Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 134 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Contracteren x
Over de grens

Over de Tiffany/Swatch-procedures en het Nederlandse materiële recht bezien vanuit internationale partijen

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2019
Trefwoorden uitleg en aanvulling, Rechtskeuze, Forumkeuze, internationale handelsgeschillen, NCC
Auteurs Mr. J.M. Luycks en Mr. drs. A.M.M. Hendrikx
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bevat een beschouwing naar aanleiding van de arbitrage en vernietigingsprocedure tussen Tiffany en Swatch. Het Nederlandse materiële recht bezien vanuit internationale partijen staat centraal, waarbij de focus ligt op het onderscheid tussen de uitleg en aanvulling van een overeenkomst en de gevolgen van een door partijen gemaakte rechtskeuze.


Mr. J.M. Luycks
Mr. J.M. Luycks is werkzaam bij Clifford Chance LLP te Amsterdam.

Mr. drs. A.M.M. Hendrikx
Mr. drs. A.M.M. Hendrikx is werkzaam bij Clifford Chance LLP te Amsterdam. Zij is tevens als buitenpromovenda verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Leiden en werkt aan een proefschrift op het terrein van de uitleg van overeenkomsten.
Impressies

Nederlandse Wet op de reisovereenkomst: (on)werkbaarheid in de praktijk

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Reisovereenkomst, Gekoppeld reisarrangement, Richtlijn pakketreizen, Reiziger, Handelaar
Auteurs Mr. N.A. de Leeuw en Mr. drs. J.A. Tersteeg
SamenvattingAuteursinformatie

    De nieuwe wet op de reisovereenkomst (titel 7A van Boek 7 BW) welke wet op 1 juli 2018 in werking is getreden, is eigenlijk een vrijwel letterlijke vertaling van de Richtlijn Pakketreizen en Gekoppelde Reisarrangementen van 25 november 2015. Hoewel de doelstelling van de Richtlijn, te weten meer bescherming voor de reiziger en maximum harmonisatie tussen de lidstaten een mooi streven was, blinkt de Richtlijn niet uit in duidelijkheid en zijn er voorafgaand aan de totstandkoming ervan vele ontwerpen de revue gepasseerd die de eindstreep van het wetgevingsproces niet hebben gehaald. Desondanks heeft de Nederlandse wetgever deze moeilijke wetgeving uit Brussel redelijk leesbaar geïmplementeerd in de Nederlandse wet. Onzes inziens is de Richtlijn, en daarmee dus ook de Nederlandse wet, op een aantal vlakken niet duidelijk en lastig uit te leggen aan zowel de ondernemers in de reisbranche als aan de reiziger. Ook zijn er enkele onvolkomenheden in de wet geslopen, mede veroorzaakt door een slordige vertaling van de Richtlijn in het Nederlands, waar de Nederlandse wetgever overigens geen invloed op had. In dit artikel willen we met name stilstaan bij een aantal van deze onduidelijkheden en moeilijkheden. Zo zijn de definitiebepalingen bijvoorbeeld vrij ingewikkeld en roept de afbakening tussen een pakketreis en het nieuwe fenomeen van het gekoppeld reisarrangement vragen op. Ook zetten wij vraagtekens bij de vergaande informatieverplichtingen, de positie van de zakenreiziger en de wijze waarop de garantieverplichtingen in Nederland zijn geïmplementeerd. Hoe werkzaam de wet zal zijn in de praktijk van alle dag, zal de komende jaren dus nog moeten blijken.


Mr. N.A. de Leeuw
Mr. N.A. de Leeuw is advocaat bij La Gro Geelkerken Advocaten.

Mr. drs. J.A. Tersteeg
Mr. drs. J.A. Tersteeg is avocaat bij EMR Advocaten.
Artikel

Access_open De informatieplicht voor de franchisegever naar Nederlands recht

Beschouwingen naar aanleiding van het Albert Heijn-arrest

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2019
Trefwoorden franchising, informatieplicht, omzetprognose, franchise overeenkomst en Wer (Wetboek van economisch recht).
Auteurs Mr. dr. S.A. Kruisinga en Mr. M.I. Nijenhof-Wolters
SamenvattingAuteursinformatie

