Zoekresultaat: 9 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses x
Artikel

Access_open Bezitloze zekerheidsrechten op roerende zaken naar Nederlands, Duits en Amerikaans recht

Is het mogelijk en wenselijk een Europees openbaar register voor bezitloze zekerheidsrechten op roerende zaken te creëren?

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 2 2011
Trefwoorden pandrecht, fiduciaire eigendomsoverdracht, zekerheidsrechten, Europees vermogensrecht, goederenrecht, publiciteit
Auteurs Mr. M.A. Heilbron
SamenvattingAuteursinformatie

    Is het mogelijk en wenselijk een Europees openbaar register voor bezitloze zekerheidsrechten op roerende zaken te creëren? Dat is de vraag die in dit artikel aan de orde komt. Zij past binnen een bestaand debat over de toekomst van het zekerhedenrecht in het Europees privaatrecht. Om tot een antwoord op deze vraag te komen worden de rechtsstelsels van drie landen op het gebied van stille zekerheidsrechten vergeleken: dat van Nederland, Duitsland en de Verenigde Staten. Deze landen kennen momenteel onderling zeer verschillende systemen voor zekerheidsrechten op roerende zaken. Er wordt nagegaan of er in de Europese Unie behoefte bestaat aan harmonisatie van (delen van) het zekerhedenrecht en zo ja, of deze zou kunnen plaatsvinden door middel van de invoering van een openbare registratie voor zekerheidsrechten. Openbare registratie heeft publieke kenbaarmaking van zekerheidsrechten tot gevolg. Er zal worden onderzocht of het goederenrechtelijke publiciteitsbeginsel voldoende rechtvaardiging biedt voor het in het leven roepen van een openbaar register voor zekerheidsrechten.
    Naar de mening van de auteur is een openbaar register voor bezitloze zekerheidsrechten de meest wenselijke keuze voor het zekerhedenrecht in de EU. Dat komt met name doordat registratie bestaande bezwaren omtrent stille zekerheidsrechten weg zal nemen en een dergelijk recht overal in de EU erkend zal worden. Dat brengt naar haar mening de meeste rechtszekerheid voor het zekerhedenrecht.


Mr. M.A. Heilbron
Mr. M.A. Heilbron is afgestudeerd aan de Universiteit van Amsterdam in het privaatrecht.
Artikel

Access_open Contra non valentem agere, non currit praescriptio

De vordering van degene die niet in staat is zijn vordering geldend te maken, verjaart niet

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 2 2011
Trefwoorden verjaring, kennis omtrent de schade en de verantwoordelijke persoon, onmogelijkheid te ageren, contra non valentem-regel, Bemoti-zaak
Auteurs Prof. mr. E.J.H. Schrage
SamenvattingAuteursinformatie

    Het instituut van de verjaring beoogt mede de rechtszekerheid en de billijkheid te dienen. Aldus de Hoge Raad in een recent arrest, waarin het beroep op verjaring van de vordering wegens ernstig lichamelijk letsel werd gehonoreerd (de Bemoti-zaak). In het woordje en zit echter veel springstof verborgen. Het kan de grootst mogelijke eenheid suggereren (‘waar werd oprechter trouw dan tussen man en vrouw, ter wereld ooit gevonden?’, vroeg Vondel zich af); hetzelfde woordje en kan echter de grootst mogelijke tegenstelling verdoezelen (zoals in de uitdrukkingen water en vuur, hemel en hel). Dat laatste lijkt zich voor te doen in deze zaak. Misschien is de rechtszekerheid die met het arrest in de Bemoti-zaak is gediend, wel de zekerheid van onrecht. Aan de hand van enige buitenlandse voorbeelden, een tot op de veertiende eeuw teruggaand rechtsbeginsel dat heden ten dage een typerende karaktertrek van het instituut van de verjaring in Frankrijk en Louisiana vormt, en een recent rapport van de Zuid-Afrikaanse Law Commission betoogt de auteur dat toepassing van de korte verjaringstermijn er niet toe mag leiden dat de toegang tot de rechter wordt afgesloten in gevallen waarin gewichtige redenen het tijdig aanhangig maken van de vordering verhinderden.


Prof. mr. E.J.H. Schrage
Prof. mr. E.J.H. Schrage is emeritus hoogleraar Privaatrecht aan de Universiteit van Amsterdam, oud-hoogleraar Romeins recht aan de Vrije Universiteit en raadsheer-plaatsvervanger in het Hof Amsterdam.
Artikel

Access_open Uniforme aanpak van de causaliteitsproblematiek via proportionele toerekening

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 3 2010
Trefwoorden causaliteit, causaliteitsproblematiek
Auteurs Dr. B.C.J. van Velthoven
SamenvattingAuteursinformatie

    In Nederland wordt proportionele aansprakelijkheid toegepast in gevallen van onzekere causaliteit. Daarbij wordt de schade toegerekend aan de mogelijke causale factoren naar rato van ieders bijdrage aan de kans op schade. Door de preventieve werking van het aansprakelijkheidsrecht centraal te stellen en bij alle typen causaliteit de ex ante benadering met proportionele toerekening toe te passen, kan een uniforme aanpak van de causaliteitsproblematiek tot stand worden gebracht. In het artikel worden eerst de hoofdcategorieën van causaliteit besproken. Vervolgens wordt bezien tot welke resultaten proportionele toerekening leidt. Tot slot wordt de voorgestane benadering afgezet tegen de PETL en het DCFR.


