECORYS en hoogleraar zorgeconomie bij TILEC (Universiteit van Tilburg).
Artikel

Richtsnoeren voor de handhavingsprioriteiten van de EG-Commissie bij de toepassing van artikel 82 EG-Verdrag

Een koerswijziging – maar hoe precies is het kompas afgesteld?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2009
Trefwoorden marktafscherming, efficiëntiewinsten, uitsluitingsstrategieën, voorwaardelijke kortingen, leveringsweigering
Auteurs Mr. L. Gyselen
SamenvattingAuteursinformatie

    In haar Richtsnoeren betreffende handhavingsprioriteiten bij de toepassing van artikel 82 EG-Verdrag kondigt de Commissie een dubbele koerswijzinging aan. Zij neemt zich voor om (a) grondiger te onderzoeken of het vermeend uitsluitingsgedrag van een dominante onderneming het rivaliteitsproces merkbaar zal verstoren en (b) deze onderneming de kans te geven aan te tonen dat haar uitsluitingsgedrag efficiëntiewinsten oplevert die opwegen tegen de verstoring van het rivaliteitsproces.De tweede koerswijziging lijkt de meest ingrijpende omdat zij de evenwichtsoefening van artikel 81 lid 3 EG-Verdrag binnenloodst in artikel 82 EG-Verdrag. Wij betwijfelen echter of deze conceptuele wijziging veel soelaas zal brengen voor dominante ondernemingen, eens de Commissie de diagnose gesteld zal hebben dat hun uitsluitingsgedrag het rivaliteitsproces merkbaar verstoort. Daarom lijkt ons de eerste wijziging van groter praktisch belang. De vraag is echter of het nieuwe kompas van de Commissie precies genoeg is afgesteld om deze behoorlijk in de praktijk om te zetten.


Mr. L. Gyselen
Mr. L Gyselen is vennoot bij Arnold & Porter LLP en advocaat aan de balie van Brussel.
Praktijk

Kroniek Mededingingswet 2008

Mededingingsafspraken, machtsposities en procedures

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2009
Auteurs Mr. C.T. Dekker, Mr. E. Belhadj en Mr. A.M. Hoekstra-Borzymowska
SamenvattingAuteursinformatie

    In het verslagjaar nam de NMa in het kader van de handhaving van de artikelen 6 en 24 Mededingingswet (Mw) zes besluiten, waarbij in totaal 9 miljoen euro aan boetes werd opgelegd. In drie zaken werd geen rapport opgemaakt, maar werd een ander instrument gebruikt om een einde te maken aan een overtreding. Welke instrumenten dat zijn geweest, is niet geheel duidelijk, afgezien van het – voor het eerst – inzetten van het toezeggingsbesluit in één zaak. In een achttal zaken is een onderzoek naar de mogelijke overtredingen van genoemde artikelen stopgezet, omdat er onvoldoende bewijs voor een overtreding was.Opvallend dit jaar is het relatief grote aantal besluiten dat de NMa op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (WOB) heeft moeten nemen. Op deze besluiten wordt hieronder ook kort ingegaan, voor zover ze van specifiek belang zijn voor de mededingingspraktijk.Dit jaar worden voor het eerst in deze kroniek naast de besluiten van de NMa over de toepassing van de Mededingingswet (met uitzondering van die in het kader van het concentratietoezicht) ook de uitspraken van de Rechtbank Rotterdam en het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBB) over deze besluiten besproken. De Rechtbank Rotterdam deed in het verslagjaar uitspraak in 25 zaken in de bouwsector die bij de NMa de versnelde procedure hadden doorlopen. Alleen de opvallende punten uit deze uitspraken worden in deze kroniek besproken.


Mr. C.T. Dekker
Mr. C.T. Dekker is advocaat bij Nysingh.

Mr. E. Belhadj
Mr. E. Belhadj is advocaat bij Nysingh.

