Zoekresultaat: 23 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht x Jaar 2011 x
Jurisprudentie

Bent u eigenlijk wel gehuwd?

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2011
Trefwoorden samenwonen, huwelijk, uiterste wilsbeschikking, uitleg
Auteurs Prof. mr. E.A.A. Luijten en Mw. prof. mr. W.R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Voor onze bijdrage aan dit speciale nummer van Tijdschrift Erfrecht over samenleving buiten het huwelijk kozen wij vier uitspraken van de Rechtbank Haarlem, gewezen in dezelfde zaak, van 27 augustus 2008 (LJN BF1556), 23 december 2009 (LJN BK7605), 15 september 2010 (LJN BO2401) en 1 juni 2011 (LJN BR3951). De laatste twee vonnissen zijn samengevat in Notafax 2011, 193. Daarin komt onder andere de vraag aan de orde of een uiterste wil gemaakt ten voordele van degene die met de erflater samenleefde en die kennelijk voor echtgenote werd aangezien, rechtens relevant is of kan zijn als blijkt dat van een huwelijk tussen de erflater en degene met wie hij samenleefde geen sprake was.


Prof. mr. E.A.A. Luijten
Prof. mr. E.A.A. Luijten is emeritus hoogleraar aan de RU Nijmegen, oud-notaris en thans advocaat te Heerlen.

Mw. prof. mr. W.R. Meijer
Mw. prof. mr. W.R. Meijer is hoogleraar privaatrecht aan de OU Nederland te Heerlen.
Redactioneel

Ter introductie

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2011
Auteurs Prof. mr. W.D. Kolkman
SamenvattingAuteursinformatie


Prof. mr. W.D. Kolkman
Prof. mr. W.D. Kolkman is hoogleraar Privaatrecht, in het bijzonder Notarieel recht, aan de Rijksuniversiteit Groningen en adviseur bij Elan Notarissen.
Artikel

Samenwoners en erfrecht

Een civiele en fiscale beschouwing

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2011
Trefwoorden samenwoners en erfrecht, defiscalisering, verblijvingsbeding, pseudo-o.b.v.
Auteurs Mr. P Blokland
SamenvattingAuteursinformatie

    Na een beschouwing over de fiscale positie van samenwoners in de Successiewet wordt aandacht besteed aan de situatie van samenwoners zonder kinderen (verblijvingsbeding en/of testament?). Vervolgens worden diverse mogelijkheden bezien die samenwoners met kinderen hebben om de erfrechtelijke verhoudingen tussen langstlevende en kinderen te regelen, met name tegen de achtergrond van de uitbreiding van de defiscalisering in de Wet IB 2001 per 1 januari 2012. Conclusie is dat een testament waarbij de langstlevende samenwoner tot enig erfgenaam wordt benoemd terwijl de kinderen hun ‘erfdeel’ in de vorm van een niet-opeisbaar legaat krijgen toegekend (pseudo-o.b.v.), te prefereren valt boven een tweetrapstestament, dat leidt tot een complexe boedelafwikkeling.Nog mooier zou het zijn als de wetgever de wettelijke verdeling ook als keuze voor samenwoners met kinderen zou openstellen.


Mr. P Blokland
Mr. P. Blokland is notaris en estate planner bij De Kort van der Kolk van Tuijl Notarissen te Tilburg.
Artikel

Ongehuwd samenleven en kosten van de huishouding

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2011
Trefwoorden kosten van de huishouding, draagplicht, verrekening na het einde van de relatie, notarieel samenlevingscontract
Auteurs Mw. dr. mr. W.M. Schrama
SamenvattingAuteursinformatie

    Na het overlijden van een van de partners die ongehuwd samengeleefd hebben, kunnen zich uiteenlopende problemen voordoen. Een van die problemen betreft de kosten van de huishouding. Als de langstlevende partner niet de enig erfgenaam is, kan een conflict ontstaan met de erfgenamen. De vraag is hoe de rechter vorderingen met betrekking tot de kosten van de huishouding beoordeelt. Deze bijdrage gaat op een aantal aspecten nader in. Een analyse van recente rechtspraak laat zien dat er in toenemende mate geschillen aan de rechter worden voorgelegd over kosten van de huishouding, maar dat daarbij verschillende oplossingsrichtingen gevolgd worden, die mede afhankelijk zijn van de wijze van procederen. Het loont de moeite om goed na te denken over de rol die een samenlevingscontract kan vervullen om het conflictpotentieel beperkt te houden en rechtszekerheid te bieden.