    In het Albert Heijn-arrest heeft de Hoge Raad opnieuw bevestigd dat naar huidig Nederlands recht geen algemene regel geldt dat een franchisegever een (toekomstige) franchisenemer moet inlichten omtrent de te verwachten omzet of omtrent de winstverwachting. De bijzondere omstandigheden van het geval kunnen echter wel een zodanige verplichting meebrengen. De vraag rijst of in het voorontwerp van de Wet Franchise dat op 12 december 2018 werd gepubliceerd een andere benadering is gekozen. In dit voorontwerp wordt voorgesteld een – vrij ruim geformuleerde – informatieplicht voor de franchisegever te introduceren. In deze bijdrage wordt ingegaan op het Albert Heijn–arrest en wordt de uitkomst van deze procedure afgezet tegen het Nederlandse conceptwetsvoorstel en de Belgische regelgeving voor franchiseovereenkomsten.


Mr. dr. S.A. Kruisinga
Mr. dr. S.A. Kruisinga is universitair hoofddocent bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en professional support lawyer bij Van Benthem & Keulen.

Mr. M.I. Nijenhof-Wolters
Mr. M.I. Nijenhof-Wolters is advocaat bij Van Benthem & Keulen.
Over de grens

Uitleg van overeenkomsten naar Engels recht

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Engels recht, Uitleg van overeenkomsten, Contractsuitleg, Haviltex
Auteurs Prof. mr. F.W. Grosheide
SamenvattingAuteursinformatie


Prof. mr. F.W. Grosheide
Prof. mr. F.W. Grosheide is emeritus hoogleraar Burgerlijk recht en intellectueel eigendomsrecht aan de Universiteit Utrecht en juridisch adviseur te Amsterdam.
Actualia contractspraktijk

Het non-concurrentiebeding in de franchiseovereenkomst anno 2019

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2019
Trefwoorden franchise, franchiseovereenkomst, non-concurrentiebeding, Wet franchise, jurisprudentie
Auteurs Mr. J.H. Kolenbrander
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt een overzicht gegeven van recente jurisprudentie op het gebied van het non-concurrentiebeding in de franchiseovereenkomst mede in het licht van de Wet franchise.


Mr. J.H. Kolenbrander
Mr. J.H. Kolenbrander is advocaat bij De Clercq Advocaten Notariaat te Leiden en gespecialiseerd in franchising.
Artikel

Access_open Het Voorontwerp Franchise: strike two voor de wetgever

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Franchise, Precontractuele informatie, Goodwill, Bedenktermijn, Wetsvoorstel
Auteurs Prof. mr. H.N. Schelhaas en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 12 december 2018 publiceerde de wetgever een nieuw voorontwerp voor een wettelijke regeling van de franchiseovereenkomst. Een eerder voorontwerp uit 2017 werd kritisch bejegend door de praktijk. In dit artikel wordt het nieuwe voorontwerp besproken. De auteurs gaan in op de ratio legis, de precontractuele informatieverplichting en de goodwillplicht. Deze onderwerpen bespreken zij tegen de achtergrond van de huidige wettelijke regelingen, doctrine en rechtspraak.


Prof. mr. H.N. Schelhaas
Prof. mr. H.N. Schelhaas is hoogleraar Privaatrecht aan de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Geelkerken Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Boilerplates etc.

Schadeclausules bij overdracht van aandelen: een andere kijk?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2018
Trefwoorden schadeclausules, overdracht van aandelen, schadevergoeding, kooprecht
Auteurs Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem
SamenvattingAuteursinformatie


Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem
Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem is verbonden aan Baker & McKinzie, advocaten, notarissen en belastingadviseurs en (part-time) hoogleraar Professional Legal Counseling OU.
Over de grens

Minder ruimte voor hypothetische ‘onderhandelingsschadevergoeding’ bij schadevergoeding na ‘breach of contract’ in het Verenigd Koninkrijk

Morris-Garner and another (Appellants)/One Step (Support) Ltd (Respondent) [2018] UKSC 20

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2018
Trefwoorden schadevergoeding, wanprestatie, schadevaststelling, Engels recht, ‘breach of contract’
Auteurs Mr. drs. M. van Kogelenberg
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. drs. M. van Kogelenberg
Mr. drs. M. van Kogelenberg is universitair docent privaatrecht aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht en onderzoeker bij het Utrecht Centre for Accountability and Liability (UCALL).
Artikel

Access_open Tenietgaan van zekerheidsrechten door contractsoverneming

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Contractsoverneming, Zekerheidsrechten, Tenietgaan, Voorkomen, Herstellen
Auteurs Mr. M. Huizingh
SamenvattingAuteursinformatie

