Zoekresultaat: 10 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Caribisch Juristenblad x

Mr. dr. R. Bonnevalle-Kok
Mr. dr. R. Bonnevalle-Kok is associate professor Criminal Law and Criminal Procedure.
Artikel

Stand van zaken van het straf(proces)recht in Aruba, Curaçao, Sint Maarten en op de BES-eilanden

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2019
Trefwoorden Caribische strafvordering, herziening straf(proces)recht, verhoorsbijstand, modernisering
Auteurs Mr. J.H.J. Verbaan
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt de status van de invoering van het Wetboek van Strafvordering in het Caribisch deel van het Koninkrijk. Hij bespreekt tevens de ontvangst van de reeds ingevoerde Wetboeken van Strafrecht en de strafrechtelijke uitvoeringswetgeving en gaat in op het nut en de noodzaak van een nieuw strafprocesrecht. De auteur bespreekt ook enige specifieke voorstellen in het beoogde Wetboek van Strafvordering en staat tot slot stil bij de effecten die het project Modernisering Strafvordering in Europees Nederland op die regelgeving heeft.


Mr. J.H.J. Verbaan
Mr. J.H.J. Verbaan is werkzaam als wetenschappelijk onderzoeker bij de sectie Strafrecht van de Erasmus Universiteit Rotterdam. In die hoedanigheid maakt hij ook deel uit van het Antilliaanse projectteam van prof. mr. H. de Doelder. Dit projectteam heeft bijstand verleend bij de totstandkoming van het nieuwe Wetboek van Strafrecht, alsmede de herziening van het Caribisch Wetboek van Strafvordering.

Prof. mr. T.M. Schalken
Prof. mr. T.M. Schalken is emeritus hoogleraar strafrecht en strafprocesrecht te Amsterdam, oud-lid van het (toenmalig) Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba, en destijds nauw betrokken bij de totstandkoming van de huidige Sv 1997.

Mr. A.P. Verhaegh
Mr. A.P. Verhaegh is stafjurist bij de afdeling strafrecht van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch, thans gedetacheerd bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

Prof. mr. J.M. Reijntjes
Prof. mr. J. Reijntjes is emiritus hoogleraar Strafrecht van de Universiteit van Curaçao.
Artikel

Vraag en aanbod binnen het Arubaanse forensisch-psychiatrische veld

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2014
Trefwoorden Therapeutische maatregelen, Terbeschikkingstelling (tbs), Strafrechtelijke opvang verslaafden (sov), Ondercuratelestelling met last tot plaatsing, Plaatsing psychiatrisch ziekenhuis
Auteurs Mr. R.S.T. Gaarthuis en Prof. dr. F. Koenraadt
SamenvattingAuteursinformatie

    In de loop van 2014 zal op Aruba een nieuw Wetboek van Strafrecht in werking treden. Dit wetboek voorziet onder andere in de introductie van een aantal nieuwe op therapeutische leest geschoeide beveiligingsmaatregelen, zoals tbs, SOV en de strafrechtelijke ondercuratelestelling. De auteurs inventariseren de beschikbaarheid van (bestaande en aanstaande) juridische titels binnen het Arubaanse recht ten behoeve van gedwongen opneming van psychisch gestoorde of verslaafde volwassenen die vanwege onaangepast, zelfdestructief en/of delinquent gedrag met politie of justitie in aanraking komen. Deze titels worden besproken en aan een kritische analyse onderworpen. Daarnaast wordt bezien in hoeverre het huidige aanbod van forensisch-psychiatrische voorzieningen op het eiland toereikend zal zijn in het licht van de behoefte die zal ontstaan zodra het nieuwe wetboek in volle omvang in werking treedt.


Mr. R.S.T. Gaarthuis
Mr. R.S.T. Gaarthuis is als wetenschappelijk medewerker straf- en strafprocesrecht werkzaam aan de Universiteit van Aruba.

Prof. dr. F. Koenraadt
Prof. dr. F. Koenraadt is hoogleraar forensische psychiatrie en psychologie aan de Universiteit Utrecht. Daarnaast is hij als wetenschappelijk adviseur verbonden aan het Pieter Baan Centrum (NIFP) te Utrecht en aan de Forensisch Psychiatrische Kliniek te Assen. Hij heeft een eigen praktijk voor forensische psychologie te Amsterdam en hij verzorgde afgelopen jaren tevens onderwijs aan de Universiteit van Aruba en de Universiteit van Curaçao.
Artikel

Bijzondere opsporingsbevoegdheden in Curaçao

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2012
Trefwoorden BOB, Wetboek van Strafvordering, opsporingsbevoegdheden, infiltratie, planmatig
Auteurs Mr. J.H.J. Verbaan en mr. R.J. Verbeek
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 3 april 2012 is de Landsverordening houdende wijziging van het Wetboek van Strafvordering (bijzondere opsporingsbevoegdheden en andere spoedeisende veranderingen) aangenomen door de Staten van Curaçao. In deze bijdrage bespreken de auteurs deze Landsverordening. De auteurs maken deel uit van het Antilliaanse projectteam van prof. Hans de Doelder van de Erasmus Universiteit en hebben in die hoedanigheid een bijdrage geleverd aan de totstandkoming van het nieuwe Wetboek van Strafrecht en de Landsverordening BOB. In het artikel wordt allereerst de noodzaak van de BOB-wetgeving besproken. De auteurs maken duidelijk waarom Curaçao niet langer zonder BOB-wetgeving kan. Vervolgens worden de algemene uitgangspunten van de Landsverordening besproken, waarbij aandacht wordt besteed aan de verschillen met de Nederlandse BOB-wet, de gevallen en gronden voor toepassing van de dwangmiddelen, de rol van de officier van justitie en de procureur-generaal en de overige algemene bepalingen uit de wet. Tot slot worden de verschillende bijzondere opsporingsbevoegdheden besproken, waarbij uitgebreid aandacht wordt besteed aan planmatige observatie, infiltratie en het opnemen en onderzoek van communicatie.


