Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 340 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade x
Jurisprudentie

Misgelopen woongenot en vergoeding van materiële schade

Rb. Noord-Nederland 1 maart 2017, ECLI:NL:RBNNE:2017:715

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2019
Trefwoorden misgelopen woongenot, gemis van het onstoffelijk voordeel, aardbeving, gaswinning, vergoeding materiële schade
Auteurs Mr. dr. R. Rijnhout en T. Rotscheid LLB
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 maart 2017 wees de Rechtbank Noord-Nederland vonnis in een zaak die ging over de vergoeding van immateriële schade en de vergoeding van vermogensschade in de zin van het gemis van het onstoffelijk voordeel, zijnde gederfd woongenot, ten gevolge van aardbevingen ontstaan door gaswinning door de Nederlandse Aardolie Maatschappij. Deze annotatie concentreert zich uitsluitend op laatstgenoemde schadepost. Ondanks dat het vonnis ruim twee jaar oud is, zijn de vragen die het oproept nog zeer actueel. Zo is recentelijk door de Rechtbank Noord-Nederland in een andere zaak hierover een prejudiciële vraag voorgelegd aan de Hoge Raad.


Mr. dr. R. Rijnhout
Mr. dr. R. Rijnhout is als universitair hoofddocent verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law van de Universiteit Utrecht.

T. Rotscheid LLB
T. Rotscheid, LLB is masterstudent Staats- en bestuursrecht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Verzekeren in gezinsverband

Over polisdekking en regres in ‘nieuwe’ gezinsverhoudingen

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2019
Trefwoorden verzekeren, gezinsverband, polisdekking, nieuwe gezinsverhoudingen
Auteurs Mr. J.H.G. Verweij-Hoogendijk
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt stilgestaan bij de wijze waarop verzekeraars in hun polissen omgaan met ‘nieuwe’ gezinsverhoudingen. De polissen van opstalverzekeringen, inboedelverzekeringen en aansprakelijkheidsverzekeringen voor particulieren van zestien verzekeringsmaatschappijen zijn hiervoor onderzocht. Ook wordt aandacht besteed aan regresuitsluitingen ten aanzien van gezinsleden.


Mr. J.H.G. Verweij-Hoogendijk
Mr. J.H.G. Verweij-Hoogendijk is als wetenschappelijk docent en onderzoeker verbonden aan de sectie Burgerlijk recht van de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam. Zij doet promotieonderzoek naar het thema ‘Aansprakelijkheid en verzekering in gezinsverband’.
Artikel

De verhaals(on)mogelijkheden van de WAM-verzekeraar bij (joy)rijden zonder rijbewijs

Bijdrage naar aanleiding van Hof Arnhem-Leeuwarden 23 oktober 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:9273 en Hof Arnhem-Leeuwarden 9 april 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:3129

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2019
Trefwoorden joyriding, artikel 185 lid 2 WVW 1994, verhaalsrecht WAM-verzekeraar, familieverweer, artikel 7:962 lid 3 BW
Auteurs Mr. F.M. Ruitenbeek-Bart
SamenvattingAuteursinformatie

    In krap een halfjaar tijd deed het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden uitspraak in twee vergelijkbare zaken, waarin sprake was van joyriding door een jeugdig familielid van de verzekeringnemer en waarbij de betrokkene reed zonder (geldig) rijbewijs. In beide zaken trachtte de WAM-verzekeraar van het betrokken voertuig de aan derde-benadeelden gedane uitkeringen te verhalen. Een belangrijk verschil: de ene verzekeraar richtte zich tot zijn eigen verzekerde, de andere verzekeraar richtte zich tot de joyrider. Aan de hand van de beide arresten belicht deze bijdrage de verhaalsmogelijkheden van een WAM-verzekeraar in geval van joyriden zonder (geldig) rijbewijs.


Mr. F.M. Ruitenbeek-Bart
Mr. F.M. Ruitenbeek-Bart is promovenda bij de sectie Burgerlijk recht van de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.

    In deze bijdrage wordt de betekenis van de duur van het lijden bij begroting van immateriële schade in verband met blijvend letsel en wegens dodelijk letsel geanalyseerd. Volgens de Hoge Raad is de duur van het lijden een omstandigheid die de rechter bij de begroting van het smartengeld in het bijzonder dient mee te wegen, maar in de literatuur wordt opgemerkt dat de betekenis van deze factor niet steeds duidelijk is. Deze bijdrage geeft de stand van zaken in de rechtspraak en in de Nederlandstalige literatuur weer en biedt een nadere analyse van de betekenis van de duur van het lijden.