    Het overnemen van contracten komt veel voor in de praktijk, maar lang niet alle rechtsgevolgen van contractsoverneming zijn algemeen bekend. Weinig bekendheid geniet bijvoorbeeld het feit dat zekerheidsrechten teniet kunnen gaan door contractsoverneming. Partijen die zich daar niet van bewust zijn, lopen het risico dat hun verhaalspositie ongemerkt en ongewild verslechtert. Wie de wettelijke regeling over het tenietgaan van zekerheidsrechten bij overgang van contracten daarentegen goed kent en toepast, kan daar zijn voordeel mee doen. In dit artikel wordt beschreven welke zekerheden kunnen vervallen, hoe dit kan worden voorkomen of eventueel juist kan worden benut.


Mr. M. Huizingh
Mr. M. Huizingh is advocaat te Enschede en als fellow verbonden aan het Onderzoekscentrum Onderneming en Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Impressies

Wat is de impact van de Algemene Verordening Gegevensbescherming van de EU op internationale franchiseovereenkomsten?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Algemene Verordening Gegevensbescherming, Franchiseovereenkomsten, Nationaal en internationaal contracteren, E-commerce, Bescherming persoonsgegevens
Auteurs Mr. M. de Koning en Mr. dr. H.H. de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) zal per ingang van 25 mei 2018 van toepassing zal zijn in alle EU-lidstaten. Het artikel zet de belangrijkste veranderingen die de AVG met zich meebrengt en de betekenis voor franchiseovereenkomsten uiteen. In het kort verruimt de AVG de rechten van betrokkenen (natuurlijke personen) op basis van hun fundamentele recht op gegevensbescherming en scherpt het de verplichtingen aan van de bij verwerking van persoonsgegevens betrokken ondernemingen. Ook verzwaart de Verordening het sanctieregime.
    Voor de meeste franchisegevers en franchisenemers geldt dat zij persoonsgegevens verwerken en dus te maken krijgen met het regime van de AVG. De meeste franchisenetwerken maken gebruik van loyaltyprogramma’s en digitale marketingmethodes. Ook komt het in de praktijk voor dat franchisegevers en franchisenemers in geschillen terechtkomen over wie de gegevens met betrekking tot de klanten van de franchisenemers mag gebruiken, tijdens of na beëindiging van de franchiserelatie. Wij behandelen de basisbeginselen van de AVG, de vereisten voor een rechtmatige verwerking van persoonsgegevens, de nieuwe verplichtingen en rechten van betrokkenen. Teneinde aan de AVG te kunnen voldoen, moeten franchisegevers en franchisenemers onder meer de gegevensverwerking van in franchisesystemen in kaart brengen en moeten zij rolduidelijkheid scheppen: wie is de verantwoordelijke en wie is eventuele verwerker jegens de betrokken natuurlijke personen?
    Het artikel concludeert dat de meeste internationaal gebruikte standaard franchiseovereenkomsten vrij veel aanpassingen behoeven om aan de vereisten van de AVG te voldoen. Momenteel zijn de rollen van franchisegevers en franchisenemers en de activiteiten voor bescherming van persoonsgegevens in de franchiseketen niet duidelijk bepaald en vastgelegd. Dan blijft dikwijls in het midden welke partij voor de naleving van de AVG verantwoordelijk is. Niet-naleving kan tot hoge boetes, civielrechtelijek aansprakelijkheid en/of reputatieschade van het gehele franchisenetwerk leiden. De AVG is ook relevant voor buiten de EU gevestigde franchisegevers. Ongeacht of de verwerking van persoonsgegevens in de EU plaatsvindt, is de AVG van toepassing op de verwerking in de context van activiteiten van een vestiging van een verwerkingsverantwoordelijke of een verwerker in de EU.
    Er is voorts nog een e-Privacy Verordening in de maak. Deze zal op het punt van profilering, e-marketing, behavioral advertising en geo-targeting aanvullende eisen stellen.


Mr. M. de Koning
Mr. M. de Koning is advocaat/partner bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam en hoofd van de sectie Commercial.