Mw. dr. mr. W.M. Schrama
Mw. dr. mr. W.M. Schrama is senior onderzoeker bij het WODC, Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum, dat onderdeel is van het ministerie van Veiligheid en Justitie. Daarnaast is zij als honorair universitair hoofddocent familierecht verbonden aan het Utrecht Centre for European Research into Family Law (UCERF) van het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht, Universiteit Utrecht.
Artikel

Rechtskeuze voor buitenlands erfrecht en het wettelijk erfdeel

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2011
Trefwoorden internationaal erfrecht, rechtskeuze, legitieme portie/wettelijk erfdeel, Europese Erfrechtverordening, Boek 10 BW (Internationaal privaatrecht)
Auteurs Mr. J.G. Knot
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van een drietal vonnissen van de Rechtbank Haarlem wordt nader ingegaan op de vraag hoe volgens Nederlands internationaal erfrecht de aanspraak op een legitieme portie dient te worden beoordeeld, in het licht van een rechtskeuze voor buitenlands erfrecht. Aan de orde komen onder meer het verschil tussen een conflictenrechtelijke en een materieelrechtelijke rechtskeuze en de gevolgen van een dubbele nationaliteit van de testateur voor de geldigheid van diens rechtskeuze. Tevens wordt bezien of de verhouding tussen rechtskeuze en wettelijk erfdeel zal veranderen onder de toekomstige Europese Erfrechtverordening (conform het thans voorliggende voorstel) of na inwerkingtreding van Boek 10 BW (per 1 januari 2012). Ten slotte wordt kort aandacht geschonken aan de mogelijkheid uit het Oostenrijkse erfrecht een afstammeling te onterven, zonder dat daardoor enige aanspraak op een legitieme portie ontstaat.


Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en wetenschappelijk adviseur bij PlasBossinade te Groningen.
Jurisprudentie

Hebben verpleeghuizen iets gemeen met zwerfkatten?

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2011
Trefwoorden rechtspersoon/erfgenaam, uitleg testament, artikel 4:46 BW/uitleg, artikel 4:47 BW, artikel 4:56 BW
Auteurs Prof. mr. E.A.A. Luijten en Mw. prof. mr. W.R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij de aanwijzing van een rechtspersoon in een oude uiterste wil kan een probleem spelen wanneer de rechtspersoon ten tijde van het overlijden van de testateur niet meer bestaat. In de beide hier te bespreken situaties ging het om de aanwijzing van een rechtspersoon als erfgenaam die intussen had opgehouden te bestaan.


Prof. mr. E.A.A. Luijten
Prof. mr. E.A.A. Luijten is emeritus hoogleraar aan de RU Nijmegen, oud-notaris en thans advocaat te Heerlen.

Mw. prof. mr. W.R. Meijer
Mw. prof. mr. W.R. Meijer is hoogleraar privaatrecht aan de OU Nederland te Heerlen.
Artikel

De stichting familiebeheer

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2011
Trefwoorden stichting, bewind, executele, certificering, familiestichting
Auteurs Mr. J.L.D.J. Maasland
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage onderzoekt de auteur de rol die een stichting familiebeheer kan vervullen in het kader van de zeggenschap over familievermogen. De auteur gaat daarbij onder meer in op de verhouding van de stichting familiebeheer tot de stichting administratiekantoor en de familiestichting.


Mr. J.L.D.J. Maasland
Mr. J.L.D.J. Maasland is kandidaat-notaris bij Greenille te Rotterdam.
Jurisprudentie

Sed melius est verba benignius interpretari

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2011
Trefwoorden uiterste wilsbeschikking, uitleg, wettelijke verdeling, wilsrechten, ontzegging
Auteurs Mr. W. Breemhaar
SamenvattingAuteursinformatie

    Onderzocht wordt de vraag of een welwillender uitleg van de litigieuze uiterste wilsbeschikking, die een ontzegging van de bevoegdheid, als bedoeld in artikel 4:19 e.v. BW behelsde, mogelijk zou zijn geweest dan die waarvan het hof – onuitgesproken – is uitgegaan. Hierbij komt ook de verhouding tussen het leerstuk van de uitleg en dat van de discrepantie tussen wil en verklaring aan de orde.


