Zoekresultaat: 8 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade x
Artikel

Voordeelstoerekening: leuker kunnen wij het niet maken, wel inzichtelijker

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2017
Trefwoorden artikel 6:100 BW, voordeelstoerekening, schadeverweer, toerekening naar redelijkheid, eenzelfde gebeurtenis, condicio sine qua non
Auteurs Mr. S.S.Y. Engelen en Prof. mr. A.L.M. Keirse
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad heeft op 8 juli 2016 in zijn arrest TenneT/ABB een nieuwe maatstaf geformuleerd voor voordeelstoerekening. Hierbij komt hij expliciet terug op zijn eerdere rechtspraak over dit leerstuk, zoals neergelegd in artikel 6:100 BW. De nieuwe maatstaf geeft niet alleen meer houvast bij de beoordeling van een beroep op voordeelstoerekening, maar schakelt het leerstuk van voordeelstoerekening bovendien gelijk met de wijze waarop de omvang van de aansprakelijkheid op grond van artikel 6:95 tot met 6:98 BW dient te worden vastgesteld. In deze bijdrage bespreken de auteurs de inhoud en implicaties van de nieuwe maatstaf voor personenschadezaken.


Mr. S.S.Y. Engelen
Mr. S.S.Y. (Sara) Engelen is docent privaatrecht aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.

Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. (Anne) Keirse is als hoogleraar privaatrecht verbonden aan het Utrecht Center for Accountability and Liability Law (Ucall) en het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht. Daarnaast is zij parttime raadsheer bij het Gerechtshof Amsterdam.
Artikel

Naasten, fundamentele rechten en het Nederlandse limitatief en exclusief werkende artikel 6:108 BW: één probleem, twee perspectieven

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2013
Trefwoorden EVRM, recht op leven, schadevergoeding, overlijdensschade, nabestaanden
Auteurs Mr. dr. J.M. Emaus en Mr. dr. R. Rijnhout
SamenvattingAuteursinformatie

    Het recht onder het EVRM, zoals zich dat vormt in de rechtspraak van het EHRM, leidt tot inconsistenties in het Nederlandse schadevergoedingsrecht: een naaste van een persoon die slachtoffer is geworden van een schending van het recht op leven kan tegenwoordig immers alleen vergoeding van eigen immateriële schade vorderen als de schending is gepleegd door een overheidsorgaan. Deze inconsistentie verdient aandacht, maar men realisere zich dat we hier raken aan bredere problematiek. Wij menen daarom dat er in de discussie over de inconsistentie eerst aandacht moet zijn voor de bredere vragen: hoe werken fundamentele rechten door en welke derde verdient waarvan vergoeding? Centraal staan daarbij steeds de overkoepelende kernvragen: wie verdient rechtens een remedie en waarom?


Mr. dr. J.M. Emaus
Mr. dr. J.M. Emaus is docent en onderzoeker aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) en het Utrecht Centre for Regulation and Enforcement in Europe (RENFORCE).

Mr. dr. R. Rijnhout
Mr. dr. R. Rijnhout is universitair docent aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht, verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Een ‘nieuwe’ weg naar volledige schadevergoeding voor derden in personenschadezaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2012
Trefwoorden derden, schade, affectieschade, medische aansprakelijkheid, overlijdensschade
Auteurs Mr. dr. R. Rijnhout
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof Den Bosch heeft een ‘nieuwe’ mogelijkheid tot volledige schadevergoeding voor derden in personenschadezaken toegevoegd aan het bestaande rijtje: de autonome vordering op grond van een toerekenbare niet-nakoming van een geneeskundige behandelingsovereenkomst. Die mogelijkheid tot volledige schadevergoeding voor derden wordt echter sterk beperkt door het hof: de feitelijk derde moet aantonen dat zijn schade is veroorzaakt door de medische fout en niet door het overlijden (of letsel) van de direct gekwetste. Deze beperking vloeit voort uit de exclusieve werking van het bijzondere systeem van de artikelen 6:107-108 BW. In deze bijdrage wordt gesuggereerd om die exclusieve werking te heroverwegen.


Mr. dr. R. Rijnhout
Mr. dr. R. Rijnhout is als universitair docent verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht, Universiteit Utrecht (R.Rijnhout@uu.nl).
Artikel

Schending van een verkeers- of veiligheidsnorm; wel of niet een vereiste voor toekenning van shockschade?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2012
Trefwoorden shockschade, medische aansprakelijkheid, verkeers- of veiligheidsnorm, gewone zorgvuldigheidsnorm en art. 6:98 BW
Auteurs Mr. W.E. Noordhoorn Boelen
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Gerechtshof Arnhem wijst in zijn arrest van 15 maart 2011, LJN BP8479, een vordering van shockschade af omdat geen sprake was van schending van een verkeers- of veiligheidsnorm. Naar aanleiding hiervan wordt in dit artikel ingegaan op de vraag of het in het Taxibus-arrest gegeven gezichtspunt dat voor vergoeding van shockschade sprake dient te zijn van een schending van een verkeers- of veiligheidsnorm wel een (hard) vereiste betreft. Hiervoor wordt onder andere het belang van verkeers- en veiligheidsnormen in het aansprakelijkheidsrecht besproken. Kan shockschade wellicht ook aan de laedens worden toegerekend indien sprake is van een schending van een ‘gewone’ zorgvuldigheidsnorm?


Mr. W.E. Noordhoorn Boelen
Mr. W.E. Noordhoorn Boelen is onlangs afgestudeerd aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

De aansprakelijkheid van de werkgever voor de gevolgen van een overval

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2011
Trefwoorden werkgeversaansprakelijkheid, zorgplicht, verzekeringsplicht, overval
Auteurs Mr. M.A. Mouris
SamenvattingAuteursinformatie

    Een overval gaat vaak gepaard met grof geweld. Een overval kan ernstige gevolgen hebben voor de betrokken personen, vaak werknemers van benzinestations, juweliers en supermarkten. Werkgevers hebben een vergaande zorgplicht voor de veiligheid van het personeel. In de (lagere) rechtspraak lijkt een tendens te bespeuren naar uitbreiding van het aantal situaties waarin van de werkgever wordt verlangd dat hij ten behoeve van zijn werknemers een verzekering afsluit die dekking biedt voor risico’s die inherent zijn aan de werkzaamheden. Onderzocht wordt welke risico’s dit betreft, en of een overval daartoe ook kan behoren.


Mr. M.A. Mouris
Mr. M.A. Mouris is advocaat bij Beer Advocaten te Amsterdam.
Jurisprudentie

Thuisbesmetting asbest: Voorzieningenrechter Rb. Almelo 22 mei 2003, Prg. 2003, 6067

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 03 2003
Trefwoorden Asbest, Schade, Aannemer, Mesothelioom, Aansprakelijkheid, Werknemer, Werkgever, Verjaringstermijn, Broer, Kenbaarheid
Auteurs Vries, M. de

Vries, M. de
Artikel

Het wetsvoorstel affectieschade: Een verkenning

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 03 2003
Trefwoorden Vergoeding, Affectieschade, Voorstel van wet, Slachtoffer, Overlijden, Schade, Gerechtigde, Ouders, Algemene maatregel van bestuur, Kind
Auteurs Keijzer-de Korver, M.

Keijzer-de Korver, M.
Artikel

De patiëntenkaart in letselschadeland

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 03 2005
Trefwoorden Arts, Slachtoffer, Patiënt, Privacy, Aansprakelijkheid, Personenschade, Inzage, Schade, Letselschade, Vergoeding
Auteurs Dennekamp, E.J.

Dennekamp, E.J.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.