Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 31 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Contracteren x
Artikel

Access_open Franchise: is artikel 7:922 BW een voorrangsregel waar de praktijk op moet voorsorteren?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Franchisewet, voorrangsregel, internationaal privaatrecht, artikel 9 Rome I Verordening
Auteurs Prof. mr. dr. Edwin van Wechem en Mr. Michiel Bijloo
SamenvattingAuteursinformatie

    Artikel 7:922 BW van de nieuwe Wet franchise bepaalt dat ten aanzien van in Nederland gevestigde franchisenemers niet ten nadele kan worden afgeweken van de Titel franchise en dat een beding in strijd met artikel 920 nietig is, ongeacht het recht dat de franchiseovereenkomst beheerst. In deze bijdrage wordt onderzocht of dit de betekenis en status kan hebben van een voorrangsregel in het internationaal privaatrecht, meer precies in de zin van art. artikel 9 Rome I Verordening.


Prof. mr. dr. Edwin van Wechem
Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem is hoogleraar Corporate Legal Counseling aan de Open Universiteit en redacteur van Contracteren.

Mr. Michiel Bijloo
Mr. M. Bijloo is advocaat en counsel bij BakerMcKenzie advocaten en notarissen te Amsterdam.
Artikel

Access_open Het Wetsvoorstel franchise: verbeterd, maar nog steeds werk aan de winkel

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2020
Trefwoorden franchise, precontractuele informatie, goodwill, bedenktermijn, wetsvoorstel
Auteurs Prof. mr. H.N. Schelhaas en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Nadat eerdere voorontwerpen uit 2017 en 2018 kritisch werden onthaald tijdens de internetconsultatie, heeft de wetgever toch een wetsvoorstel voorgelegd aan de Tweede Kamer. Het voorontwerp uit 2018 diende als blauwdruk. In dit artikel wordt het wetsvoorstel besproken. De auteurs gaan in op de ratio legis, de precontractuele informatieverplichting en de goodwillplicht. Deze onderwerpen bespreken zij tegen de achtergrond van de huidige wettelijke regelingen, doctrine en rechtspraak.


Prof. mr. H.N. Schelhaas
Prof. mr. H.N. Schelhaas is hoogleraar Privaatrecht aan de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat in Nieuwkoop en Aalsmeer onder de naam facily LAW advocatuur en adviseur bij La Gro Geelkerken Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Impressies

De ‘prognose-torpedo’: een effectief verweermiddel tegen vorderingen in kort geding

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Franchise, Exploitatie prognose, Dwaling, Kort Geding, Wilsgebrek
Auteurs Mr. J.H. Kolenbrander
SamenvattingAuteursinformatie

    Een beroep op dwaling vanwege een ondeugdelijke prognose kan in kort geding een effectief verweermiddel zijn van een franchisenemer om de vordering van een franchisegever af te laten wijzen door de rechter.


Mr. J.H. Kolenbrander
Mr. Jan-Willem Kolenbrander is advocaat bij De Clercq Advocaten Notariaat te Leiden en gespecialiseerd in franchising.
Artikel

Access_open De informatieplicht voor de franchisegever naar Nederlands recht

Beschouwingen naar aanleiding van het Albert Heijn-arrest

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2019
Trefwoorden franchising, informatieplicht, omzetprognose, franchise overeenkomst en Wer (Wetboek van economisch recht).
Auteurs Mr. dr. S.A. Kruisinga en Mr. M.I. Nijenhof-Wolters
SamenvattingAuteursinformatie

    In het Albert Heijn-arrest heeft de Hoge Raad opnieuw bevestigd dat naar huidig Nederlands recht geen algemene regel geldt dat een franchisegever een (toekomstige) franchisenemer moet inlichten omtrent de te verwachten omzet of omtrent de winstverwachting. De bijzondere omstandigheden van het geval kunnen echter wel een zodanige verplichting meebrengen. De vraag rijst of in het voorontwerp van de Wet Franchise dat op 12 december 2018 werd gepubliceerd een andere benadering is gekozen. In dit voorontwerp wordt voorgesteld een – vrij ruim geformuleerde – informatieplicht voor de franchisegever te introduceren. In deze bijdrage wordt ingegaan op het Albert Heijn–arrest en wordt de uitkomst van deze procedure afgezet tegen het Nederlandse conceptwetsvoorstel en de Belgische regelgeving voor franchiseovereenkomsten.