Mr. W. Breemhaar
Mr. W. Breemhaar is Mr. W. Breemhaar is vicepresident van het Gerechtshof Leeuwarden en gastdocent aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Giftenaftrek in de Wet IB 2001, de Wet Vpb 1969 en de Successiewet 1956

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2011
Trefwoorden schenking, gift, schenking terzake des doods, beogende instellingen, algemeen nut, giftenaftrek, sociaal belang behartigende instelling
Auteurs Mr. K.M.L.L. van de Ven
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt de giftenaftrek in de Wet IB 2001, de Wet Vpb en de Successiewet 1956. Ze gaat tevens in op de vrijstelling schenkbelasting van giften aan bepaalde instellingen.


Mr. K.M.L.L. van de Ven
Mr. K.M.L.L. van de Ven is docent belastingrecht aan de Universiteit Maastricht en is tevens werkzaam als kandidaat-notaris bij Metis Notarissen Maastricht Airport.
Artikel

De openheid van de notaris over erflaters testament

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2011
Trefwoorden afschriften en uittreksels uiterste wilsbeschikking(en), testamenten, openbaarheid erflaters testament, geheimhouding notaris testamenten, artikel 49 Wna
Auteurs Mw. mr. L.A.G.M. van der Geld
SamenvattingAuteursinformatie

    Wanneer, aan wie en hoeveel mag een notaris na overlijden van de testateur over diens testament bekend maken? Wie heeft er recht op een afschrift of uittreksel van een testament? Mag de notaris ook inzage geven in herroepen testamenten? De auteur bespreekt aan de hand van recente jurisprudentie de ruimte die de notaris heeft bij het geven van openheid over de inhoud van een testament.


Mw. mr. L.A.G.M. van der Geld
Mw. mr. L.A.G.M. van der Geld is juridisch directeur Netwerk Notarissen, kandidaat-notaris en docent Centrum voor notarieel recht, RU Nijmegen.
Artikel

De ouderlijke boedelverdeling en het overgangsrecht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2011
Trefwoorden ouderlijke boedelverdeling, overgangsrecht, nietigheid (ouderlijke boedelverdeling), vernietigbaarheid (ouderlijke boedelverdeling), gesloten stelsel van uiterste wilsbeschikking
Auteurs Mr. P.C. van Es
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur besteedt aandacht aan het geldende overgangsrecht in het geval waarin een erflater die onder oud recht een ouderlijke boedelverdeling heeft gemaakt, onder huidig recht overlijdt. Art. 79 Overgangswet NBW voorkomt dat een dergelijke beschikking nietig is op grond van het feit dat zij naar huidig recht niet meer geldig gemaakt kan worden. De auteur betoogt dat – anders dan in de literatuur veelal wordt aangenomen – art. 127 Overgangswet NBW hierbij geen rol vervult naast art. 79 Overgangswet NBW
    .Voorts verdedigt hij – op grond van de ratio van de bepaling – dat art. 127 Overgangswet NBW in zoverre beperkt moet worden uitgelegd dat de bepaling alleen voorkomt dat een uiterste wilsbeschikking door een oude nietigheid of vernietigbaarheid wordt getroffen indien de betreffende uiterste wilsbeschikking naar huidig recht geldig kan worden gemaakt, dan wel indien het beoogde resultaat van de (onder oud recht) nietige of vernietigbare uiterste wilsbeschikking naar huidig recht langs een andere weg kan worden bereikt.


Mr. P.C. van Es
Mr. P.C. van Es is universitair hoofddocent notarieel recht aan de Universiteit Leiden.
Jurisprudentie

‘Vernietiging’ van een zuivere aanvaarding van een nalatenschap

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2011
Trefwoorden zuiver aanvaarden, beneficiair aanvaarden, vernietiging, overbedelingsvordering
Auteurs Prof. mr. E.A.A. Luijten en Mw. Prof. mr. W.R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Het komt wel eens voor dat erfgenamen een nalatenschap zuiver aanvaarden en pas later ontdekken dat zij beter zouden zijn overgegaan tot beneficiaire aanvaarding of zelfs tot verwerping van de betrokken nalatenschap. In deze bijdrage is gekozen voor een beschikking van Rechtbank Assen, sector kanton, d.d. 19 oktober 2010, nr. 295357/EK VERZ 10-10180, Notafax 2011, 74, waarin een erfgenaam zuiver had aanvaard, maar daarop later wilde terugkomen.