Mr. dr. H.H. de Vries
Mr. dr. H.H. de Vries is advocaat/partner bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam en hoofd van de sectie Privacy.
Artikel

Access_open Follow-on schadeclaims wegens schending van het mededingingsrecht: van law in the books naar law in action

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Kartelschade, Richtlijn schadeclaims wegens mededingingsinbreuken, Implementatiewet privaatrechtelijke handhaving, Passing-on verweer, Voordeelstoerekening
Auteurs Mr. dr. R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage gaat de auteur in op een aantal recente ontwikkelingen op het gebied van de private handhaving van het mededingingsrecht. Daarbij wordt in het bijzonder aandacht besteed aan de nieuwe wettelijke bepalingen als gevolg van de implementatie van de richtlijn inzake schadeclaims wegens mededingingsinbreuken alsmede enkele noemenswaardige ontwikkelingen in de jurisprudentie op het gebied van kartelschade.


Mr. dr. R. Meijer
Mr. dr. R. Meijer is advocaat te Amsterdam.
Boilerplates etc.

Uitsluiten van ontbinding en vernietiging in overnamecontracten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Overname, Uitsluiten, Uitsluiting, Ontbinding, Vernietiging
Auteurs Mr. M.J.E. Van den Bergh
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur gaat in op de in het overnamecontract veelgebruikte bepalingen waarmee ontbinding en vernietiging worden uitgesloten. De juridische achtergrond en de praktische zin van dergelijke clausules wordt besproken en er komen enkele voorbeelden uit de jurisprudentie aan bod.


Mr. M.J.E. Van den Bergh
M.J.E. van den Bergh is werkzaam bij Höcker advocaten.
Actualia contractspraktijk

Nog een update rechtspraak over het non-concurrentiebeding in de franchiseovereenkomst

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Franchise, Franchiseovereenkomst, Concurrentiebeding, Franchisegever, Franchisenemer
Auteurs Mr. J.H. Kolenbrander
SamenvattingAuteursinformatie

    Geschillen tussen franchisegevers en franchisenemers over postcontractuele non-concurrentiebedingen in de franchiseovereenkomst blijven met de nodige regelmaat terugkomen in de rechtspraak. Dat is ook niet verwonderlijk, omdat het antwoord op de vraag of een ex-franchisenemer al dan niet gebonden is aan een dergelijk beding aanzienlijke gevolgen kan hebben voor zowel de ex-franchisenemer zelf als de franchisegever en de andere franchisenemers. In dit artikel wordt een samenvatting gegeven van recente jurisprudentie.


Mr. J.H. Kolenbrander
Mr. J.H. Kolenbrander is advocaat bij De Clercq Advocaten Notariaat te Leiden en gespecialiseerd in franchising.
Contracten maken

Het eenzijdig wijzigingsbeding in de franchiseovereenkomst

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Franchise, Formulewijziging, Wijzigingsbeding, Franchiseovereenkomst
Auteurs Mr. A.W. Dolphijn
SamenvattingAuteursinformatie

    De vraag of de franchiseformule door de franchisegever gewijzigd zou mogen worden, en in hoeverre, kan een bron van conflicten zijn. Bij de beoordeling gaat het om de formulering van het wijzigingsbeding, de wijziging zelf en overige omstandigheden. Tegen deze achtergrond wordt in deze bijdrage bezien welke factoren van belang kunnen zijn bij een toelaatbaar beroep van een franchisegever op een beding in een franchiseovereenkomst tot eenzijdige wijziging van de franchiseformule.


Mr. A.W. Dolphijn
Mr. A.W. Dolphijn is advocaat te Rotterdam bij Ludwig & Van Dam advocaten.
Artikel

Contractuele informatierechten in overnamecontracten en aandeelhoudersovereenkomsten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Artikel 843a Rv, exhibitieplicht, informatierechten, overnamecontracten, aandeelhoudersovereenkomsten
Auteurs Mr. L.J.E. Timmer
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Nederlandse rechtssysteem biedt partijen in het economisch verkeer handvatten om benodigde informatie boven tafel te krijgen, ook als deze zich bij een derde bevindt. Bij overnamecontracten kan worden gedacht aan artikel 843a Rv, dat een partij een grondslag biedt om in en buiten rechte kennis te nemen van een (schriftelijk bewijsmiddel) dat haar in beginsel wel bekend is, maar niet in haar bezit is. In vennootschapsrechtelijke verhoudingen is van belang het recht van de algemene vergadering op inlichtingen op grond van artikel 2:107/217 lid 2 BW.
    De wettelijke instrumenten bieden echter in veel gevallen onvoldoende houvast en rechtszekerheid. Om die reden is het bij een overnamecontract of aandeelhoudersovereenkomst in het belang van partijen om te voorzien in een heldere contractuele regeling die recht doet aan de feitelijke omstandigheden en de belangen van de betrokken partijen. Bij het opstellen van een dergelijke regeling dienen de betrokken juristen een balans te vinden tussen het belang van partijen op informatie, die zij op grond van de wet wellicht niet zouden kunnen verkrijgen, en het belang van de partij die de informatie zou moeten afstaan.