Mr. dr. S.A. Kruisinga
Mr. dr. S.A. Kruisinga is universitair hoofddocent bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en professional support lawyer bij Van Benthem & Keulen.

Mr. M.I. Nijenhof-Wolters
Mr. M.I. Nijenhof-Wolters is advocaat bij Van Benthem & Keulen.
Artikel

Access_open Vernietiging van de overeenkomst bij een oneerlijke handelspraktijk; een hanteerbare sanctie?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2018
Trefwoorden oneerlijke handelspraktijk, vernietiging, misleidende omissie, ambtshalve toetsing, causaal verband
Auteurs Prof. mr. drs. C.M.D.S. Pavillon en Mr. dr. L.B.A. Tigelaar
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds juni 2014 kent de afdeling oneerlijke handelspraktijken een bijzondere vernietigingsgrond: art. 6:193j lid 3 BW. Deze bepaling is tot nu toe weinig toegepast, zo blijkt uit de gepubliceerde rechtspraak. In deze bijdrage wordt daarom onderzocht hoe hanteerbaar, in de zin van toegankelijk en gebruiksvriendelijk, de vernietigingsgrond uit art. 6:193j lid 3 BW eigenlijk is. Dit gebeurt door het analyseren van zes uitspraken. Uit het onderzoek blijkt dat de vernietigingsgrond toegankelijk en gebruiksvriendelijk is voor de consument mede dankzij de rol van de rechter. De rechter is namelijk degene die meestal het initiatief neemt tot toepassing van de sanctie.


Prof. mr. drs. C.M.D.S. Pavillon
Prof. mr. drs. C.M.D.S. Pavillon is hoogleraar privaatrecht, in het bijzonder consumentenrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. dr. L.B.A. Tigelaar
Mr. dr. L.B.A Tigelaar is universitair docent verbintenissenrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Boilerplates etc.

Uitsluiten van ontbinding en vernietiging in overnamecontracten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Overname, Uitsluiten, Uitsluiting, Ontbinding, Vernietiging
Auteurs Mr. M.J.E. Van den Bergh
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur gaat in op de in het overnamecontract veelgebruikte bepalingen waarmee ontbinding en vernietiging worden uitgesloten. De juridische achtergrond en de praktische zin van dergelijke clausules wordt besproken en er komen enkele voorbeelden uit de jurisprudentie aan bod.


Mr. M.J.E. Van den Bergh
M.J.E. van den Bergh is werkzaam bij Höcker advocaten.
Diversen: Boilerplates etc.

Overleeft de survival clause?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Survival clause, Boilerplate, Uitleg, Ontbinding, vernietiging
Auteurs Prof. mr. T.H.M. Van Wechem en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    De survival clause wordt in veel contracten aangetroffen en heeft tot doel te bewerkstelligen dat de daarin genoemde artikelen het einde van de overeenkomst overleven. In dit artikel onderzoeken de schrijvers of de survival clause nodig is, dan wel dat de wettelijke regelingen over ontbinding en vernietiging het onderwerp al afdoende regelen. De schrijvers concluderen dat de survival clause nut heeft.


Prof. mr. T.H.M. Van Wechem
Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem is hoogleraar Professional Legal Counseling aan de Open Universiteit.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Diversen: Boilerplates etc.