Prof. mr. E.A.A. Luijten
Prof. mr. E.A.A. Luijten is emeritus hoogleraar aan de RU Nijmegen, oud-notaris en thans advocaat te Heerlen.

Mw. Prof. mr. W.R. Meijer
Mw. prof. mr. W.R. Meijer is hoogleraar privaatrecht aan de OU Nederland, Heerlen.
Artikel

Internationale estate planning: ook regels van internationaal huwelijksvermogensrecht binnen EU geharmoniseerd

Hoofdlijnen van het voorstel voor een Europese Huwelijksvermogensrechtverordening

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2011
Trefwoorden Europees internationaal privaatrecht (IPR), internationaal huwelijksvermogensrecht, Europese Huwelijksvermogensrechtverordening, Haags Huwelijksvermogensverdrag 1978, estate planning
Auteurs Mr. J.G. Knot
SamenvattingAuteursinformatie

    In navolging van het internationaal erfrecht wordt nu voorgesteld ook het internationaal huwelijksvermogensrecht op Europees niveau te harmoniseren. Vragen van bevoegdheid, toepasselijk recht en erkenning en tenuitvoerlegging in kwesties van huwelijksvermogensrecht met internationale elementen worden in de toekomst aan de hand van regels uit een Europese verordening beantwoord.Voor de advisering op het terrein van de internationale civielrechtelijke estate planning is dit een belangrijke ontwikkeling. Daarom worden de hoofdlijnen van het Europese voorstel uitvoerig geanalyseerd. Daarnaast wordt onderzocht of, en zo ja, in hoeverre dit voorstel is afgestemd op en in lijn is met het eerdere erfrechtelijke voorstel.De conclusie luidt dat de voorgestelde regeling vooralsnog de nodige onduidelijkheden in zich bergt, die in het kader van de, mede voor de estate planning gewenste, rechtszekerheid en voorspelbaarheid nadere opheldering en toelichting behoeven.


Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en wetenschappelijk adviseur bij PlasBossinade te Groningen.
Jurisprudentie

Oude koeien en nieuwe sommen

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2011
Trefwoorden som ineens, salaire différé, andere wettelijke rechten, overgangsrecht
Auteurs Prof. mr. W.D. Kolkman
SamenvattingAuteursinformatie

    Er bestaan talrijke vragen over het toepassingsgebied en de omvang van het salaire différé (de som ineens van art. 4:36 BW). In Hof Den Haag 16 maart 2011 wordt de som ineens, steunend op arbeid verricht in de periode 1971-1974, niet toegekend.


Prof. mr. W.D. Kolkman
Prof. mr. W.D. Kolkman is hoogleraar Privaatrecht, in het bijzonder notarieel recht aan de Rijksuniversiteit Groningen en adviseur bij Elan Notarissen.
Jurisprudentie

Het begrip ziekte in het testamentaire erfrecht. Een vervolg

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2011
Trefwoorden uiterste wilsbeschikking, verboden making, arts, ziekte
Auteurs Mr. W. Breemhaar
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad heeft recentelijk beslist dat onder het begrip ‘ziekte’ in artikel 4:953 lid 1 (oud) BW, thans artikel 4:59 lid 1 BW, enkel een medisch geclassificeerde somatische of psychische ziekte of aandoening is verstaan (HR 10 december 2010, LJN BN8534).


Mr. W. Breemhaar
Mr. W. Breemhaar is vice-president van het Gerechtshof Leeuwarden.
Jurisprudentie

Vereffening en de zegeningen van het internet

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2011
Trefwoorden publicatie opheffing vereffening, internet, Staatscourant
Auteurs Mw. prof. mr. B.E. Reinhartz
SamenvattingAuteursinformatie

    Bepleit wordt om bij opheffing van een vereffening wegens gebrek aan baten publicatie via internet in de Staatscourant en op <www.rechtspraak.nl> verplicht te stellen, nu beide publicatievormen gratis zijn.