Mr. A.M. Hoekstra-Borzymowska
Mr. A.M. Hoekstra-Borzymowska is advocaat bij Nysingh.
Artikel

Fusies van ziekenhuizen

Het beoordelingskader van de NMa

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2009
Trefwoorden fusies, ziekenhuiszorg, NMa, concentratiecontrole, marktafbakening
Auteurs Prof. dr. M.C.W. Janssen, Drs. K. Schep en Prof. dr. J. van Sinderen
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel bevat een overzicht van de NMa-besluiten met betrekking tot fusies tussen ziekenhuizen. Het plaatst de besluiten en de commentaren daarop in perspectief van de ontwikkeling van het denken binnen de NMa. Het artikel besteedt aandacht aan wat wel en niet mogelijk is binnen het toetsingskader van de Mededingingswet. Alleen dan wanneer er sprake is van marktmacht op de relevante markt kan de NMa aspecten van kwaliteit van de zorg en efficiency voordelen mee laten wegen. In haar besluiten houdt de NMa sterk rekening met het feit dat marktwerking in de zorgmarkt nog in een pril stadium verkeert.


Prof. dr. M.C.W. Janssen
Prof. dr. M.C.W. Janssen is raadsadviseur van de NMa ten behoeve van de zorgsector, Competition Economists Group (CEG-Europe) en hoogleraar Ersamus Universiteit Rotterdam.

Drs. K. Schep
Drs. K. Schep is senior medewerker bij de NMa, cluster zorg.

Prof. dr. J. van Sinderen
Prof. dr. J. van Sinderen is Chief Economist, NMa en hoogleraar Economische Politiek, Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

De beoordeling van samenwerkingsvormen in de zorg onder artikel 6 Mw

Ketenzorg is geen kartel

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2009
Trefwoorden VWS, ketenzorg, samenwerkingsvormen, mededinging, zorg, art. 6 Mw
Auteurs Mr. drs. B.M.M. Reuder, Dr. G. Tezel en mr. I.W. VerLoren van Themaat
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Ministerie van VWS staat in de zorg zowel meer concurrentie, als meer samenwerking voor, waaronder samenwerking in de vorm van ketenzorg. Dat lijkt op het eerste gezicht paradoxaal. Marktwerking wordt immers vaak geassocieerd met de plicht voor partijen zelfstandig strategische keuzes te maken, terwijl ketenzorg juist vergaande afstemming verlangt. Dit artikel laat zien dat het mededingingsrecht niet in de weg staat aan realisatie van beide beleidsdoelen. Het mededingingsrecht biedt voldoende ruimte voor samenwerkingen die bijdragen aan de zorgdoelen kwaliteit, betaalbaarheid en bereikbaarheid, doch verbiedt afspraken die de marktwerking verder beperken dan noodzakelijk is voor de realisatie van deze doelstellingen.


Mr. drs. B.M.M. Reuder
Mr. drs. B.M.M. Reuder is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.

Dr. G. Tezel
Dr. G. Tezel is principal manager bij PricewaterhouseCoopers Advisory.

mr. I.W. VerLoren van Themaat
Mr. I.W. VerLoren van Themaat is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.
Artikel

Marktafbakening en marktmacht in de zorgsector

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2009
Trefwoorden marktafbakening, marktmacht, fusiesimulatie, ziekenhuiszorg
Auteurs Dr. R.S. Halbersma, Drs. W. Kerstholt en Dr. M.C. Mikkers
SamenvattingAuteursinformatie

    Marktmacht wordt doorgaans indirect vastgesteld door afbakening van de relevante markt, bijvoorbeeld met de Elzinga Hogarty-test. Een alternatief is het direct modelleren van marktgedragingen, bijvoorbeeld met de LOCI- en de Option Demand-methoden. Wij hebben deze drie methoden geïmplementeerd op Nederlandse ziekenhuisgegevens. Uit onze resultaten blijkt dat veel Nederlandse ziekenhuismarkten sterk geconcentreerd zijn. De geografische omvang van een Elzinga Hogarty-markt leidt tot een optimistische inschatting van de marktconcentratie ten opzichte van alternatieve methoden. Daarnaast blijken de LOCI- en Option Demand-methoden tot sterk overeenkomstige patronen te leiden. Deze robuuste conclusies zijn in overeenstemming met de internationale literatuur.


