Zoekresultaat: 6 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht x Jaar 2012 x
Artikel

Ik opa en ik oma …

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden last, Legaat, Iki-opa-last, contante waarde van de schuld, fictieve erfrechtelijke verkrijging
Auteurs Mr. K.M.L.L. van de Ven
Samenvatting

    Dit artikel is een bespreking van de civielrechtelijke verschillen tussen last en legaat alsmede het fiscale verschil tussen een last en een legaat bij een ik-opa- c.q. -oma-clausule.


Mr. K.M.L.L. van de Ven
Artikel

Een kijkje bij de zuiderburen

De testamentaire bindende derdenbeslissing

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2012
Auteurs Mr. N.V.C.E. Bauduin
Auteursinformatie

Mr. N.V.C.E. Bauduin
Mr. N.V.C.E. Bauduin is werkzaam aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Ouderlijk vruchtgenot en testamentair bewind

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden ouderlijk vruchtgenot, vruchtgenot, testamentair bewind, minderjarigenbewind
Auteurs Mr. J.H.M. ter Haar
SamenvattingAuteursinformatie

    Aanleiding voor deze bijdrage is een beschikking van het Hof Den Haag van 11 april 2012 (zaaknummer 200.095.837/01). Een erfdeel van een minderjarige is door de testateur onder bewind is gesteld. Een ander dan de gezaghebbende ouder is testamentair bewindvoerder, het bewind duurt voort tot het kind tweeëntwintig is. De testateur heeft het ouderlijk vruchtgenot niet uitgesloten, maar heeft de bewindvoerder in algemene bewoordingen de bevoegdheid gegeven de uitkering van rente aan de rechthebbende uit te stellen tot het einde van het bewind. De vraag is hoe zich deze bevoegdheid verhoudt tot het recht van de ouder op ouderlijk vruchtgenot. Het Hof gaat volgens de schrijver uit van de verkeerde redenering dat de rente niet opeisbaar is zolang deze niet door de bewindvoerder aan de minderjarige wordt uitgekeerd. Hierdoor maakt de vader ten onrechte geen aanspraak op de vruchten. In de bijdrage wordt een antwoord gezocht op de vraag hoe het ouderlijk vruchtgenot zich verhoudt tot het testamentair bewind. Tevens wordt onderzocht in hoeverre een testateur ten aanzien van het ouderlijk vruchtgenot nadere bepalingen in zijn uiterste wil kan opnemen. Geconstateerd wordt dat dat het ouderlijk vruchtgenot een persoonlijk recht is dat voortvloeit uit het familierecht. Van een zakelijk recht op vruchten is volgens schrijver geen sprake. Voert een ander dan de ouder het bewind over het erfdeel van een minderjarig kind dan dient de ouder die aanspraak maakt op het ouderlijk vruchtgenot bij de bewindvoerder afgifte van de vruchten te vorderen. De ouder heeft dus niet het recht de vruchten van het onder bewind gestelde vermogen zelf rechtstreeks te innen. De testateur kan volgens schrijver - in tegenstelling tot hetgeen het Hof Den Haag oordeelt - de bewindvoerder niet de bevoegdheid geven de betaling van de vruchten aan de ouder op te schorten. De testateur kan het recht op ouderlijk vruchtgenot op grond van artikel 1:253m BW uitsluiten of in omvang beperken. Deze uitsluiting of beperking dient ondubbelzinnig (impliciet dan wel expliciet) uit de uiterste wil te blijken. De testateur kan aan de uitkering van de vruchten in het kader van het ouderlijk vruchtgenot geen nadere lasten of voorwaarden verbinden. Er zijn wel constructies denkbaar waarmee een vergelijkbaar effect bereikt kan worden.


Mr. J.H.M. ter Haar
Mr. J.H.M. ter Haar is docent notarieel recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Nietigheid van uiterste wilsbeschikkingen wegens strijd met goede zeden of openbare orde

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2012
Trefwoorden uiterste wilsbeschikkingen, nietigheid, goede zeden en openbare orde, artikel 4:44 BW, artikel 4:45 BW
Auteurs Mr. J.L.D.J. Maasland
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage verkent de auteur de grenzen die de wet in het belang van de goede zeden en de openbare orde stelt aan de testeervrijheid. Hij bespreekt allereerst het wettelijke kader, met name artikel 4:44 en 4:45 lid 1 BW, en de jurisprudentie over dit onderwerp. Vervolgens behandelt de auteur, onder meer aan de hand van een tweetal uitspraken van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens, de vraag in hoeverre een testament met een discriminerende inhoud of strekking nietig is.


Mr. J.L.D.J. Maasland
Mr. J.L.D.J. Maasland is kandidaat-notaris bij Greenille te Rotterdam.
Artikel

Een nieuwe regeling voor schenking en vererving van familieondernemingen in het Vlaams Gewest

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2012
Trefwoorden familiale ondernemingen, familiale vennootschappen, schenking van ondernemingsvermogen, vererving van ondernemingsvermogen, Vlaams Gewest, bedrijfsopvolgingsregeling, buitenlandse notaris
Auteurs Mr. K.M.L.L. van de Ven
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur gaat in deze bijdrage in op de gewijzigde regeling voor schenking en vererving van familieondernemingen in het Vlaams Gewest. Daarbij wordt ter vergelijking een overzicht op hoofdlijnen geschetst van de Nederlandse bedrijfsopvolgingsregeling in de Successiewet 1956.


Mr. K.M.L.L. van de Ven
Mw. mr. K.M.L.L. van de Ven is docent belastingrecht aan de Universiteit Maastricht en tevens werkzaam als kandidaat-notaris bij Metis Notarissen Maastricht Airport.
Artikel

Huwelijkse voorwaarden op het sterfbed

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2012
Trefwoorden huwelijkse voorwaarden staande huwelijk, artikel 1:120 BW, schulden van de nalatenschap (art. 4:7 BW), quasilegaat (art. 4:126 BW)
Auteurs Mw. mr. L.A.G.M. van der Geld
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur stelt de vraag of huwelijkse voorwaarden op het sterfbed kunnen worden gemaakt of gewijzigd nu per 1 januari 2012 de rechterlijke goedkeuring van artikel 1:119 BW is vervallen. Rekening moet worden gehouden met artikel 1:120 BW, dat bepaalt dat de huwelijkse voorwaarden beginnen te werken met ingang van de dag na het passeren van de akte. Verder is vereist, wat betreft het kunnen tegenwerpen tegen derden, dat de huwelijkse voorwaarden ten minste veertien dagen zijn gepubliceerd. De auteur schetst wat de gevolgen zijn in de nalatenschap van de overleden echtgenoot als deze vóór deze termijnen overlijdt.


Mw. mr. L.A.G.M. van der Geld
Mw. mr. L.A.G.M. van der Geld is juridisch directeur van Netwerk Notarissen en als docent verbonden aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit te Nijmegen.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.