Is de nietigheidsecarterende (en/)of conversieclausule (severability clause) eigenlijk wel toegestaan?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2017
Trefwoorden boilerplate, nietigheid, bepaalbaarheid, afdwingbaarheid, severability
Auteurs Prof. mr. T.H.M. van Wechem
SamenvattingAuteursinformatie

    In het artikel wordt de vraag behandeld of een “severabilty clause” – een clausule die vaak standaard als boilerplate in een contract wordt opgenomen en waarin partijen nietigheden en vernietigbaarheden op voorhand willen reguleren – wettelijk is toegestaan en/of opname van een dergelijke clausule zinvol is.
    De auteur komt tot de conclusie dat dergelijke clausules – binnen een bepaalde bandbreedte – zijn toegestaan, maar hij bepleit dat opname van een dergelijk clausule tot een dermate grote onduidelijkheid kan leiden, dat opname daarom niet zinvol is. Dit geldt temeer omdat er een uitgebalanceerde wettelijke regeling bestaat voor de gevallen dat partijen geen afspraken hierover hebben gemaakt.


Prof. mr. T.H.M. van Wechem
Prof. mr. E. van Wechem is verbonden aan Baker & McKenzie advocaten, notarissen en belastingadviseurs en (parttime) hoogleraar Professional Legal Counselling OU
Casus

Remedies bij inbreuken op garanties in overnamecontracten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Garantie, Non-conformiteit, Remedies, Schadevergoeding, SPA
Auteurs Prof. mr. R.J. Tjittes
Auteursinformatie

Prof. mr. R.J. Tjittes
Prof. mr. Rieme-Jan Tjittes is advocaat en partner bij BarentsKrans, hoogleraar Privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en redacteur van dit blad.
Praktijk

Tegen fraude is geen bankgarantie opgewassen

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2015
Trefwoorden Bankgarantie, Uitleg, Strikte conformiteit, Bedrog, Willekeur
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    De bankgarantie is een verbintenisrechtelijke zekerheidsfiguur, die de begunstigde aanspraak geeft jegens een bank op uitbetaling van een doorgaans door een derde verschuldigd bedrag. Indien aan de voorwaarden van de bankgarantie is voldaan, is de bank in beginsel gehouden tot uitkering over te gaan. De bank mag uitkering weigeren op grond van de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid, voornamelijk indien sprake is van bedrog of willekeur. In het Amstelpark-arrest, dat in deze bijdrage centraal staat, oordeelde de Hoge Raad dat bedrog of willekeur niet uitsluitend door de opdrachtgever of begunstigde hoeft te zijn bewerkstelligd, maar dat ook bedrog of willekeur van een betrokken derde tot weigering van uitkering kan leiden.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

Toerekening van kennis van een gevolmachtigde - een verkenning van artikel 3:66 lid 2 BW

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2015
Trefwoorden Toerekening, Kennis, Volmacht, actio pauliana
Auteurs Mr. B.M. Katan
SamenvattingAuteursinformatie

    Over de toepassing van de leer van het grootste aandeel, zoals vervat in artikel 3:66 lid 2 BW, bestaat veel onduidelijkheid. De auteur geeft antwoord op zes vragen over de werking van artikel 3:66 lid 2 BW en signaleert onjuiste toepassingen van deze bepaling in de rechtspraak.


Mr. B.M. Katan
Mr. B.M. Katan is advocaat bij Stibbe en schrijft aan de Radboud Universiteit een proefschrift over de toerekening van kennis aan rechtspersonen. Reacties zijn welkom op.

Prof. mr. A.L.M Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is hoogleraar privaatrecht bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en raadsheer bij het Gerechtshof Amsterdam.
Contracten maken

De klachtplicht vergeleken met het leerstuk estoppel

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2014
Trefwoorden Estoppel, klachtplicht, rechtsverwerking, clean hands
Auteurs J.H. Mr. dr. Ermers
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel omvat een rechtsvergelijkende beschouwing over de klachtplicht van de koper c.q. schuldeiser en het common law leerstuk estoppel, de leer dat men niet terug kan komen op een eerder ingenomen standpunt als de positie van de wederpartij daardoor onredelijk wordt bezwaard. Zowel bij estoppel als bij de klachtplicht ligt de ratio in het verantwoording nemen voor gedragingen van de wederpartij die de rechthebbende heeft uitgelokt. Evenals bij estoppel komt het bij de klachtplicht aan op de vraag of de positie van de schuldenaar onredelijk bezwaard wordt. Sleutelbegrippen daarbij zijn nadeel en clean hands bij de schuldenaar.