Mw. prof. mr. B.E. Reinhartz
Mw. prof. mr. B.E. Reinhartz is hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

De ‘voorwaardelijke’ verklaring van erfrecht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2011
Trefwoorden verklaring van erfrecht, tweetrapsmaking, dertigdagenclausule, andere voorwaarden testament
Auteurs Mw. mr. L.A.G.M. van der Geld
SamenvattingAuteursinformatie

    Als er een voorwaarde aan een erfstelling is verbonden, heeft dat dan ook gevolgen voor de verklaring van erfrecht? Ja, er moet dan een ‘voorwaardelijke verklaring’ van erfrecht worden gemaakt. De auteur geeft een voorzet hoe de verklaring van erfrecht er bij vaak voorkomende testamentaire voorwaarden uit zou kunnen zien. In dat verband komt de tweetrapsmaking aan de orde.


Mw. mr. L.A.G.M. van der Geld
Mw. mr. L.A.G.M. van der Geld is juridisch directeur van Netwerk Notarissen, kandidaat-notaris en docent bij het Centrum voor Notarieel Recht aan de RU Nijmegen.
Jurisprudentie

(Onderhandse) schenking onder schuldigerkenning, artikel 7:177 BW en artikel 10 SW

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2011
Trefwoorden schenking onder schuldigerkenning, zakelijke rente, vormvereiste van notariele akte, art. 7:177 BW, art. 10 SW
Auteurs Mw. prof. T.J. Mellema-Kranenburg
SamenvattingAuteursinformatie

    Recent deed het hof Arnhem een uitspraak over onderhandse schenkingen onder schuldigerkenning. Het hof is van oordeel dat voor de geldigheid hiervan een notariële akte vereist is.Daarnaast kwam de vraag aan de orde hoe hoog de rente over schuldigerkenningen van voor 2010 moet zijn ter vermijding van toepasselijkheid van artikel 10 SW.


Mw. prof. T.J. Mellema-Kranenburg
Mw. prof. T.J. Mellema-Kranenburg is notaris bij Van Heeswijk Notarissen te Rotterdam en hoogleraar aan de Universiteit Leiden.
Artikel

De fiscale aspecten van fondsvorming bij overlijden met ingang van 1 januari 2010

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2011
Trefwoorden lastbepaling, fondsvorming, afgezonderd particulier vermogen, toerekening vermogen
Auteurs Mw. mr. K.M.L.L. van de Ven
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur besteedt aandacht aan de fiscale gevolgen van fondsvorming bij overlijden voor de Successiewet 1956 en de Wet inkomstenbelasting 2001 met ingang van 1 januari 2010. Daarbij wordt ingegaan op de verschillen tussen storting op een onder bewind te stellen bankrekening en inbreng in een stichting. Directe aanleiding van de bijdrage is de uitspraak van Hof Amsterdam 5 oktober 2010, LJN BO5044.


Mw. mr. K.M.L.L. van de Ven
Mr. K.M.L.L. van de Ven is docent belastingrecht aan de Universiteit Maastricht en tevens werkzaam als kandidaat-notaris bij Metis Notarissen te Maastricht Airport.
Artikel

Het partnerpensioen als verzorgingsinstrument na overlijden; een aantal pijnpunten

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2011
Trefwoorden overlijden, verzorging, langstlevende, partnerpensioen, pijnpunten
Auteurs Mr. F.M.H. Hoens
SamenvattingAuteursinformatie

    Het partnerpensioen is een belangrijk instrument om na overlijden te voorzien in de verzorging van de langstlevende partner. Veel pensioendeelnemers realiseren zich niet, dan wel onvoldoende, dat het verzorgingsniveau van het partnerpensioen minder goed kan blijken te zijn dan algemeen wel wordt aangenomen. Ter onderbouwing van deze stelling worden de volgende potentiële pijnpunten besproken: wie is de pensioenpartner, de invloed van een scheiding, het ontbreken van een pensioenplicht, de hoogte van het partnerpensioen, het op risicobasis gefinancierd partnerpensioen, de door sommige pensioenfondsen gehanteerde leeftijdskorting en de duur van de pensioenuitkering.


Mr. F.M.H. Hoens
Mr. F.M.H. (Frank) Hoens is docent, auteur en estate planner te Nijmegen (hoens@hetnet.nl).
Toont 1 - 20 van 23 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.