Zoekresultaat: 10 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Markt & Mededinging x Jaar 2010 x
Artikel

Een upgrade van het zorgbeleid van de NMa: de derde versie van de Richtsnoeren voor de zorgsector

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2010
Trefwoorden zorg en mededinging, publieke belangen en mededinging, diensten van algemeen economisch belang, begrip onderneming
Auteurs Prof. mr. J.W. van de Gronden
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 9 maart 2010 stelde de NMa haar Richtsnoeren voor de zorgsector vast. Dit is alweer de derde versie van deze richtsnoeren die de NMa publiceert. De NMa wil graag tegemoet komen aan de onzekerheden die in de zorgsector over toelaatbaarheid van bepaalde afspraken en andere praktijken bestaan. Een belangrijke kwestie in dit verband is welke rol publieke belangen spelen. In de onderhavige bijdrage staat daarom de vraag centraal of de NMa in de Richtsnoeren de verhouding tussen het mededingingsrecht en de publieke zorgbelangen heeft verduidelijkt.


Prof. mr. J.W. van de Gronden
Prof. mr. J.W. van de Gronden is hoogleraar Europees recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Professor Wolf Sauter wordt hartelijk dank gezegd voor zijn commentaar op een conceptversie van dit artikel.

    Het hier te bespreken arrest markeerde het eindpunt van de eerste procedure in Luxemburg naar aanleiding van een beschikking van de Commissie op grond van artikel 9 Verordening (EG) 1/2003, waarin toezeggingen van De Beers, marktleider in de diamanthandel in Europa, om niet langer zaken te doen met Alrosa, verbindend werden verklaard. Om meerdere redenen een belangrijke zaak: het gaat om een steeds belangrijker handhavingsinstrument, ook in artikel 102-zaken, het Hof van Justitie komt tot een diametraal ander oordeel dan het Gerecht van Eerste Aanleg en bevestigt andermaal de (uiterst) terughoudende toetsing van mededingingsrechtelijke beschikkingen van de Commissie. De effect based-toepassing van artikel 102 VWEU lijkt onverminderd ver weg.


Mr. P.J. Kreijger
Mr. P.J. Kreijger is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer te Amsterdam.
Artikel

Informatie-uitwisseling en het mededingingsrecht

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2010
Trefwoorden informatie-uitwisseling, richtsnoeren horizontale samenwerkingsovereenkomsten, coördinatie, markttransparantie, vergeldingsmaatregelen
Auteurs Mr. C.E. Schillemans
SamenvattingAuteursinformatie

    De Europese Commissie publiceerde onlangs voor consultatiedoeleinden ontwerprichtsnoeren inzake de toepasselijkheid van artikel 101 VWEU op horizontale samenwerkingsovereenkomsten. De ontwerprichtsnoeren bevatten een apart hoofdstuk over informatie-uitwisseling tussen concurrenten. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen enerzijds – als doelbeperking gekwalificeerde – uitwisselingen van informatie over toekomstige prijzen en hoeveelheden, en anderzijds uitwisselingen van overige informatie waarbij de vraag is of die de mededinging kunnen beperken als gevolg van toegenomen markttransparantie. Bij de eerste categorie van informatie-uitwisselingen kan het gaan om kartels en onderling afgestemde feitelijke gedragingen en bij de laatste categorie van informatie-uitwisselingen gaat het veelal om structurele en georganiseerde uitwisseling van informatie tussen concurrenten, bijvoorbeeld in het kader van een branchevereniging.


Mr. C.E. Schillemans
Mr. C.E. Schillemans is advocaat bij Allen & Overy in Amsterdam.
Jurisprudentie

Arrest Gerecht ’s-Gravenhage: het Havenbedrijf/de oliesector

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2010
Trefwoorden excessieve tarieven, civiele handhaving, bewijslast, informatievergaring, excessieve prijzen
Auteurs Dr. mr. M.M. Slotboom en Mr. drs. B.J.J. Haan
SamenvattingAuteursinformatie

    Het arrest van het Gerechtshof ’s-Gravenhage ‘het Havenbedrijf/de oliesector’ illustreert de ingewikkelde economische beoordeling van het mededingingsrecht in civiele zaken en met name in geval van vermeende excessieve prijzen. Het Hof bevestigt dat de bewijslast ook in civiele zaken betreffende misbruik van machtspositie wegens excessieve prijsvoering op de eiser rust. Om aan die bewijslast te kunnen beantwoorden zal de eiser informatie nodig hebben van de vermeende inbreukmaker op artikel 102 VWEU en/of 24 Mw. De mogelijkheid voor een eiser in een civiele procedure om met name informatie te verkrijgen over de relatie tussen prijzen en kosten van de gedaagde zijn evenwel zeer beperkt. Uit onderhavig arrest volgt in ieder geval dat een deskundigenonderzoek naar de kosten van de vermeende inbreukmaker pas kans van slagen heeft op het moment dat de eiser aannemelijk kan maken dat er daadwerkelijk sprake is van excessieve prijzen. De eisende partij in civiele zaken zal daardoor in een vicieuze cirkel terecht komen, waardoor civiele procedures inzake excessieve prijzen veelal zullen stranden.