Mr. dr. M.R. Hebly
Mr. dr. M.R. Hebly is als universitair docent verbonden aan de sectie Burgerlijk recht van de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.
Jurisprudentie

Directe actie als de verzekerde rechtspersoon niet meer bestaat: uitzondering op meldingsplicht geldt volgens de Hoge Raad voor alle schades

HR 1 februari 2019, ECLI:NL:HR:2019:150

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2019
Trefwoorden directe actie, artikel 7:954 BW, meldingsvereiste, verzekerde rechtspersoon, faillissement
Auteurs Mr. J. Kruijswijk Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 februari 2019 heeft de Hoge Raad de reikwijdte van de uitzondering op het meldingsvereiste voor een beroep op de directe actie van artikel 7:954 BW verduidelijkt. Volgens lid 2 van artikel 7:954 BW is voor een beroep op de directe actie niet nodig dat de schade door de aansprakelijke verzekerde aan de aansprakelijkheidsverzekeraar is gemeld, als de verzekerde een rechtspersoon was die heeft opgehouden te bestaan. In alle andere gevallen kan de directe actie alleen worden uitgeoefend als de schade door de verzekeringnemer of verzekerde wél is gemeld bij de aansprakelijkheidsverzekeraar. In het onderhavige arrest stond ter discussie of dit voor alle schades geldt of alleen voor de zogenaamde long tail-schades: schades die zich pas (na lange tijd) manifesteren nadat een rechtspersoon heeft opgehouden te bestaan.


Mr. J. Kruijswijk Jansen
Mr. J. Kruijswijk Jansen is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.
Jurisprudentie

Aansprakelijkheidsrecht dient ook emotionele belangen

Hof Arnhem-Leeuwarden 15 mei 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:4396

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2019
Trefwoorden verklaring voor recht, emotioneel belang, obductieverslag
Auteurs Mr. dr. M. Opdam
SamenvattingAuteursinformatie

    Een moeder heeft recht op inzage in het obductieverslag van haar overleden zoon. Het beroepsgeheim wordt doorbroken op grond van een zwaarwegend belang. Daarbij speelt ook het emotionele belang van de moeder om opheldering te krijgen over de doodsoorzaak een rol. Het aansprakelijkheidsrecht dient volgens het hof niet alleen een vergoedingsbelang, maar kan ook bijdragen aan de bevrediging van emotionele belangen. In deze annotatie wordt de waarde van een (zuiver) emotioneel belang in het aansprakelijkheidsrecht besproken.


Mr. dr. M. Opdam
Mr. dr. M. Opdam is Professional Support Lawyer bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam en tevens verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Jurisprudentie

Dat de Hoge Raad in 2019 arrest moge wijzen

Hof Arnhem-Leeuwarden 27 november 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:10336

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2019
Trefwoorden aansprakelijkheid hulpverlener, ongeschikte hulpzaak, toerekening, objectieve onbekendheid, afweging factoren
Auteurs Mr. dr. R.P. Wijne
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. dr. R.P. Wijne
Mr. dr. R.P. Wijne is docent gezondheidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam, lid-jurist bij het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam, medewerker bij het wetenschappelijk bureau van Holla Advocaten (praktijkgroep gezondheidsrecht) en voorzitter van de Geschilleninstantie Verloskunde.
Artikel

Access_open Risicoaansprakelijkheid voor ongeschikte medische hulpzaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2019
Trefwoorden aansprakelijkheid, wanprestatie, hulpzaken, medische hulpmiddelen, ongeschikt
Auteurs Mr. dr. J.T. Hiemstra
SamenvattingAuteursinformatie

    In haar recent verschenen proefschrift onderzoekt de auteur in hoeverre het risico dat voortvloeit uit het gebruik van ongeschikte medische hulpzaken voor rekening van de hulpverlener dient te komen. In dit artikel worden de belangrijkste bevindingen uit dit onderzoek uiteengezet. De auteur komt tot de conclusie dat het risico dat voortvloeit uit het gebruik van ongeschikte medische hulpzaken in beginsel voor rekening van de hulpverlener komt. De redelijkheid zal niet snel gebieden dat het risico dient te worden verschoven naar de patiënt.