J.H. Mr. dr. Ermers
Mr. dr. J.H. (Jeroen) Ermers promoveerde 7 maart 2014 aan de Open Universiteit op het proefschrift ‘Estoppel vanuit civil law perspectief’. Hij is als docent verbonden aan de Open Universiteit en werkzaam als jurist bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. Dit artikel omvat een bewerking van (met name) hoofdstuk 10 van zijn dissertatie (Zutphen: Uitgeverij Paris 2014).

Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes
Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes is advocaat en partner bij BarentsKrans.

J. Kampman LL.B.
J. Kampman LL.B. is masterstudent privaatrecht en strafrecht aan de UvA; diens masterscriptie heeft als basis gediend voor dit artikel.

E. Dewitte
E. Dewitte is assistent aan het Instituut voor Goederenrecht, Katholieke Universiteit Leuven, Kulak.

V. Sagaert
V. Sagaert is hoogleraar aan de Katholieke Universiteit Leuven en Universiteit Antwerpen en directeur van het Instituut voor Goederenrecht van de Katholieke Universiteit Leuven.

Mr. dr. W.C.T. Weterings
Mr. dr. W.C.T. Weterings is advocaat bij Dirkzwager Advocaten & Notarissen N.V., sectie Aansprakelijkheid, Schade en Verzekering, Universitair Docent aan de Universiteit van Tilburg, vakgroep Business Law en gastprofessor aan de Universiteit Antwerpen, vakgroep Burgerlijk Recht.

Mr. M.J.C. van der Heijden LL.M. M.Phil
Mr. M.J.C. van der Heijden LL.M. M.Phil is verbonden aan het UD Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.
Praktijk

Et Dieu crea le contrat

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2012
Trefwoorden maatschap, ontstaan overeenkomst, duurrelatie, mededinging, boete, matiging
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Het recht wordt wel eens vergeleken met een gereedschapskist. Om te weten welk gereedschap nodig is, is doorgaans een diagnose van het probleem noodzakelijk. De auteur bespreekt drie arresten, waarin partijen de aard van hun relatie onbenoemd hadden gelaten. In het eerste arrest neemt de rechter een maatschapsverband aan, in het tweede een duurrelatie waarvan de opzegging in strijd blijkt met het mededingingsrecht, en in het derde een oneigenlijk boetebeding waarop de regels over de matiging van boetes van toepassing zijn.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.

Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is als hoogleraar burgerlijk recht verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.

Mr. S.A. Kruisinga
Mr. S.A. Kruisinga is als universitair hoofddocent handelsrecht verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.

Mr. M.Y. Schaub
Mr. M.Y. Schaub is als universitair docent burgerlijk recht verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.
Discussie

Een haalbaarheidsstudie naar een optioneel instrument

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2011
Trefwoorden optioneel instrument, Europese commissie, oneerlijke bedingen, afgebroken onderhandelingen, bevoegdheid, Rome I Vo
Auteurs Mr. dr. J.W. Rutgers
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur behandelt in haar bijdrage thema’s rondom het concept optioneel instrument zoals de Europese Commissie dat op 3 mei 2011 op haar website heeft gepubliceerd. Zij bespreekt achtereenvolgens de context waarin de Europese Commissie het concept optioneel instrument plaatst, de vraag of er een bevoegdheid is in de Europese verdragen om tot vaststelling van een optioneel instrument te kunnen komen en wat de verhouding tot Rome I Vo is. Ten slotte gaat de auteur in op de inhoud van het document en licht er twee onderwerpen uit: het afbreken van onderhandelingen en de toetsing van oneerlijke bedingen.


Mr. dr. J.W. Rutgers
Mr. dr. J.W. Rutgers is universitair hoofddocent Afdeling Privaatrecht, Juridische Faculteit VU en raadsheer-plaatsvervanger bij het Gerechtshof te Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 31 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.