Dr. mr. M.M. Slotboom
Dr. mr. M.M. Slotboom is advocaat bij Simmons & Simmons in Brussel.

Mr. drs. B.J.J. Haan
Mr. drs. B.J.J. Haan is werkzaam bij Simmons & Simmons.
Boekbespreking

Erik-Jan Zippro: Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2010
Trefwoorden Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht
Auteurs Mr. R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Ook het recht kent trends. Een trend waar we de laatste tijd veel over horen is de zogenoemde privaatrechtelijke handhaving van het mededingingsrecht. Hoewel er een overvloedige hoeveelheid literatuur is verschenen over dit onderwerp ontbrak het aan een boek dat vanuit het Nederlands recht een volledig – voor zover mogelijk – overzicht gaf van de problematiek. Met de dissertatie van Erik-Jan Zippro waarop hij op 27 november 2008 is gepromoveerd aan de Universiteit Leiden is deze leemte opgevuld


Mr. R. Meijer
Mr. R. Meijer is als advocaat werkzaam by Allen & Overy LLP.
Artikel

Europese Commissie doet recht aan discussie omtrent verticale prijsbinding

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2010
Trefwoorden verticale prijsbinding, hardekernbeperking, economisering mededgingingsrecht, bewijsrecht art. 101 VWEU
Auteurs F.A.H. van Doorn MSc LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    Een van de meest controversiële onderwerpen in het mededingingsrecht is zonder twijfel het beleid ten aanzien van verticale prijsbinding. Hoewel economische theorieën en ontwikkelingen in de VS op het eerste gezicht aanleiding lijken te geven voor een andere conclusie, kiest de Commissie er in de nieuwe groepsvrijstelling en bijbehorende richtsnoeren opnieuw voor om deze omstreden verticale restrictie als hardekernbeperking aan te merken. Door te kiezen voor deze strikte regel, maar toch de deur open te laten voor rechtvaardigingen in individuele gevallen, doet de Commissie recht aan de juridische én de economische discussie, waarin het instrument nu eenmaal de schijn tegen heeft.


F.A.H. van Doorn MSc LL.M.
F.A.H. van Doorn Msc LL.M. is beleidsmedewerker bij de directie Mededinging en Consumenten van het ministerie van Economische Zaken (e-mail: f.doorn@minez.nl).
Artikel

Maatschappelijk verantwoord concurreren

Mededingingsrecht in een veranderende wereld

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2010
Trefwoorden maatschappelijk verantwoord concurreren, marktwerking, guidance, maatschappelijke belangen
Auteurs Mr. T.R. Ottervanger
SamenvattingAuteursinformatie

    Een overgangsfase naar een nieuw tijdperk. Afscheid van een blind geloof in vrije marktwerking als enig heilzaam middel voor het scheppen van welvaart. De eenzijdige focus op efficiëntie en groei is onderworpen aan kritische herwaardering. Begrippen als duurzaamheid en welzijn winnen sterk aan betekenis als maatstaf voor beleid zowel van regeringen als van ondernemingen. Zo gaat de SER in zijn recente advies Overheid én Markt ervan uit dat het sociaal-economisch beleid gericht is op een breed welvaartsbegrip: naast materiële vooruitgang (welstand, productiviteitsgroei) ook sociale vooruitgang (welzijn, sociale cohesie), goede kwaliteit van de leefomgeving en een schoon milieu. Wat betekent deze ontwikkeling voor het mededingingsrecht?