Mr. dr. J.T. Hiemstra
Mr. dr. J.T. Hiemstra is advocaat te Amsterdam.
Jurisprudentie

Welke gevolgen kan deelfraude hebben voor de vordering van de claimant op de aansprakelijke partij en diens verzekeraar?

HR 6 juli 2018, ECLI:NL:HR:2018:1103

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2019
Trefwoorden sanctie, claimant, Deelfraude, fraude, Aansprakelijkheid
Auteurs Mr. J.G. Keizer
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad heeft duidelijk gemaakt dat de regel uit het verzekeringsrecht dat (deel)fraude tot algeheel verval van het recht op uitkering kan leiden (art. 7:941 lid 5 BW), niet analoog toegepast kan worden in de personenschadepraktijk als de claimant tegenover de verzekeraar van de aansprakelijke partij (deel)fraude pleegt. Is een aan artikel 7:491 lid 5 BW verwante wettelijke regel voor de personenschadepraktijk daarom nodig en wenselijk, of bestaan er al voldoende mogelijkheden om (deel)fraude effectief te sanctioneren?


Mr. J.G. Keizer
Mr. J.G. Keizer is advocaat bij SAP Letselschade Advocaten te Amersfoort.
Redactioneel

De dood

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2018
Trefwoorden overlijdensschade, zorgschade, affectieschade, shockschade
Auteurs Mr. dr. R. Rijnhout
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze uitgave van TVP betreft een themanummer over ‘de dood’ en aansprakelijkheid/schadevergoeding. Het themanummer valt uiteen in drie delen: schade veroorzaakt voorafgaand aan de dood, wat de dood inhoudt en voor welke schade daarna vergoeding zou moeten worden geboden.


Mr. dr. R. Rijnhout
Mw. mr. dr. R. Rijnhout is als universitair hoofddocent verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Een transitievergoeding bij overlijden?

Een snelle tegemoetkoming aan nabestaanden voor kosten als gevolg van het overlijden van een naaste?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2018
Trefwoorden overlijdensschade, schadevergoeding, transitievergoeding, nabestaanden, begrafeniskosten
Auteurs Mr. drs. I. van der Zalm
SamenvattingAuteursinformatie

    In Denemarken hebben nabestaanden recht op een zogenaamde transitievergoeding (‘overgangsbeløb’). Deze eenmalige gestandaardiseerde vergoeding is bedoeld om kort na het ongeval te voorzien in dekking van diverse uitgaven die het gevolg zijn van het overlijden. In dit artikel zal worden ingegaan op deze transitievergoeding en zal worden onderzocht of een dergelijke figuur ook van betekenis zou kunnen zijn voor het Nederlandse stelsel, nu artikel 6:108 BW niet voorziet in een dergelijke figuur.


Mr. drs. I. van der Zalm
Mw. mr. drs. I. van der Zalm is wetenschappelijk docent en onderzoeker aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Denktank Overlijdensschade 2.0

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2018
Trefwoorden uitbreiding rekenmethodiek overlijdensschade, schade, overlijden
Auteurs Denktank Overlijdensschade 2.0
SamenvattingAuteursinformatie

    De Denktank 2.0 is nu aan het onderzoeken om de rekenmethodiek overlijdensschade uit te breiden voor eenoudergezinnen, co-ouderschap en tweeoudergezinnen waar beide ouders overlijden.


Denktank Overlijdensschade 2.0
De Denktank Overlijdensschade 2.0 wordt gevormd door J. Laumen-de Valk, C.C.J. de Koning, I. van der Zalm, E.J. Bakker, M.J. Neeser, F.A.R.M. Zwarts, J.L. Apperloo, M.I. van der Zwet, G.J.C. van der Kolk en X.I. Waaijenberg-Laumen.
Artikel

Over leven, dood en bewustzijn

Een medisch-filosofische bespiegeling

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2018
Trefwoorden dood, leven, bewustzijn, geneeskunde, medisch
Auteurs Dr. J.W. De Waele
SamenvattingAuteursinformatie

    Beslissen of iemand nog in leven is dan wel dood, is altijd een courante uitdaging binnen de geneeskunde geweest. Sinds de verbeterde reanimatietechnieken en IC-faciliteiten (met mechanische ventilatie) uit de tweede helft van de twintigste eeuw is het mogelijk geworden het leven langer aan te houden, niet tegenstaande het bewustzijn uitblijft. Wat is nu die relatie tussen leven en bewustzijn en hoe kan die ontkoppeld zijn? Wanneer is men hersendood? Wanneer spreekt men van coma, vegetatieve status of minimaal bewuste toestand en wat houdt dat fysiologisch en humaan in? Wat is de prognose in die gevallen? Welke juridische en ethische vraagtekens (denk aan orgaandonatie) brengt dit met zich mee?