Dr. R.S. Halbersma
Dr. R.S. Halbersma is werkzaam bij de Nederlandse Zorgautoriteit en is als Extramural Fellow verbonden aan TILEC van de universiteit van Tilburg.

Drs. W. Kerstholt
Drs. W. Kerstholt is werkzaam bij de Nederlandse Zorgautoriteit.

Dr. M.C. Mikkers
Dr. M.C. Mikkers is werkzaam bij de Nederlandse Zorgautoriteit en is als Extramural Fellow verbonden aan TILEC van de universiteit van Tilburg
Artikel

Daderschap van kartelovertredingen, de facilitator beboet

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2009
Trefwoorden Facilitator, Medeplegen, Daderschap, Legaliteitsbeginsel, Artikel 81 EG-Verdrag
Auteurs Mr. Robbert de Bree
SamenvattingAuteursinformatie

    In hoeverre is bij bepalen de normadressaat/het daderschap van kartelovertredingen een begrip als medeplegen of medeplichtigheid een aan te leggen criterium? Richt het kartelverbod zich ook tegen een facilitator? En verhoudt zich dat wel met het legaliteitsbeginsel? Voor die vragen zag het Gerecht van Eerste Aanleg zich gesteld in de zaak van AC-Treuhand AG, waarin het op 8 juli 2008 arrest wees (T-99/04 AC Treuhand AG t. Commissie).


Mr. Robbert de Bree
Robbert de Bree is werkzaam als advocaat bij Wladimoroff & Waling te ’s-Gravenhage
Praktijk

Kroniek concentratiecontrole 2008

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2009
Auteurs Mr. Maarten de Jong en Mr. Luke Haasbeek
SamenvattingAuteursinformatie

    Ondanks de financiële crisis is het aantal concentratiemeldingen in 2008 niet afgenomen. De NMa heeft een vergelijkbaar aantal zaken behandeld als in voorgaande jaren. Deze hebben geleid tot een aantal interessante besluiten. In de zaak Telefoongids/Gouden Gids heeft de NMa voor het eerst een effectanalyse toegepast zonder de relevante markt af te bakenen. De NMa maakt een uitvoerige analyse van de te verwachten gevolgen van de fusie zonder in te gaan op de marktaandelen van de partijen. In de zaken Evean/Philadelphia/Woonzorg en KPN/Reggefiber leidden verticale effecten tot mededingingsrechtelijke bezwaren, waarvoor remedies nodig waren. De NMa gaat daarbij voor het eerst uitgebreid in op de Richtsnoeren niet-horizontale fusies van de Commissie. Bovendien heeft de NMa voor het eerst onder het nieuwe boeteregime boetes opgelegd voor het niet melden van een concentratie.


Mr. Maarten de Jong
Maarten de Jong is advocaat in Amsterdam.

Mr. Luke Haasbeek
Luke Haasbeek is advocaat in Amsterdam.
Jurisprudentie

Slot. Lelos kai Sia EE e.a. tegen GlaxoSmithKline (Syfait II)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2009
Trefwoorden Artikel 82 EG-Verdrag, Misbruik van economische machtspositie, Parallelhandel in geneesmiddelen, Normale bestellingen
Auteurs Mr. Marc Knapen en Mr. Marc Wiggers
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit arrest heeft het Hof de prejudiciële vraag beantwoord of de weigering door een farmaceutische onderneming die een machtspositie op de nationale markt voor geneesmiddelen bekleedt, om de door groothandelaren bij haar geplaatste bestellingen uit te voeren omdat deze zich bezighouden met parallelexport van die geneesmiddelen, een door artikel 82 EG verboden misbruik vormt. Het arrest is van groot belang voor de geneesmiddelensector en met name voor de parallelhandel in farmaceutische producten. Verder heeft dit arrest, zij het in mindere mate, een meer algemeen belang voor de toepassing van artikel 82 EG-Verdrag.


Mr. Marc Knapen
Marc Knapen is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer LLP.

Mr. Marc Wiggers
Marc Wiggers is advocaat bij Loyens & Loeff.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.