Mr. J.H.J. Verbaan
Mr. J.H.J. Verbaan is werkzaam als wetenschappelijk onderzoeker bij de sectie Strafrecht van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

mr. R.J. Verbeek
Mr. R.J. Verbeek is werkzaam als wetenschappelijk onderzoeker bij de sectie Strafrecht van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Beide auteurs maken in die hoedanigheid ook deel uit van het Antilliaanse projectteam van prof. De Doelder. Dit projectteam verleent bijstand bij de herziening van het Wetboek van Strafvordering en heeft tevens bijstand verleend bij de totstandkoming van het nieuwe Wetboek van Strafrecht.
Artikel

Koning Bonsu: een vijand of een crimineel?

Recht aan de Nederlandse Goudkust (1815-1872)

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2012
Trefwoorden rechtsgeschiedenis, koloniaal recht, Afrikaans gewoonterecht, West-Indische Compagnie (WIC)
Auteurs Mr. P.H. Bruns
SamenvattingAuteursinformatie

    Rechtshistorische achtergrond van de veroordeling van de Ghanese Koning Badu Bonsu II door het voormalige Nederlandse koloniale gezag aan de Nederlandse Goudkust (Elmina). Badu Bonsu was in opstand gekomen tegen het Nederlands koloniaal gezag en werd ter dood veroordeeld. De Nederlandse Goudkust was vanaf de 17e eeuw in bezit van de WIC en werd net als de voormalige bezittingen van de WIC in het Caribische gebied in 1815 tot een overzees onderdeel van het Koninkrijk der Nederlanden. In dit artikel wordt ingegaan op de eigenaardige rechtsontwikkeling van deze laatste Nederlandse kolonie in Afrika totdat deze in 1872 aan Engeland werd overgedragen.


Mr. P.H. Bruns
Mr. P.H. Bruns bereidt een proefschrift voor op het gebied van de ontwikkeling van het Nederlandse staatsrecht in de negentiende eeuw en werkt als jurist op Aruba.
Artikel

Gescheiden machten

Koloniaal bestuur en de onafhankelijkheid van rechtspraak op Aruba, 1816-1919

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2011
Trefwoorden Aruba, machtenscheiding, vredegerecht, kantongerecht, Gerecht in Eerste Aanleg
Auteurs Drs. L. Alofs
SamenvattingAuteursinformatie

    In de koloniale samenlevingen staat de uitvoerende macht boven de rechterlijke macht. Deze bijdrage beschrijft de verzelfstandiging van de rechtspraak op Aruba tussen 1816 en 1919 op basis van de notulen van de rechtsprekende organen en omliggende archiefstukken. Tussen 1824 en 1848 had het Vredegerecht rechtsprekende, wetgevende en uitvoerende taken. In 1848 kwam een aparte wetgevende Adviserende Commissie tot stand en in 1869 een kantongerecht. Onafhankelijkheid van de rechterlijke macht werd ongedaan gemaakt door het gegeven dat de gezaghebber veelal aan het hoofd van de rechtsprekende organen stond. In 1919 kwam daarin verandering met de oprichting van het Gerecht in Eerste Aanleg.


Drs. L. Alofs
Drs. Luc Alofs is cultureel antropoloog, docent aan het Instituto Pedagogico Arubano en curator van het Historisch Museum Aruba. Hij promoveert in 2011 op een historische studie getiteld Onderhorigheid en separatisme; koloniaal bestuur en lokale politiek op Aruba, 1816 en 1955, Leiden: Rijksuniversiteit Leiden 2011.
Artikel

Vrijheid van discriminerende uitingen?

De zaak Wilders

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2011
Trefwoorden Autonomie, uitingsvrijheid, discriminatieverbod, schadebeginsel, aanstoot
Auteurs Prof. dr. C.W. Maris
SamenvattingAuteursinformatie

    In Vrijheid van discriminerende uitingen? De zaak Wilders bespreekt C.W. Maris het lopende strafproces tegen de Nederlandse politicus Geert Wilders vanuit het rechtsfilosofische schadebeginsel. Wilders is beschuldigd van beledigen en aanzetten tot discriminatie van moslims. Wilders zelf beroept zich op uitingsvrijheid. Volgens de auteur is Wilders’ beeld van de islam bezijden de waarheid. Niettemin verleent het schadebeginsel in dit geval voorrang aan de vrijheid van meningsuiting boven het recht om niet te worden gediscrimineerd. Aanstoot of belediging is onvoldoende reden voor een strafrechtelijk verbod. Voor zover er schade dreigt, kan die beter worden beperkt door tegenargumenten dan door een verbod.


Prof. dr. C.W. Maris
Prof. dr. C.W. Maris is hoogleraar rechtsfilosofie aan de Universiteit van Amsterdam.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.