Dr. J.W. De Waele
Dr. J.W. De Waele is vrijgevestigd neuroloog, neuropsychiater en pijnspecialist.
Artikel

Access_open ‘Affectieschade’ en ‘shockschade’, onderscheid, samenloop, vooruitblik

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2018
Trefwoorden affectieschade, shockschade, wetsvoorstel affectieschade, smartengeld, nabestaanden
Auteurs Prof. mr. S.D. Lindenbergh
SamenvattingAuteursinformatie

    De invoering van het ‘wetsvoorstel affectieschade’ roept een aanspraak op smartengeld in het leven voor naasten en nabestaanden. Dat roept vervolgens de vraag op hoe deze aanspraak zich verhoudt tot het recht op schadevergoeding van iemand die door confrontatie met een schokkende gebeurtenis geestelijk letsel heeft opgelopen. Daarover gaat deze bijdrage.


Prof. mr. S.D. Lindenbergh
Prof. mr. Lindenbergh is hoogleraar privaatrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Angst voor de dood als schade(post)

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2018
Trefwoorden angstschade, doodsangst, angst, dood, overlijden
Auteurs A.M. Overheul LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage gaat over angst voor de dood als schade(post) in het Nederlandse recht. Aanleiding hiervoor is een arrest van het Franse Cour de Cassation, waarin het Hof arrest wijst over angst voor de dood. De auteur spitst angst als schade toe op de dood, waarbij een onderscheid gemaakt wordt tussen drie verschillende situaties: het slachtoffer weet niet óf hij doodgaat; het slachtoffer heeft het ongeval – tegen de verwachting in – overleefd en het slachtoffer weet dat hij gaat overlijden.


A.M. Overheul LLM
Mw. A.M. Overheul LLM is als wetenschappelijk medewerker verbonden aan de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

Waarom het rekensjabloon van het nieuwe model moet worden aangepast

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2018
Trefwoorden artikel 6:108 BW, overlijdensschade, gederfd levensonderhoud, oud model, nieuw model
Auteurs Mr. J.M. Tromp
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat de vraag centraal of het rekensjabloon in het economisch deel 1 van het nieuwe model geschikt is om de uitkomsten te verwerken van de in het juridisch deel 2 te maken keuzes. De conclusie is dat dat niet zo is. Een praktische oplossing wordt aangedragen.


Mr. J.M. Tromp
Mr. J.M. Tromp is advocaat en mediator te Rotterdam, rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Noord-Nederland en docent overlijdensschade in de Specialisatieopleiding Personenschade aan de Grotius Academie. Op 31 oktober 2017 heeft hij 95 stellingen aan de kerkdeur van de Laurenskerk te Rotterdam ‘gespijkerd’. De stellingen 58 tot en met 72 gaan alle over overlijdensschaden.
Artikel

U vraagt, wij draaien iets anders

Een empirische studie naar wat benadeelden zoeken en krijgen in zaken over seksueel misbruik door de rooms-katholieke kerk

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2018
Trefwoorden seksueel misbruik, rooms-katholieke kerk, slachtoffers, klachtenprocedure, compensatie
Auteurs Prof. mr. G. van Dijck
SamenvattingAuteursinformatie

    De wereldwijde belangstelling die het seksueel misbruik door de rooms-katholieke kerk heeft gekregen, heeft in Nederland geresulteerd in een procedure voor slachtoffers van dit seksueel misbruik in Nederland. Deze bijdrage doet verslag van een onderzoek waarin is geanalyseerd (1) of benadeelden kregen wat zij zochten, en (2) wat daarnaast verklaarde waarom de geschilbeslechters overgingen tot het toekennen van niet-financiële compensatie zoals excuses, erkenning van het leed en erkenning van het seksueel misbruik.