Mr. L.J.E. Timmer
Mr. L.J.E. Timmer is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam.
Praktijk

Ontbinding en opzegging: in de Twilight Zone van ‘tenzij’ en ‘zwaarwegende gronden’

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Opzegging duurovereenkomst, Ontbinding overeenkomst, Tekortkoming, Auteurscontract, Redelijkheid en billijkheid
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    De regelingen van opzegging en ontbinding, zoals vormgegeven in de rechtspraak van de Hoge Raad en in de wet, blijven een mijnenveld. Het blijft continu een kwestie van goed manoeuvreren en tijdig klagen en in gebreke stellen. In zijn arrest Nanada/Golden Earring gaat de Hoge Raad nader in op de opzegbaarheid van overeenkomsten en de ontbinding. De auteur bespreekt dit arrest tegen de achtergrond van de opzegging en ontbinding van overeenkomsten.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Praktijk

Het wetsvoorstel franchise: better think twice!

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Franchise, Uitleg, Dwaling, NFC
Auteurs Prof. mr. H.N. Schelhaas en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 12 april 2017 heeft minister Kamp een wetsvoorstel voor de wettelijke verankering van de franchisecode in internetconsultatie gebracht. De schrijvers bespreken dit wetsvoorstel kritisch en menen dat het wetsvoorstel inhoudelijk de toets der kritiek niet kan doorstaan. De wetgever wordt opgeroepen een meer doordacht wetsvoorstel te concipiëren.


Prof. mr. H.N. Schelhaas
Prof. mr. H.N. Schelhaas is hoogleraar privaatrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

Franchiseprognoses volgens de zaak Street-One: aansprakelijkheid halverwege Paalman/Lampenier en de Nederlandse Franchise Code?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2017
Trefwoorden franchise, prognose, Nederlandse Franchise Code, Paalman/Lampenier, zorgplicht
Auteurs Mr. M. Raas en mr. R.B. Musters
Auteursinformatie

Mr. M. Raas
Mr. M. Raas en

mr. R.B. Musters
mr. R.B. Musters zijn advocaten in Amsterdam.
Artikel

Dwalen over franchise

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Franchise, Dwaling, Omzetprognose, Onderzoeksplicht, Mededelingsplicht
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel onderzoekt de auteur hoe de omzetprognoses naar huidig recht worden getoetst en welke rol het dwalingleerstuk speelt. Daarbij wordt gekeken of de regeling over onderzoek en mededeling in de NFC van invloed is op de wijze waarop omzetprognoses worden getoetst.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn. De auteur dankt zijn kantoorgenoot mr. P.B.J. van den Oord voor zijn suggesties en commentaar bij een eerdere versie van dit artikel en mr. D. Diris (advocaat bij Kock & Partners in Brussel) voor het delen van de artikelen met betrekking tot het Belgische recht.
Praktijk

Update jurisprudentie agentuurovereenkomsten 2015-2017

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Agentuur, Klantenvergoeding, beëindiging agentuurrelatie, artikel 7:428 BW, Provisie
Auteurs Mr. drs. H.S. Kleinjan
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt de in de periode 1 januari 2015 tot en met 22 mei 2017 gewezen jurisprudentie over agentuurovereenkomsten besproken. Een breed scala aan onderwerpen met betrekking tot agentuurovereenkomsten passeerde de revue de afgelopen twee jaar bij de rechtbanken, de gerechtshoven en het HvJ EU. Gemeenschappelijke noemer was dat vrijwel alle besproken uitspraken verband hielden met de beëindiging van de agentuurovereenkomsten. Een algemeen beeld dat naar voren komt, is dat de agent nog altijd veel bescherming wordt geboden.


Mr. drs. H.S. Kleinjan
Mr. drs. H.S. Kleinjan is advocaat bij Lexence N.V.
Toont 1 - 20 van 134 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.