Zoekresultaat: 3 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid x
Artikel

The Dual-use of Drones

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden Drones, Dual use, Responsible design, Ethiek van technologisch innovatie
Auteurs Peter Novitzky, Ben Kokkeler en Peter-Paul Verbeek
SamenvattingAuteursinformatie

    Drones en drone-gerelateerde cybertechnologieën nemen een vlucht in het veiligheidsdomein in de vorm van toepassingen door het leger, de politie, brandweer, private beveiligingsbedrijven, en ook deurwaarders, agrariërs en burgerinitiatieven. Drones werden in eerste instantie ontwikkeld voor militaire doeleinden. Hun aanpassingsvermogen als universele platforms voor beeldregistratie en goederenvervoer leidt tot hoge verwachtingen rond toepassing in het civiele domein. Dit artikel onderzoekt de ethische aspecten van “dual use” van drones en gerelateerde technologieën. Verschillende dimensies van dual use worden verkend: de technologisch ontwikkeling, maar ook de ontwikkeling van wet- en regelgeving in Amerika en Europa. Voor het Nederlandse veiligheidsdomein is relevant dat dit artikel bijdraagt aan het signaleren van de noodzaak om de ontwikkeling en toepassing van drones in breder perspectief te bezien. Drones en hun toepassingen maken deel uit van de internationale markt van militaire organisaties en van veiligheidsorganisaties in het publieke en private domein. Bovendien maken ze veelal deel uit van geïntegreerde systemen en van wereldwijde platforms voor consumentenelektronica. Dit artikel is een van de resultaten uit het door NWO gefinancierde project 'Responsible Design of Drones and Drone Services: Towards an Ethical and Juridical Tool For Drone Design and Risk Assessment' (Project no. 313-99-318). Het project was gericht op het ontwikkelen van een instrument voor ontwikkeling en gebruik van dronetoepassingen uitgaande van methoden als Responsible Research & Innovation (RRI) en Value Sensitive Design (VSD).


Peter Novitzky
Peter Novitzky is postdoctoral researcher verbonden aan de Wageningen University. Email: peter.novitzky@wur.nl.

Ben Kokkeler
Ben Kokkeler is lector Digitalisering en Veiligheid aan Avans Hogeschool. Hij is daarnaast senior consultant bij de Europese Technopolis Group, kantoor Amsterdam, waar hij evaluaties en verkenningen uitvoert rond ehealth en smart cities. Email: bjm.kokkeler@avans.nl.

Peter-Paul Verbeek
Peter Paul Verbeek is hoogleraar Filosofie van mens en techniek aan de Universiteit Twente. Email: p.p.c.c.verbeek@utwente.nl.
Artikel

Legitimiteit via procedurele rechtvaardigheid: kunnen herstelrechtelijke praktijken de maatschappelijke legitimiteit van het strafrecht verhogen?

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2 2013
Trefwoorden procedural justice, legitimacy,, restorative justice, mediation,, perceptions of fairness
Auteurs Vicky De Mesmaecker
SamenvattingAuteursinformatie

    Contemporary scholarly literature is full of references to the crisis of the criminal justice system. The general public seems to increasingly lose confidence in the criminal justice system and its actors. In this article we look into the potential manners in which restorative justice practices can enhance the legitimacy of the criminal justice system. Our analysis is based on the observation that by actively engaging victims and defendants in the resolution of their conflict, restorative practices seem to accommodate a necessary condition of procedural fairness. Since research on procedural justice and legitimacy in turn suggests that the legitimacy of the criminal justice system is based largely upon its perceived procedural fairness, we investigate whether participation in restorative practices improves perceptions of the legitimacy of the criminal justice system. To that end we describe the results of a qualitative study on the experiences of victims and defendants who participated in victim-offender mediation in Belgium. Relating their experiences to the antecedents of procedural justice as described in the literature, we find that restorative practices in different ways enhance perceptions of procedural fairness. Yet these perceptions do not necessarily reflect on the criminal justice system. Our analysis suggests that the degree to which the perceptions of procedural fairness resulting from participation in a restorative practice influence an individual’s perceptions of the legitimacy of the criminal justice system depends on whether the restorative practice is seen as an integral part of the criminal proceedings. We found, for example, that this is more likely to be the case if the judge at trial formally acknowledges the parties’ participation in mediation. We conclude that more research on the degree to which people perceive the restorative practice to be a part of the criminal proceedings is needed in order to further flesh out this issue.


Vicky De Mesmaecker
Dr. Vicky De Mesmaecker is vrijwillig wetenschappelijk medewerker aan het Leuvens Instituut voor Criminologie (LINC, KULeuven) en Visiting Researcher aan Yale Law School. Email: vicky.demesmaecker@law.kuleuven.be
Artikel

Kunst en/of criminaliteit

De ene graffiti is de andere niet

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 3 2012
Trefwoorden graffiti, perceptie, overlast, visuele methoden, verwijderingsbeleid
Auteurs Gabry Vanderveen en Funda Jelsma
SamenvattingAuteursinformatie

    Graffiti has been linked in empirical studies to disorder, fear of crime, avoidance behavior, vandalism and delinquency. In most of those studies, graffiti is treated as an abstract and uniform concept: no distinctions are made between one graffiti or another. Policies based on this assumption hold a zero tolerance approach, meaning all graffiti is deemed undesirable and is or should be removed. This has been criticized by several (theoretical) studies. On the other hand however, ethnographic studies present graffiti as a multifaceted phenomenon, serving as a means of communication, resistance and protest or as an art form. The current study investigates the assumption that graffiti is perceived as a homogeneous and undesirable environmental feature. This article examines whether graffiti is actually perceived uniformly by Dutch citizens, and if not how people distinguish between different graffiti; which types of graffiti are perceived as disorder and whether different types of people exist based on their attitudes towards graffiti. An extensive questionnaire was designed, based on a thorough analysis of the literature and empirical pilot studies. A nationally representative sample responded to general questions with respect to graffiti and judged eighteen specific examples of graffiti on a reliable scale that measured perceived disorder. Results indicate that people vary enormously in their ideas and attitudes. Also, not every graffiti is the same, meaning graffiti is not a homogeneous, uniform phenomenon. Both type of graffiti and the location on which the graffiti is situated relate to the degree of perceived disorder. For example, tags, small scribbles, were considered a public nuisance more than pieces, large colorful images. Also, graffiti on a house or car is perceived much more as disorder than graffiti in a skatepark. The diversity in views necessitates a normative


Gabry Vanderveen
Dr. G.N.G. (Gabry) Vanderveen is universitair docent criminologie aan de Universiteit Leiden, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Instituut voor Strafrecht & Criminologie. Postbus 9520, 2300 RA Leiden. E-mail: g.n.g.vanderveen@law.leidenuniv.nl

Funda Jelsma
Funda Jelsma MSc is als docent-onderzoeker verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.