Prof. mr. G. van Dijck
Prof. mr. G. van Dijck is hoogleraar Privaatrecht aan Maastricht University.
Jurisprudentie

De Hoge Raad over het recht op inzage van de patiënt in de medische analyse van een adviseur van de aansprakelijkheidsverzekeraar van het ziekenhuis

HR 16 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:365

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2018
Trefwoorden artikel 843a Rv, artikel 35 Wbp, inzagerecht, medisch advies
Auteurs Mr. ir. J.P.M. Simons
SamenvattingAuteursinformatie

    Na door een patiënt aansprakelijk te zijn gesteld, heeft de aansprakelijkheidsverzekeraar van het ziekenhuis, zonder medeweten van de patiënt, een radioloog geraadpleegd. Op grond van artikel 843a Rv vordert de patiënt bij het Hof Amsterdam inzage in de medische analyse van de radioloog, daarbij nadrukkelijk refererend aan het inzagerecht op grond van de Wbp. Het hof wijst de vordering af. De Hoge Raad bekrachtigt dit oordeel. De medische analyse van de radioloog betreft geen persoonsgegevens in de zin van Richtlijn 95/46/EG. Op grond van de Wbp komt de patiënt daarom geen recht toe op inzage in de medische analyse.


Mr. ir. J.P.M. Simons
Mr. ir. J.P.M. Simons is advocaat bij Leijnse Artz te Rotterdam.
Artikel

Access_open Het hoger beroep inzake het schietincident in Alphen aan den Rijn: hoe gerechtigheid zegevierde, en de geest in de fles bleef

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2018
Trefwoorden secundaire aansprakelijkheid, Alphen aan den Rijn, schietpartij, relativiteit, zorgplicht
Auteurs Mr. K.L. Maes
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 27 maart 2018 is de politie door het Gerechtshof Den Haag aansprakelijk gehouden voor de door de slachtoffers en nabestaanden geleden letsel- en overlijdensschade vanwege het ten onrechte verstrekken van de wapenvergunning aan Tristan van der V., nadat deze aansprakelijkheid eerder op relativiteitsgronden strandde bij de Rechtbank Den Haag. In het onderhavige artikel worden beide uitspraken besproken en de afwijkende oordelen tegen elkaar afgezet. De kritieken waarmee met name het vonnis is ontvangen, geven bovendien aanleiding om de daarmee verweven secundaire aansprakelijkheidsproblematiek nader onder de loep te nemen. Want waarom hield de rechtbank de aansprakelijkheidsdeur zo krampachtig dicht, en zet het hof deze desondanks (meer) open?


Mr. K.L. Maes
Mr. K.L. Maes is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht en als buitenpromovenda verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) van de Universiteit Utrecht. Zij werkt aan een proefschrift over de zorgplicht van secundaire, private partijen jegens bezoekers van openbare ruimten.
Artikel

De informatieplicht van een zorgaanbieder bij de afwikkeling van medische schade

Over finale kwijting, geschilleninstanties en ongeïnformeerde patiënten

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Wkkgz, medisch, schade, informatieplicht, informed consent
Auteurs Mr. B.S. Laarman
SamenvattingAuteursinformatie

    Schikkingsonderhandelingen in de Wkkgz-voorfase en bindend advies worden vaak afgerond met een vaststellingsovereenkomst. De aard van de vaststellingsovereenkomst geeft veel gewicht aan de wilsvorming vooraf. Dat veronderstelt een informatieplicht. In de Wkkgz-voorfase betekent de informatieplicht dat een vaststellingsovereenkomst bij voorkeur pas wordt gesloten na deskundig advies. Een zorgaanbieder die zich achteraf op de verplichtingen uit het bindend advies van een geschilleninstantie wil beroepen, zal eveneens aan zijn informatieplicht moeten voldoen. De wijze van informatieverstrekking van de geschilleninstanties is dermate gebrekkig, dat aantasting van het bindend advies achteraf goed denkbaar is. Inspiratie wordt gezocht bij het medisch informed consent.


Mr. B.S. Laarman
Mr. B.S. Laarman is docent-onderzoeker aan het Amsterdam Centre for Comprehensive Law (ACCL), verbonden aan de afdeling Privaatrecht van de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit, en de uitvoerend onderzoeker in project OPEN. OPEN is een leernetwerk van ziekenhuizen en onderzoekers van de VU, het NIVEL en AMC/UvA, dat inzichten opdoet over de organisatie van openheid na medische incidenten (www.openindezorg.nl). OPEN wordt gefinancierd door het Fonds Slachtofferhulp.
Toont 1 - 20 van 340 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 16 17
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.