Mr. T.R. Ottervanger
Mr. T.R. Ottervanger is advocaat bij Allen & Overy en hoogleraar Europees Recht, in het bijzonder het Mededingingsrecht, in Leiden.
Praktijk

Kroniek Nederlands mededingingsrecht 2009

Regelgeving, mededingingsafspraken, machtsposities en procedurele aangelegenheden

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2010
Trefwoorden kroniek mededingingsrecht, mededingingsrechtelijke beroepprocedures, concentratietoezicht
Auteurs Mr. C.T. Dekker en Mr. A.B.B. Gelderman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het jaar 2009 kan de mededingingsrechtelijke boeken in als een jaar waarin de Nederlandse Mededingingsautoriteit (hierna: NMa) op vele fronten actief was.1x Gemakshalve worden de Raad van Bestuur van de NMa en de NMa als organisatie in deze kroniek vereenzelvigd. Zo werden boetes opgelegd in de schildersbranche en aan distributeurs van zwembadchloor en deed de NMa onder meer onderzoeken in de bouw-, meel- en groente- en fruitsector. Ten opzichte van 2008 verdubbelde het aantal zaken waarin een boete werd opgelegd van zes naar twaalf. Vier van deze zaken hadden betrekking op procedurele boetes (niet meewerken, onjuiste gegevens verstrekken in het kader van een concentratiemelding). Boetes voor overtredingen van de materiële voorschriften hadden alleen betrekking op bid-rigging in de schildersbranche en het zwembadchloorkartel. Het totale bedrag aan boetes halveerde van 9 tot 4,5 miljoen. Dat totaal wordt dan vooral bepaald door de 3,1 miljoen euro voor het zwembadchloorkartel.

Noten

  • 1 Gemakshalve worden de Raad van Bestuur van de NMa en de NMa als organisatie in deze kroniek vereenzelvigd.


Mr. C.T. Dekker
Mr. C.T. Dekker is advocaat bij Nysingh advocaten en notarissen N.V. te Zwolle en is daarnaast hoofddocent aan de postdoctorale specialisatieopleiding Europees en Nederlands Mededingingsrecht van de Grotius Academie.

Mr. A.B.B. Gelderman
Mr. A.B.B. Gelderman is advocaat bij Nysingh advocaten en notarissen N.V. te Zwolle.
Praktijk

Kroniek civiele rechtspraak mededingingsrecht 2009

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2010
Trefwoorden kroniek civiele rechtspraak mededingingsrecht, kroniek 2009, civiele rechtspraak mededingingsrecht
Auteurs Mr. E.K.S Mollen
SamenvattingAuteursinformatie

    Anders dan in voorgaande jaren bespreekt deze kroniek uitsluitend de door Nederlandse civiele rechters gewezen uitspraken waarin het Nederlandse en/of Europese mededingingsrecht aan de orde kwam.1x Voor zover bij de auteur bekend zijn in 2009 in totaal 42 civiele/fiscale uitspraken over mededingingsrecht gepubliceerd. De rechterlijke toetsing van de besluiten van de NMa blijft hier buiten beschouwing. In 2009 deed zich een aantal interessante ontwikkelingen voor. Zo is de NMa voor het eerst als amicus curiae opgetreden in een civiele (kort geding) procedure en hakte de Hoge Raad de knoop door wat betreft het openbare orde-karakter van het Nederlandse kartelverbod.

Noten

  • * Dit artikel is geschreven op persoonlijke titel.
  • 1 Voor zover bij de auteur bekend zijn in 2009 in totaal 42 civiele/fiscale uitspraken over mededingingsrecht gepubliceerd.


Mr. E.K.S Mollen
Mr. E.K.S. Mollen is senior jurist bij de Juridische Dienst van de Nederlandse Mededingingsautoriteit.
Jurisprudentie

GlaxoSmithKline/Commissie

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2010
Trefwoorden beperking van parallelhandel in geneesmiddelen, ontheffing, restrictie met mededingingsbeperkende strekking, bewijslast
Auteurs A.E. Beumer LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 6 oktober 2009 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie (‘Hof’) arrest gewezen in de langlopende strijd tussen farmaceutische producenten die de parallelhandel in geneesmiddelen beperken en de Europese Commissie (‘Commissie’). In dit arrest bevestigt het Hof dat het systeem van dubbele prijsstelling voor geneesmiddelen van GlaxoSmithKline Services Unlimited (‘GSK’) in strijd is met artikel 81 EG-Verdrag (nieuw: artikel 101 VWEU). Het Hof volgt echter niet de vaststelling van het Gerecht dat de dubbele prijsstelling van GSK geen mededingingsbeperkende strekking heeft. Volgens het Hof heeft in principe elke overeenkomst die de parallelhandel beperkt een mededingingsbeperkende strekking. Hetzelfde geldt voor een overeenkomst die de parallelhandel van geneesmiddelen beperkt. Verder onderschrijft het Hof de conclusie van het Gerecht dat de Commissie onvoldoende aandacht heeft besteed aan de mogelijke efficiëntiewinsten bij haar beoordeling van een mogelijke ontheffing op grond van artikel 81 lid 3 EG-Verdrag.


A.E. Beumer LLM
A.E. Beumer LLM is werkzaam bij het Europa Instituut van de Universiteit Leiden.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.