Zoekresultaat: 3 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht x Jaar 2012 x
Jurisprudentie

Zuivere aanvaarding door handelingen van een gevolmachtigde?

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden als erfgenaam gedragen, zuiver aanvaarden, volmacht, artikel 4:192 BW, verwerping
Auteurs Prof. Mr. E.A.A. Luijten en Prof. Mr. W.R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs bespreken de uitspraak van de Rb ’s-Gravenhage 13 juni 2012, LJN BX2012, waarin de rechtbank oordeelt dat de langstlevende zich niet als erfgenaam heeft gedragen. De echtgenoten hebben tijdens leven volmacht en opdracht aan een derde gegeven, gericht op sanering van de onderneming. Na overlijden van een van de echtgenoten heeft de gevolmachtigde de onderneming verkocht. De langstlevende heeft nadien de nalatenschap verworpen. De vraag rijst of zij zich als erfgenaam heeft gedragen.


Prof. Mr. E.A.A. Luijten
Prof. Mr E.A.A. Luijten is emeritus hoogleraar aan de Katholieke Universiteit Nijmegen.

Prof. Mr. W.R. Meijer
Prof. Mr W.R. Meijer is emeritus hoogleraar aan de Open Universiteit Nederland te Heerlen.
Artikel

Verhaal op het niet-geërfde vermogen van een zuiver aanvaard hebbende erfgenaam

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden Zuivere aanvaarding, dubbel verhaalsrecht, positie schuldeisers, beneficiaire aanvaarding, saisine, art. 4:182 BW, art. 4:184 BW
Auteurs Mr. Lucienne van der Geld
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur gaat in op de vraag of schuldeisers door de zuivere aanvaarding door erfgenamen een dubbel verhaalsrecht moeten krijgen. In het huwelijksvermogensrecht is op 1 januari 2012 het verhaalsrecht na ontbinding van de gemeenschap ingeperkt. In deze bijdrage wordt een van de voorstellen tot wijziging van de wet besproken uit het rapport ‘Erven zonder financiële gevolgen’. Dit voorstel brengt met zich dat schuldeisers in beginsel alleen verhaal hebben op de goederen van de nalatenschap.’


Mr. Lucienne van der Geld
Mr. Lucienne van der Geld, juridisch directeur Netwerk Notarissen en als docent verbonden aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit te Nijmegen.
Artikel

Ouderlijk vruchtgenot en testamentair bewind

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden ouderlijk vruchtgenot, vruchtgenot, testamentair bewind, minderjarigenbewind
Auteurs Mr. J.H.M. ter Haar
SamenvattingAuteursinformatie

    Aanleiding voor deze bijdrage is een beschikking van het Hof Den Haag van 11 april 2012 (zaaknummer 200.095.837/01). Een erfdeel van een minderjarige is door de testateur onder bewind is gesteld. Een ander dan de gezaghebbende ouder is testamentair bewindvoerder, het bewind duurt voort tot het kind tweeëntwintig is. De testateur heeft het ouderlijk vruchtgenot niet uitgesloten, maar heeft de bewindvoerder in algemene bewoordingen de bevoegdheid gegeven de uitkering van rente aan de rechthebbende uit te stellen tot het einde van het bewind. De vraag is hoe zich deze bevoegdheid verhoudt tot het recht van de ouder op ouderlijk vruchtgenot. Het Hof gaat volgens de schrijver uit van de verkeerde redenering dat de rente niet opeisbaar is zolang deze niet door de bewindvoerder aan de minderjarige wordt uitgekeerd. Hierdoor maakt de vader ten onrechte geen aanspraak op de vruchten. In de bijdrage wordt een antwoord gezocht op de vraag hoe het ouderlijk vruchtgenot zich verhoudt tot het testamentair bewind. Tevens wordt onderzocht in hoeverre een testateur ten aanzien van het ouderlijk vruchtgenot nadere bepalingen in zijn uiterste wil kan opnemen. Geconstateerd wordt dat dat het ouderlijk vruchtgenot een persoonlijk recht is dat voortvloeit uit het familierecht. Van een zakelijk recht op vruchten is volgens schrijver geen sprake. Voert een ander dan de ouder het bewind over het erfdeel van een minderjarig kind dan dient de ouder die aanspraak maakt op het ouderlijk vruchtgenot bij de bewindvoerder afgifte van de vruchten te vorderen. De ouder heeft dus niet het recht de vruchten van het onder bewind gestelde vermogen zelf rechtstreeks te innen. De testateur kan volgens schrijver - in tegenstelling tot hetgeen het Hof Den Haag oordeelt - de bewindvoerder niet de bevoegdheid geven de betaling van de vruchten aan de ouder op te schorten. De testateur kan het recht op ouderlijk vruchtgenot op grond van artikel 1:253m BW uitsluiten of in omvang beperken. Deze uitsluiting of beperking dient ondubbelzinnig (impliciet dan wel expliciet) uit de uiterste wil te blijken. De testateur kan aan de uitkering van de vruchten in het kader van het ouderlijk vruchtgenot geen nadere lasten of voorwaarden verbinden. Er zijn wel constructies denkbaar waarmee een vergelijkbaar effect bereikt kan worden.


Mr. J.H.M. ter Haar
Mr. J.H.M. ter Haar is docent notarieel recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.