Dr. B.C.J. van Velthoven
Dr. B.C.J. (Ben) van Velthoven is als universitair hoofddocent Rechtseconomie verbonden aan de Juridische Faculteit van de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Pleidooi voor een herziening van de Nederlandse battle of forms-regeling

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 03 2006
Trefwoorden Algemene voorwaarden, Contract, Overeenkomst, Voorwaarde, Aanbod en aanvaarding, Contractsvrijheid, Model, Beding, Aanvaarding, College bescherming persoonsgegevens
Auteurs Mahé, C.B.P.

Mahé, C.B.P.
Artikel

Access_open Precontractuele informatieplichten in het EG-contractenrecht

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 01 2004
Trefwoorden Informatieplicht, Afnemer, Consument, Overeenkomst, Informatieverstrekking, Europees recht, Publicatieblad van de europese unie, Kwaliteit, Lidstaat, Voorwaarde
Auteurs Hardy, R.R.R.

Hardy, R.R.R.
Artikel

Access_open Vermogensrechtelijke gevolgen van oneerlijke handelspraktijken

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 01 2006
Trefwoorden Consument, Handelaar, Overeenkomst, Koop, Rechtshandeling, Bedreiging, Dwaling, Wilsgebrek, Causaliteit, Koopovereenkomst
Auteurs Vrey, R.W. de

Vrey, R.W. de
Jurisprudentie

Access_open Koop van een woning. Non-conformiteit. Uitleg artikel 5.3 NVM-koopakte: HR 23 december 2005, C04/294HR, LJN: AU2414; RvdW 2006, 17 (De Rooij/Van Olphen)

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 01 2006
Trefwoorden Verkoper, Koopakte, Uitleg, Normaal gebruik, Tekortkoming, Koop, Onroerende zaak, Woning, Gebrek, Toerekening
Auteurs Tjittes, R.-J.

Tjittes, R.-J.
Titel

Access_open Reactie op: Koop van een woning. Non-conformiteit. Uitleg artikel 5.3 NVM-koopakte: HR 23 december 2005, C04/294HR, LJN: AU2414; RvdW 2006, 17 (De Rooij/Van Olphen)

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 02 2006
Trefwoorden Koopakte, Verkoper, Verkeersopvatting, Uitleg, Normaal gebruik, Aanbeveling, Onroerende zaak, Toerekening, Tekortkoming, Woning
Auteurs Vlaanderen, C.M.H.

Vlaanderen, C.M.H.
Artikel

Access_open Algemene voorwaarden onder de voorgestelde richtlijn consumentenrechten

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 2 2009
Trefwoorden algemene voorwaarden, richtlijn consumentenrechten, oneerlijke bedingen, transparantiebeginsel, informatieplicht
Auteurs Prof. dr. M.B.M. Loos
SamenvattingAuteursinformatie

    De voorgestelde richtlijn consumentenrechten zal leiden tot aanmerkelijke wijzigingen in het Nederlandse privaatrecht, vooral doordat de richtlijn uitgaat van volledige harmonisatie. In dit artikel wordt onderzocht wordt of ook op het terrein van de algemene voorwaarden ingrijpende wijzigingen van het Nederlandse recht te verwachten zijn. De conclusie is dat het met de wijzigingen wel meevalt. De belangrijkste wijziging betreft de vervanging van de zwarte en grijze lijst door een Europese zwarte en grijze lijst, die elkaar grotendeels maar niet geheel overlappen. Onzekerheid bestaat vooral over de positie van de informatieplicht, die in ieder geval anders zal moeten worden gehanteerd dan de wetgever aanvankelijk beoogd had: artikel 6:234 BW zal in ieder geval niet meer als een limitatieve invulling van de informatieplicht van artikel 6:233 BW kunnen worden opgevat. Verdedigd wordt dat de vereiste soepelere houding ten aanzien van de informatieplicht ook buiten het geharmoniseerde terrein – in het bijzonder voor overeenkomsten tussen twee professionele partijen – zou moeten gelden.


Prof. dr. M.B.M. Loos
Prof. dr. M.B.M. Loos is verbonden aan de Universiteit van Amsterdam, Centre for the Study of European Contract Law.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.